Stedelijke ontwikkeling & architectuur16 mei 2012

Voor welke button kiezen we?

Volgens hoogleraar Ontwerp en Politiek Wouter Vanstiphout kost de neiging van Rotterdam om louter architectonische meesterwerken te realiseren, de stad veel geld.

De Rotterdam van OMA in aanbouw. foto: Ossip van Duivenbode | www.ossip.nl Beeld: Ossip van Duivenbode

Onlangs openden we een kleine architectuurtentoonstelling als onderdeel van de vijfde International Architecture Biennale Rotterdam. Bezoekers van de expositie werden bij betreding van de ruimte verzocht een button uit een schaal te kiezen en deze te dragen. Op de buttons stond de tekst ‘Design as Politics’, gedrukt over beeltenissen van figuren als Robert Moses, Jane Jacobs, Le Corbusier en zelfs Margaret Thatcher. Ook was er een button met daarop de niet mis te verstane boodschap ‘Blame the Architect!’.

Nog geen uur na de opening werd al goed duidelijk welke buttons het meest populair waren. Een aantal intellectuelen-op-leeftijd en een handvol idealistische dames kozen voor Jane Jacobs, terwijl opstandige studenten opteerden voor de ‘Blame..’-button. Een overweldigende meerderheid koos – en in enkele gevallen vocht – niettemin voor de buttons met daarop Le Corbusier en Thatcher.

Le Corbusier en Thatcher – radicale voorstanders van de vrije markt, het hervormen van de overheid, verdedigers van opvattingen als ‘een huis is slechts een vehikel om in te wonen’, altijd op zoek naar manieren om de massa naar hun hand te zetten.

Huidige ontwikkelingen in Rotterdam, de trotse architectuurstad, kunnen uitgelegd worden als een vrij rampzalige botsing van Thatchersiaans bijgeloof in de vrije markt met de neiging van architecten om louter meesterwerken te realiseren, ongeacht de omstandigheden of gevolgen.

Projectontwikkelaars bouwen gigantische kantoorpanden in het hele centrum van Rotterdam, alsof er van een recessie of crisis geen enkele sprake is. De potentiële gebruikers worden verleid in te tekenen op deze panden en hun huidige (vaak nog geen twintig jaar oude) panden leeg te laten staan. Hiervoor zwaaien de ontwikkelaars met de geldbuidel en met voordelen: van lage huur tot huurvrije periodes en gratis inrichting van het interieur. Het resultaat is een absurd piramidespel met lege kantoren als lijdend voorwerp. De ‘iconische’ nieuwe panden van beroemde architecten krijgen een kunstmatig gecreëerde waarde in dit spel, en verbergen zo dat de vraag naar vierkante meters kantoorruimte in werkelijkheid steeds schaarser wordt en misschien zelfs niet eens meer bestaat.

Het gemeentebestuur is echter geen slachtoffer in dit spel: zij speelt een actieve en zelfs cruciale rol in de feitelijke productie van leegstand.

Tegelijk het meest in het oog springende én treurige voorbeeld van bovenstaande ontwikkeling is het nieuwe gebouw ‘De Rotterdam’ van Rem Koolhaas aan de Wilhelminapier. OMA ontwierp een kolos van 160.000 vierkante meter, met daarin een hotel, appartementen, maar bovenal duizenden en duizenden strekkende vierkante meters aan overbodige kantoorruimte. De gemeenschap heeft er alles aan gedaan om investeerders en ontwikkelaars zo ver te krijgen het plan te realiseren en zo – ook gedurende de crisis – de economische sterkte en standvastigheid van de stad te ‘bevestigen’. Om de mogelijke leegstand al een beetje tegen te gaan, heeft de gemeente afgesproken 25.000 vierkante meter aan kantoorruimte af te nemen. Daarom verhuizen afdelingen van de Gemeentewerken Rotterdam, het Ontwikkelingsbedrijf Rotterdam en de dienst Stedenbouw & Volkshuisvesting naar deze nieuwe locatie.

Zij verlaten daarbij een andere architectonische kolos: de Europointtorens bij Marconiplein van architecten SOM. Deze komen als gevolg binnenkort leeg te staan, terwijl juist de gemeente deze panden bijna veertig jaar geleden betrok. De reden: het was de enige manier om de torens niet per direct leeg op te leveren, aangezien de verwachte internationale belangstelling totaal uitbleef.

Van SOM tot OMA: de geschiedenis herhaalt zich. Architecten ontwerpen te-groot-om-te-mogen-falen-projecten voor gemeentes, die op hun beurt aan de basis staan van deze perverse cyclus. De onzichtbare hand in deze schijnvertoning van de dynamiek van de vrije markt is het publieke geld, dat stukgeslagen wordt doordat de gemeente de panden zelf betrekt en zo koste wat het kost het beeld in stand houdt van een levensvatbare stad voor projectontwikkelaars. ‘Blame the architect’? Tja.

Deze tekst is een vertaling van een column die eerder verscheen op bdonline.

Lees meer:

Reageer of deel op Social Media

Tags:de Rotterdam, IABR, Koolhaas, leegstand, marconitorens en Wouter Vanstiphout

Sectie: Stedelijke ontwikkeling & architectuur

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • Draag inhoudelijk bij aan de discussie
  • Blijf on-topic
  • Speel op de bal, niet op de man
  • Wees respectvol: reacties waarin sprake is van schelden, haat, racisme of seksisme worden verwijderd
  • Reacties over huisregels en toelatingsbeleid worden verwijderd
  • We gaan niet in discussie over verwijderde reacties
  • Zie je reacties die niet aan de huisregels voldoen? Ons controlesysteem is niet waterdicht. Laat het ons weten via info@versbeton.nl

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *