Stedelijke ontwikkeling & architectuur12 oktober 2012

De Beste Stuurlui: pizza’s, ambtenaren en bommen

Op vrijdag bespreekt Vers Beton in deze commentaarrubriek het grote én het kleine nieuws van de stad. Uw Eerste Hulp bij de Vrijmibo, dát zijn de Beste Stuurlui. Deze week: fastfooditalianen, jaloezie in Amsterdam, en Keulen, de lelijke grote broer van Rotterdam.

Een pleidooi voor de weg van de weerstand

Het is vrijdagmiddag. Je trekt je stropdas los, opent de bovenste twee knopen van je contrast collar en leunt achterover. Met de terraswarmer op je kalende kruin is hij nog best te doen, die herfst. Al keuvelend over pandjes en Vespa’s stouw je een portie muslitos weg, maar na acht bier blijken de kroketten van krabvlees niet afdoende. Je wilt meer, en daar gaat het mis. Je kiest namelijk de weg van de minste weerstand; de weg van de fastfooditaliaan.

Hello Pasta, Very Italian Pizza, Happy Italy, Little Italy, Taste of Italy en als klapper Vapiano, dat zichzelf onlangs heeft omgedoopt tot Mediterraan. Duitse orders zijn dat. Echter, zolang de menukaart antipasti, insalate, pizza della casa, pasta en dolci beslaat, schuif ik die terzijde. Waarom zijn er zo veel hap-slik-weg-Italianen in de ring rondom de Binnenrotte gelokaliseerd? En waarom kies jij tijdens de vrijmibo de weg van de minste weerstand?

Meneer Pigliapochi, die in 1975 de eerste flessen Chianti aan de muren van Napoli bevestigde, signaleert een Europese trend, daar iedereen in de gaten schijnt te hebben dat op pasta en pizza een flinke marge te halen is. Ook heb je geen kundig personeel nodig om slakken uit te lepelen of krabbenvlees los te peuteren. Eeuwenoude waarheden.

Europese trend, universele trend, een trend waar de Binnenrotte het alleenrecht op heeft: ik wil dat hij stopt. De pizza’s van Vapiano zijn namelijk niet lekker, de pasta van Happy Italy is net zo al dente als een bordje Brinta, en een diner voor twee is geen diner voor twee wanneer er driehonderd man synchroon verwarmde ananas uit blik naar binnen schuiven.

Deze Beste Stuurlui is een pleidooi voor de weg van de weerstand. Het is vrijdag, en een nacht vol avontuurlijkheden lonkt. Neem daarom eens de taxi naar Angelo Betti, stap op de fiets naar La Pizza of steek dat naar meeuwen meurende marktplein over richting O’Pazzo. Doe íets. En gooi en passant die contrast collar in de vuilnisbak. Je loopt voor lul.

door Dore van Duivenbode

De Beste Stuurlui
Illustratie Beeld: Rens van den Berge

Jaloerse ambtenaren

Een paar weken geleden was ik bij de opening van de ‘Rotterdamse Ambassade’ in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam, bedoeld voor een ‘interculturele uitwisseling over stedelijke ontwikkeling’. De opening ging gepaard met een diner waar 100 Rotterdammers en 100 Amsterdammers aan deelnamen.

Tijdens dit diner raakte ik in een opmerkelijk gesprek met twee hoge Amsterdamse ambtenaren; de éne was van ‘fysiek’ en de andere ambtenaar kwam van ‘sociaal’, zoals ze het zelf zeiden. Toch spraken ze elkaar niet zo vaak. Dát deden we in Rotterdam veel beter, vertelden ze me. “Bij jullie gaat de sociale en de fysieke aanpak van wijken altijd al samen.” Dat moesten ze in Amsterdam nu beter gaan doen, nu ook daar de automatische geldkraan ermee ophoudt.

De altijd lastige positie van Rotterdam, waar het geld toch minder vanzelfsprekend de stad binnen komt rollen, is volgens hen in tijden van financiële crisis daarom juist een voordeel: Rotterdamse ambtenaren waren al gewend om met minder geld meer te bereiken door efficiëntere en creatievere oplossingen te verzinnen.

Het werd nog interessanter, want wat bleek: sommige Amsterdamse ambtenaren waren zelfs jaloers op hun collega’s in Rotterdam. Ze hadden het daarbij vooral over de deal die Rotterdam heeft gesloten met het Rijk om het Nationaal Programma Kwaliteitssprong Zuid mogelijk te maken. Want terwijl wij ons in Rotterdam afvragen of we wel zitten te wachten op zo’n bemoeienis van het Rijk, niet in de laatste plaats omdat Rotterdam-Zuid ter legitimatie van dit programma werd neergezet als een Braziliaanse favella, vragen een aantal Amsterdamse ambtenaren zich af: “Verdorie, waarom hebben wij niet zo’n Nationaal Programma voor onze stad!?”

Ja, waarom eigenlijk niet? Eén van mijn gesprekspartners gaf aan dat Amsterdam gelukkig mocht zijn dat het niet zo’n groot aaneengesloten probleemgebied als Zuid heeft. Toch kent ook Amsterdam zo zijn portie grootstedelijke problematiek. Het ontbreken van een kwaliteitssprong in de hoofdstad heeft ook te maken met een zekere arrogantie aldaar, vertelde de andere ambtenaar: “Wij willen graag onze eigen problemen oplossen. Je handje ophouden in Den Haag, dat dóe je gewoon niet.” Rotterdamse ambtenaren, hierbij een compliment van je Amsterdamse collega’s: jullie zijn heel goed in zielig doen.

door Eeva Liukku

Wederopbouw geslaagd?

Afgelopen weekend was ik met mijn vrouw in Keulen. Leuke stad, zul je denken, da’s toch met die enorme Dom naast centraal station? Inderdaad, maar er is meer aan de hand. Net als Rotterdam wordt Keulen namelijk door de Rijn in twee stukken gekliefd én is het centrum tijdens de Tweede Wereldoorlog vakkundig in puin gebombardeerd. Dat biedt dus ruimschoots vergelijkingsmateriaal om opnieuw na te denken over een in Nederland heersend idee. Rotterdam staat namelijk (bij gebrek aan andere ferm verruïneerde steden) in de Randstad algemeen te boek als dé stad zonder historisch centrum. “Rotterdam, da’s toch met al die lelijke wederopbouwgedrochten? Ik vind het daar helemaal niet gezellig.” Dat werk.

Nou, lieve mensen, ik zou zeggen, ga eens in Keulen kijken. Jemig. Ik weet niet wat ze daar precies na 1945 gedaan hebben, maar ik voelde me zowaar trots om in een gebombardeerde stad te wonen waar er nog wél met enige liefde en affectie aan de wederopbouw is gewerkt. Ja, die Dom is mooi (en dat zul je weten ook, want van de stadsbrochure met 20 pagina’s is meer dan de helft hieraan gewijd, plus dat echt élke citymarketingfoto de imposante kathedraal toont, waarbij er keuze is uit de smaken ’s ochtends met nevel, ’s middags met toeristen, ’s avonds met mist, ’s nachts met maan, ’s zomers met zon, ’s winters met sneeuw, en ieder daarvan vanuit zestien hoeken gefotografeerd), maar verder? Verder is het centrum vooral lelijk (met een hoofdrol voor discutabele Oostblok-eske bouwsels waarbij er prijzen te winnen waren in de categorieën ‘wie gebruikt het meeste cement’ en ‘wie doet het beste een Rubiks kubus na’) en ongezellig, en zijn er te-ring-veel winkels. Inderdaad: alsof je iemand uit de provincie over Rotterdam hoort praten.

Natuurlijk, ook Keulen heeft zijn charmes. Het Belgisch kwartier doet denken aan Friedrichshain in Berlijn, met het Ludwig Museum is absoluut niets mis (maar mooier dan het Boijmans Van Beuningen is het niet, hoor), en de vele bier- en vleestenten zijn zo enorm anti-biologisch-dynamisch-ecologisch dat de bourgondische carnivoor in mij menigmaal jubelde. Maar toch. Drie dagen Keulen deden me op de terugweg opnieuw nadenken over Rotterdam. We reden richting de Erasmusbrug, zagen de uit de grond gestampte skyline, jubelden dat er geen Dom tussen stond, en waren blij dat we terug waren.

door Inge Janse

Lees meer:

Reageer of deel op Social Media

Tags:ambtenaar, Amsterdam, De Beste Stuurlui, fastfood, Keulen, pizzeria, vrijmibo en wederopbouw

Sectie: Stedelijke ontwikkeling & architectuur

kaart: coolsingel 40, rotterdam

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • Draag inhoudelijk bij aan de discussie
  • Blijf on-topic
  • Speel op de bal, niet op de man
  • Wees respectvol: reacties waarin sprake is van schelden, haat, racisme of seksisme worden verwijderd
  • Reacties over huisregels en toelatingsbeleid worden verwijderd
  • We gaan niet in discussie over verwijderde reacties
  • Zie je reacties die niet aan de huisregels voldoen? Ons controlesysteem is niet waterdicht. Laat het ons weten via info@versbeton.nl

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *