Kunst & Cultuur31 januari 2014

De glamour van het filmfestival

Reanimeer het Rotterdamse culturele leven. Dat was 42 jaar geleden het oorspronkelijke doel van het Internationaal Film Festival Rotterdam. Hoe houdt die culturele wederopbouwgedachte stand nu de Rotterdamse kunst- en cultuurwereld er heel anders uit ziet? Hoe belangrijk is het festival voor de stad en wat is de culturele spinoff? Vers Beton sprak hierover met Jacques van Heijningen, Mariëtte Dölle en Ari Deelder.

“Kijk je moet begrijpen, Rotterdam had in die tijd geen automatische aantrekkingskracht, er was niets, er was geen culturele humuslaag, daar moest van bovenaf wat voor georganiseerd worden. Nederland stelde nog niet zoveel voor, dus een internationaal festival was nodig. Het was dus héél goed dat Adriaan van der Staay [directeur van de Rotterdamse Kunst Stichting] het festival heeft opgericht.” Zo blikt Jacques van Heijningen, oud-directeur van het voormalige Rotterdamse filmfonds, Lantaren/Venster én het Nederlands Film Festival, terug op de ontstaansgeschiedenis van het IFFR. We zitten in de guest-area van het festival in de Doelen, om de zoveel tijd komen mensen uit de filmindustrie hem een hand geven. Hij draagt de Erasmusspeld die hij in 2012 voor bewezen diensten heeft gekregen op zijn revers. “Het leukste vind ik om de Erasmusspeld te dragen als ik in Amsterdam ben”.

illustratie
illustratie Beeld: Rachel Sender

Niet alleen het filmfestival is opgericht door de Rotterdamse Kunst Stichting om het Rotterdamse kunstleven te ‘stimuleren en internationaliseren’, ook Poetry Internationaal en Architectuur International (nu AIR) zijn daaruit voortgekomen. Het IFFR bereikte binnen vijf jaar al internationaal een status van vernieuwend en experimenteel filmfestival. Het groeide uit tot één van de grootste publieksfestivals van de stad, in 2013 zijn er zo’n 280.000 kaartjes verkocht. Daarmee staat het in de top vijf van populairste attracties van Rotterdam. Hierdoor is het festival voor de Rotterdamse horeca een belangrijke een economische impuls. Maar wat is eigenlijk de culturele impuls van het festival?

Internationale zichtbaarheid

In 1996 werd vanuit het festival het Rotterdam Film Fonds (later Rotterdam Media Fonds) opgericht om niet alleen films in Rotterdam te vertonen, maar ook te produceren. Van Heijningen: “Het was een héél slimme constructie: het bedrag dat Rotterdamse producties konden krijgen, moesten ze drievoudig uitgeven in de stad. Het is gestart als een economisch, niet als cultureel fonds. Het heeft in tien jaar tijd 30 miljoen gekost, maar 60 miljoen euro winst gemaakt. Daar zijn bijna duizend producties uit voortgekomen.” Het filmfonds is vorig jaar wegbezuinigd door gebrek aan politiek draagvlak. Zou de filmindustrie inmiddels niet zelf de broek op moeten houden? Van Heijningen: “Geen enkele filmindustrie in Europa kan zichzelf bedruipen. Onze taalgebieden zijn te klein, en dus ook de afzetmarkt voor publiek.” Het Rotterdam Media Fonds ondersteunde via de Rotterdam Film Commission ook commercials en fotoshoots, zo is de Franse Wehkamp helemaal in Rotterdam geschoten. “Dat is heel belangrijk voor de zichtbaarheid én erkenning van Rotterdam in de wereld. En hoe vaak hebben we die Amsterdamse bruggetjes nou al gezien?”

Een Rotterdamse filmindustrie?

En, heeft het gewerkt? Is er inmiddels een levendige filmindustrie in Rotterdam? Van Heijningen ziet het somber in: “Er is nog steeds geen humuslaag. We hebben geen filmacademie, er is geen elite van filmmakers. De Schiecentrale is nu een verhuurschuur geworden waar drie van de vijf etages leeg staan.” Na wat doorvragen blijkt dat enkele mensen die op het filmfonds en het festival zijn afgekomen, hier zijn gebleven. “Er is een Franse producent die hier is blijven wonen. Maar dat is een uitzondering. Filmmensen zijn zakenmensen, die gaan naar waar het geld te halen is.”

“Ach, Nederland is ook te klein voor een filmindustrie per stad”, relativeert Ari Deelder. Of we haar filmmaker mogen noemen? “Nou, daar ben ik niet over uit. Ik ben kunstenaar en heb toevallig een film gemaakt. Maar het smaakt naar méér!” In 2007 draaide haar korte film Niks tegen Kees zeggen op het IFFR en vorig jaar ging de speelfilm Toegetakeld door de Liefde er in première. Deze film die volledig in Rotterdam is opgenomen, is daarna te zien geweest op festivals in Moskou, Shanghai, Portugal en Indonesië. “De erkenning van het IFFR speelde daar een grote rol in”, zo vertelt Deelder.

Het filmfonds had een eigen Rotterdams programmaonderdeel op het IFFR. Dat is nu niet meer zo. Deelder: “Eigenlijk is dat niet zo slecht. Je hebt als Rotterdammer niet meer een streepje voor, maar de film wordt op zijn eigen merites beoordeeld.”

Een kinderdroom

Ari Deelder is opgegroeid op het festival. “Mijn ouders waren altijd op het festival te vinden, en ik werd meegesleept naar de voorstellingen en de feestjes. Toen dacht ik al: ‘als ik groot ben, heb ik hier mijn eigen film!’” De première van haar film was dan ook letterlijk een kinderdroom die uitkomt. Hoe is ze als kunstenaar geïnspireerd door het festival? “Ik vind het te gek dat de programmeurs altijd wel iets laten zien waar mensen boos over worden. Of dat je ’s ochtends veel te vroeg je bed uitkomt voor een film uit Georgië die dan helemaal waanzinnig blijkt te zijn. Het Nederlandse ‘doe maar normaal, dan ben je al gek genoeg’ geldt hier niet. Dat vind ik heel fijn.”

Het filmfestival ervaart ze als de tien leukste dagen van het jaar: “Rotterdam is tien dagen de wereldstad die het de rest van het jaar pretendeert te zijn. Het IFFR is een gerenomeerd internationaal festival dat toevallig in Rotterdam plaats vindt, je moet gewoon trots zijn dat het hier gebeurt.”

Publieksfestival of cutting edge?

Wat is het belang van IFFR voor de Rotterdamse kunstwereld, buiten de cinema? Mariëtte Dölle, directeur van TENT: “In abstracte zin geeft het filmfestival glamour aan het fenomeen Rotterdam. Waar kun je de stad van kennen? Van de architectuur, van de kunst en van het filmfestival. Dat is een belangrijke legitimering voor kunstenaars die hier werken. Maar dat is op meta-niveau. Het werkt in de praktijk beperkter dan je zou hopen.”

Het festival is de laatste jaren een richting ingeslagen naar meer een publieksfestival. “Het festival aarzelt tussen publiek en cutting edge. Het artistieke, experimentele onderdeel voor makers is minder geworden.” Hoe merkt ze dat? “Vroeger kwamen er veel filmmakers kennismaken met Rotterdamse kunstprofessionals, die klopten dan bij ons aan. Dat crossdisciplinaire contact komt nu minder voor, terwijl die ontmoeting tussen professionals wel héél belangrijk is: zo kunnen Rotterdamse kunstprofessionals zich verbinden met de wereld.” Toch vinden er nog steeds ontmoetingen plaats. Dölle excuseert zich, ze moet zo rennen naar een afspraak met de directeur van een Italiaans filmfestival.

Cultureel hoogseizoen

Het festival heeft jarenlang gediend als het hoogtepunt van het culturele seizoen, zo vertelt Dölle. “Vroeger zag je dat de IFFR programmering zich als een olievlek verspreidde over de instellingen in de stad. Het Boijmans opende altijd een grote tentoonstelling over moderne kunst tijdens het festival, dit jaar gebeurt dat niet. Je ziet dat het zwaartepunt van de programmering van de kunstinstellingen nu rond ART Rotterdam Week komt te liggen.” Is dat niet een teken dat het juist goed gaat met de kunstwereld, dat het niet langer afhankelijk is van het IFFR als grote broer? “Nou, dat is misschien wel zo, maar we kunnen nog steeds elke boost gebruiken. We moeten niet om de beurt iets organiseren, maar tegelijkertijd: het culturele hart van Rotterdam moet óók kloppen tijdens het IFFR.” Haar ogen glinsteren: “Hoe meer, hoe liever!”

Het is veelzeggend dat het filmfestival tot voor kort ook het hoogtepunt was voor de beeldende kunst. Het filmfestival is dan ook duidelijk belangrijk geweest voor de ‘culturele wederopbouw’ van de stad. Dat nu ART Rotterdam het stokje overneemt, duidt op de volwassenwording van de kunstwereld: ze hebben nu hun eigen internationale evenement. De filmindustrie is op lokaal niveau dan niet groot geworden, de vraag is of dat een realistische verwachting is. Mariette Dölle wijst daarbij op de aanwezigheid van veel goede kunstenaars die werken met bewegend beeld en de gerenommeerde masteropleiding Media & Design op het Piet Zwart Instituut. Ondertussen worden jonge makers zoals Ari Deelder geïnspireerd en gestimuleerd door het festival. En Jacques van Heijningen? Die gaat nu een Nederlandse Media Commission opzetten. “Volgens het Rotterdamse model, ik neem zelfs de Rotterdamse medewerkers mee. De presentatie gebeurt in mei in Cannes.” Of dat kantoor gaat houden in Rotterdam? “Nee, in Amsterdam, ze hebben me hier niets aangeboden!” Dus: wie biedt?

EXTRA: Lees ook de reactie van filmproducent en hoofdredacteur van Bogue, In-Soo Radstake over de programmering van Rotterdamse films op het festival. “Het IFFR heeft een ambivalente relatie met zowel de Nederlandse film, als met het Rotterdamse product. Legio zijn de verhalen van Rotterdamse films die geweigerd zijn door de programma-afdeling om wat voor reden dan ook.” lees meer

Lees meer:

Reageer of deel op Social Media

Tags:Ari Deelder, IFFR, IFFR 2014, Internationaal Film Festival Rotterdam, Jacques van Heijningen, Mariëtte Dölle, Rotterdam Film Commission, Rotterdam Film Fonds, Rotterdam Media Fonds en TENT

Sectie: Kunst & Cultuur

kaart: Karel Doormanstraat 278E, 3012 GP Rotterdam, Nederland
Ontvang de wekelijkse Vers Beton newsletter!

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • Draag inhoudelijk bij aan de discussie
  • Blijf on-topic
  • Speel op de bal, niet op de man
  • Wees respectvol: reacties waarin sprake is van schelden, haat, racisme of seksisme worden verwijderd
  • Reacties over huisregels en toelatingsbeleid worden verwijderd
  • We gaan niet in discussie over verwijderde reacties
  • Zie je reacties die niet aan de huisregels voldoen? Ons controlesysteem is niet waterdicht. Laat het ons weten via info@versbeton.nl

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *