voor de harddenkende Rotterdammer

Blijdorp is voornemens de komende jaren miljoenen te investeren in de renovatie van dierenverblijven. Volgens Bart Witteman is het een moedige keuze van de dierentuin om de verblijven niet tegen de grond te slaan. Alleen één minpuntje: Naima vindt er niets aan.

Naima kijkt chagrijnig om zich heen in haar nieuwe huis. Witte designbanken die uit de vloer omhoog lijken te krullen, ledverlichting en stalen designhekjes – die zo min mogelijk opvallen. Voor de gezelligheid staan er her en der wat grote kamerplanten.
Uit protest besluit ze dikke stralen bruine plas dwars door de gang te spuiten. Als ze haar best doet moet ze die irritante informatiepanelen kunnen halen. Daar ziet ze de hele dag die grote foto van zichzelf, omgeven door teksten die de bezoeker moeten overtuigen dat ze het toch maar heeft getroffen, met zo’n aangenaam en modern verblijf: de meest moderne vorm van huisvesting die er is, veilig en ook nog eens klimaatneutraal.
Maar dat is gemakkelijk gezegd als je niet gewend bent om te vertoeven in weelderige groen struikgewas. Of een nauwgezette reconstructie daarvan.

Van Ravesteyn

Naima is een zwarte neushoorn en woont sinds dit najaar in diergaarde Blijdorp. Nu het oude dikhuidenverblijf volledig is vernieuwd, is ze er samen met een mannetjesneushoorn en een paar kleine nijlpaardjes ingetrokken. Dit najaar werd dit paviljoen, één van de 22 Rijksmonumenten die Blijdorp op zijn terrein heeft staan, na een ingrijpende verbouwing heropend. De monumenten van Blijdorp zijn in de jaren veertig ontworpen door Sybold van Ravesteyn, tevens de architect van het gesloopte Centraal Station. Sierlijke gebouwtjes van beton, vol bogen en krullen – die gevoelig zijn voor de tand des tijds.
Blijdorp wil graag goede sier maken met aandacht voor moderne snufjes, dierenwelzijn en duurzaamheid. De dierentuin zit daarom in zijn maag met de kosten en het gebruik van deze voorraad erfgoed. Die is namelijk bijna in zijn geheel dringend aan een opknapbeurt toe.
Gebouwen als het roofdierenverblijf, de tropische kas en de Rivièrahal hebben karakter, maar ogen in hun huidige staat alsof er sinds de dood van Van Ravesteyn weinig meer is gebeurd. De inrichting voldoet niet meer aan de moderne eisen voor dierenverblijven en bovendien gaat er niemand naar een dierentuin voor de architectuur. Wat is dan de toekomstwaarde van de paviljoens, als ze voor hun oorspronkelijke functie – het huisvesten van de dieren- niet meer geschikt zijn?

Goede architectuur lekt

Ook het dikhuidenverblijf was veel te krap en in een slechte staat. Ook hier gold het aloude adagium ‘goede architectuur lekt’ en de dikhuiden woonden dicht op elkaar. Op dezelfde oppervlakte waar nu vier dieren wonen, huisde vroeger ook nog de kudde Afrikaanse olifanten.
Blijdorp besloot toch de middenweg te kiezen, en het verblijf te restaureren. Een moedige keuze, aangezien de dierentuin de hete adem in de nek moet hebben gevoeld van de dierenbeschermers aan de ene kant en die van architectuurpuristen aan de andere kant. De truc waarmee het ze toch is gelukt, is kennelijk door te investeren in energiebesparing en onderhoud, waarmee ze een duurzaam gebouw kunnen realiseren.

Conceptuele hekwerkjes

Architectenbureau Broekbakema veranderde het gebouw hierop in een hypermoderne ruimte. Het nieuwe dikhuidenverblijf is een plek geworden waar de medewerkers van een reclamebureau of een barman van een loungebar zich zeer thuis zouden voelen: Doorlopende gietvloeren, vette verlichtingstrips en conceptuele hekwerkjes die de dieren zo dicht mogelijk bij ons moeten brengen. Dit is kennelijk wat dikhuiden horen te willen tegenwoordig. Maar het is een vreemde gewaarwording om er ook echt dieren op aan te treffen. Het ziet eruit alsof je Bokito een mojito ziet drinken bij Soho in de Pannekoekstraat.
De architectuur van Van Ravesteyn blijkt vaak moeilijk te restaureren. Vandaar dat hij ook wel bekend staat als ‘de meest gesloopte architect van Nederland’. Het getuigt dus van lef van de diergaarde dat ze durft te investeren in zijn werk, en daarbij naar voren kijkt in plaats van achterom. Maar wat betekent de verbouwing van het dikhuidenverblijf voor de rest van de oude verblijven? Kiest de dierentuin voor design en krijgen we straks ook een leeuwenlounge en een apenbar?
Hoewel ik van harte hoop dat het Blijdorp lukt zijn erfgoed duurzaam behouden, is het nieuwe dikhuidenverblijf over de top. Het is nu bijna klinisch bij de neushoorns en de nijlpaarden. Kan er niet een vleugje Afrika worden toegevoegd?

Hoog Van De Toren Dit artikel is onderdeel van het dossier ‘Hoog van de Toren’. Hierin recenseert Vers Beton recent opgeleverde bouwprojecten in de stad. Geen sterren of ballen, wel handvaten voor een gefundeerde mening over architectonische nieuwkomers, originele invalshoeken en oog voor de impact van gebouwen op hun omgeving.

Vers Beton heeft jouw support nodig!

Voordat je verder leest: Vers Beton kan alleen blijven bestaan dankzij support van onze lezers. Maak jij ook onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk?

Nee, ik lees eerst het stuk verder
Bart Witteman

Bart Witteman

Bart Witteman is bij toeval in Rotterdam terecht gekomen, voor zover je daarvan kunt spreken als je stedenbouw hebt gestudeerd in Delft. Inmiddels woont hij er lang genoeg om niet meer weg te willen en verkeert hij dagelijks in de verwachting ooit iets te begrijpen van de stad, haar plannen en haar bewoners.

Profiel-pagina
Lees één reactie