Politiek5 november 2014

Basisinkomen? Basisslimheid!

Afgelopen maand schreef Kevin Levie op Vers Beton een kritisch artikel over de bezuinigingen op het armoedebeleid. Hans van Willigenburg laat een tegengeluid horen. Volgens hem draait een effectiever armoedebeleid meer om het bijbrengen van vaardigheden dan om de hoogte van het budget.

Armoedebeleid
Armoedebeleid Beeld: Saskia Wigbold

Onlangs kreeg de discussie over het armoedebeleid in Rotterdam weer een slinger door een artikel op Vers Beton, getiteld ‘Het offensief tegen de armen’. Het is een aanklacht tegen de beslissing van het nieuwe college om te bezuinigen op het armoedebeleid. Een beleid waarvan we al decennia in de statistieken zien dat het volstrekt ineffectief is en de armen niet werkelijk uit de ketenen van de armoede helpt. Helaas vormt het stuk op Vers Beton nieuw bewijs dat het denken over armoede, als we niet oppassen, stil blijft staan.

Kevin Levie suggereert in het bewuste artikel – opnieuw – dat meer geld voor armoedebeleid en het lenigen van de ergste noden, getuigt van fatsoenlijker beleid én een betere uitkomst geeft voor de armen. Terwijl de wetenschap steeds duidelijker aantoont dat investeren in vaardigheden – van sociale omgang tot elementaire kennis van taal, opvoeden, wetgeving en boekhouden – veel meer uitzicht biedt op het achter je laten van armoede dan de zoveelste zak geld van een goedbedoelend overheidsapparaat. De strijd tegen armoede kan uiteindelijk alleen via persoonlijk contact en wederzijdse interesse (achter de voordeur, inzettend op gedragsverandering) worden gewonnen. En niet in een vergaderzaal door politici en ambtenaren, die met budgetten schuiven. Dat laatste is een staaltje ouderwetse zelfoverschatting.

Basisslimheid

Hoeveel banen er precies bijkomen of afgaan, hoe onze economie zich in de nabije toekomst zal ontwikkelen en welke beroepen perspectief hebben en welke niet – er is niemand die het precies weet. Wat we wél weten is dat vaste banen en eenduidige beroepen schaarser zullen worden en dat iedereen, meer dan ooit, ‘zijn eigen weg’ zal kunnen (en moeten) bepalen.

Dit toekomstbeeld vraagt niet om zakken overheidsgeld die rechtstreeks en voor consumptieve doeleinden in de portemonnee van armen worden gestort, maar om programma’s, coaches en begeleiders die dichtbij de cruciale doelgroep zorgen dat de volgende generatie armen zich volwaardig in de (digitale) maatschappij kan bewegen. Met de juiste ‘gereedschapskist’ aan vaardigheden in zijn of haar rugzak kan die de uitdagingen van de Nederlandse annex westerse samenleving aan, zonder dat chronische stress of gevoelens van depressie het overnemen.

Dit inzicht zou zich idealiter vertalen in een gemeente die zich niet langer alleen maar focust op de hoeveelheid mensen die door een bepaalde inkomensgrens zakt (negatief criterium), maar ook op het formuleren van een ‘basisslimheid’ die aan alle inwoners van achterstandswijken bijgebracht dient te worden (positief criterium). De laatste aanpak heeft een duurzaam karakter, de eerste een incidenteel karakter.

Volgens de wetten van de oude (incidenten)politiek, echter, kan een politicus of partij wél goede sier maken met het reserveren van budgetten voor de armen (‘kijk ons eens een warm hart hebben’) en veel minder met het geleidelijk en geruisloos implementeren van iets dat veel effectiever is: armen op individuele basis de vaardigheden aanleren, die nodig zijn om zich volwaardig in de digitale samenleving te bewegen. Over al deze zaken zwijgt Kevin Levie.

Uit de patstelling komen

Structureel probleem – dat eveneens in zijn stuk onbesproken blijft – is dat de Rotterdamse overheid al decennia weigert armoede te zien als een ramp die een gerichte en acute aanpak vereist. Armoede wordt eerder benaderd als een etterend virus dat niet te verslaan is en op z’n hoogst onder controle kan worden gehouden. Gevolg? De Rotterdamse armoede blijft in zijn volle omvang bestaan, met of zonder 20 miljoen euro bezuinigingen op het stadhuis. De enige manier om uit deze patstelling te komen, is de probleemgezinnen, als gezegd, scherper te ‘targetten’, gericht te investeren in individuele coaching (maatwerk) en een ‘basisslimheid’ te formuleren, waar mensen in achterstandswijken naartoe begeleid worden.

Dit meer ambitieuze, contactrijke en door vasthoudendheid ingegeven armoedebeleid zou een daadwerkelijke aanval betekenen op de Rotterdamse armoede. En heeft dus, uiteindelijk, een ménselijker gezicht. Een zak generiek geld voor de armen brengt weliswaar tijdelijke verlichting (en een zalvend imago voor de betreffende politicus of partij), maar biedt aan arme Rotterdammers, zoals al jaren blijkt, weinig of geen uitzicht om daadwerkelijk uit de armoede te geraken.

Als Kevin Levie werkelijk ‘hart’ heeft voor de armen en ze een betere toekomst toewenst, en daar twijfel ik niet aan, zou hij wat minder belang moeten hechten aan gesteggel over budgetkwesties en wat meer aan effectieve hulpverlening aan en voorbij de voordeur.

Lees meer:

Reageer of deel op Social Media

Tags:armoede, armoedebeleid, basisslimheid, Hans van Willigenburg, Kevin Levie en SP

Sectie: Politiek

kaart: Stadhuis, Rotterdam
Ontvang de wekelijkse Vers Beton newsletter!

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • Draag inhoudelijk bij aan de discussie
  • Blijf on-topic
  • Speel op de bal, niet op de man
  • Wees respectvol: reacties waarin sprake is van schelden, haat, racisme of seksisme worden verwijderd
  • Reacties over huisregels en toelatingsbeleid worden verwijderd
  • We gaan niet in discussie over verwijderde reacties
  • Zie je reacties die niet aan de huisregels voldoen? Ons controlesysteem is niet waterdicht. Laat het ons weten via info@versbeton.nl

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *