Voor de harddenkende Rotterdammer

Het Filmfestival Rotterdam staat weer voor de deur, en dat is goed nieuws. Het biedt Rotterdam twaalf hete dagen in de verder saaie januarimaand. De komende editie is speciaal omdat het de laatste is van directeur Rutger Wolfson, die een nieuwe baan gaat zoeken.

IFFR
IFFR Beeld door: beeld: Tim Sake

Acht jaar Wolfson heeft het festival gestabiliseerd als grootste cultuurevenement van Nederland. Ook slaagde hij erin om samen met zakelijk geweten Janneke Staarink steevast vervangers te vinden voor weglopende (hoofd)sponsors. Een straffe prestatie in crisistijd.

Toch is er ruimte voor kritiek. Wolfson, gehaald vanwege zijn brede achtergrond als museumdirecteur, is er niet in geslaagd om het festival een nieuwe horizon te bieden. Zijn worsteling met de tijger is buiten wat experimenten uitgedraaid op een status quo met het IFFR zoals iedereen dat kent. Dat is volgens mij een onhoudbaar concept. Vandaar een oproep: de nieuwe directeur van het IFFR moet knopen doorhakken. Ik doe hem of haar graag drie kraakheldere suggesties aan de hand.

1. Rotterdam!

De naam ‘Rotterdam’ figureert niet voor niets in de naam van het festival. Toch is het IFFR buiten de festivalperiode nauwelijks een speler in de stad. Een zwaktebod. Voorbeeld zou N8 kunnen zijn, dat naast organisator van de Amsterdamse Museumnacht het hele jaar door een smaakmaker in de hoofdstad is, vooral online. Dat laatste is nog een gebied waarop het IFFR te weinig aanwezig is. En dat in een tijd waarin iedereen filmmaker of recensent is.

Met een sterkere Rotterdamse identiteit zou het festival bovendien in het gat kunnen springen dat het verscheiden van het Rotterdam Mediafonds achterliet. Zo wordt de band met de vestigingsstad weer geïntensiveerd.

Nu is het IFFR nog te veel een ufo die jaarlijks neerstrijkt, terwijl de grassroots juist bijgehouden moeten worden. Het zou het festival bovendien sterker maken voor volgende subsidieronden. Het publiek is sowieso voor 90 procent afkomstig uit Nederland – ken uw achtergrond.

2. Totaalfestival!

Er valt voor het IFFR nauwelijks meer te concurreren met grote festivals (Berlijn, Cannes) of zelfs maar middelgrote festivals. In die laatste categorie (Rome, Toronto) wordt de laatste jaren met geld gesmeten. Het ooit zo trotse Tigerprogramma is niet meer de gouden talentpool die het ooit was. Steeds vaker komt het voor dat Tigerkandidaten al elders hebben gedraaid en daar zijn bekroond.

Ook kiezen de meestbelovende debutanten vaker direct voor de grote festivals en hun exposure. Je kunt stellen dat het vroege pionierswerk van het IFFR als een boemerang is teruggekomen. Daarmee is het festival langzaam aan het transformeren van talent herkennen naar talent bevestigen. Een nieuwe opzet van de Tigercompetitie is misschien verstandig: selecteer bijvoorbeeld tien ‘winnaars’ bij voorbaat. Zo is het een soort staalkaart van wat je niet mag missen als cinefiel.

Filmcriticus Dana Linssen liet vorig jaar in De Filmkrant optekenen dat het programma overvol is en te veel ‘matige’ films bevat. Snijden is dus het devies – in hoeveelheid, maar ook locaties én in aanbod. Maak randprogramma als concerten en tentoonstellingen onderdeel van het hoofdprogramma. Toekomstige arthouseknallers heeft IFFR dit jaar al in een eigen overzicht gestopt. Slim. Zo bedien je het publiek op de juiste wijze. Als je geen klassiek filmfestival kunt zijn, moet je een totaalfestival worden met de cinema als leidmotief.

3. Hubert Bals!

Het IFFR heeft nog een kroonjuweel in zijn kluis. Het eigen Hubert Balsfonds, dat sinds jaar en dag filmmakers uit ‘moeilijke’ landen (lees: de derde wereld) steunt. Het is vernoemd naar oprichter Huub Bals. Hij ontdekte in de jaren zeventig eigenhandig het toen nog in communistisch Verweggistan liggende China als filmland. Die pioniersgeest moet weer de overhand krijgen.

De films die door het fonds worden gesteund, schoppen het bovendien vaak tot de competities van de megafestivals die het IFFR zelf niet meer kan beconcurreren. Maak de festivalopener bijvoorbeeld standaard een ‘Hubert Bals’-productie. Dat zorgt voor meer identiteit dan sterren van C-garnituur met alle egards naar Rotterdam halen. Denk aan Sopranos-acteur Michael Imperioli een aantal jaar geleden van wie daarna nooit meer iets is vernomen. Gênant.

Een festival dat kiest voor een moderne infrastructuur, ook buiten januari een rol speelt en innovatief inzet op eigen kroonjuwelen én erfgoed is mijns inziens veel sterker gewapend voor de toekomst.

Zo zou het IFFR een festival zijn dat Rotterdam aan de wereld toont, en de wereld in Rotterdam. Ik hoop dat de nieuwe directeur de ballen heeft om echte keuzes te maken.

Dit opiniestuk verscheen eerder in de Rotterdam-bijlage van NRC Handelsblad.

Vers Beton heeft jouw support nodig!

Voordat je verder leest: Vers Beton kan alleen blijven bestaan dankzij support van onze lezers. Maak jij ook onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk?

Nee, ik lees eerst het stuk verder

Vincent Cardinaal

Vincent Cardinaal

Vincent Cardinaal (1982) is schrijver en spreker. Geboren op een zondag in het Havenziekenhuis, zoon van Crooswijk. Neuroot en berucht onhandig. Laat geen servies in zijn nabijheid slingeren.

Profiel-pagina
avatar-tim-sake

Tim Sake

Tim Sake (1984) is sinds zijn afstuderen (WdKA, 2008) afwisselend werkzaam als zelfstandig illustrator, grafisch ontwerper, organisator van het festival Zine Camp maar ook als traditioneel letterschilder. In al zijn werk komt een sterke passie voor handwerk naar voren. Dit is met name zeer goed zichtbaar in zijn illustratieve werk waar de hand zelf vaak wordt ingezet als protagonist van zijn illustraties.

Profiel-pagina
Lees één reactie
  1. Profielbeeld van Tara Lewis
    Tara Lewis

    Vincent,

    Ik mis de inhoudelijke onderbouwing voor het -als een losse flodder voelende-advies: ‘maak echte keuzes’. Nergens lees ik waar die geïmpliceerde besluiteloosheid uit blijkt.

    1. Er is dit jaar een speciaal programma met films van Rotterdamse filmmakers. Dat noem je niet. Ik ben het met je eens dat het Rotterdamse DNA van het festival sterker kan zijn. Maar, het is het Internationale filmfestival. Het gaat juist om de internationale premières die je naar de stad haalt. Daardoor komen er mensen van buitenaf en dat is juist goed voor het festival.

    2. Waar haal je vandaan dat de genomineerden voor de Tiger Award elders al zouden hebben gedraaid? Op twee na zijn het wereldpremières, de andere hebben alleen in het thuisland gedraaid en zijn internationale premières. Doe je huiswerk.

    3. Het HBF heeft echt een enorm prominente rol in het festival. Nogmaals, doe je huiswerk!

    4. Matige programmering. Op basis van één stuk van een filmjournalist? Echt?

    5. “Maak randprogramma als concerten en tentoonstellingen onderdeel van het hoofdprogramma.” Het is randprogramma omdat het een filmfestival is. In de Daily Tiger en op de website is uitgebreid te lezen wat je waar kunt beleven. Wat is in hemelsnaam het nut van dit advies?

    Ik krijgt eerder het gevoel dat je verlegen zat om een snerend stuk te schrijven, dan dat je hier goed over hebt nagedacht.

Reageren is voorbehouden aan Vers Beton-supporters. Meld je hier aan als supporter of log in.