Kunst & Cultuur23 maart 2015

Van Amen & Van Schie in TENT: “Een echte kunstenaarstentoonstelling”

Nog een kleine maand te zien in TENT, aan de Witte de Withstraat – New Romantic Spirit. Een unieke overzichtstentoonstelling van twee speciale Rotterdamse kunstenaars, Woody van Amen en Hidde van Schie. Een portret van twee artiesten die ondanks een fiks leeftijdsverschil goed overeenkomen.

Woody van Amen (links) en Hidde van Schie.
Woody van Amen (links) en Hidde van Schie. Beeld: Janssen Adriaans

Zomaar een middag in TENT. Een buslading kunstverzamelaars is op bezoek en wordt met alle egards ontvangen door de directie van het CBK, de moederorganisatie van TENT. Er is champagne, wijn en informatie in overvloed. Ondertussen laten ook de ‘normale’ bezoekers zich de expositie goed smaken. Het is druk. De twee hoofdrolspelers staan er wat bedremmeld bij. Of eigenlijk kun je beter zeggen: gelaten. Hidde van Schie (1978) is als altijd herkenbaar aan zijn knalrode parka. Hij schuifelt tussen binnen en buiten, tussen een sigaretje roken met een oude bekende en zich wat ontfermen over hoofdrolspeler twee, Woody van Amen (1936). Die staat met zijn onafscheidelijke vrouw Cock al te wachten op interviewer en fotograaf. Met de verzamelaars bemoeit hij zich niet echt. “Ze doen maar. Ik hoor het wel als er interesse is.”

Opmerkelijke vrienden

We spreken met de kunstenaars in de bibliotheek van de instelling. De rolverdeling is direct duidelijk tussen deze opmerkelijke vrienden. Van Schie posteert zich wat aan de zijlijn, bladert onafgebroken in het boek dat bij de tentoonstelling hoort. “Hier, moet je nou eens kijken Wood – we lijken zelfs een beetje op elkaar.” Van Schie wijst op een recente foto van hem in zijn atelier, geplaatst naast een gelijkaardige foto van Van Amen, een jaar of veertig geleden genomen. En inderdaad, de houdingen komen wel wat overeen, en zeker de inrichting van de ateliers. Het is een repetitief gegeven – Van Schie houdt constant het werk van beiden tegen het licht en komt dan tot een conclusie. Van Amen is geestdriftiger. Hij wil direct weten wat ik van de expositie vind. Ik vraag hem eerst hoe het zo gekomen is.

Dubbelingen

“Ik ken Hidde van zijn tijd aan de Willem de Kooningacademie. Ik was daar wel eens docent, al heb ik Hidde nooit les gegeven. Wel zijn we samen op excursie naar Texel geweest. En bij een atelierbezoek viel hij me direct op.” Wat dan opviel? “Hidde is een twijfelaar, en dat vind ik heel belangrijk, zelfs essentieel voor een kunstenaar. Je moet niet te snel tevreden zijn. Ik merkte dat hij bij iedere kwaststreek meer vragen creëerde dan dat hij er oploste. Dan kun je ergens komen.” Van Schie: “Het is wel goed dat Woody geen docent van me is geweest. Zo kon een vriendschap zich veel natuurlijker ontwikkelen. Vorig jaar heb ik Woody dan eindelijk eens uitgenodigd om samen te exposeren, dat was in Roermond. De overeenkomsten tussen ons werk was me natuurlijk al eerder opgevallen. Dat merk je bij deze samenstelling. Niet alleen bij de dubbelingen in het boek, maar ook op zaal. Er hangen ergens twee grote doeken van mij tegenover twee van Woody. Veel mensen wijzen het werk van mij aan hem toe, en omgedraaid.”

Schaven

Ik vraag de heren naar de precieze samenstelling van de expositie. Van Schie: “Voor Woody is het een beetje een retrospectief, maar in mijn geval zou dat wat raar zijn na nog geen twintig jaar kunstenaarschap. Daarom zijn we echt gaan zoeken, gaan schaven. We hebben beeldmateriaal naast elkaar gelegd, echt honderden foto’s, tekeningen, etcetera. Daar is een maquette uit voortgekomen. Zo hebben we de puzzel beetje bij beetje gelegd.” Van Amen springt geestdriftig in: “Dit is een échte kunstenaarstentoonstelling. Wat ik daarmee bedoel is dat we volledig de vrijheid hebben gekregen om hem vorm te geven zoals wij dat willen. En dat is behoorlijk uniek. Natuurlijk, Mariette Dölle van TENT heeft ons benaderd en de ruimte gegeven, maar wij hebben hem gemaakt.”

Wie de tentoonstelling bezoekt ziet direct wat de mannen bedoelen. In alle zalen is het werk dynamisch opgesteld. Het gaat een dialoog met elkaar aan, daagt de bezoeker uit zich af te vragen wat van wie is, en hoe de talloze symbolen die terugkomen in het werk van de kunstenaars zich verhouden tot de gehele expositie. En dan is er natuurlijk nog de titel, New Romantic Spirit. Ik vraag er Van Amen naar. “De titel komt van een manifest dat ik begin jaren zeventig schreef. Ik werd gek van de kilheid van veel kunst, zeker de popart. Ik weet wel dat mijn werk daar ook onder wordt geschaard, maar dat geldt alleen voor de vroege jaren zestig. Op een gegeven moment was het alleen nog maar productie, productie, productie. Ik wilde daartegen protesteren. Dus schreef ik over een nieuwe ‘romantische geest.’ De titel is nu wel veel ambivalenter.”

Zaalbeeld van tentoonstelling 'New Romantic Spirit'. In het midden: de gitaarsculptuur van Van Schie.
Zaalbeeld van tentoonstelling ‘New Romantic Spirit’. In het midden: de gitaarsculptuur van Van Schie. Beeld: Janssen Adriaans

Praktisch en romantisch

Als ik opper dat de bezoeker door het tegenstrijdige gebruik van symbolen en gebruiksvoorwerpen wordt uitgedaagd om in alles kunst te zien, stribbelt Van Amen niet erg tegen. “Goede kunst is tijdloos, dat is ook van belang. En dus ook de motivatie die achter die kunst zit.” Van Schie onderstreept: “Neem mijn sculptuur van de dubbele gitaren. Enerzijds is het de vorm van de Fender Stratocaster. Ik verwijs zo naar jeugdhelden als Kurt Cobain en Jimi Hendrix. Tegelijk vormen de tweekoppige gitaren een janushoofd, een tweekoppig monster.” Met ander woorden: een gebruiksvoorwerp wordt zowel praktisch als romantisch neergezet. Het is een proces dat zich vaker herhaalt in het werk van Van Schie, die ook muzikant is. Op zijn grote doeken zijn vaak vogels, bomen en gezichten te zien, groots op het doek geschilderd. Maar: de vogels huilen, de bomen staan in wilde bossen, de gezichten zijn vaak niet herkenbaar.

Swastika

Ook Van Amens werk zit vol symbolen en gebruiksvoorwerpen die vaak terugkeren. Zoals het ‘dubbele kruis’ én de swastika, beide oorspronkelijk uit het Oosten afkomstig. Van Amen: “Mensen beginnen altijd over mijn tijd in Amerika. En ja, ik zat daar. Maar echt, ik doe alweer meer dan vijftig jaar wat anders, joh. Ik heb talloze reizen naar Azië gemaakt. De eerste keer dat ik in Indonesië kwam en heel de taxi gestoffeerd was met swastika’s – ik wist niet wat ik meemaakte! Als baldadige jongen na de oorlog tekende ik wel eens iets stouts op een muur, een kut ofzo. Ik dacht die eerste minuten daar dat die swastika’s ook zoiets waren. Tot ik verder vroeg. Kijk, met een beperkte blik zie je alleen het Nazisymbool. Terwijl: er is zoveel meer. Al eeuwen is het een terugkerende vorm, bijna overal staat het voor hoop.” Een betere uitleg voor Van Amens werk lijkt hij niet te kunnen geven. De oude kunstenaar leunt wat naar achteren. Er wordt gemeld dat er vragen zijn, beneden op zaal van de bezoekers. Ik word bedankt voor een prettig gesprek. Als hij de ruimte verlaat, draait Van Amen zich nog eenmaal om: “Mensen willen je altijd graag ergens plaatsen. In mijn geval Amerika of Azië. Maar ik teken en gebruik ook heel vaak de Matterhorn. En die staat toch echt in Zwitserland, de laatste keer dat ik het nakeek. Ik bedoel maar: altijd blijven opletten.”

Reageer of deel op Social Media

Tags:expositie, Hidde van Schie, TENT en Woody van Amen

Sectie: Kunst & Cultuur

kaart: Witte de Withstraat 50, Rotterdam
Ontvang de wekelijkse Vers Beton newsletter!

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • draag inhoudelijk bij aan de discussie (en ja, humor mag, graag zelfs!)
  • blijf on-topic
  • speel op de bal, niet op de man

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *