Stedelijke ontwikkeling & architectuur20 april 2015

Wunderbaum: waar theater werkelijkheid wordt, en werkelijkheid theater

Twee jaar geleden startte Theatercollectief Wunderbaum met ‘The New Forest’, een vierjarige zoektocht naar een toekomstige samenleving. Sereh Mandias sprak over dit ambitieuze project met Wunderbaums dramaturg Tobias Kokkelmans. ”Wat als verhaallijn begon, is werkelijkheid geworden.”

Een leegstaand huis, het dak van de Hofbogen, een Citroëngarage, Venlo en Club Vibes: je kunt het zo gek niet verzinnen of theatercollectief Wunderbaum heeft er gespeeld. Het gezelschap, al meer dan een decennium actief in Rotterdam, maakt op al die plekken geëngageerde stukken waarin acteurs in de huid kruipen van voetbalsupporters, filosofen of een bijstandsgezin. Voor klassieke stukken moet je elders zijn.

Ook op dit moment staat er heel wat op de rol. Eind deze maand is er bijvoorbeeld de Nederlandse première van ‘Unser Dorf soll schöner werden’, waarvoor Wunderbaum samenwerkt met theaterregisseur Johan Simons. In januari volgt de lancering van de film ‘Transition is the Mission’. Bovendien is het gezelschap op 26 april te gast in Urban Places – Public Spaces, een videodebat georganiseerd door het Goethe-Institut tussen Rotterdam, München en Johannesburg over de ideale stad.

The play 'De komst van Xia' by Wunderbaum at the Hofbogencomplex in Rotterdam Beeld: Ossip van Duivenbode

Crisis als vertrekpunt

Wunderbaum is een zogeheten acteurscollectief. Dit betekent dat het gezelschap wordt gerund door acteurs die zelf schrijven, regisseren en spelen. Sinds twee jaar worden zij daarin ondersteund door Tobias Kokkelmans. “Mijn functie heet dramaturg, een echte theaterterm. Toen Wunderbaum aan ‘The New Forest’ begon, merkten de acteurs dat zij ondersteuning voor hun research wilden hebben. Wunderbaum vertrekt altijd vanuit een heel actuele problematiek of vraagstelling. Ik ben daarbij het inhoudelijk klankbord en help mee de plannen aan een context te koppelen.”

Het was ten tijde van de aanslagen op 9/11 dat Wunderbaum werd opgericht. Aanvankelijk hadden veel van de voorstellingen dan ook te maken met de verwarrende wereld die na het instorten van de Twin Towers ontstond. Kokkelmans: “Het eerste decennium gingen de voorstellingen over globalisering. We leven in een wereld zonder ideologie, dus waar gaat het heen? Het was een periode van angst en teruggang, van een grote boze buitenwereld die aftakelde.” Maar langzaam veranderde iets. “De laatste jaren kwam Wunderbaum steeds meer initiatieven tegen die juist iets tegenover die aftakeling wilden zetten. Daarom wilden we een project doen dat de crisis niet als uitgangspunt nam, maar juist als vertrekpunt. Daarbij stelden we de vraag: hoe komen we voorbij aan die crisis? Uit die impuls is ‘The New Forest’ ontstaan.”

Wat is het geworden, ‘The New Forest’?
“We wilden ons richten op de toekomst. Wat is dan die nieuwe samenleving? En wat is maatschappelijke verandering? Onze gedachte bij ‘The New Forest’ is dat we het beste zelf een samenleving kunnen inrichten als we willen weten hoe deze functioneert. Dit deden we via voorstellingen die iedere keer een groot maatschappelijke thema tackelden, zoals bestuursvormen, zorg en wetgeving.”

“Twee jaar geleden hebben we bijvoorbeeld ‘De komst van Xia’ gemaakt. Die vond plaats op het dak van de Hofbogen en ging over hoe je zo’n gebied kunt besturen. Wat ga je doen met zo’n plek? In hoeverre hebben de mensen uit de buurt daar iets over te zeggen? In die voorstelling hebben we een heleboel modellen naast elkaar gelegd, vanaf de tijd van Plato tot het metamodernisme. Zo wilden we vooral heel veel vragen oproepen. Hoe verhouden burgers zich tot zo’n gebied en tot elkaar?”

Maatschappelijke verandering, bestuursvormen, veranderingen in de zorg: het zijn allemaal onderwerpen waar vanuit allerlei disciplines over nagedacht wordt. Wat kan theater daaraan toevoegen?
“Theater kan problematiek op een andere manier aanvliegen. Het kan het probleem in een verhaalvorm gieten en er een gezicht aan geven door dramatische personages te introduceren. Zo kun je heel abstracte dingen in één scene driedimensionaal duidelijk maken. Dat is het mooiste, als je een probleem kunt vangen in een beeld. In het geval van Wunderbaum kun je er vaak nog hartelijk om lachen ook, bijvoorbeeld omdat je het herkent of omdat de absurditeit ervan duidelijk wordt. Een theatergezelschap moet zijn geld niet verdienen door maatschappelijke veranderingen in goede banen te leiden, maar kan de wereld een spiegel voorhouden. Theater is een manier om vat op de wereld te krijgen, maar dan niet in een PDF-bestand.

‘The New Forest’ is een vierjarig project en jullie zijn nu halverwege. Wat hebben jullie tot nu toe ontdekt?
“We hebben geen duidelijk doel waar we naartoe werken. Het project kan zich organisch ontwikkelen. Wat we in ieder geval merken, is dat het niet werkt als we pasklare antwoorden formuleren. Dan krijg je een soort paternalistisch gedoe waar toeschouwers helemaal geen zin in hebben. We proberen daarom in onze voorstellingen openheid te houden. Hierdoor worden mensen zelf aan het denken gezet.”

“Ook zijn we gaandeweg afgestapt van voorstellingen over één thema, want dat zijn enorme containerbegrippen die abstract blijven. Dat hebben we omgedraaid. We hebben het de hele tijd over maatschappelijke verandering, maar zijn wij niet zelf ook een groep die verandert? Moeten we niet meer vanuit onszelf vertrekken? Hoe doen wij dat als collectief? We hebben van die abstracte begrippen dus veel meer een persoonlijke zoektocht gemaakt.”

Hoe moet ik me dat voorstellen?
“Misschien kan ik ‘Transition is the Mission’ het beste als voorbeeld nemen. In deze film stoppen de acteurs met acteren om iets te doen in het echte leven. Iedere acteur heeft één project. Zo gaat Matijs een app ontwikkelen voor stadstuinieren: ‘Tuinder’. Hiermee kunnen mensen hun worteltjes en dergelijke verhandelen. Hij begint heel idealistisch aan het project, maar krijgt een aanbieding van een grote supermarktketen. Matijs maakt er uiteindelijk een heel commercieel project van, waardoor hij verwijderd raakt van de groep.”

“Een ander voorbeeld is Marleen. Zij begint een ’Tranenbar’, een idee uit Japan voor café’s waar bezoekers iets doen tegen de positiviteitscultus van onze samenleving waarin we alles altijd maar moeten liken. De tranenbar is een plek voor negativiteit en zwaarmoedige verhalen. Maar na verloop van tijd wordt die bar te gezellig en wordt er steeds meer gelachen.”

“De film gaat dus over wat er gebeurt als je een idee hebt dat in principe goed is, maar dat je vervolgens in de praktijk wilt brengen. Alle vier de personages worden overmand door hun eigen hypocrisie of emoties. Dat is dus een veel persoonlijkere, menselijkere benadering van het idee van maatschappelijke verandering.”

Dus de grenzen waar jullie op stuiten zijn niet zozeer extern, maar zitten in de mens zelf?
“Absoluut. Dat is heel belangrijk, want anders blijf je in abstracties praten. We merken dat hoe persoonlijker je het maakt, hoe universeler het wordt.”

Als ik het goed begrijp, begeven jullie je met de film op de grens tussen realiteit en fictie.
“De film speelt inderdaad heel erg met dat gegeven. Dat past bij Wunderbaum. In de film stopt het collectief met acteren om iets te doen in het echte leven, maar dat wordt weer gefilmd. Lukt het de acteurs dan nog om niet te acteren? Stop acting, start acting, dat is een paradox. Maar sommige verhaallijnen die we voor de film bedachten, zijn werkelijkheid geworden. De Tuinder-app blijkt zo’n goed idee dat er zelfs investeerders geïnteresseerd zijn. Wat als een verhaallijn begonnen is, wordt nu werkelijkheid. Soms weten we het zelf ook niet meer.”

The play 'De komst van Xia' by Wunderbaum at the Hofbogencomplex in Rotterdam Beeld: Ossip van Duivenbode

Naast het bewandelen van de dunne lijn tussen feit en fictie, is ook de samenwerking met hedendaagse denkers en wetenschappers kenmerkend voor de werkwijze van Wunderbaum. Het idee voor zijn eerstvolgende voorstelling ‘Unser Dorf soll schöner werden’ komt voort uit gesprekken die het collectief voerde met onder meer transitiedenker Jan Rotmans en socioloog Willem Schinkel. “We vroegen hun: wat is jouw idee over hoe de toekomst eruit zou moeten zien? Dan blijkt dat die mensen vaak van mening verschillen. Rotmans heeft het bijvoorbeeld over bottom-up ondernemerschap, terwijl Schinkel het hele idee dat de mens een ondernemer is neoliberale prietpraat vindt die de ongelijkheid alleen maar vergroot.”

“Dat vonden we interessant. Dit zijn mensen die praten over hoe de wereld beter moet, maar ze kunnen het tegelijkertijd niet met elkaar eens worden. Daar gaat die voorstelling over: denkers die op een spreekwoordelijke boot zitten zonder roeispanen, met storm op zee en alleen hun woorden om koers te houden.”

Homebase

De voorstelling is een samenwerking met Johan Simons, nu nog werkzaam als artistiek leider bij de Münchner Kammerspiele maar vanaf 2017 in diezelfde rol bij Theater Rotterdam, waar ook Wunderbaum onderdeel van uitmaakt. Simons en Wunderbaum zijn niettemin al eerder samen te zien, namelijk in het door het Goethe-Institut georganiseerde debat Urban Places – Public Spaces. Dit is een videodebat met live verbindingen tussen Rotterdam, München en Johannesburg getiteld ‘What is the good city?’. Naar aanleiding van de (ook na de afschaffing van de apartheid) voortdurende segregatie in Johannesburg, zijn ook de onzichtbare lijnen die München en Rotterdam verdelen onderwerp van gesprek.

Samen met ontwerpbureau ZUS vertegenwoordigt Wunderbaum Rotterdam, terwijl Simons vanuit München deelneemt. Kokkelmans: “Rotterdam is onze homebase. Het is een stad die heel erg uitkijkt naar de toekomst en soms iets te weinig naar zijn verleden. We spelen veel in het buitenland, maar Rotterdam is altijd de stad waar we aan refereren.”

Je zei eerder dat theater niet moet proberen antwoorden te geven. Hoe ga je dan zo’n debat in?
“Wij vertellen wat je als kunstenaar kunt doen met deze onderwerpen. Het gaat dus niet over het formuleren van het definitieve antwoord, maar over het openwrikken van problemen.

Tot slot, dan toch: wat is een goede stad?
Dat is een moeilijke vraag hoor. Ik vind Rotterdam wel een goede stad. Een heftige stad ook. Ik vind het bijvoorbeeld moeilijk dat ik niks meekrijg van het leven op Zuid, dus dat die tweedeling zo groot is. Maar wat goed is, is het gemak waarmee je iets nieuws kunt starten. Er is veel ruimte voor nieuwe ideeën. Het is een stad die openstaat voor nieuwe richtingen.

Live debat met München en Johannesburg Urban Places – Public Spaces vindt op 26 april om 11:00 plaats in het Goethe-Institut in Rotterdam. U kunt reserveren via cultuur@rotterdam.goethe.org. ‘Unser Dorf soll schöner werden’ speelt op 28 en 29 april in de Rotterdamse Schouwburg. Voor de voorstelling op 29 april zijn nog kaarten beschikbaar.

Dit artikel werd mede mogelijk gemaakt door het Goethe-Institut.

De sectie Stedelijke Ontwikkeling & Architectuur wordt mede mogelijk gemaakt door AIR, het Architectuur Instituut Rotterdam. (meer info)

Lees meer:

Reageer of deel op Social Media

Tags:Goethe-Instituut, johan simons, The New Forest, Urban Places / Public Spaces en wunderbaum

Sectie: Stedelijke ontwikkeling & architectuur

kaart: Katshoek 35, 3032 AE Rotterdam, Nederland
Ontvang de wekelijkse Vers Beton newsletter!

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • Draag inhoudelijk bij aan de discussie
  • Blijf on-topic
  • Speel op de bal, niet op de man
  • Wees respectvol: reacties waarin sprake is van schelden, haat, racisme of seksisme worden verwijderd
  • Reacties over huisregels en toelatingsbeleid worden verwijderd
  • We gaan niet in discussie over verwijderde reacties
  • Zie je reacties die niet aan de huisregels voldoen? Ons controlesysteem is niet waterdicht. Laat het ons weten via info@versbeton.nl

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *