Kunst & Cultuur20 mei 2015

Guy Coolen is trots op zijn Operadagen met ballen

Artistiek leider over tien jaar operafestival

Het is met opera in Rotterdam net zoals met de wederopbouw. Weg met het oude, in met het nieuwe. Artistiek leider van Operadagen Rotterdam Guy Coolen: “Deze stad heeft geen traditie in opera en klassieke muziek. Daarom kunnen we het hier een stuk avontuurlijker aanpakken.”

Guy Coolen
Guy Coolen Beeld: Richard Beukelaar

Vrijdag beginnen de Operadagen Rotterdam, en deze keer is het een feesteditie. Het festival bestaat tien jaar en heeft zich in dat decennium bewezen als florerend. Er is weerklank in de stad, de politiek is blij, de bezoekersaantallen groeien. Vincent Cardinaal ging voor Vers Beton in gesprek met de fijnzinnig besnaarde Vlaming Guy Coolen. De artistiek leider heeft perfect voor ogen welke organisatie hij wil leiden.

“Rotterdam is een vrijplaats voor opera, een plek om te onderzoeken en experimenteren”

Guy Coolen

Tien jaar Operadagen. Kunt u allereerst eens uitleggen wat Operadagen voor festival is?

“Operadagen Rotterdam is een festival, mede-georganiseerd vanuit een aantal theaters en zalen, die zeer actief als partners meedenken en programmeren. Dat is het niet altijd geweest, tenminste niet zoals ik dat definieer. Zo’n tien jaar geleden ontsprong het idee omdat er eigenlijk geen echte operaprogrammering in Rotterdam was. Althans, stiekem waren er bijna zestig evenementen per jaar, die je onder opera of wat breder, onder muziektheater kon scharen. Maar de zichtbaarheid ontbrak. Zo zijn we begonnen – ik schreef mee aan een plan, dat werd gehonoreerd. In 2005, 2006 en 2008 zijn de eerste edities georganiseerd. De deelnemende instellingen waren toen talrijker en meer divers. Hofplein en RO deden nog mee, het OT bestond nog. Nu is het onze organisatie en de Doelen, Luxor en Rotterdamse Schouwburg zijn de partners. Zij vormen ook mede het bestuur.”

Wat ís opera, volgens u?

“De emotionaliteit van de menselijke stem. Die beleving, die intensiteit – dat is toch wel wat je onder opera mag scharen. Het is in ieder geval waarvoor veel mensen naar opera gaan, of ons festival bezoeken. Wij hebben een brede programmeeropvatting, wij bieden zeker opera, maar ook heel veel muziektheater. Maar die stem is leidend. Ik zou het moeten nakijken, maar ik denk dat 90 procent van ons programma voldoet aan de stelregel ‘de zangstem is de rode draad’. Begeleid door schitterende muziek, natuurlijk. Daarom programmeren we ook veel klein, in bescheiden vertrekken van een theater of in huiskamers. Zo kom je als publiek heel dicht op die emotionaliteit.”

Ik heb altijd het idee dat jullie dat toch deftige begrip ‘opera’ bewust zo prominent voeren, terwijl jullie naar de regel van de wet veel meer bieden.

Coolen lacht fijntjes. “Ja, zeker, dat kun je wel stellen. Maar ook omdat opera meer is dan de kernbegrippen die er meestal voor gelden. En zeg nu zelf: Muziektheaterdagen, dat…”

…klinkt verschrikkelijk suf.

“Ha! Ja, Muziektheaterdagen heeft op zijn minst geen ballen. Nee, Operadagen is een goede titel. Daarnaast – dit is een uniek festival. We gaan hier echt op avontuur, organiseren veel op locatie. Zo heb je een aparte beleving en ga je uitzoeken, met elkaar, wat opera nu precies is of zou moeten zijn. Eerst luisteren, dan discussiëren in de kroeg.” Lachend: “Of ruzie maken voor mijn part.”

Jullie zitten ook op een aparte plek in het jaar. Aan het staartje van het programmeerjaar.

“En misschien zelfs wel net voorbij dat staartje. Dat zorgt ook mede voor de hechte samenwerking tussen de organisatie en de drie locaties. Die wordt onder andere geschetst door het voordelig ter beschikking stellen van de zalen. De agenda’s geven de ruimte om in deze periode vol mee te kunnen werken. Dat merk je. Zo kunnen we ook in aparte hoeken of zelfs gangen van die gebouwen programmeren. Dat waardeert ons publiek ook altijd ten zeerste.”

Dat vinden mensen altijd het einde hè? Dat je een gang in mag lopen in een theater waar je normaliter niet mag komen. Wat zegt dat over het imago van culturele instellingen?

“Poeh. Nou, ik denk dat de drempel vaak onnodig hoog is. Zeker bij opera, natuurlijk. Je kent de clichés: smoking, Bianca Castafiore, onbetaalbare kaartjes, parelkettingen. Terwijl: dat is maar een klein stukje van opera. Het is overigens heel erg leuk om opgedoft naar een klassieke opera te gaan, maar dat terzijde. Wij doen het echt wel anders. En we krijgen dan ook ander publiek.”

Hoe bedoelt u dat?

“Het zijn geïnteresseerde mensen, die gepassioneerd zijn voor muziektheater en opera. Samen met een stad als Rotterdam levert dat een vrijplaats op, een plek om te onderzoeken en te experimenteren. Dat is in ieder geval de bedoeling, daar ben ik naar op zoek. Ik zou dit festival nooit zo in Amsterdam neerzetten.”

Want dat is geen Rotterdam?

“Nou, dat is een stad met een traditie in opera en klassieke muziek. Dat ontbreekt in Rotterdam. Daarom kiezen we in Rotterdam niet voor het grote repertoire en kunnen we het avontuurlijker aanpakken. Je kunt die kwaliteit hier ook niet bieden. Geen grote werken zorgen ook voor minder verwachtingen over een bepaalde uitvoering van dat repertoire. Welke dirigent het beste was, welk libretto, etc. En dat is allemaal niet erg, want hier komt het publiek ontdekken. Wel is het zo dat we geen al te experimentele zaken programmeren. Dat zou zijn doel ook weer voorbij schieten. We bieden maatschappelijk relevant muziektheater, op spannende locaties. Topmuziek. Wel is het zo dat het tweede weekend avontuurlijker is.”

Wat is er veranderd in tien jaar Operadagen?

“Het belangrijkste is dat we echt groeien als festival. We krijgen bijval, ook vanuit de politiek. In die zin vrees ik het komende Cultuurplan niet. De vorige keer zijn we grofweg de helft van het geld kwijtgeraakt, maar goed, er is overal gesneden. Wat ik in elk geval zie, is dat we de stad bestrijken en dat het festival ook wezenlijk anders in elkaar steekt. Vroeger kwam het publiek voor bepaalde programmaonderdelen. Punt. En dan weer snel weg, want Rotterdam was minder in trek dan nu. Tegenwoordig komt men voor het festival, wordt er veel meer avontuur betracht in het kiezen van voorstellingen. En Rotterdam is mee gewijzigd. Mensen willen nu graag op trektocht door de stad – ‘er is altijd weer wat nieuws!’ Het komt ook door de nauwe samenwerking met de zalen. Het mes snijdt aan twee kanten, want zij pakken ook een deel van hun vaste publiek.”

Tot slot – wat is nu precies de rol van Guy Coolen?

“Je noemde me in een voorgesprek koning Arthur, temidden van de ronde tafel. Dat gaat nog steeds wat ver, maar: ik probeer wel het midden te houden tussen alle zijdes die onderdeel van dit festival zijn. Gastronomisch gezien kun je zeggen: ik ben het bindmiddel. De saus, haha!”

Meer informatie over de Operadagen Rotterdam?Ga naar de website

Reageer of deel op Social Media

Tags:guy coolen en operadagen rotterdam

Sectie: Kunst & Cultuur

kaart: schouwburgplein 25, rotterdam
Ontvang de wekelijkse Vers Beton newsletter!

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • Draag inhoudelijk bij aan de discussie
  • Blijf on-topic
  • Speel op de bal, niet op de man
  • Wees respectvol: reacties waarin sprake is van schelden, haat, racisme of seksisme worden verwijderd
  • Reacties over huisregels en toelatingsbeleid worden verwijderd
  • We gaan niet in discussie over verwijderde reacties
  • Zie je reacties die niet aan de huisregels voldoen? Ons controlesysteem is niet waterdicht. Laat het ons weten via info@versbeton.nl

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *