Kunst & Cultuur21 mei 2015

Rotterdams Leesvoer: oorlog, wederopbouw en herdenken in de stad

5 Rotterdamse bombardementsboeken

Afgelopen Hemelvaartsdag herdacht Rotterdam het bombardement op de stad, 75 jaar geleden. Over Rotterdam en de oorlog verschijnen al jaren herinneringsboeken. En ook dit jaar kwamen er weer een paar bij. Journalist Sjoerd Wielenga neemt de stapel door.

Onze herinnering

Lees ookHuman interestHerdenking van het bombardement op Rotterdam niet vanzelfsprekend

Dat afgelopen donderdag op tal van plekken werd stilgestaan bij het bombardement, was geen verrassing. Al jaren vindt op 14 mei een herdenking plaats en enkele jaren geleden werd de Brandgrens aangelicht. Maar wat is de geschiedenis van het herdenken? Daarover schreven Susan Hogervorst en Patricia van Ulzen ‘Rotterdam en het bombardement; 75 jaar herinneren en vergeten‘. Het boek is reflecterend van aard en gaat dus niet zozeer om de oorlogsverhalen, foto’s of de militaire strategieën.

Het bombardement is nog nooit zo intensief herdacht als in de laatste jaren. De gebeurtenis wordt nu niet meer gezien als een einde van het oude Rotterdam, maar als het begin van het nieuwe Rotterdam, stellen de auteurs. Ze gaan in op het bekende monument ‘De Verwoeste Stad’ van Zadkine en op de brandgrensroute, die in 2007 een nieuwe centrale herinneringsplek in de stad inneemt. “De brandgrens gaat (…) niet alleen over het bombardement, maar ook en vooral over de identiteit van Rotterdam.” Het gaat niet alleen om sociale cohesie en eigenheid, schrijven Hogervorst en Van Ulzen. Het bombardement van 14 mei 1940 heeft de status van ‘oergebeurtenis’ gekregen. Het is “als het ware de oerknal voor het Rotterdam van nu.”

Beeldpeinsboek

Vers Beton presenteerde vorige week de resultaten van een lezersonderzoek over de brandgrens, want hoe goed kennen we die nu eigenlijk? Wie benieuwd is hoe het leven binnen de brandgrens eruit zag vóórdat de Duitse bommen het gebied verwoestten, moet het vijf jaar geleden verschenen ‘Brandgrens Rotterdam, 1930-nu‘ lezen. En bekijken, want er staan prachtige foto’s in. Het boek gaat niet zozeer over de bommen, de vuurzee en de platgegooide stad, maar vooral over het Rotterdam van de jaren dertig en de stad van de wederopbouw.

Geen typisch oorlogsboek dus, maar het bombardement is in alles aanwezig. De samenstellers noemen het zelf een ‘beeldpeinsboek’, een collage van cultuurhistorische beelden. Zo kan de brandgrens gezien worden: als “een lijn aan de hand waarvan de cultuurgeschiedenis van twee steden kan worden verteld”. Zo maken we kennis met het Rotterdam van de jaren dertig: de oude V&D en de voormalige Groote Schouwburg, die gebouwd was voor opera, maar ook plaats maakte voor clowns en populaire revue. Dezelfde route wordt in 2010 gevolgd en in het tweede deel van het boek in beeld gebracht. Weer een beeldpeinsverhaal, nu met foto’s van Kabouter Buttplug, Bram Ladage, de Erasmusbrug en moderne hoogbouw.

Nederlandse militairen in stelling op het emplacement van het Maasstation, met hun wapens gericht op het Noordereiland. De foto zou niet meer dan twintig minuten voor het grote bombardement genomen zijn. (Foto uit 'Rotterdam 40-45')

Oogstfeest 1943

Van die oude stad is weinig meer over, zoveel is duidelijk. Maar wat gebeurde er precies 75 jaar geleden? Daarover gaat het het vorig jaar verschenen ‘Rotterdam 40-45‘ van historicus J.L. Van der Pauw, waarin de stad, het bombardement en de oorlog in al zijn rauwheid worden gepresenteerd. Dit prachtig uitgevoerde boek staat vol foto’s met korte en bondige bijschriften, vaak interessante weetjes. Het zijn vooral de beelden die hun werk doen, maar die verlangen soms naar meer achtergrondinformatie. Daarvoor verwijst de auteur naar zijn eerdere standaardwerk ‘Rotterdam in de Tweede Wereldoorlog‘.

Wat zien we? Bijvoorbeeld een foto van een Oogstfeest in 1943. Nee, geen bakfietsgedoe van hippe, bebaarde stadsboeren, maar noodgedwongen voedselverbouw. In parken, tuinen, plantsoenen en op de puinhopen van de stad werden Rotterdammers door de bezetter verplicht aardappelen, tarwe, rogge, Chinese kool en spinazie te verbouwen (terwijl in stilte de export van groenten naar Duitsland gewoon doorging).

Ook een andere foto maakt indruk: de fusillade van tien verzetsmensen recht tegenover het Postkantoor op de Coolsingel. Ook hier zien we de Groote Schouwburg, het historische pand dat het bombardement overleefde, maar niettemin werd afgebroken. Het gebouw stond in de weg om een nieuwe stad te bouwen.

 

Gezicht op de door het bombardement getroffen Hoogstraat, Steiger en Sint-Laurenskerk, 1940. Beeld: Stadsarchief

Afbreken dus, want, zo citeert Van der Pauw de toenmalig secretaris­generaal van het Ministerie Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen, prof. dr. G.A. van Poelje:  “Het is een onbegonnen werk te trachten te midden van de alge­meene ruïne enkele particuliere gebouwen in stand te houden. Er moet een nieuwe stad komen en men binde den nieuwen stedebouwer niet aan bestaande gebouwen. Voor behoud komen alleen in aanmerking: de Delftsche Poort, het Schielandhuis en wellicht de toren van de St. Laurenskerk, de kerk zelf niet.”

Gratis bier en de begrafenis van Erasmus

Een van die afbrekers was explosievenlegger Jan du Pré. Hij komt aan het woord in het boek ‘Rotterdam 14 mei 1940; De ooggetuigen. De foto’s‘. Aan Jan en zijn collega’s de eer om gebouwen op te blazen. Bijvoorbeeld het Coolsingelziekenhuis, de Zuiderkerk en de Westerkerk. “Om de beurt mocht je op het ontstekingspompje drukken. (…) Drukken en wham, daar ging weer een kerk. Zo hebben we heel wat van Rotterdam neer staan halen. ‘k Zeg het eerlijk, ik raakte er gewoon bedreven in.” En, vervolgt Jan, na het werk was er bier. Gratis bier, want als “Jan Soldaat” stond hij in aanzien. “Vooral ’s avonds zaten die zaken stampvol en werd er veel gelachen. (…) Dan zongen we of we van geen oorlog wisten.”

Journalist Frits Baarda sprak met nog veel meer ooggetuigen van het bombardement en zette hun verhalen op papier. Het boek draait – ondanks de ondertitel – overigens meer om de ooggetuigen dan om de foto’s, alhoewel die er wel degelijk in staan. Maar, schrijft de auteur uitvoerig in zijn voorwoord, er zijn niet zoveel foto’s gemaakt van het bombardement zelf. En bovendien vertellen de beelden die er zijn niet het hele verhaal.

Ooggetuigen doen dat wel, en daarom interviewde hij er zo’n tweehonderd voor de voormalig Rotterdamse krant Het Vrije Volk en later ook voor de NRC. De Vrije Volk-interviews werden in 1990 gebundeld in een boek; ter gelegenheid van 75 jaar bombardement zijn de stukken geheel herzien en opnieuw uitgegeven. Terecht, want er staan prachtige verhalen in. Bijvoorbeeld van Wim van den Berg die – nadat hij, in tegenstelling tot zijn vader, het bombardement had overleefd – met een paar man in het geheim het beeld van Erasmus moest wegtakelen. Erasmus werd begraven in de tuin van museum Boymans; de Duitsers hebben hem niet ontdekt.

In de namiddag kijken mensen vanaf het dak van de Beukelsdijk 175 naar het branden­de stadscentrum. De rookontwikkeling is enorm. Aan de horizon is de toren van het Stadhuis zichtbaar. (Foto uit 'Rotterdam 40-45')

 

En het verhaal van dat tweeëntwintigjarige meisje dat in een café vluchtte voor de vlammenzee, en daar – zachtjes biddend – verzeild raakte met mensen die zich, laveloos over de bar hangend, volgoten met drank. Gratis, want de eigenaar was gevlucht. Het meisje wordt uit het brandgevaarlijke café gered, maar haar familie overleeft het bombardement niet. “Acht paar voeten werden uit de stenen opgegraven. Ze gingen in één kist.”

Maar ook het verhaal van de chirurg die twee uur na het bombardement een ernstig gewonde Duitse generaal moet behandelen. Hij twijfelt. Zal hij hem helpen? “Natuurlijk wilde ik die vent vernietigen. De schoft had juist Rotterdam naar de verdommenis geholpen.” Maar de medicus wint het van de mens.

Ook de dierenoppasser van de Rotterdamsche Diergaarde zit vol verhalen over hoe de dierentuin getroffen werd. Niet door de bommen, wel door het vuur uit de stad dat oversloeg op de tuin. En hoe er vervolgens dieren werden afgeschoten: aan rondwandelende leeuwen in de stad had niemand behoefte. Al liepen er wel op verschillende plaatsen in de stad minder gevaarlijke dieren rond, zoals de zebra’s die langs de Diergaardesingel graasden en een hert dat in het puin van de Coolsingel stond. Apen werden in een leeg café opgesloten in de bierkelder en op de wc.

IJsberen met rode ogen

Lees ookHuman interestDit nooit meer. Télkens weer.Essay: hoe moeten we in de toekomst het bombardement herdenken?

“Met spijkers verzegelden de oppassers de drie deuren zodat niemand ze zomaar open kon doen. Toen trokken ze de cafédeur achter zich dicht. De volgende dag kwam Karel van Duijn terug. Verbaasd keek hij naar de verzegelde deuren. Met een nijptang trok hij de spijkers los. Daarna is Karel van Duijn zich daar in zijn eigen café een rotje geschrokken.”

Het is een fragment uit het onlangs verschenen kinderboek ‘Een aap op de wc‘ van Joukje Akveld (en fraaie illustraties van Martijn van der Linden). Akveld vertelt in kindertaal over de oorlog, het bombardement en vooral: hoe de dieren uit de Diergaarde het allemaal beleefd hebben. De dierentuin was in 1940 bezig met een verhuizing naar het nieuwe complex in Blijdorp. Maar op 14 mei 1940 was het nog niet zover. De dieren en hun oppassers verbleven nog op de plek waar nu het Groothandelsgebouw staat. In eenvoudige, korte zinnen vertelt Akveld hoe zebra Burbi de leiding neemt over de zebragroep en hen de Diergaarde uitleidt, naar een plek waar ze kunnen grazen. Over ijsberen met rode ogen van de rook en een verschroeide vacht. Over een olifant die in paniek raakte van de brand. “Ze blies zo hard door haar slurf dat haar getrompetter het geknetter van de vlammen overstemde.”

‘Een aap op de wc’ is een uniek boek over Rotterdam en de oorlog. Geen hoofdrol voor mensen, maar voor dieren. “Waren die dieren dan oorlogshelden?” vraagt de auteur retorisch. “Waren ze beroemd? Nee. Dieren voeren geen oorlog, ze weten niet wat heldhaftig is. Ze waren er gewoon toevallig toen er een oorlog over hun stad raasde.”

Dankzij die dieren komen nu ook de kleine Rotterdammertjes iets te weten over wat er 75 jaar geleden in hun stad gebeurde. En ook voor grote mensen genoeg leesvoer dus deze dagen. Wie meer geïnteresseerd is in de actualiteit dan in geschiedenis, kan met deze gedenkboeken een goed beeld krijgen van wat mensen (en dieren) bij bombardementen in Syrië op dit moment zo ongeveer mee moeten maken.

Reageer of deel op Social Media

Tags:bombardement, herdenken, Rotterdams Leesvoer, tweede wereldoorlog en wederopbouw

Sectie: Kunst & Cultuur

kaart: Coolsingel, Rotterdam, Nederland
Ontvang de wekelijkse Vers Beton newsletter!

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • Draag inhoudelijk bij aan de discussie
  • Blijf on-topic
  • Speel op de bal, niet op de man
  • Wees respectvol: reacties waarin sprake is van schelden, haat, racisme of seksisme worden verwijderd
  • Reacties over huisregels en toelatingsbeleid worden verwijderd
  • We gaan niet in discussie over verwijderde reacties
  • Zie je reacties die niet aan de huisregels voldoen? Ons controlesysteem is niet waterdicht. Laat het ons weten via info@versbeton.nl

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *