Politiek20 november 2015

Begrotingsmaand is moppermaand

Column Peter van Heemst

Uren en uren noeste politieke arbeid verricht de Rotterdamse politiek in de novemberweken tijdens het uitspitten van de begroting voor 2016. Dat betekent veel te lang in elkaars nabijheid zijn, motie na vruchteloze motie indienen en uiteindelijk: mopperen tot je een ons weegt. Dat doet de politiek geen goed, vindt Peter van Heemst.

Peter van Heemst Beeld: Jeroen van de Ruit

November is begrotingsmaand. Dat betekent dat de gemeenteraad uren en uren en uren bij elkaar heeft gezeten om de begroting voor 2016 uit te spitten. De 45 Rotterdamse raadsleden zagen elkaar de afgelopen weken vaker dan hun familie, buren en vrienden. Dat alleen al kan af en toe behoorlijk op de zenuwen werken. Zeker als de oppositiepartijen ook nog eens het gevoel krijgen dat alles wat zij voorstellen bij voorbaat geen kans maakt bij de coalitie van Leefbaar Rotterdam, D66 en CDA. En omgekeerd de coalitiepartijen de indruk hebben dat de oppositie – VVD, PvdA, SP, ChristenUnie, NIDA, GroenLinks en Partij voor de Dieren – alleen maar bezig is alles wat zij doet, zo negatief mogelijk af te schilderen.

November is dus ook de moppermaand. Het gejammer en geklaag over elkaars gedrag stak ook dit keer weer de kop op. Dat zag je al aankomen in de aanloop naar het begrotingsdebat. Tijdens de dagenlange commissie- en raadsvergaderingen die volgen, loopt het chagrijn behoorlijk op. Zeker als de oppositiepartijen een schier eindeloze reeks aan wijzigingsvoorstellen gaan produceren. Niet tien, veertig of negentig. Nee, in Rotterdam komen er met een grootste gemak een dikke honderdvijftig moties op tafel. Als er daar maar een handjevol van worden aangenomen, omdat de coalitiepartijen van tevoren hebben afgesproken één lijn te trekken bij de stemmingen, is er écht chagrijn. Want ja, zo gaat dat achter de schermen. Al die irritaties, al dat gemopper en al die verwijten leiden er ook toe dat aan het slot van de begrotingsdebatten oppositiepartijen als VVD en PvdA demonstratief tegen de begroting gaan stemmen. Vorig jaar deden ze dat voor het eerst. Dit jaar gingen ze vrolijk (nou ja, vrolijk) voort op de ingeslagen weg.

Hoe meer moties van treurnis een wethouder scoorde, hoe belangrijker hij zich voelde

Is er veel nieuws onder de zon? Is het anno 2015 erger dan tien of dertig jaar geleden? Ik denk van niet. In de jaren zeventig had de PvdA in de gemeenteraad de absolute meerderheid. De sociaal-democraten eisten dus ook in de raadscommissies een meerderheid op en ze voorzagen deze commissies allemaal van een PvdA-voorzitter. De VVD was woedend over zo veel machtsmisbruik. De liberalen voelden zich tekort gedaan, geschoffeerd en ook gekleineerd. Boos verlieten ze de raadscommissies om er vervolgens vier jaar hun neus niet meer te laten zien. Begrijpelijk, want het is geen lekker gevoel als je in een volstrekt ondergeschikte positie je politieke werk moet doen. Je verwacht (en hoopt) dat de meerderheid je ruimte geeft om jouw ideeën en opvatting goed uit te kunnen dragen. Maar dom is het toch ook wel. Je laat je kiezers in de steek als je vergaderingen van een commissie of de gemeenteraad botweg boycot.

In de periode 2006- 2014 was Leefbaar Rotterdam acht jaar oppositiepartij. Nog nooit zijn er zo veel moties van wantrouwen, afkeuring en treurnis tegen wethouders ingediend als toen. Het ging af en toe ongetwijfeld om een afgewogen oordeel van de Leefbaren. Her en der ontstond ook de indruk dat deze moties vooral werden ingegeven uit frustratie over het gedwongen verblijf in de oppositiebankjes. Hoe dan ook, het middel verkeerde daardoor in zijn tegendeel. De motie van afkeuring van Leefbaar werd een soort statussymbool. Hoe meer een wethouder er scoorde, hoe belangrijker hij zich voelde. Wethouders die er nog maar twee, laat staan slechts eentje, aan zijn fiets had hangen, telde niet echt mee.

Chagrijn. Gemopper en gejammer. Het doet de politiek geen goed. Sterker nog. Veel Rotterdammers – vermoed ik – waarderen de de noeste politieke arbeid die oppositie en coalitie voor de stad verrichten, daardoor alleen maar minder. Het onderlinge geklaag bestaat zo lang ik me kan herinneren. En niemand wordt er iets wijzer van.

Een recept om er een eind aan te maken, heb ik niet in een keukenlaatje liggen. Wat ik wel weet, is dat mensen graag zien dat een volksvertegenwoordiger scherpzinnig doorwerkt. Dat hij/zij goed weet wat er leeft in de stad en dat duidelijk en overtuigend onder woorden weet te brengen. Dat een raadslid niet alleen papieren beslissingen neemt, maar na verloop van tijd ook uitpluist wat er in het echt met die besluiten is gebeurd. Klagen werkt niet. Met humor, energie, kennis van zaken en goed gebekt je werk doen wel.

Lees meer:

Reageer of deel op Social Media

Tags:begroting, column en Peter van Heemst

Sectie: Politiek

kaart: Stadhuis Rotterdam, Coolsingel, Rotterdam, Nederland
Ontvang de wekelijkse Vers Beton newsletter!

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • Draag inhoudelijk bij aan de discussie
  • Blijf on-topic
  • Speel op de bal, niet op de man
  • Wees respectvol: reacties waarin sprake is van schelden, haat, racisme of seksisme worden verwijderd
  • Reacties over huisregels en toelatingsbeleid worden verwijderd
  • We gaan niet in discussie over verwijderde reacties
  • Zie je reacties die niet aan de huisregels voldoen? Ons controlesysteem is niet waterdicht. Laat het ons weten via info@versbeton.nl

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *