Voor de harddenkende Rotterdammer

Vlak voor de aanslagen in Parijs bracht Matthijs van Muijen een werkbezoek aan de Franse hoofdstad en diens voorsteden. Onderwerp: radicalisering. Terwijl alle aandacht nu naar repressie en opsporing gaat, pleit Van Muijen voor een aanpak die dieper in de oorzaken graaft, zoals in Rotterdam.

Rotterdamse lessen tegen radicalisering
Beeld door: beeld: Romy Brand

Afgelopen oktober bracht ik diverse bezoeken aan Parijs en haar voorsteden. Aanleiding waren de maatregelen die de Franse regering had genomen om radicalisering te voorkomen na de aanslag op de redactie van Charlie Hebdo. Vanuit de William Schrikker Jeugdbescherming en Jeugdreclassering organiseerde ik daarom een studiereis. Jongeren die we vanuit jeugdreclassering begeleiden, hebben veelal een beperking, waardoor ze extra kwetsbaar zijn voor radicalisering. Vanwege een lager IQ zijn ze makkelijker te beïnvloeden door ronselaars.
De herdenking van de rellen in de Franse voorsteden tien jaar geleden maakte het bezoek aan Frankrijk extra interessant. Op diverse plekken werd daar bij stilgestaan. Welke lessen zijn er getrokken? En hoe kan de aantrekkingskracht van de Islamitische Staat op jongeren uit de banlieues verminderd worden?
Le Figaro van16 juni meldt, op basis van Franse statistieken, dat de Franse overheid bijna 1.700 geradicaliseerde Fransen in beeld heeft: 457 daarvan zijn in Syrië of Irak actief, 213 jongeren zijn teruggekeerd naar Frankrijk, deels in afwachting van een proces.
Sinds begin dit jaar kunnen burgers, met name verontruste ouders, leraren of jongerenwerkers een gratis, speciaal ingesteld telefoonnummer bellen. Wekelijks leidt dit tot tien serieuze telefoontjes, die actie vereisen om te voorkomen dat een jongere naar Syrië of Irak reist. Politiebureaus, moskeeën, synagogen en joodse instellingen worden extra beveiligd.
Extra beveiliging alleen is onvoldoende tegen terrorisme en radicalisering. Een open, vrije stad als Parijs is kwetsbaar en tegen aanslagen op doelen met veel mensen, drukbezochte cafés of een voetbalstadion is geen kruid gewassen. “We moeten moedig zijn, geen angst tonen en verder gaan met leven”, sms’te een jongere, die ik vorige maand ontmoette toen ik in Bobigny was, een voorstad van Parijs. Wat we wel kunnen doen, is nadenken over de oorzaken en kijken hoe we die kunnen aanpakken.
Gelukkig is in Rotterdam de voedingsbodem voor radicalisering een stuk kleiner dan in de Franse voorsteden, dankzij het optreden van de overheid en maatschappelijke organisaties. Helaas lijkt alle aandacht vooral te richten op repressie en opsporing, terwijl ook de dieper liggende oorzaken, met name een gebrek aan vertrouwen in de overheid en politie en sociaal-economische omstandigheden, aangepakt moeten worden. Welke Rotterdamse recepten kunnen een kleine bijdrage leveren en als voorbeeld dienen?

1. Kom in actie tegen jeugdwerkloosheid

In Frankrijk is de jeugdwerkloosheid erg hoog. In Clichy-sous-Bois, circa tien kilometer ten oosten van Parijs, is veertig procent van de jongeren onder de 26 jaar werkloos. De hele wereld komt naar Parijs om te praten over maatregelen om het klimaatprobleem te lijf te gaan, maar waar blijft die top met maatregelen tegen jeugdwerkloosheid? Gemeenten, bedrijven en ministeries moeten met elkaar een aanpak kiezen. Het huidige beleid is te vrijblijvend en levert amper resultaten op. Iets als het Jongerenloket, dat in Rotterdam jongeren helpt bij het vinden van werk, stage of de juiste opleiding, is in Frankrijk nog onontgonnen terrein. Sociale verplichtingen aan werkgevers kunnen een bijdrage leveren. Social Return of Investment is in Rotterdam begonnen met afspraken in de bouw om langdurig werklozen aan het werk te helpen. Later is dat uitgebreid naar andere sectoren, zoals uitzendwerk, schoonmaak en thuiszorg. De verplichting van de gemeente Rotterdam voor bedrijven, om 5 of 10 procent van hun opdrachten van de overheid banen te scheppen voor werkloze jongeren, kan ook in Frankrijk een bijdrage leveren. Interessant is dat uitzendorganisaties als Randstad en Manpower ook vestigingen hebben in de voorsteden, dus kennis hebben van deze aanpak.

2. Creëer stageplekken voor iedereen

Stageplekken zijn moeilijk te krijgen, ook al omdat jongeren uit postcodegebied 93, Seine-Saint-Denis, gediscrimineerd worden, zoals Patrick Simon schrijft in sociologisch tijdschrift  Mouvements (€). In Rotterdam zijn door toenmalig wethouder Dominic Schrijer van Sociale Zaken concrete afspraken gemaakt over stageplekken en banen voor jongeren. Geen enkele jongere mocht meer voortijdig schoolverlaten vanwege het gebrek aan een stage. Dankzij de inzet van een stagemakelaar, samenwerking met regionale opleidingscentra en het bedrijfsleven, was deze doelstelling binnen twee jaar gerealiseerd. Ook de stage- en banenmarkten die Rotterdam met het UWV organiseert, waar jongeren via  speeddates bedrijven ontmoeten, kunnen wederzijdse vooroordelen beslechten. Hoeveel personeelschefs kennen jongeren uit de voorsteden? De jongeren die ik in Parijs sprak, kennen nauwelijks bedrijven. De afstand en onbekendheid is groot.

3. Laat jongeren en wijkagenten toezicht houden

Een groot probleem in de Franse voorsteden is het wantrouwen van jongeren richting politie, die zijn gezicht alleen laat zien als er problemen zijn en dan hard ingrijpt. De police de proximité (buurtagenten) zijn onder toenmalig minister van Binnenlandse Zaken Sarkozy in 2003 wegbezuinigd. Sarkozy verhardde het klimaat door de jongeren uitschot te noemen en de wijken met een hogedrukspuit schoon te maken. De haat die zo groeide, bleek een ideale voedingsbodem voor jihad-ronselaars en radicalisering. In Rotterdam gaat dat anders. Hier zijn jongeren betrokken bij toezicht en veiligheid in hun wijk.
Enkele jaren geleden begon in de Tarwewijk het project BurgerBlauw, waar vrijwilligers wekelijks een rondje maken om toezicht te houden en zo extra ogen en oren vormen voor de politie. Inmiddels is er Jong BurgerBlauw waarbij jongeren ook soortgelijke activiteiten verrichten. Dat lijkt in Parijs haast een onbereikbaar ideaal. De jongeren in Bobigny konden hun oren niet geloven toen ik over Jong Burgerblauw vertelde.
Opnieuw instellen van buurtpolitie, die ook normaal met jongeren spreekt en niet alleen als er een actie is om (drugs-)overlast aan te pakken, kan het vertrouwen in de overheid en bijzonder in de veiligheidsdiensten vergroten.

4. Creëer meer begrip voor verschillende religies

De nadruk op laïcité, de scheiding van kerk en staat, is in Frankrijk zo sterk dat elke uiting van het geloof verboden lijkt. Halal-voedsel wordt uit schoolkantines verbannen. Rechtse politici pleiten voor een verbod op hoofddoekjes. Onderzoek leert ook dat jongeren, die geen kennis hebben van de islam, makkelijker te verleiden zijn tot radicalisering dan diegenen die wel over basiskennis beschikken. Een vak om wereldgodsdiensten te leren kennen als onderdeel van burgerschap, zoals in Rotterdamse scholen onderwezen wordt, lijkt wenselijk. Interessant is het initiatief om diverse gebedshuizen te bezoeken als onderdeel hiervan.

In Frankrijk zijn nog twee punten van belang. Het geldt slechts voor een kleine groep van 20.000 Fransen uit de voormalige koloniën, maar toch: het stemrecht is een erkenning van volwaardig burgerschap. Door zijn verkiezingsbelofte alsnog na te komen, kan François Hollande symbolisch een bijdrage leveren. In de voorsteden, waar de mensen massaal Sarkozy van de rechtse UMP wegstemden en de linkse Hollande kozen, is men erg teleurgesteld in Hollande en werd hij onlangs nog uitgefloten.
Een laatste punt is de voortdurende controle die jongeren uit de voorsteden ervaren, waarbij ze soms vier keer op een dag hun identiteitsbewijs moeten laten controleren. De wethouder van Clichy-sous-Bois pleitte voor een papier van de politie dat na de eerste controle aan de jongere overhandigd wordt, dat hij bij nieuwe controle kan laten zien. Dat lijkt een kleine maatregel, maar kan wel het vertrouwen van jongeren in de staat en zijn veiligheidsapparaat.
Het aanpakken van de wortels van radicalisering, zoals wantrouwen in de politie, hoge jeugdwerkloosheid en armoede vergt een lange adem. Na de rellen van 2005 is met het opknappen van de wijken en het aanleggen van tramlijnen slechts een begin gemaakt in de wijkaanpak, en er is nog maar bitter weinig vooruitgang geboekt op deze oorzaken van protest en radicalisering. Het gevaar van de huidige maatregelen naar aanleiding van de aanslagen van 13 november is eenzijdige focus op repressie. Neem jongeren uit de banlieues serieus. Maak de komende tien jaar echt werk van de aanpak van jeugdwerkloosheid, het gebrek aan stages en gevoelens van uitsluiting en discriminatie. En zorg dat het vertrouwen in de staat en de politie terugkeert.

Voordat je verder leest...

Wij kunnen alleen bestaan dankzij support van lezers. Help jij ons om onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk te blijven maken? Vanaf 6 euro per maand ben je supporter!

Nee, ik lees eerst het stuk verder

Matthijs-e1401879851595-845×1024

Matthijs van Muijen

Matthijs van Muijen is bestuurskundige, was raadslid voor de PvdA Rotterdam en beleidsmedewerker Verkeer & waterstaat in de Tweede Kamer. Momenteel werkzaam als account manager bij de William Schrikker Jeugdbescherming & Jeugdteclassering

Profiel-pagina
Avatar-Romy-Brand

Romy Brand

Romy Brand is een typische Rotterdamse ontwerper: What you see is what you get. Met veel energie en enthousiasme voor het vak zorg ik voor een ontwerp dat zich uit in sterke vormentaal en kleurgebruik.

Profiel-pagina
Lees 8 reacties
  1. Profielbeeld van R.Sörensen
    R.Sörensen

    Dom, dom, dom, de Franse regering heeft drie moskeeën gesloten om radicalisering tegen te gaan!
    Weten ze daar niet dat radicalisering en Islam niets met elkaar te maken hebben ?

  2. Profielbeeld van R.Sörensen
    R.Sörensen

    Ongelooflijk die Van Muijen (ken hem) De personificatie van het begrip hardleers.

    Een advies
    Misschien gewoon eerst even het leven van slavenhandelaar M. uit M. op Wikipedia lezen, beste Matthijs en je daarna afvragen of hem als grootste en ultieme voorbeeld zien, misschien de oorzaak kan zijn?
    Daarna Koran en Hadith lezen en tot de conclusie komen dat de zeker de oorzaak is.

  3. Profielbeeld van Maarten Rensen
    Maarten Rensen

    Goed artikel Matthijs! Geeft duidelijk op een aantal aspecten het verschil aan van de benadering in Rotterdam / Nederland en Frankrijk. Natuurlijk zit er een hele geshiedenis achter het verschil in benadering. Waarbij de Nederlandse aanpak geen garantie biedt dat hier nooit iets fout zal gaan. Ook wij hadden een Hofstadgroep, ook wij hadden en hebben Syriegangers.

    En wat langer geleden: de acties van onze Molukkers. Daar zat weer een heel ander verhaal achter maar elementen van het verhaal van Matthijs zijn daarop zeker ook van toepassing. Waarbij ik vermoed dat daar wel enkele lessen uit getrokken zijn.

    Zoals: zorg dat een groep niet in een isolement geraakt, zorg dat ze het gevoel krijgen dat ze iets te winnen en te verliezen hebben. Want als je iets kunt winnen of verliezen ga je het niet kapotmaken.

    1. Profielbeeld van Paul
      Paul

      Waarom dan alleen moslims? Hoe komt het dat zijn alleen radicaliseren, zeker als er gesteld wordt dat NL / Rotterdam schijnbaar iedereen lekker links laat liggen. Waarom radicaliseren christenen niet? Of mormonen?

      De islamitische gemeenschap is een grote gemeenschap, hoe kunnen ze dan in een isolement terecht komen? Volgens mij gaan ze ook naar school en hebben ze ouders en familie.

      Het boek vertelt dat je afvalligen moet doden uit naam van Pro Mo. Het schrijft voor dat vrouwen 2e rangs zijn, dat israel vernietigd moet worden, dat iedereen die een plaatje van Pro Mo afdrukt dood moet, dat je geen slecht woord over de islam mag hebben, homofobie. Er is in de Islam heel veel ruimte voor verbetering. Door de regels van de islam op te volgen, plaats je jezelf in de westerse wereld in een isolement! En daarbij komt, niet iedereen zal een aanslag gaan plegen. Dus zo geisoleerd is de rest schijnbaar niet. Oudjes in NL raken ook in een isolement, zie jij ze radicaliseren?

  4. Profielbeeld van Paul
    Paul

    Ik was op zoek naar excuses, en ja hoor ” met name een gebrek aan vertrouwen in de overheid en politie en sociaal-economische omstandigheden” Als je dat als leidraad neemt, dan radicaliseert heel NL! Wat ik mis, is de slechte integratie van hun ouders, waardoor zij zorgen dat hun kroost een kloof heeft met de maatschappij waar zij wonen. Vroeger had je ook zeer arme wijken, had je men ook geen vertrouwen in de overheid enzo, volgens mij is er niet echt een afslachting geweest. In Rotterdam, tussen Dordtselaan en Putsebocht, één grote Turkse enclave. Daar kiezen de ouders zelf voor. Ze kunnen ook eens meer participeren met de NL maatschappij ipv afzetten door dingen te forceren zoals hoofddoek, halal, geen hand schudden vrouw.

    Hoe komt het dat het moslims zijn en geen christenen? Heeft dus wel degelijk met geloof te maken. Dat niet erkennen is negeren.

    Jammer dat meneer niet vertelt over dat ze beroofd zijn! Iets anders wat hij ook niet noemt, de groeiende haat tegen blank. Racisme is richting blank vele malen groter.

  5. Profielbeeld van Henk
    Henk

    Geen enkele verwijzing naar (wetenschappelijk) onderzoek over radicalisering in dit artikel. Terwijl het er zo overvloedig is:
    http://onlinelibrary.wiley.com/doi/10.1111/pops.12163/abstract
    http://www.psychologicalscience.org/index.php/publications/observer/2013/april-13/motivation-ideology-and-the-social-process-in-radicalization.html

    Vervolgens is er nog de vraag of aanslagen uberhaupt iets met radicalisering te maken hebben. Kan ook gewoon een rationele strategie van een beweging zijn die zichzelf ziet als ‘verzetsstrijder’ oid.

    Verder valt er helemaal niks te doen tegen radicalisering. Er leven 7 miljard mensen op deze aarde, en daar zitten altijd wel een paar miljoen radicalen tussen. Hen in de gaten houden heeft geen zin, want voor het verrichten van onheil heb je maar een ding nodig: bereidheid.

    1. Profielbeeld van Henk
      Henk

      … maar goed, de grote motivator voor radicalisering is dus ‘the quest for personal significance’. Dat zegt al dat onderzoek. Een ‘quest’ die is gedoemd tot mislukken. Want als een ding vast staat, is het wel het feit dat iedereen ‘insignificant’ is. Met een beetje mazzel word je 80 jaar, maar daarna val je toch echt over de rand, en nog weer 10 jaar later is iedereen je vergeten. Een besef dat iedereen zoveel mogelijk onderdrukt door voortplantings-, carriere-, groeps-, consumeer- en/of verzameldrift. Althans, in het Westen, want in andere gebieden hanteert men nog de middeleeuwse ontkenningsmethode: het Geloof. Hoewel er ook hier ten lande een hoop lui zijn die het Geloof hanteren als onderdrukkingsmethode voor als het ‘sterfelijkheidsbesef’ de kop opdrukt.

      Probleem ontstaat als mensen jouw ‘sterfelijkheidsbesef-onderdrukkingsmethode’ gaan afvallen. Die bestrijdt je natuurlijk te vuur en te zwaard. Want nog liever bega je de grootst mogelijke misdaden tegen de menselijkheid dan dat je een ander toelaat jouw beschermingsmechanisme tegen het sterfelijkheidsbesef te ontmaskeren. Zie daar: de oorzaak van millennia aan oorlogen en aanslagen.

      Tis allemaal niet zo vreselijk moeilijk…

      Maar goed, wat doe je er tegen? Wel, opvoeden. In de sixties is iedereen een beetje gewend geraakt aan sex. Maar op de dood rust nog steeds een gigantisch taboe. Wat dat betreft pleit ik voor een ‘doodsrevolutie’, a la de ‘sexuele revolutie’ uit de sixties. De dood moet bespreekbaar worden! Kinderen moeten vanaf hun geboorte wennen aan het idee dat ze sterfelijk zijn. Ze moeten die gedachte durven omarmen zoals ze in de sixties sex hebben omarmd. De mensheid moet niet langer bang zijn voor de dood, want die angst drijft hem in de armen van imams, bisschoppen en fastfoodrestaurants.

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.