Voor de harddenkende Rotterdammer

Wereldwijd leven steden op, maar deze stedelijke renaissance verhult een toenemende ongelijkheid. Volgens Brian Doucet, hoofddocent Urban Studies aan de Erasmus University College, is Rotterdam hier één van de beste voorbeelden van.

Vers Beton – Gentrification – Nikos ten Hoedt and Loes van Bruin
Beeld door: beeld: Nikos ten Hoedt

We leven in het tijdperk van steden. Meer dan de helft van de wereldbevolking woont in stedelijke gebieden en dat aandeel zal blijven toenemen in de komende decennia. En dat terwijl steden gedurende een groot deel van de twintigste eeuw juist plaatsen waren waar mensen uit weg probeerden te komen. Vervuiling, criminaliteit en verval brachten miljoenen mensen ertoe om een beter leven te zoeken in buitenwijken en groeikernen. Ver van de problemen van de stad.

Kenniseconomie

Tegenwoordig staan steden in het middelpunt van de kenniseconomie. De industrie is grotendeels verdwenen uit de stadscentra, daarom zijn deze schoner en gezonder geworden voor bewoners. Vroegere fabrieken en pakhuizen werden lofts, winkels en galeries. Steeds meer hoogopgeleide professionals kiezen voor wonen in de stad. Zij worden aangetrokken door de sociale en culturele activiteiten die de stad te bieden heeft en willen niet te ver van hun werk wonen, om de lange files te vermijden. Zij gebruiken hun energie, vaardigheden en creativiteit om de steden tot betere plekken te maken om in te wonen.
Stedelijk beleid is erop gericht om de stad actief vorm te geven voor de middenklasse. Als gevolg daarvan zijn veel stadswijken veiliger en openbare ruimten schoner geworden en zijn historische gebouwen gerestaureerd. Of het woord ‘gentrificatie’ –zoals in Rotterdam-, wordt gebruikt of niet, het is standaardbeleid geworden voor het opnieuw vormgeven van de stad.

No-go zones

Rotterdam is een van de beste voorbeelden van de stedelijke renaissance. Na een lange periode van bevolkingsafname is sinds 2008 het aantal inwoners weer aan het groeien. In het stadscentrum zijn naast nieuwe iconische gebouwen zoals de Markthal en het Centraal Station, ook nieuwe luxe flats, elegante openbare ruimten en leuke winkelplekken te vinden. Bijna nergens anders in Nederland zie je dit.
Straten als de Meent worden actief omgevormd van karakterloze ruimten tot levendige plekken. Steeds meer nieuwe restaurantjes en cafés openen hun deuren en vele ervan, zoals de Fenix Food Factory, brengen de nieuwe stadsbevolking naar plekken die tot voor kort “no-go zones” waren. Voor wie zich kan permitteren in deze ruimten te wonen, werken en ontspannen, is er een steeds aangroeiende lijst van dingen om te doen.

Iconische vlaggenschepen

Maar dit is slechts één kant van de moderne stad. Hedendaagse steden vertonen toenemende armoede, uitsluiting en ongelijkheid. Terwijl het stadscentrum opnieuw wordt vormgegeven voor rijkere consumenten, raakt de armoede verborgen en wordt verdrongen naar de marge. Rotterdam is natuurlijk niet uniek.
Ondanks de invloed van kunstenaars en hipsters, Wall Street en het beroemde High Line Park in het westen van Manhattan, leeft bijna de helft van de New Yorkers op of onder de armoedegrens. Dit komt neer op ongeveer vier miljoen mensen. In het gentrificerende Shoreditch, dat onlangs het toneel was van protesten tegen de gentrificatie, leeft 49% van de kinderen onder de armoedegrens.

Hou in gedachten dat terwijl de renaissance van de Rotterdamse binnenstad wordt toegejuicht, 53 van de 76 wijken van de stad een gemiddeld inkomen hebben dat lager ligt dan het nationale niveau van €34.200. Het gaat dan vooral om wijken in de deelgemeenten Delfshaven, Noord, Feijenoord (met uitzondering van de Kop van Zuid en Wilhelminapier), Hoogvliet en Charlois (met uitzondering van de kleine enclave Charlois Zuidrand, waar slechts 140 mensen wonen).
Er is een grote afstand tussen de stedelijke renaissance die plaatsvindt in en rond het stadscentrum en de dagelijkse uitdagingen in deze wijken en van de mensen die er wonen. Nieuwe iconische vlaggenschepen zoals de Markthal hebben wereldwijd de aandacht getrokken, maar de prijzen daar zijn simpelweg te hoog voor veel gewone Rotterdammers.
Dit is de ironie van de steden in de 21e eeuw: hun renaissance wordt steeds meer toegejuicht en gepromoot, terwijl het succes daarvan meer en meer stadsbewoners uitsluit.

Rijke stad, arme bevolking

Ongelijkheid en polarisatie manifesteren zich in steden op een extreme en dramatische manier. Een korte wandeling in Rotterdam-Zuid laat die werkelijkheid zien. Op de Wilhelminapier bedraagt het gemiddelde gezinsinkomen €37.800. Loop over de iconische Rijnbrug naar Katendrecht en dat bedrag daalt met €10.000 euro. Als je verder loopt tot in de Afrikaanderwijk kom je in een buurt waar het gemiddelde gezinsinkomen daalt tot €23.500. Dat is 31% lager dan het nationale gemiddelde en deze wijk is een van de armste wijken van Nederland.
Deze polarisatie is niet op een natuurlijke manier tot stand gekomen: de Wilhelminapier heeft een centrale plaats in het Rotterdamse beleid om rijkere bewoners naar de stad te lokken. Zoals een gemeenteambtenaar mij vertelde tijdens mijn onderzoek in de stad: “Het probleem met Rotterdam is dat het een rijke stad is met een arme bevolking.” Het antwoord van het beleid in Rotterdam en in soortgelijke steden over de hele wereld, was de verkoop van sociale woningen, de bevordering van gentrificatie en het aanmoedigen van de bouw van dure woningen voor de nieuwe stedelijke middenklasse.

Remake van de stad

Hierdoor wordt het hedendaagse concept van “leefbaarheid” een subjectief en uiterst omstreden thema. Stedelijke leefbaarheid voor de middenklasse is gericht op het creëren van aantrekkelijke plekken, faciliteiten, gelegenheden tot consumptie (zoals boetieks en cafés), culturele evenementen enzovoort.
Dit verschilt fundamenteel van leefbaarheidsthema’s voor de arbeidersklasse of de stedelijke armen. Leefbaarheid voor hen kan gericht zijn op de beschikbaarheid van betaalbare huurwoningen van goede kwaliteit of op toegang tot banen in wijken waar de primaire werkgelegenheid (zoals fabricage en havenactiviteiten) verdwenen is. Gezinnen die worstelen met het betalen van de huur en het te eten geven van hun kinderen, hebben minder interesse en minder gelegenheid om geld uit te geven in de nieuwe boetieks en cafés aan de Meent of Nieuwe Binnenweg.

De hedendaagse stedelijke renaissance met nadruk op levenskwaliteit en leefbare steden is in het beste geval een selectieve interpretatie van die termen. In het slechtste geval een actieve remake van de stad voor sommigen, die rechtstreeks ten koste gaat van anderen die hierdoor uit hun woonomgeving verdreven worden. Dit roept een belangrijke vraag op waarover je politici of beleidsmakers zelden hoort: wie profiteert er van die remake van de stad?

Heropleving op twee snelheden

Hoewel er zich een paar doorsijpeleffecten kunnen voordoen, zijn de behoeften van de stedelijke middenklasse en van de meerderheid van de Rotterdammers fundamenteel verschillend en vaak tegengesteld.
In steden als Rotterdam maken de gereanimeerde en gegentrificeerde kernen zich economisch en sociaal los van de rest van de stad. Er vindt een heropleving op twee snelheden plaats. Dit is geen natuurlijk proces, het stedelijk beleid geeft de stad opnieuw vorm op een steeds meer gepolariseerde manier. Amerikaans wetenschapper Peter Eisinger zegt hierover: “Een stad bouwen als plek van vermaak is een heel andere onderneming dan een stad bouwen om te voldoen aan de behoeften van de bewoners.”
De Britse geograaf Tom Slater betoogt dat er niets natuurlijks is aan gentrificatie en omschrijft steden als “arena’s voor politieke strijd”. Vanuit dat perspectief bekeken is de huidige heruitvinding van het Rotterdamse stadscentrum een conflict over wie er toegang heeft tot de stad.

Als een voorheen arme wijk in de binnenstad gentrificeert lost dit de problemen van de armoede niet op, maar verplaatst die problemen zich slechts. We horen dat de toekomst aan de steden is. De huidige stedelijke renaissance wordt toegejuicht omdat zij van steden betere plekken maakt voor degenen die het zich kunnen permitteren om er te wonen en te ontspannen.
Als het aankomt op de gebouwde omgeving, de openbare ruimte of het imago van de stad, kunnen de resultaten dramatisch zijn. Nieuwe winkels, luxe flats en elegante openbare ruimten zullen aantrekkelijke plekken vormen om te vertoeven. Maar ze zorgen niet voor een duurzamer, rechtvaardiger en welvarender stad voor iedereen die er thuis wil kunnen komen.

vertaald uit het Engels door Jos Moortgat

De sectie Stedelijke Ontwikkeling & Architectuur wordt mede mogelijk gemaakt door AIR, het Architectuur Instituut Rotterdam. (meer info)

Vers Beton heeft jouw support nodig!

Voordat je verder leest: Vers Beton kan alleen blijven bestaan dankzij support van onze lezers. Maak jij ook onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk?

Nee, ik lees eerst het stuk verder

brian_doucet_profielfoto

Brian Doucet

Dr. Brian Doucet is Senior Lecturer of Urban Studies bij de Erasmus University College. Doucet is geboren in Toronto, Canada en woont sinds 2004 in Nederland. Hij onderzoekt gentrificatie in een internationale context.

Profiel-pagina
Web

Nikos ten Hoedt

Nikos ten Hoedt (1990) studeert grafisch ontwerp aan de Willem de Kooning en is onderdeel van ontwerperscollectief De Lopende Band. Ontwerpt en maakt beeld vanuit een fascinatie voor systemen en regels.

Profiel-pagina
Lees 4 reacties
  1. Profielbeeld van Dodi
    Dodi

    Ik ben geen stedebouwkundige en ken de statistieken niet. Maar als ik af ga op mijn observaties als gewone burger zijn er toch dingen die ik niet helemaal kan plaatsen.

    Een paar voorbeelden wat er is verdwenen de afgelopen jaren om plaats te maken voor dure voorzieningen:
    – De daklozenopvang van de St. Pauluskerk is gesloopt en vervangen door zowel dure appartementen, restaurants en een ondergronds parkeergarage. De St. Pauluskerk is er ook nog steeds.
    – De Wilhelminapier was de werkomgeving van de havenarbeiders. Het aantal banen in de haven daalt door automatisering en de activiteiten van de haven verplaatst zich sowieso langs de Maas richting de Noordzee.
    Het verdwijnen van de voorzieningen voor de armen hier heeft dus niet zo veel te maken met verdringing door de rijken. Zonder de dure appartementen zou het hier gewoon leeg zijn.
    – Voor de Markthal verscheen was er op dezelfde plek volgens mij niets.
    – Op de plek van 100 Hoog woonden volgens mij ook niet zo veel armen.
    – In het Oude Noorden wonen nu creatieve armen i.p.v. kansloze armen, desalniettemin arm.
    – En dan het Witte de Withkwartier. De nieuwe drukbezochte horeca gelegenheden hebben vooral lege panden opgevuld. Op de plaats van toonaangevend burgerrestaurant Ter Marsch zat ‘pauper’ snackbar Spooky’s, maar die ging weg omdat het was afgebrand.
    Volkse horeca Warung Mini, Jaffa en de Coconut zitten er nog steeds. Woonstad heeft bewoners in de buurt de mogelijkheid gegeven om hun woning voor een lage prijs te kopen en anders mochten ze hun huis gewoon blijven huren voor een redelijke prijs.
    Ver onder de 2 ton kunnen starters hier nog steeds een appartement kopen. Voor de leraar, verpleegkundige en ambtenaar met een modaal inkomen is er helemaal geen betaalbaarheids probleem voor zover ik weet.

    Alleen op Katendrecht zijn louche ondernemers verjaagd om plaats te maken voor ‘schone’ ondernemers. Ik weet niet zeker of dit een gemis is voor de armen op Katendrecht.
    En voor de markt op de Binnenrotte komt nu een verblijfsplek (zonder voorbij waaiende plastic zakken) voor iedereen.

    Volgens mij gentrificeert Rotterdam niet. Wat wel verandert is dat er nu voorzieningen bij komen voor de midden-klasse.
    Wat ik sowieso typisch vind aan Rotterdam (en wat ik nergens anders zie) is dat bevolkingslagen relatief beter mengen dan elders.
    Bij de genoemde volkse horeca gelegenheden komen zowel topvoetballende miljonairs als arme immigranten. Kralingen en Delfshaven bestaan ook uit rijk en arm door elkaar.
    Het is niet zo dat zoals in London, Parijs of Amsterdam de armen worden verdreven naar de buitenwijken.

    Samengevat: volgens mij zijn de dure voorzieningen vooral er bij gekomen zonder dat het de armen hebben verdrongen, want die ruimte om zo te groeien heeft Rotterdam.
    Er is nu ruimte voor armen, de midden klasse en de rijken i.p.v. voornamelijk voor de armen. Dat vind ik eigenlijk best mooi en eerlijk.
    In Rotterdam worden gewoon stedebouwkundige gaten gevuld waar het een teveel van heeft.

  2. Profielbeeld van Tim de Bruijn
    Tim de Bruijn

    Kort samengevat is de stelling dat het opleven van wijken (waardoor mensen die een keuze hebben er weer voor kiezen om in de stad te wonen) ook zorgt voor verdringing van de groepen mensen die geen keuze hebben waar ze gaan wonen, omdat ze de financiële vrijheid hiervoor ontberen. In feite is dat niets nieuws, dat is een alom bekend gevolg van gentrificatie die je in steden als Amsterdam, Parijs en Londen nog veel sterker ziet.

    De vraag is wat we anders moeten doen in de stadsontwikkeling om wel iets te kunnen betekenen voor de minder bedeelden. Tientallen jaren hebben we in Rotterdam een beleid gevoerd waarbij er alleen woningen werden gebouwd voor de laagste inkomens. Tot sociale woningbouw op toplocaties aan toe, zoals aan het water in Schiemond. Dit resulteerde in een stad waar armoede nog uitzichtlozer werd dan in andere steden. Wijken met 100% (of 90%) sociale woningbouw bleken ook geen uitkomst te bieden voor de laagste inkomens, met grote onvrede en grote problemen tot gevolg.

    De oplossing ligt waarschijnlijk ergens in het midden. Als stad moet je er voor zorgen dat je aantrekkelijk bent voor verschillende groepen mensen. Het gevaar nu is dat de lagere inkomens uit het visier verdwijnen.

    Ik ben van mening dat stadsontwikkeling maar een beperkt middel is om echt iets te doen tegen armoede. Door een Markthal te bouwen schep je misschien aardig wat banen, ook indirect in de toerisme sector. Maar veel mensen zal je er niet mee uit de armoede helpen. Door geen Markthal te bouwen help je echter ook niemand! Om mensen uit de armoede te helpen heb je goed sociaal beleid nodig. Opleidingen, hulp bij problemen, en heel veel banen! Want banen zorgen voor kansen en perspectief.

    Ondertussen moeten we wat mij betreft zeker doorgaan met het aantrekkelijker maken van de stad voor hogere inkomens, die tientallen jaren lang de stad zijn uitgejaagd en nog steeds heel moeilijk een geschikte woning kunnen vinden.

    Het huidige gemeentebestuur wil daarvoor 20.000 sociale woningen slopen en er duurdere voor terug bouwen. Dat is een slechte keuze wat mij betreft. Voor de sloop van laagwaardige sociale woningen (waar je al depressief wordt als je erin moet wonen…) moeten nieuwe sociale woningen terugkomen, of bereikbare huurwoningen tussen 600 en 1000 euro waar heel weinig aanbod van is. Duurdere woningen mogen ook, maar dan extra. Elke gesloopte woning zou moeten worden gecompenseerd. Daarmee wordt ook gelijk invulling gegeven aan de verdichtingsagenda waar goeroe na goeroe toe oproept, van Beasley tot Washburn. Van Gehl tot het gedachtengoed van Jane Jacobs.

    De woonvisie waar het ‘verdringingsbeleid’ nog eens extra in wordt voorgesteld wordt overigens 9 december besproken door de raadscommissie. RTM XL zal daarbij inspreken om oa. bovenstaande aan te kaarten.

  3. Profielbeeld van Tara Lewis
    Tara Lewis

    Wat een machtig interessant artikel. Met toenemende gretigheid gelezen omdat er iets wordt besproken waar ik zelf mijn vinger niet op kon leggen. Als een steentje in mijn schoen wat er eindelijk uit is.

    Het is niet perse zo dat de beschreven ontwikkelingen in Rotterdam ‘slecht’ zijn, ze zijn er nu eenmaal en het is ook logisch te verklaren waarom ze ooit zijn ingezet. Volgens mij is dat ook niet de crux van het verhaal. Let wel, het was een tijdje een troosteloze bende en het nieuwe elan geeft de inwoner energie, mij ook. Maar als ik op zondagmiddag onverhoopt in de Fenixloods ben om brood te halen, krijg ik ook heel hard de kriebels van het burgertruttenniveau van het volk aldaar. Waar ben ik in hemelsnaam beland, vraag ik me dan af. Het is bijna alsof het een parallel Rotterdam is, een overlay op de ‘echte stad’.

    In Amsterdam en New York is de (binnen)stad compleet uitgehold door gentrificatie, iets waarvan ik hartstochtelijk hoop dat het in Rotterdam nooit gebeurt. Daarom is dit artikel zo tof, omdat we nog in een fase zitten waarin we dat niet met lede ogen hoeven te zien gebeuren. Ik zie dit ook als een appèl aan Rotterdamse ambtenaren en politici om kritisch naar zichzelf en het bedachte beleid te kijken. Even van die roze lijstjes-wolk af en op een realistische manier de problematiek in de stad benaderen. Wat dat betreft: alles wat Tim hiervoor zei.

  4. Profielbeeld van Ewout
    Ewout

    Gentrification heeft regelmatig displacement tot gevolg. Ook in Rotterdam. De vraag is wanneer dat erg is. Ik ben het met Tara eens dat we in Rotterdam in een fase zitten waarin ‘we’ nog invloed hebben op waar de stad naartoe gaat.

    Overigens protesteer ik tegen het gezeik op de ‘roze lijstjes-wolk’, alsof het één het ander uitsluit. Praten over wat goed gaat, werken aan wat er minder gaat. Dat is geen tegenstelling, dat is én-én. Er is volgens mij niemand in Rotterdam die suggereert dat. omdat we in de Lonely Planet staan. alle problemen op Zuid zijn opgelost.

    Terug naar die gentrification. Ik denk dat Rotterdam zowel een nadeel als een voordeel heeft met hoe de stadsvernieuwing hier heeft toegeslagen. Een nadeel, omdat veel wijken rond het centrum erg arm zijn en er veel authentieke bouw is verdwenen. Een voordeel, omdat deze nog relatieve nieuwbouw ervoor zorgt dat wijken zelden volledig kunnen gentrificeren. De gebouwen uit de jaren ’80, allemaal sociale huur, blijven er nog zeker 30 jaar staan.

    De wijken rond het centrum van Rotterdam zijn ooit bedacht als ultieme mix tussen rijk, midden en arm: gouden randen, brede lanen, met daartussen smalle straten met arbeidswoningen. Doordat Rotterdam nu (een beetje) gentrificeert krijgen we die mix weer terug. Volgens mij is dat niet dramatisch.

    En inderdaad, we zijn er zelf bij dat dit niet doorslaat naar een hypergegentrificeerde stad.

Reageren is voorbehouden aan Vers Beton-supporters. Meld je hier aan als supporter of log in.