Voor de harddenkende Rotterdammer

Wil Rotterdam werkelijk zelfbewust worden, dan moet het hedendaagse vraagstukken niet presenteren als technische kwesties. En ophouden zich te dissociëren van alles wat niet past in het gelikte plaatje, betoogt Chris van der Meulen.

Er zwerft een videoclip over het internet waarin een jongen staat te dansen en rappen over zijn stad, Rotterdam, met het nieuwe Centraal Station als decor. De rapper straalt erbij alsof hij het station zelf gebouwd heeft. Hij is #trotsoprotterdam. Dat heeft Rotterdam (en dus hij, want hij is Rotterdammer) toch maar mooi gedaan.

Rockster

Rotterdam staat, mede door een aantal nieuw opgeleverde bouwwerken, weer in een paar goede lijstjes. Het vindt zijn weerslag op de stemming in de stad. We kunnen weer trots zijn. Dit jaar viert Rotterdam dat 75 jaar geleden de wederopbouw is begonnen en er is veel meer om te vieren. Het feit dat Rotterdam een burgemeester heeft met de status van een rockster, is daar een van.

Aboutaleb wordt geprezen van Amsterdam tot Den Haag en van Londen tot Washington. Ahmed Aboutaleb, de poëzie-vertaler, de innemende optimist, de ik-zeg-waar-het-op-staat kritische moslim. De vigilant die, als hij even de kans ziet, een fietsendief eigenhandig bij de kladden vat.

Elsevier riep hem in 2014 uit tot Nederlander van het Jaar. Het zijn leuke dingen voor de Rotterdammers. Niet voor niets kon programmamaker Frènk van der Linden, na een ongelukkige poging tot een kritische beschouwing, rekenen op een eenentwintigste-eeuwse, Rotterdamse variant van een behandeling met pek en veren. Van onze burgemeester blijf je af!

Diep verdeeld

Aboutaleb zet de toon en is duidelijk een van de bronnen voor zelfrespect waar de stad zo lang naar gesmacht heeft. Hij is een bindende persoon. Met schijnbaar gemak bestiert hij een college met D’66, CDA en Leefbaar Rotterdam. Het is niet de makkelijkste opdracht.

Hoe doet hij dat toch? Welke unieke kwaliteiten vertegenwoordigt Aboutaleb die het mogelijk maken om de zaak bij elkaar te houden? Hoe kan een burgemeester van een diep verdeelde stad als Rotterdam geprezen worden voor moed zonder dat hij zelf een centrifugale kracht wordt? Nederlander van het Jaar word je niet alleen omdat je zo’n goede lintjesknipper en havenambassadeur bent.

Politiek-ontkenner

Een deel van het antwoord zit in zijn dubbelzinnige verhouding tot de politiek. Aboutaleb mag graag vertellen over het eerste piketpaaltje dat hij in Rotterdam sloeg. “Het eerste dat ik zei was: In mijn stad slaapt niemand op straat”. “Dat is géén politiek”.  Het is een eigenaardige uitspraak, omdat het een tekstboekvoorbeeld van een politiek statement is. Maar het is tekenend voor zijn denkwijze.

Hanswijk_Aboutaleb

Lees meer

Ahmed Aboutaleb: “Ik doe niet aan politiek, ik heb een stad te managen”

In juli kreeg hij het fiat van de gemeenteraad en in eind november legde hij de eed af in…

Aboutaleb praat vooral over politiek alsof het beperkt is tot het gemankeerde proces binnen institutionele politiek; het spelletje tussen Raad en College, tussen Kamer en Kabinet. De burgemeester is wel vaker goed voor dergelijke opmerkelijke citaten: “Ik heb geen tijd voor politiek, ik heb een stad te managen. Zelfs in Griekenland, waar de politieke elite haar eigen bevolking in een cataklystische ramp heeft gestort, zal de bevolking nooit zo afgeven op de politiek zelf.
In zijn H.J. Schoo-lezing afgelopen september gaf onze burgemeester een inkijkje in de herkomst van die aversie voor politiek. In de lezing, die jaarlijks door weekblad Elsevier wordt georganiseerd, richtte hij zijn pijlen op ‘ideologie’. Hij zette daar, voor een publiek van licht opgewonden bakvissen, ‘ideologie’ weg als een set ‘vastgeroeste partij-standpunten’. Hij constateert dat Haagse politici vooral hun ideologische straatjes schoonvegen in plaats van te doen wat moet gebeuren.

‘Ideologische straatjes schoonvegen,’ het shibboleth van de technocraat. Het kenmerkende is de inconsequente manier waarop hij dat doet. Alsof politiek voor hem een soort guilty pleasure is. Hij prees naar verluidt ooit een poëet, omdat deze een ‘politiek actieve dichter was’. Ik stel me voor dat er ook dichters zijn die van Aboutaleb houden, omdat hij een politiek actieve technocraat is. 

Onvoorspelbaar

Met zijn dubbele houding stelt hij zichzelf schouder-aan-schouder met zo velen die de politiek besmet zien door onvermogenden, zakkenvullers en viezeriken, terwijl hij tegelijkertijd de ruimte laat voor zijn eigen politieke boodschappen. En op geen enkel moment lijkt het een trucje. Het is allemaal Aboutaleb.

Zijn uitlatingen over politiek en ideologie zijn des te opmerkelijker, omdat hij lid is van een partij waarvan vriend en vijand stelt dat er niet een teveel aan ideologie is, maar een schreeuwend tekort. Een van de grootste problemen van de PvdA is ongetwijfeld dit gebrek aan gedeelde ideologie. Voor haar potentiële achterban is het hierdoor volstrekt onvoorspelbaar waar de PvdA nu weer mee gaat komen.

Primaat van de politiek

In dezelfde Schoo-lezing zet Aboutaleb nog een tandje bij. Hij constateert dat er beperkingen zijn aan hoe de bestuurlijke ordening economische groei kan faciliteren. En bepleit dat het bestuurlijke een stap terug doet ten bate van het economische. Dit is niet alleen een Rotterdams fenomeen.

Als er een gebrek wordt geconstateerd bij de instituties die het algemeen belang vorm moeten geven, wordt steeds minder vaak geprobeerd dit te verhelpen. Liever doet men een stapje terug. Het resultaat is dat we tegenwoordig iedere dag in de krant kunnen lezen hoe de economische logica onze handelingsalternatieven beperkt.

In het gedwongen huwelijk tussen economie en politiek is de economie al lang de bovenliggende partij, maar voor Aboutaleb is het nog niet genoeg. Of zoals hij het formuleert: “Ideologie mag er zijn, zo gedurende de verkiezingen enzovoort, maar daarna gaan we over op de economische orde van de dag”. De hoop op een huis, een baan, een auto en goedkoop ondergoed bij de Primark, daar gaat het om.

Politiek activist

En dan is daar toch weer: Aboutaleb de politiek activist. Hoe senang hij zich ook voelt in zijn rol als benoemd burgemeester zonder uitgebreid politiek mandaat en hoe gretig hij afgeeft op politiek en ideologie. Kort geleden zette hij met gemak zijn pragmatisme overboord om een politiek signaal uit te geven. Aparte opvang voor homo’s in AZC’s zou uit den boze zijn. Het is “een heel slecht signaal” als er een praktische oplossing voor zou komen voor asiel zoekende potenrammers. “Als dat het is wat je wilt in dit land, moet je je ernstig afvragen of je hier terecht zit”, zei hij.

Het statement maakt onderdeel uit van zijn pleidooi voor de “wij-samenleving”. “Een samenleving waar plek is voor iedereen, ongeacht afkomst, geloof en huidskleur. Een samenleving ook waarin iedereen respect heeft voor elkaar en waarin eenieder vragen en angsten met elkaar kan delen”.

De wij-samenleving. Laat het aan de burgemeester over om een term te munten die zowel een pleonasme als een oxymoron is. Dat ‘wij-samenleving’ taalkundig nogal lelijk is, is nog tot daar aan toe (wie anders dan wij zouden moeten samen-leven?). Belangrijker is dat het soms impliciet, soms expliciet samengaat met de boodschap: ‘Als je de respectvolle, plaats-voor-iedereen samenleving niet accepteert, dan ga je maar ergens anders samen leven’.

Precies hier, vermomd in lauw-warme, uitgebluste woorden als ‘respect’ en ‘ongeacht afkomst’, zit de bravoure en het splijtende in de boodschap van Aboutaleb.

Het lijkt op een echo van het integratiedebat van tien jaar geleden. Wie niet integreert, plaatst zichzelf buiten de samenleving. Alsof dat kan, je dissociëren van onwelgevallige aspecten van de samenleving. Alsof dat rechtvaardig of productief is. De wij-samenleving is een fraai staaltje oud-Rotterdams essentialisme. Het gaat al lang niet meer over hoe Rotterdam eruit zou moeten zien, maar over de vraag wie nu een Goede Rotterdammer is en wie niet.

Woonvisie

Terug naar de rapper uit de video-clip. In de videoclip is uit niets af te leiden of het Centraal Station ook daadwerkelijk voor hem gebouwd is. Het Rotterdamse college van B&W heeft recentelijk een woonvisie het daglicht laten zien. Hierin wordt het oude verlangen om te sleutelen aan de samenstelling van de Rotterdamse bevolking, uitgewerkt met een plan 20.000 woningen uit het lage segment te laten verdwijnen. Dit is de Rotterdamse variant op Wilders’  “minder, minder, minder”. Het is voor de rapper van dienst te hopen dat hij niet tot degene behoort die moeten verdwijnen.

We tellen op: terroristen, xenofoben, anti-semieten, homo-haters, werklozen, arme mensen. Het zijn allemaal groepen die zichzelf buiten de Rotterdamse variant van de samenleving hebben geplaatst. Het cirkeltje rond de wij-samenleving wordt steeds kleiner. Dit gaat niet over een wij-samenleving, maar over de ‘wie-samenleving’.

De kwalificatie ‘moedig’, die Elsevier hem toedichtte, ontleent Aboutaleb ongetwijfeld aan de weinig poëtische wijze waarop hij afstand neemt van het geweld dat gepleegd wordt, door zogenaamde geloofsgenoten, op Europees grondgebied. Zijn vermogen om kwistig te depolitiseren stelt hem in staat grote verschillen in idealen te versluieren. De authenticiteit die de burgemeester uitstraalt maakt hem, ondanks een hallucinant inconsistente houding ten aanzien van politiek en inclusiviteit, voor velen een verademing.

De grote vraag

Aboutaleb is het verkeerde antwoord op problemen van de politiek, maar juist in Rotterdam vindt zijn remedie gretig aftrek. De institutionele politiek heeft problemen op het gebied van legitimatie, deels veroorzaakt door  een fors politiek-cultureel probleem.

De manier waarop hij de noodzaak voor waardengedragen politiek selectief miskent, is misplaatst en misleidend. Blijven aanmodderen zonder in termen van waarden te praten over een nastrevenswaardige toekomst zorgt niet voor een uitweg uit legitimatieproblemen.

Rotterdam staat voor grote fundamenteel politieke vragen. Hoe gaan we met verliezers in de stad om? Wat zijn we elkaar verschuldigd? Hoe ziet de gedroomde samenleving er uit? Allemaal vragen die ten diepste politiek zijn en waarvoor geen enkel ‘vastgeroest partijstandpunt’ of technical fix soelaas kan bieden. Maar kennelijk moeten we in Rotterdam eerst één vraag beantwoorden die we al lang beantwoord hadden moeten hebben…

Van wie is de stad?

Vers Beton heeft jouw support nodig!

Voordat je verder leest: Vers Beton kan alleen blijven bestaan dankzij support van onze lezers. Maak jij ook onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk?

Nee, ik lees eerst het stuk verder

Chris van der Meulen

Chris van der Meulen

Chris van der Meulen schrijft o.a. over politiek, kunst en technologie. Daarnaast bestiert hij een stichting die historische scheepshelling Koningspoort beheert.

Profiel-pagina
avatar-mark-van-wijk

Mark van Wijk

Illustrator

Met een achtergrond als grafisch ontwerper en een grote interesse in illustratief werk maakt Mark van Wijk dingen graag mooier dan ze zijn. Daarbij is er, wat Mark betreft, altijd wel ergens een grap uit te halen.

Profiel-pagina
Lees 19 reacties
  1. Profielbeeld van Ronald Buijt
    Ronald Buijt

    Tsja. Als je zelfs al niet weet uit welke partijen het college van B&W bestaat vraag ik me af hoe serieus ik de rest van het artikel moet nemen. Lange aanloop naar iets, ja naar wat eigenlijk? Kortom: veel tekst, weinig wol.

      1. Profielbeeld van R.Sörensen
        R.Sörensen

        Sorry, maar zo’n fout is tekenend (significant) voor die meneer dus gewoon laten staan!

      2. Profielbeeld van Eeva Liukku
        Eeva Liukku

        Met dat argument zouden we eindredactie wel helemaal kunnen afschaffen. En schrijvers bewust voor paal zetten: dan zouden we geen kopij meer binnen krijgen. (Overigens gaat u ervan uit dat de schrijver deze fout had gemaakt. Ik weet niet eens of dat zo is. Er zijn meerdere mensen betrokken bij de redactie van een tekst.)

  2. Profielbeeld van Hans van Willigenburg
    Hans van Willigenburg

    Wie- versus Wij-samenleving is een leuke taalvondst.

    De rest is nodeloos complexe prietpraat.

    ‘De authenticiteit die de burgemeester uitstraalt maakt hem, ondanks een hallucinant inconsistente houding ten aanzien van politiek en inclusiviteit, voor velen een verademing.’

    ‘De institutionele politiek heeft problemen op het gebied van legitimatie, deels veroorzaakt door een fors politiek-cultureel probleem.’

    ‘De wij-samenleving is een fraai staaltje oud-Rotterdams essentialisme.’

    Sterkste zin:

    ‘Hoe gaan we met verliezers in de stad om?’

    Bij nader inzien had het artikel goeddeels tot deze zin beperkt kunnen blijven.

  3. Profielbeeld van Pascal van den Noort
    Pascal van den Noort

    Intelligente analyse die doet nadenken over de rol van politiek en economie in onze samenleving. Aan sociale samenhang en de kwaliteitvan het milieu wordt voorbijgegaan. Ze worden gezien als resultaten van politiek en economisch handelen en niet als sturende elementen. Dat kan in een nieuw artikel worden ingehaald tenzij de auteur louter oppositie tegen Abutaleb wil voeren.

    1. Profielbeeld van Chris van der Meulen
      Chris van der Meulen

      Dag Pascal. Dat is wel een heel eigen interpretatie van mijn bijdrage, maar je hebt ook gelijk denk ik. Wat betreft de mogelijkheid die je noemt dat ik alleen oppositie zou willen voeren: Het is een ziekte dat mensen die kritisch zijn gediskwalificeerd worden als cynisch of pessimistisch. Ik zie dat steeds meer commentatoren zichzelf censureren of verbergen in een verkeerde vorm van ironie als zich uitlaten over wat zij als onwenselijk zien. Ze maken zichzelf bij voorbaat al onschadelijk. Het tikken van dit stukje van op Vers Beton is voor mij ook een gevecht met ironie en een gevoel van nutteloosheid. Het schrijven van deze reactie al helemaal. Dat gezegd hebbende: Het is m.i. volkomen legitiem om misstanden aan te kaarten zonder een alternatief aan te dragen. Dat geschreven hebbende, geef ik heel duidelijk aan wat ik voorsta: waardengedragen politiek en stoppen met doen alsof je niets te maken hebt met zaken die niet passen in je eigen ideaalbeeld van Rotterdam.

  4. Profielbeeld van R.Sörensen
    R.Sörensen

    Gadver! Wat een ziekmakend stukje. Het probleem van de PvdA ten voeten uit (in optima forma?)

    Dissociëren, vigilant, centrifugale kracht, institutionele politiek, een cataklystische ramp, het shibboleth van de technocraat, guilty pleasuren een pleonasme als een oxymoron, dissociëren, hallucinant inconsistente houding .

    Denk dat de stad in ieder geval niet is van mensen die menen hun mening extra te benadrukken door woorden te gebruiken die het gros van de kiezers moet opzoeken.

    1. Profielbeeld van Chris van der Meulen
      Chris van der Meulen

      Beste Ronald, wat laat je jezelf toch gaan. Het doet me denken aan de avond dat ik op het verkiezingsfeestje van Leefbaar belandde. Ik zag daar een stuk of vier mensen rondlopen met een T-shirt “FUCK DE PVDA” rondlopen. Hoe moet je daar nog een gesprek mee aanknopen? Je mag het wel denken (doe ik ook vaak als sociaaldemocraat), maar het op een t-shirt zetten is niet een uitnodiging tot een gesprek. Dit los van het feit dat je nooit teksten op textiel zou moeten afdrukken.

  5. Profielbeeld van melissa
    melissa

    Mmmm.

    Ik herken het beeld van onze burgemeester als technocraat helemaal niet. Tussen partijpolitiek en technocratie zit nog een hele interessante wereld, met echte problemen die om een echte oplossing vragen, ipv van een partijpolitieke oplossing “voor de bühne of de macht”, of een technocratische oplossing “volgens de processen”.

    1. Profielbeeld van Chris van der Meulen
      Chris van der Meulen

      Sorry Melissa, ik weet niet echt hoe ik hier op moet reageren. Je zegt dat je geen technocraat herkent in Aboutaleb. Ik noem hem ook niet een zuivere technocraat, maar een ‘politiek actieve technocraat’ (met een zorgelijke variant van sociale hypochondrie). Ik geloof je meteen als je zegt dat je ook Aboutaleb de moralist/politicus ziet (Hoera! Lang leve de burgemeester die zijn variant van zijn/haar gedroomde stad onder woorden kan brengen). Maar het gaat in mijn tekstje niet om een beschrijving van een buitenlichamelijke ervaring van ondergetekende tijdens een ayawaska-trip of metafysisch werkstukje. Ik reageer op uitspraken die hij gedaan heeft in de wereld zoals die zich aan ons voordoet. Een paar van die uitspraken kun je teruglezen/kijken hier, hier, hier en hier.

  6. Profielbeeld van Tineke
    Tineke

    Een ding is zeker dit stuk is niet geschreven voor de gemiddelde Rotterdammer. Een hoop moeilijke woorden. M.a.w. veel geschreeuw weinig wol.

  7. Profielbeeld van Catherine Visser
    Catherine Visser

    Een belangrijke constatering is dat Aboutaleb zich hult in de beschermende jas van de technicus, terwijl hij juist politiek bedrijft door steeds gevraagd en ongevraagd het woord te nemen over cultureel maatschappelijke kwesties. Politiek is belangrijk en inderdaad moeten we ‘Wij’ niet vernauwen tot de eigenaren van bakfietsen. In de manier waarop de gemeente en Aboutaleb in wijken met financiële middelen en aandacht het scheppen van een ‘samen’ bevordert vind ik van politieke wil en visie getuigen. Belangrijk is dat het bestuur daarbij minder het voortouw neemt. Is dat minder politiek of juist meer politiek maar in een ander formaat?
    Dit ervaren we nu in Delfshaven met de pilots Huiskamers van de Wijk en Mooi Mooier Middelland.

    1. Profielbeeld van Chris van der Meulen
      Chris van der Meulen

      Het betrekken van bewoners, of ze zelfs het voortouw laten nemen is vaak een goed idee. Ook lokale inspanningen de leefomstandigheden te verbeteren zou ik ‘politiek’ noemen. Wat mij betreft hoef je niet iedere verkeersdrempel nadrukkelijk politiek te noemen. Al is grappig genoeg de verkeersdrempel een heel goed voorbeeld van een technische oplossing voor een moreel/politiek vraagstuk. Je delegeert een beetje moraal aan de verkeersdrempel. Maar dat terzijde. Bij mij gaan haren overeind staan als mensen succesvolle lokale initiatieven gebruiken om af te geven op politiek. Als mensen succesvol zijn in het verbeteren van de omstandigheden zouden ze beter kunnen uitroepen: “Kijk eens wat een goede politici wij zijn”. Ik ga hier een beetje off-piste, maar ik ga er vanuit dat je begrijpt wat ik bedoel.

  8. Profielbeeld van Karin
    Karin

    Dit stuk is zo niet om door te komen, dat ik -academicus- niet eens inhoudelijk kán reageren.
    Dan liever Aboutaleb. Rot toch op ;)

  9. Profielbeeld van Frank/Janine
    Frank/Janine

    Chris heeft mijn haakje met Abou gevonden; dan is het weer wel politiek en dan weer niet. Deze stoere meneer draait zich altijd weer naar boven

  10. Profielbeeld van R.Sörensen
    R.Sörensen

    De reden dat de burgemeester regelmatig reageert, heeft hij al eerder geventileerd.
    “Ik mag als Nederlander van Marokkaanse afkomst veel meer zeggen, dan andere Nederlanders”
    Treurig, maar waar. Daar mogen ze het op deze krampachtige policor site mee doen.

    Zet zijn uitspraken maar op een rijtje en het wordt duidelijk.

    1. Profielbeeld van Chris van der Meulen
      Chris van der Meulen

      Toen kwam er toch nog een inhoudelijke reactie (weliswaar met druppeltjes spuug). Je geeft de reden aan waarom Aboutaleb zich (politiek) uitlaat. Ik ben er een voorstander van dat hij zich politiek uitlaat. Ik begrijp Aboutaleb zijn redenering dat Moslims een medicijn kunnen toedienen die niet-Moslims niet kunnen toedienen. Omdat het een medicijn is voor mensen die toch al aan de kant van Aboutaleb staan vind ik het niet per se het beste medicijn, maar dat is een ander meningsverschil. Er zijn natuurlijk grenzen aan de ruimte die Aboutaleb kan pakken om zich politiek uit te laten, maar ik ben er een voorstander van dat hij die ruimte pakt en vergroot. Ik heb vooral problemen met de manier waarop hij afgeeft op politiek; hoe hij politieke ruimte, ook voor anderen, verkleint ipv vergroot.

  11. Profielbeeld van Chris van der Meulen
    Chris van der Meulen

    Nutteloosheid

    Een tijdje geleden had ik een tekst ingeleverd bij Vers Beton. Het was een oude belofte die ik moest inlossen en ik deed dat zonder tegenzin. Het ging over iets waar ik hartstochtelijk over ben en het koste me maar een beetje moeite om mijn gevoel van vrolijke nutteloosheid te overwinnen. Ik had al niet veel van de reacties verwacht, maar de reacties onder het artikel laten, meer dan voorzag, zien dat de mogelijkheid om te reageren hier vrij weinig nut heeft is. Hieronder dus een extra oefening in nutteloosheid.

    De meeste reacties gingen toch over mijn taalgebruik en mijn intenties. Toegegeven, ik lijd aan een idiosyncratisch taalgevoel. Ik ben niet beledigd als mensen het slechte smaak noemen of onvermogen. Ik kan niet zo goed schrijven, maar ik heb helaas niemand die me tegen houdt. Maar, de woorden die ik gebruik maken de tekst niet onleesbaar; de betekenis wordt overal uit de context duidelijk. Daarbij, je kan alle woorden gewoon opzoeken op http://www.internet.nl. Ik gebruik de woorden omdat ze preciezer zijn, omdat ze woorden uitsparen, omdat ze verbanden leggen met andere verhalen of beschrijvingen en soms omdat ik er beleefder mee kan schelden. En altijd vind ik de woorden altijd mooier dan de alternatieven. Ja, ik wil dolgraag intelligent gevonden worden, maar mijn taalgebruik is bij uitstek niet het middel om intelligentie mee te veinzen. Ik kan niet ontkennen dat de weerstand die sommige woorden oproepen een zekere recalcitrantie bij me oproepen om ze juist te gebruiken. We hebben een hele rijke taal. Fijn! Ik kan het niet helpen dat het me ook helemaal niet raakt als mensen daar narrig over doen. Ik accepteer dat het iets is waar mensen me aan kunnen herkennen. Het is net zo zeer een trademark als dat ik mijn gulp de helft van de tijd open laat staan. Ik ben er niet bijzonder trots op, maar soms moet je je eigen aberraties gewoon omarmen.

    Voor de mensen die geen pointe zagen in mijn tiksel (@Hans, @Ronald, @Tineke). Nog één keer. Goed opletten nu, ik heb alle moeilijke woorden eruit gelaten:
    1. Wanneer je een slechte geur verspreidt rond politiek, dan maak je daar de politiek niet beter door.
    2. Het werk van de overheid is niet te vergelijken met het maken van bijvoorbeeld een perfecte cappuccino. Het is een buitengewoon ingewikkeld bedrijf. Door de handen in de lucht te gooien en te roepen: “Het is me allemaal te ingewikkeld, laat het bedrijfsleven het maar oplossen”, draag je het stuur van de samenleving over aan partijen die begrijpelijk niet het algemeen belang voor ogen hebben. We hebben dit sinds de jaren negentig geprobeerd en de resultaten zijn niet fraai.
    3. Als je een begrip als “de wij-samenleving” in de lucht gooit, dan maakt het je verantwoordelijk voor alle manieren waarop daar invulling aan gegeven wordt in je stadhuis. Er is geen aparte samenleving die gaat over haat of terroristisch geweld en een andere samenleving voor economisch en/of politiek-bestuurlijk geweld.
    4. Het wijzen op een mogelijk gewenst einde van je (Rotterdams) burgerschap is niet een productieve manier om problemen te lijf te gaan.

    Tot slot. Ik accepteer dat intenties ertoe doen. Ik vind het niet zo verstandig te speculeren over intenties. Ik doe dat ook niet bij Aboutaleb. Misschien is het toch zinvol, gezien de reacties,
    dat ik uitleg waarom ik graag afstand neem van Aboutaleb (de koning van het afstand nemen). Waarom richt ik mijn pijlen niet op Halbe Zijlstra? Die man zegt dagelijks voorafgaand aan het ontbijt waarschijnlijk meer verschrikkelijke dingen dan Aboutaleb in een heel jaar. In de eerste plaats: Aboutaleb is de aardigste man die je kan tegenkomen, een man met onmiskenbaar jaloersmakende kwaliteiten en een linksig instinct. Ik neem graag afstand van Aboutaleb omdat hij geassocieerd wordt met sociaaldemocratie. Hij wordt zelfs vaak genoemd als potentiële leider van de Partij van de Arbeid. Als je je afficheert als sociaaldemocraat vind ik dat je uitspraken langs sociaaldemocratische maatstaven gemeten mogen/moeten worden. Nu is de sociaaldemocratie geen statische politiek ‘gedachtengoed’, maar Aboutaleb maakt het met name door zijn politiekbegrip wel erg bont. In 1992 sprak de grote socioloog Jacques van Doorn een lezing (HET SOCIALISME ALS KAMELEON) uit in de Burgerzaal van het Rotterdamse stadhuis. Mensen die slimmer zijn dan ik destilleerden daar een populaire beschrijving uit van de sociaaldemocratie: ‘De sociaal-democratie moet in de eerste plaats in verband gebracht worden met de strijd tegen onze afhankelijkheid van economie en technologie en tegen de heerschappij van het geld’. Het is niet mijn favoriete beschrijving van de sociaaldemocratie, maar omdat de lezing zo lekker dichtbij de werkkamer van Aboutaleb is uitgesproken, is het wel goed mijn reactie op de reacties af te sluiten met de vraag: Achter welke van de drie kenmerken die Van Doorn noemt zou Aboutaleb een vinkje kunnen zetten?

Reageren is voorbehouden aan Vers Beton-supporters. Meld je hier aan als supporter of log in.

Advertentie

Logo_giraffe_01_600x500