voor de harddenkende Rotterdammer

Omvallende winkelketens hoeven niet desastreus te zijn voor de binnenstad. De overheid kan een handje helpen om het er levendig te houden, betoogt Jaap Rozema.

Exterieur V&D Rottterdam beursplein
Exterieur van de inmiddels gesloten V&D vestiging op het Beursplein Beeld door: beeld: Victor Wollaert

Wie nu naar het Beursplein gaat, zal er niets van merken. Meer dan ooit tevoren loopt het winkelend publiek in en uit het gebouw waarin de V&D is gevestigd, op de hoek van het Rodezand en de Hoogstraat. Toch, voor het warenhuis is het na deze paar weken van uitverkoop over en uit. Dit zal zijn weerslag hebben op de levendigheid van het Beursplein en de Koopgoot, en daarmee op de detailhandel in de binnenstad. Want grote ketens zijn publiekstrekkers, met een algemeen positief effect op bezoekersstromen en omzet in winkelgebieden. Met het wegvallen van de V&D zien ondernemers in de directe nabijheid van het warenhuis de toekomst dan ook somber in.
Zijn deze zorgen gerechtvaardigd? Onheilsberichten over de detailhandel in mineur laten het voorkomen (of: doen vermoeden dat) alsof de winkel van de ‘kleine man’ afhankelijk is van bezoekers die in de eerste plaats op de grote jongens afkwamen. De vraag is hoe lokale winkels zich in de kijker kunnen spelen. Ten tweede, kan of moet de overheid iets doen om het tij te keren? Als een grote keten omvalt, heeft de markt van vraag en aanbod gesproken. Maar met name gemeenten hebben er belang bij dat winkelstraten floreren.
Dit laatste geldt als nooit tevoren voor Rotterdam. Het college van burgemeester en wethouders wil dat een bezoeker aan de binnenstad langer blijft. Dit gebeurt met, zoals het college het zelf stelt, een ‘pakket aan maatregelen’. Dat heeft geleid tot het winnen van de titel Beste Binnenstad 2015-2017, mede door toedoen van een levendige detailhandel in de binnenstad. Maar: gooien de grote ketens roet in het eten?
Want de V&D is niet de enige. Andere hebben het moeilijk of zijn recent al omgevallen: AktieSport, Polare, Dixons, Miss Etam, DA … Hun faillissement leidt tot kaalslag in het winkelaanbod. Én tot leegstand. Winkelstraten met om de zoveel meter een pop-up store of liefdadigheidswinkel is iets dat je als bestuurder koste wat het kost wil voorkomen.

Verandering noopt tot innovatie

Ondernemersfederatie Rotterdam City erkent het probleem. Minke van Wingerden van deze belangenbehartiger voor ondernemers in de binnenstad omschrijft het verdwijnen van de V&D aan het Beursplein als een “grote, holle kies”. Meerdere redenen leiden er volgens haar toe dat de detailhandel het moeilijk heeft.
Online winkelen is niet de enige trend van de laatste jaren met negatieve gevolgen voor de fysieke winkel. Van Wingerden: “Mensen willen minder bezit. Ze willen spullen delen, spullen met een lokaal verhaal. Dit resulteert in een behoefte aan minder winkeloppervlakte.” Lage parkeertarieven zijn ook van belang, want die zorgen voor een goede concurrentie met outlets aan de randen van de stad.
De detailhandel moet innoveren, stelt Van Wingerden. Winkels moeten volop inzetten op beleving, op betekenis geven aan het verblijf van bezoekers in de binnenstad. Te denken valt aan het productaanbod, muziek in de zaak, onverwachte evenementen, binding met klanten via sociale media, en zo verder. Lokale winkels kunnen concepten ontwikkelen die je vaak niet bij de grote ketens ziet. “Hoe groter je bent, hoe logger het gaat”, luidt de wetmatigheid die hieraan ten grondslag ligt. Alhoewel, sommige van die ketens hebben het licht gezien. “De Bijenkorf is goed bezig. Die haakt in op lokale evenementen. En bij de HEMA kun je momenteel tompoezen kopen met het logo van ‘Rotterdam viert de stad!, ook goed.”

Vestigingsbeleid

Het wel en wee van de Rotterdamse detailhandel is in de eerste plaats een marktaangelegenheid. Natuurlijk. Maar politici kunnen wel degelijk bijdragen aan een gezond binnenstedelijk handelsklimaat. Zo heeft eind 2014 de provincie Zuid-Holland Decathlon verboden zich aan de rand van Schiedam te vestigen, met als argument dat er in de binnensteden genoeg winkelruimte voorhanden is. De Provinciale Ruimtelijke Verordening bleek van doorslaggevend belang in de besluitvorming. Recent heeft de Franse sportwinkelketen besloten zich in Cool63 aan de Coolsingel te vestigen. De keuze voor Rotterdam-Centrum laat zich raden nadat er een streep ging door de voorkeurslocatie buiten de stad. Het vestigingsbeleid van de provincie is effectief en laat zijn sporen na.
De komst van Decathlon komt de pandeigenaar van Cool63 ongetwijfeld zeer welgelegen. Op het laatste moment zag elektronicagigant Saturn ervan af hoofdhuurder te worden. De website van het gloednieuwe winkelpand verkeert overigens nog in die inmiddels achterhaalde werkelijkheid.
Behalve de pandeigenaar kan de gemeente ook opgelucht ademhalen. Het afhaken van Saturn deed de kritiek over ‘bouwen voor leegstand’ van sommige politieke partijen, stadsontwikkelaars én mensen in de detailhandel weerklinken. Maar een grote keten wordt ook gezien als echte meerwaarde voor de Coolsingel als winkelgebied, in het aantrekken van nieuwe bezoekersstromen en omzetstijging. Datzelfde geldt voor de hoofdhuurder van het nieuwbouwcomplex Forum, eveneens aan de Coolsingel. Dat schijnt de Ierse kledingwinkel Primark te gaan worden. Al eerder was de gemeente verheugd met de komst van Primark op Zuid, eind 2014, om nieuw elan te geven aan winkelcentrum Zuidplein. Dit was overigens ook ingegeven door de impuls die het geeft aan werkgelegenheid.

Exterieur Decathlon Rottterdam Coolsingel
Exterieur van de vestiging van de sportwinkeketen Decathlon aan de Coolsingel Beeld door: beeld: Victor Wollaert

Lokale ondersteuning

Een machtsmiddel zoals een ruimtelijke verordening heeft de gemeente Rotterdam niet. Maar de gemeente heeft wel andere middelen ter beschikking om winkelstraten in de binnenstad te ondersteunen. Zo wordt er door Bureau Binnenstad van de gemeente en de Ondernemersfederatie sinds enige tijd gewerkt aan de totstandkoming van zogenoemde 010 Momentjes. Dat zijn kleine evenementen in de binnenstedelijke winkelgebieden.
De gemeente hoopt dat bezoekers “zich extra welkom voelen in Rotterdam, dat zij hun verblijfstuur in de binnenstad verlengen en een positief gevoel aan de stad overhouden”. En ze
kan een handje helpen bij de oprichting van zogeheten bedrijfsinvesteringszones (BIZ). Dit zijn samenwerkingsverbanden van ondernemers in een bepaald gebied, ontstaan door de behoefte de omgeving te willen verbeteren met een investering. De fiscus fungeert hierbij als de bank die de bijdragen van ondernemers int en vervolgens uitkeert aan de BIZ. Van Wingerden ziet er het voordeel van in, want het komt “vanuit de basis, vanuit de ondernemers”.
De Rotterdamse politiek roept steeds luider om regelluwe zones in winkelgebieden in te stellen. Diverse fracties in de gemeenteraad hebben hiertoe voorstellen gedaan, steeds met als basisgedachte dat de gemeente het winkeliers gemakkelijk moet maken te kunnen ondernemen. Zo moet het bijvoorbeeld mogelijk worden voor een boekwinkel ook een inpandige koffiebar te hebben. Minder regels zorgt ervoor dat ondernemers in de detailhandel kunnen inspelen op specifieke wensen van hun clientèle.

Zorgelijk?

Zorgen zijn altijd gerechtvaardigd als je riskante ontwikkelingen ziet aankomen. Doemdenken over faillissementen heeft zo zijn impact op de detailhandel, waarin kleine ondernemers zin moeten hebben te willen blijven investeren in hun winkel. Dus kleine ondernemers, diegenen die hun salaris rechtstreeks uit de omzet moeten halen, hebben recht van spreken.
Toch is er geen man overboord. De overheid beschikt over handvatten om de detailhandel een impuls te geven, zowel dwingend als faciliterend, te gebruiken in tijden van optimisme maar ook als de V&D en andere grote ketens als aanjagers van kooplust opeens wegvallen.

Vers Beton heeft jouw support nodig!

Voordat je verder leest: Vers Beton kan alleen blijven bestaan dankzij support van onze lezers. Maak jij ook onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk?

Nee, ik lees eerst het stuk verder
dscf1653

Jaap Rozema

Auteur

Jaap Rozema (1983) schrijft over wetenschap en economie. Hij probeert niet om het wetenschappelijke verhaal te ontdoen van al haar vooronderstellingen, maar juist te betogen dat deze bijdragen aan waarheidsschepping. Tevens is hij fractiemedewerker bij de Partij voor de Dieren in Rotterdam.

Profiel-pagina
portret foto VW site Syndesmokopie

Victor Wollaert

Victor Wollaert (1978) is Limburger van geboorte maar al meer dan 10 jaar trotse inwoner van Rotterdam. In journalistieke en commerciële reportages over bedrijfskundige en economische onderwerpen ligt zijn kracht. Hij fotografeert o.a. voor NRCQ.nl, Soigneur en Vers Beton en deed mee aan de 2014 editie van De Kracht van Rotterdam.

Profiel-pagina
Lees één reactie