Stedelijke ontwikkeling & architectuurThe Next Economy4 juni 2016

Francine Houben: “Investeer in bibliotheken als de spil van de nieuwe stedelijke economie”

Architect Mecanoo over Rotterdam als leerplek

Op uitnodiging van de Internationale Architectuur Biennale Rotterdam (IABR) gaf architect Francine Houben in Rotterdam een lezing over Learning Environments. Willemijn Sneep sprak haar over de stad als plek om een leven lang te blijven leren. Of dat nu in universiteiten, kantoren of bibliotheken is.

Beeld: Geisje van der Linden

Francine Houben, oprichter en creatief directeur van het toonaangevende Mecanoo architecten in Delft kent haar weg in de havenstad. Ze woont ruim twintig jaar in Rotterdam en was curator van de eerste IABR. Naar aanleiding van haar internationaal gelauwerde ontwerpen voor de Library of Birmingham, de bibliotheek van de TU Delft en Amsterdam University College gaf ze op 13 mei haar visie op de rol van leeromgevingen binnen de nieuwe stedelijke economie. Ofwel: in ‘The Next Economy’, zoals het thema van de IABR dit keer luidt.

“Het was gisteren zo mooi weer dat ik door de universiteitscampus in Kralingen gefietst ben”, begint Francine Houben het gesprek. “Ik realiseer me dat je als Rotterdammer weinig van de campus merkt. De universiteit is een eiland in de stad.”

Is de Rotterdamse campus een goede leeromgeving, vindt u?

“Je ziet dat er enorm in geïnvesteerd is. Ze zijn het veel aangenamer aan het maken voor de studenten. Dat is heel positief. Waar twee decennia geleden betonnen gebouwen uit de jaren zestig domineerden, is de campus nu een prettige mixed use omgeving. Er wordt meer woningbouw toegevoegd en een paviljoen waar je met lekker weer buiten kunt zitten met een kop koffie.”

“Toch ervaar je alleen dat Rotterdam een studentenstad is omdat in Kralingen veel studenten wonen. De campus blijft – door de stedenbouwkundige situatie – een vrij afgesloten stuk van de stad.In Delft of Leiden is de verhouding tussen de stad en de universiteit dusdanig dat stad echt de universiteit ís. In Rotterdam is dat anders: de universiteit is relatief klein, gewoon omdat de stad zo groot is!”

Waarom is het belangrijk om de universiteitscampus meer in de stad te integreren?

“Dat is prettiger voor studenten en werknemers. Studenten komen in deze stad studeren vanwege ‘het hele pakket’. Ze kijken niet alleen naar de kwaliteit van onderwijs en onderzoek, maar ook waar je fijn kunt wonen, een veilige omgeving hebt en welke andere voorzieningen de stad biedt. Rotterdam is wat dat betreft natuurlijk een fantastische stad.”

“Zeker internationale studenten kunnen heel eenzaam zijn. Het is met het oog daarop belangrijk om communities te creëren, plekken waar mensen zich thuis voelen. En universiteiten en hogescholen moeten geen onderwijsfabriek willen zijn, maar een inspirerende omgeving waar mensen goed met elkaar kunnen communiceren.”

Wat heeft een stad, buiten de universiteitsgebouwen, nodig om een goede leeromgeving te worden?

“Het begint met het bewustzijn dat je een leven lang blijft leren. En dan bedoel ik leren op alle schaalniveaus, niet alleen kleuterschool, basisschool, middelbare school en vervolgopleiding. Juist als 30-, 40- of 50-plusser kun je niet stil blijven zitten. Omdat de samenleving en gebruik van technologie constant veranderen, is door blijven leren van vitaal belang voor de hele maatschappij.”

“De bibliotheek, zeker het nieuwe type bibliotheek, kan daarin een hele belangrijke rol spelen. Die kan daarin een spil zijn. Daar ligt een taak voor het stadsbestuur. Maar ook bedrijven moeten in de ontwikkeling van hun personeel blijven investeren.”

U zegt: in de veranderende economie worden ‘nieuwe type bibliotheken’ nog veel belangrijker. Waarom? En hoe ziet zo’n nieuw type bibliotheek er dan uit?

“Die moet laagdrempelig zijn. Een prettige ruimte waar je kan gaan zitten werken, studeren, lezen, met iemand anders van gedachten wisselen. Er worden cursussen gegeven, je kunt er op allerlei vlakken leren. Want de een wil een taal leren, een ander digitale vaardigheden ontwikkelen, de derde een bedrijf opzetten. We hebben een economie met steeds meer zzp’ers. Die vragen specifieke aandacht.”

“Zzp’ers kunnen namelijk eenzaam en alleen thuiszitten, maar dat is niet goed voor hen en ook niet voor de economie. Zij hebben een plek nodig waar ze kunnen werken, zich kunnen blijven ontwikkelen, andere mensen kunnen ontmoeten of bepaalde skills kunnen leren. Dat kan bij universiteiten of hogescholen, maar ook in de openbare bibliotheek of op een ontmoetingsplaats.”

“De gemeente moet zich ervan bewust zijn dat bibliotheken een belangrijke economische en maatschappelijke rol vervullen in de nieuwe bottom-up economie van zzp’ers en kleinschalige initiatieven. In plaats van te bezuinigen op bibliotheken, moet er juist in vernieuwing geïnvesteerd worden. Rotterdam is gelukkig hard bezig met het heruitvinden van de bibliotheek, weet ik. Ze hebben een ambitieus beleidsplan geschreven over die nieuwe rol en hoe je mensen aan je bindt.”

Gaan universiteiten zelf ook mee in die veranderingen?

“Het traditionele klaslokaal, de docent aan de ene kant en de leerlingen ertegenover, luisterend, vormt nog steeds de kern van het onderwijs. Maar dat is aan het veranderen. Tijdens mijn studie in Delft werkten we nog met een rekenliniaal, nu heeft elke leerling en student een computer of een iPad. Maar niet alleen de techniek is veranderd. Er is steeds meer hip to hip onderwijs waarbij de docent naast een student staat in plaats van tegenover een enorme groep studenten.

Maar de grootschalige, van huis uit te volgen hoorcolleges dan? Onderwijs lijkt juist veel onpersoonlijker te worden.

“De toekomst van onderwijs bestaat enerzijds uit toenemende schaalvergroting en anderzijds is er daardoor meer tijd voor persoonlijk contact. Het gaat om wie jou inspireert en dat gaat niet alleen via een computerscherm. We gaan toe naar een combinatie van dit soort verschillende vormen van onderwijs. Een combinatie van die twee uitersten.”

“De architectuur van bibliotheken, kantoren en universiteitsgebouwen zal steeds meer op elkaar gaan lijken.”

Beeld: Geisje van der Linden

Wat zal het effect van de veranderende economie zijn op de architectuur?

“De architectuur van bibliotheken, kantoren en universiteitsgebouwen zal steeds meer op elkaar gaan lijken. Omdat ze moeten beantwoorden aan dezelfde soort behoeften. Ook binnen kantooromgevingen en bedrijven moet je een omgeving scheppen waarin mensen gestimuleerd worden te blijven leren. Op bepaald niveau verschilt de functie van gebouwtypologieën steeds minder. Daar ben ik heel positief over.”

Hoe kan Rotterdam daar qua stedelijke ontwikkeling bij aansluiten?

“Rotterdam is een inspirerende en open stad, en betaalbaar. Er zijn daardoor veel jonge creatievelingen heengetrokken, ook veel van de medewerkers van Mecanoo wonen er. Er zijn nog leegstaande loodsen waar je iets mee kunt doen, dat is ontzettend leuk. Door dat te benoemen en te thematiseren, kun je van plekken in de stad communities maken waarin mensen elkaar kunnen inspireren.”

Wat veranderen alle geschetste ontwikkelingen aan uw rol als architect?

“Dat is een lastige vraag waar ik niet één, twee, drie een antwoord op heb. De rol van een architect is permanent aan verandering onderhevig omdat de maatschappij continu verandert. Je bent dienstbaar en visionair aan de maatschappij, dat hoort voor mij bij het beroep van architect. Mijn laatste boek heet People Place Purpose, ik observeer eerst de mensen, analyseer dan de plaats met zijn specifieke cultuur en klimaat, en als laatste focus ik op de functie. En wat ik in vijfendertig jaar geleerd heb, is dat de functie altijd verandert.”

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met de Internationale Architectuur Biennale Rotterdam (IABR). Van 23 april t/m 10 juli 2016 onderzoekt IABR–2016–THE NEXT ECONOMY een waaier aan denkbare toekomstscenario’s voor onze steden. Meer informatie over de tentoonstelling en het programma vind je hier. Op vrijdag 3 juni is Edgar Pieterse te gast voor de zesde Next Talk. Harriet Bulkeley spreekt op vrijdag 10 juni en Oliver Wainwright is op vrijdag 17 juni in Rotterdam.

De sectie Stedelijke Ontwikkeling & Architectuur wordt mede mogelijk gemaakt door AIR, het Architectuur Instituut Rotterdam. (meer info)

Lees meer:

Reageer of deel op Social Media

Tags:architectuur, bibliotheek, Erasmus Universiteit en IABR

Secties: Stedelijke ontwikkeling & architectuur en The Next Economy

kaart: Collegelaan, 3062 Rotterdam, Nederland

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • Draag inhoudelijk bij aan de discussie
  • Blijf on-topic
  • Speel op de bal, niet op de man
  • Wees respectvol: reacties waarin sprake is van schelden, haat, racisme of seksisme worden verwijderd
  • Reacties over huisregels en toelatingsbeleid worden verwijderd
  • We gaan niet in discussie over verwijderde reacties
  • Zie je reacties die niet aan de huisregels voldoen? Ons controlesysteem is niet waterdicht. Laat het ons weten via info@versbeton.nl

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *