Kunst & Cultuur6 juli 2016

Hoe de Rotterdamse popscene opkrabbelde, ook zonder poppodium

Sinds de komst van Annabel lijkt de aanhoudende kritiek op het ontbreken van een poppodium te verstommen. Creëert een commercieel podium een klimaat waarin beginnende muzikanten gedijen? Hoe kijkt de nieuwe generatie zelf naar de mogelijkheden in Rotterdam? En welke rol spelen de onderwijsinstellingen?

Half Way Station Beeld: Marcel Kollen

De voorheen bruisende pop- en uitgaanscultuur in Rotterdam brokkelde met de sluiting van Nighttown, Waterfront, Watt, Heidegger, Exit, Plan C en Off Corso langzaam maar gestaag af. In 2012 was er behalve Rotown, de Baroeg en een incidenteel concert in de Maassilo niets meer over. Ronald Molendijk vatte het destijds treffend samen: “Voor muziekliefhebbers blijft er weinig anders over dan een rijbewijs of een OV-jaarkaart te bemachtigen.”

De beschikbare subsidie werd verdeeld over Motel Mozaïque en Rotown, die sindsdien samen ongeveer twintig tot dertig concerten op locatie programmeren. Vijf jaar na het sluiten van Watt opende ondernemer Aziz Yagoub eind 2015 ‘zijn’ Annabel, zonder subsidie. Is een commercieel podium uitgerust voor dezelfde functie als een gesubsidieerde zaal?

Lees ookKunst & CultuurDe Likt: “Op Zuid kun je in je badjas de straat op”

Immanuel Spoor is organisator van het Eendrachtfestival (waar vorig jaar 136 Rotterdamse acts optraden), heeft zijn eigen agency en is de manager van De Likt. Hij heeft zo zijn twijfels bij de zaligmakende functie van Annabel. “Niets dan mad respect voor Aziz, laat dat duidelijk zijn. Maar het is naïef om te denken dat jong talent hier dezelfde kansen krijgt als bij een gesubsidieerd podium.” Immanuel begon met het Eendracht Festival vanuit frustratie over het gebrek aan levendigheid in het centrum. “Vroeger liep je van de Nieuwe Binnenweg richting de Witte de Withstraat en kwam je zoveel mensen op straat tegen dat je ter plekke een feestje kon bouwen.” In 2012 vertegenwoordigde hij met zijn On Track Agency vijf Rotterdamse acts. “Ik kon ze overal kwijt, behalve in Rotterdam. Wat dat betreft neemt Stephan Maaskant als huidige programmeur van Rotown zijn verantwoordelijkheid beter richting de lokale scene.”

Die scene begon zich wat Immanuel betreft vanaf 2013 te herstellen, mede dankzij de rol van Stephan. “Maar ook met de komst van BAR en BIRD, je merkt dat het langzaamaan beter gaat. Maar het is typisch Rotterdams om nu achterover te leunen en te denken dat we er zijn. De scene is jarenlang verwaarloosd. Je kunt een akker niet omploegen, zaaien en als het geld op is voor water, verbaasd zijn dat er geen plantjes komen.”

Rats on Rafts Beeld: Marcel Kollen

Onconventioneel groeien

Stephan Maaskant werd voordat hij het als programmeur van Joey Ruchtie overnam speciaal bij Rotown aangenomen om lokale bands te programmeren. “Ik ben er met mazzel tussengekomen. Je ziet dat in Rotterdam ook de mensen achter de schermen de ruimte krijgen om te groeien, zowel vanuit de gemeente als locaties. Dat is ook een vorm van talentontwikkeling. Wat betreft de ontwikkeling van bands zou er meer mogen gebeuren, maar het Eendrachtfestival en de Popunie zijn goede voorbeelden waarbij dat wel gebeurt. Op een onconventionele manier zijn er in Rotterdam best veel mogelijkheden om te groeien.”

Als het gaat om het faciliteren van de Rotterdamse popscene speelt de Popunie een belangrijke rol. Job den Dulk is als projectleider onder andere verantwoordelijk voor de Popweek, Popunie Live en Meet the Pro, workshops voor beginnende artiesten. Wat hem betreft gaat het in Rotterdam uitstekend. “We hebben weliswaar geen poppodium, maar wel stadsprogrammeurs die een locatie bij de band zoeken in plaats van andersom. Dat is veel goedkoper dan een poppodium exploiteren.”

Harry Hamelink is één van die stadsprogrammeurs. De samenwerking die Motel Mozaïque (waarvan hij directeur is) met podia en culturele instellingen in de stad aangaat, is uniek en wordt volgens hem buiten de stad met belangstelling gevolgd. “Dit is programmeren 2.0. Het voordeel van 25 jaar in het vak zitten, is dat je meer zicht krijgt op grote lijnen en ontwikkelingen. Vergeleken met andere steden en perioden doet Rotterdam het nu inderdaad goed. De ‘humuslaag’ is in orde. Dat houdt in: de opleidingen en de aanwas van nieuwe bandjes, maar ook de signatuur en het succes van kleinere podia.”

"De Likt had nooit kunnen ontstaan op het Codarts, de Popacademie was net iets meer straat"

De Popunie mag per jaar een ton verdelen om lokale live muziek in kleine etablissementen te faciliteren. Job den Dulk: “In 2015 werden met behulp van dit project negenhonderd optredens van Rotterdamse acts op tachtig locaties gerealiseerd. In Rotterdam zijn honderd locaties om te spelen, van het café hier op de hoek tot Ahoy én er zijn 65 binnen- en buitenfestivals.”

De Popunie heeft tevens een archieffunctie met releases en demo’s waardoor ze festivals en podia kunnen faciliteren als deze op zoek zijn naar een Rotterdamse band. Dat het goed gaat met de stad bewijst ook de ‘output’ van Rotterdam, aldus Job. “In juni staat Ronnie Flex in Ahoy, De Likt gaat een topzomer tegemoet, die staan overal, evenals Broederliefde, Rats on Rafts hebben net door Engeland en Duitsland getourd. Sevdaliza doet een internationale tour en is als enige Rotterdamse act op uitnodiging naar de South by Southwest showcase in Austin. Dat Rotterdamse muziek zo breed succesvol is heb ik nog nooit meegemaakt.”

Immanuel Spoor plaatst toch een kanttekening. “In Rotterdam zijn nauwelijks artiesten die van hun muziek kunnen leven, met als uitzondering de door Job genoemde namen.” Dat mag geen criterium zijn, vindt muzikant en booker Xander van Dijck. “Ik vind, en dat zeg ik ook tegen de muzikanten die ik vertegenwoordig, dat ze het voor de liefde voor muziek moeten doen. Als ze doekoe willen maken, kunnen ze beter iets anders gaan doen.”

Half Way Station Beeld: Marcel Kollen

Punkmentaliteit

Xander begon zijn carrière op de Popacademie van het Zadkine (mbo) waar onder andere De Likt en Ronnie Flex het licht zagen. De opleiding is vorig jaar wegbezuinigd. “Ik ben begonnen als booker omdat ik doorhad dat ik alleen met mijn bandje er moeilijk tussen zou komen. Ik heb wat dat betreft een punkmentaliteit: ik verwacht van niemand dat ze het voor mij gaan doen, ik doe het zelf wel.”

Rotterdam is goed bezig, maar hij mist de connectie met het conservatorium, Codarts. “Ik heb werkelijk geen idee wat zij aan het doen zijn, terwijl ik toch best wel op de hoogte ben. Het zou mooi zijn als ze vaker een showcase zouden organiseren.” Het onderscheid tussen de twee opleidingen erkent ook Job den Dulk. “De Likt had nooit kunnen ontstaan op het Codarts, de Popacademie was net iets meer ‘straat’. Maar bij Codarts loopt zoveel talent rond, ze zitten wat dat betreft op een goudmijn. Wij zouden graag meer samen willen werken, maar ze zijn erg slecht bereikbaar.”

"Als stad en programmeur moet je mee kunnen groeien met een artiest, anders ben je ze kwijt"

Het hoofd van de popafdeling van Codarts, Wessel Coppes, herkent zich niet in de kritiek. “Onze studenten spelen al op heel veel verschillende plekken, van Ahoy tot de Tikibar. Samenwerking hebben we met bijna alle Rotterdamse podia, van de Doelen tot aan BIRD. Op dat laatste podium hebben vorig jaar onze jazz-studenten nog examens gespeeld. In Rotown hebben we onze bandprojecten van de popafdeling. Bij deze zijn Spoor en Den Dulk van harte uitgenodigd om te komen praten, dan kan ik ze laten zien wat we als popopleiding doen binnen de stad en praten over eventuele samenwerking. Daar sta ik altijd voor open.” Of Rotterdam genoeg podia heeft vindt hij lastig te zeggen. “Dat is per muziekstijl verschillend. Voor sommigen is de stad heel bruikbaar. Je hebt in de stad een rijke popcultuur, maar er is duidelijk genoeg ruimte voor nieuwe initiatieven.”

Mark Lotterman Beeld: Marcel Kollen

Grote namen

Wat Rotterdam op dit moment het meest mist? Immanuel Spoor en Xander van Dijck zijn er eenstemmig over: “Een Waterfront. Een podium van een dergelijk formaat, waar jong talent zich kan ontwikkelen én een plek waar muzikanten elkaar ontmoeten.”

Harry Hamelink mist een middelgrote zaal. “Je hebt geen plek meer zoals Nighttown waar beginnende artiesten gekoppeld kunnen worden aan grote namen. Op een podium staan waar je twee weken later je helden ziet optreden, dat is van onschatbare waarde. Maar in de stad ontbreekt ook een plek waar bands kunnen staan die te groot zijn voor Annabel. Als stad en programmeur moet je mee kunnen groeien met een artiest, anders ben je ze kwijt.”

Het kan zijn dat er licht aan het einde van de poppodiumtunnel gloort, nu de Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur in haar recentste cultuurplanadvies niet alleen aan stichting De Nieuwe Lichting van Immanuel Spoor flink wat subsidie toekent, maar ook Belle Hélène een aardig bedrag bedeelt. Want, in de woorden van de RRKC: “De behoefte aan een middelgroot poppodium in Rotterdam is evident. Daarom verdient Belle Hélène het voordeel van de twijfel en krijgt het de komende twee jaar de gelegenheid zich een logische plek te verwerven.”


En de muzikanten?

Bregje Sanne Lacourt studeerde in 2006 af van de popopleiding van Codarts: “Door de bezuinigingen van o.a. Leefbaar Rotterdam op de kunst- en cultuursector is het veel lastiger geworden om te spelen op toffe plekken. Grotere podia kiezen eerder voor een buitenlandse act zonder voorprogramma dan een avond met een lokale artiest. De Rotterdamse artiest moet vaak zelf betalen voor het huren van het podium als er een releasefeestje is. Mijn ervaring als ex-student is dat iedereen er na een aantal jaren achter komt dat je sowieso hard moet werken om ergens te komen binnen de muziek, en dat het in the end geen drol uitmaakt of je conservatorium hebt gedaan of niet. Toen ik studeerde aan Codarts was de popopleiding nog niet zo heel lang een feit. Hierdoor was het nog een beetje een speeltuin waarin je vooral jezelf ontdekte. Doordat wij uiteindelijk naar Waterfront verhuisden, konden we naar hartenlust experimenteren met het uitvoerende vak. Omdat we toen nog podia hadden als Exit en Nighttown, maar ook Café de Consul kon iedereen dus, ook niet-Codarts mensen, overal lekker samen spelen en naar sessies komen luisteren. Dit mis ik wel in het huidige Rotterdam.”

Bas van Holt studeerde in 2015 af van Codarts: “Ik vind dat het goed gaat met de Rotterdamse popscene. Van de dertig plekken waar ik met mijn band Bolt & the Swamp People speel zijn er bijvoorbeeld tien in Rotterdam. In het begin kwam ik er lastig tussen, maar dankzij de Popunie en de inzet van Immanuel Spoor is dat veranderd. De popscene moet het wel hebben van innovatieve doe-het-zelvers. Aan Codarts heb ik op dat vlak weinig gehad, maar het is ook niet echt aan een dergelijke instelling om direct invloed te hebben op een popscene. Ik was daar sowieso een beetje een vreemde eend in de bijt. Ik ben niet zo van het technische gedeelte of fusion jazz. Ik hou van rock ’n roll en dat komt in mijn huidige band beter tot zijn recht. Op de opleiding leer je veel andere muzikanten kennen, daar heb je wat aan. Maar ze bereiden je niet echt voor op een leven als muzikant. Ik werk drie dagen als gitaarleraar. Alles dat ik met mijn band verdien, investeer ik in mijn album. Artiest zijn is tegenwoordig eigenlijk ondernemen.”

De foto’s in dit artikel zijn afkomstig uit het boek OFF Rotterdam, waarin fotograaf Marcel Kollen de opkomst van zeven eigenzinnige Rotterdamse bands vastlegt.

Dit artikel verscheen eerder in KROOST, een eenmalige uitgave over cultuurvernieuwers van Rotterdam viert de stad!

Reageer of deel op Social Media

Tags:annabel, codarts, Eendrachtfestival, Harry Hamelink, immanuel spoor, Job den Dulk, muziek, popacademie, poppodia, popscene, popsector, Popunie, Rotown, RRKC en Stephan Maaskant

Sectie: Kunst & Cultuur

Ontvang de wekelijkse Vers Beton newsletter!

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • Draag inhoudelijk bij aan de discussie
  • Blijf on-topic
  • Speel op de bal, niet op de man
  • Wees respectvol: reacties waarin sprake is van schelden, haat, racisme of seksisme worden verwijderd
  • Reacties over huisregels en toelatingsbeleid worden verwijderd
  • We gaan niet in discussie over verwijderde reacties
  • Zie je reacties die niet aan de huisregels voldoen? Ons controlesysteem is niet waterdicht. Laat het ons weten via info@versbeton.nl

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *