EconomieStedelijke ontwikkeling & architectuur24 oktober 2016

De lusten en lasten van ondernemen in oude havengebouwen

Ondernemers omarmden de oude panden in het Merwe-Vierhavensgebied. Zij maakten het er weer aantrekkelijk én van economische waarde. Wat is voor hen de waarde van de monumenten waarin ze werken?

Beeld: Frank Hanswijk

De oude vertrekhal Oranjelijn is niet de meest logische of makkelijke plek voor een bakkerij. Hetzelfde geldt voor de Thomson’s loods waar GROUP A architecten zich vestigde en de voormalige Chefarofabriek die Stichting Kunst Accommodatie Rotterdam aankocht voor muziekstudio’s. Toch kozen ze ervoor. Sereni Horton, eigenaresse van banketbakkerij Koekela: “We vonden dit pand op uitnodiging van onze koffiebrander Santas die er al zat, en waren superenthousiast”, vertelt Horton. “We konden de ruimte indelen zoals we wilden. Het is een pand dat karakter heeft en dat spreekt ons zo aan.”

"Het gebouw stond stiekem al op ons verlanglijstje"

Veel ruimte en vrijheid in de indeling, dat was ook voor de architecten van GROUP A één van de redenen om zich in het havengebied te vestigen, op de eerste verdieping van een loods uit 1920. Ze delen hun ruimte in het pand van het voormalige Thomsen’s Havenbedrijf met De Urbanisten, Bekkering Adams Architecten, hp architecten en Nieman Raadgevende Ingenieurs. Eén van de partners van het bureau Folkert van Hagen vertelt:

“In 2014 vonden we deze loods. Eigenlijk kenden we het gebouw al wel, het stond al tien jaar leeg en stiekem op ons verlanglijstje. Maar het is 1100 vierkante meter, plus nog eens 400. Eigenlijk twee keer zo groot als we zochten. Een muur zetten was voor ons geen optie, die hal moest die hal blijven. Dus gingen we op zoek naar partners en andere bedrijven die het met ons wilden delen. De helft van de ruimte is van iedereen. Ook heeft ieder zijn eigen plek, maar dat is niet zo duidelijk afgescheiden. Je voelt je vrij om overal doorheen te lopen en van alle ruimte gebruik te maken.”

Ruig

Niet alleen de fysieke kenmerken van het gebouw spraken hen aan. Het ruige imago van het gebied paste bij het architectenbureau. “Onze vorige plek, het Diepeveen gebouw in Delfshaven, werd steeds keuriger. Er was voor ons vernieuwing nodig, en grotere werkplek. Wilden we groeien richting het centrum, meer een bureau van nette overhemden worden? Of toch terug naar die ruige randen van onze begintijd? We kozen voor het laatste. Het Vierhavensgebied is nog ruig, maar opkomend, dat voelden we toen al aan.”

Beeld: Frank Hanswijk

Was het een eenvoudige keuze? “Nee”, zegt Van Hagen stellig. “De gemeente verhuurde het als opslag, voor een heel lage prijs, dat wel. Niemand was zich bewust van de kwaliteit van het pand. Wij hebben een flinke investering gedaan om er werkruimte van te maken. Dat halen we er pas in tien jaar uit.”

“Het gebouw was helemaal donker, dichtgetimmerd en had overal loshangende elektra toen wij het gingen huren.” Niet iedereen kon daar doorheen kijken. “We moesten zelfs de helft van ons bureau overtuigen, met presentaties. Maar nu zitten we hier wel op een waanzinnige locatie, in een waanzinnige ruimte.” Hij geeft toe: “ik vond het zelf ook spannend.”

Beeld: Frank Hanswijk

Om de oude hal geschikt te maken als bakkerij zocht ook Horton creatieve oplossingen. “Het is een monumentaal pand, dus we mochten bijvoorbeeld niet door de muren boren. Met de afvoer van de ovenlucht moesten we dus even puzzelen. En we moesten een vetafscheider aanleggen, tussen de afvoer en riolering zodat er bijvoorbeeld geen roomboter in de riolering terecht komt. Die kon niet onder de vloer dus hebben we uiteindelijk onder het pand doorgegraven en de put buiten gemaakt.” Niet erg, vindt ze. “Je weet waar je aan begint als je ervoor kiest om je bakkerij te vestigen in zo’n gebouw.”

De architecten hebben hun investeringen op slimme wijze verkleind. Van Hagen: “We hebben onze 38 werknemers gevraagd om te helpen. Iedere vrijdag en zaterdag stonden we hier met zeven, acht man te klussen. De bedrading, vloerverwarming en luchtinstallatie hebben we laten doen, de kasten die de hele ruimte beslaan, de bar en keuken hebben we zelf gebouwd. 1400 liter latex is er door onze handen gegaan.”

Beeld: Frank Hanswijk

“We hebben besloten dat we de komende vier, vijf jaar blijven bouwen. De vergaderkamer is bijvoorbeeld net nieuw. ” Zo maken ze gunstig gebruik van het feit dat hun kantoor voorlopig niet af komt. “Als architecten proberen we hier nieuwe stijlen en vormen uit. Het is voor ons 1100 vierkante meter testcase en showroom.”

Even verderop vond Stichting Kunst Accommodatie Rotterdam (SKAR) juist een gebouw dat precies geschikt bleek voor hun doel: het huidige Soundport-gebouw. SKAR zorgt voor betaalbare ateliers, studio’s en creatieve werkruimten in Rotterdam en beheert dertig gebouwen. De voormalige opslagloods van de Chefaro-fabriek voldeed precies aan wat ze in de rest van de stad niet vonden. “We zochten een gebouw om permanente studio’s voor professionele muzikanten in te maken”, vertelt Yvonne Wieringa, van het begin betrokken bij de ontwikkeling van de loods tot ‘Soundport’. Een nieuw pand bouwen en naar de wensen van muzikanten inrichten was financieel niet haalbaar geweest, dus deze oplossing kwam als geroepen. “Dit gebouw was al ontzettend goed voor dat doel.”

Toch ontkwam ook SKAR niet aan investeren. “De manier waarop we dit gebouw konden verbouwen, was doorslaggevend”, vat Wieringa samen. SKAR investeerde 1,7 miljoen euro in de verbouwing, waarvan een deel (350.000 euro) uit gemeentelijke fondsen. “Vier open verdiepingen, die we konden compartimenteren tot 22 geluidsgeïsoleerde studio’s van dertig of negentig vierkante meter. En zonder woningen eromheen, dus geen problemen met geluidsoverlast.” Het lastigste was het internet, vertelt Yvonne. “In 2010 moest de kabel daar nog gegraven worden, dat heeft op zich laten wachten.”

Beeld: Frank Hanswijk

Voor Koekela is de nodige investering nu juist de drempel, vertelt Horton. “Het pand wordt te klein, maar we kunnen er niet, zoals vaak bij moderne panden, een stukje aanbouwen. Dus moeten we verhuizen.” Het liefst wilde ze naar een grotere loods in hetzelfde havengebied. Aan het beoogde huurpand moest helaas veel verbouwd worden om het geschikt te maken, teveel. “Als we het van de gemeente hadden kunnen kopen, had ik het misschien wel gedaan. Ik vind het erg jammer om uit het havengebied weg te gaan.”

Horton heeft gekozen voor ‘een jonger fabriekspand op een Schiedams industrieterrein, helemaal up-to-date qua elektra en isolatie’, beschrijft ze. “Het heeft alles, behalve sfeer.” Karakteristiek in het huidige gebouw vindt zij de stalen kozijnen. Niet om indruk te maken op bezoekers, want die ontvangt ze niet in de productieruimtes. “Puur voor onszelf, je wilt toch in een mooie en leuke ruimte werken?!” Het industriële karakter van het gebied, de plek aan het water en de reuring van andere ondernemers zijn voor haar van meerwaarde.

“Het karakter is zo mooi, dat je moeilijke aspecten niet als beperking ziet"

Het Soundport-gebouw is geen officieel monument, maar voor Wieringa ‘een mooi baken’ door de verlichte letters die het van verre zichtbaar maken. “Het is een degelijk gebouw met een mooie allure. Het maakt ons en de ruim veertig muzikanten dagelijks trots”. Ook voor GROUP A is het karakter van het gebouw belangrijk. “Ja, klimaattechnisch is het moeilijker dan een nieuw gebouw. Minder stabiel. Maar kijk, als het ‘s zomers buiten dertig graden is, zetten we hier alles open. Dan is het wel warm, maar met een briesje. Dat vind ik geen beperking, eerder heel natuurlijk.”

Beeld: Frank Hanswijk

“Het karakter van het gebouw is zo mooi, dat je moeilijke aspecten niet als een beperking ziet, maar als iets dat hoort bij het gebouw. Je stelt je eisen bij, omdat je voor dit gebouw gekozen hebt. Het is altijd een pakhuis, nooit een sjiek kantoor. En dat wilden we ook”, vat Van Hagen samen.

Gezamenlijke gebiedsontwikkeling

Het Merwe-Vierhavengebied had zich niet zo kunnen ontwikkelen zonder de ondernemers die zich er vestigden, stelt Van Hagen: “Wij hebben hier voor reuring en een dynamische werkplek gezorgd. Dat heeft aantrekkingskracht. Voor allerlei partijen is dit pand nu een eyeopener, ineens zien ze in wat je hier kunt doen. Dat had de gemeente zelf niet voor elkaar gekregen. Ook Horton bevestigt de aantrekkingskracht die ondernemers het gebied geven. “Je ziet dat het gebied steeds meer leeft. Het is een leuke verzameling van bedrijven geworden.”

SKAR zag die reuring ontstaan sinds 2010. “Inmiddels zitten hier ook veel culturele partijen, maar destijds wisten we nog niet dat die aantrekkingskracht zou ontstaan. We kunnen het gebied zo gezamenlijk steeds verder ontwikkelen. Het is mooi dat onze kunstenaars daar deel van uitmaken.”

Dit artikel kwam tot stand in samenwerking met het Nationaal Monumentencongres. Het congres vindt plaats op donderdag 10 november 2016 in de Schouwburg. Het thema dit jaar is ‘Bestaande Waarden en Nieuwe Waardering’.

De sectie Stedelijke Ontwikkeling & Architectuur wordt mede mogelijk gemaakt door AIR, het Architectuur Instituut Rotterdam. (meer info)

Reageer of deel op Social Media

Tags:fabrieken, haven, loodsen, M4H, merwe-vierhavensgebied, Monumenten, Monumentencongres, Nationaal Monumentencongres en ondernemers

Secties: Economie en Stedelijke ontwikkeling & architectuur

Mede mogelijk gemaakt door...

De sectie Economie & Ondernemerschap wordt ondersteund door onze partners: Stichting Ondernemerbelangen Rotterdam & Rdamse Nieuwe.

Lees hier en hier wie ze zijn waarom zij Vers Beton steunen.

Klik hier voor meer informatie over partnerschappen.

Contact opnemen over deze sectie? Mail chef Willemijn Sneep.

Mede mogelijk gemaakt door...

De sectie Stedelijke Ontwikkeling & Architectuur wordt ondersteund door onze partner AIR, het Architectuur Instituut Rotterdam. Bezoek de website van AIR.

Lees hier meer over deze samenwerking.

Ontvang de wekelijkse Vers Beton newsletter!

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • draag inhoudelijk bij aan de discussie (en ja, humor mag, graag zelfs!)
  • blijf on-topic
  • speel op de bal, niet op de man

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *