Stedelijke ontwikkeling & architectuur3 november 2016

De Rotterdamse markthal die failliet ging

In het Laurenskwartier verrees al eerder een overdekte markthal. Ook dit grootse bouwwerk werd bejubeld. Toch liep het voor deze hal niet goed af. Paul Groenendijk vertelt erover.

Beeld: Stadsarchief Rotterdam, met dank aan Platform Wederopbouw Rotterdam.

Rotterdam zal Nederland en de wereld binnen enkele jaren weer eens verbaasd doen staan over de grootse allure van zijn wederopbouw. Want gisteren is besloten, dat er aan de Hoogstraat een zakenbouwwerk komt van een ongehoorde en, zoals men dat pleegt te noemen, Amerikaanse opzet. Hier worden maar liefst 200 winkels op een nog niet eerder in Europa vertoonde wijze ondergebracht. Dit bouwwerk zal na het Groothandelsgebouw en Lijnbaan ’s werelds verbazing wekken. Het trekt aan de Hoogstraat, ten oosten van het spoorviaduct dus, onmiddellijk de aandacht door zijn omvang en vormgeving. (…) Dit fantastisch bouwwerk geeft Rotterdam dus ook weer een Passage….! Hier zal men als op ’n enorme, ultra-moderne markt inkopen kunnen doen.

Dit was niet de aankondiging van de plannen voor de Markthal in 2002, daarvoor is het taalgebruik (uit Het Vrije Volk van 7 november 1953) iets te plechtstatig. Maar de opzet van het Twaalfprovinciënhuis, die op 22 september 1955 werd geopend, lijkt er in alles op. In de brochure van ontwikkelaar Wereldhaven was sprake van “een overdekte markt, die een unicum zou worden in Europa.” Het is niet te hopen dat de geschiedenis zich qua exploitatie zal herhalen.

Flaneercentrum

Het ‘unieke flaneercentrum voor oor, oog & tong’ van architect Herman Bakker was een fiasco. Binnen een jaar werd het faillissement uitgesproken. Na vele jaren als weinig succesvolle kantoorruimte, locatie voor dumpwinkels en poppodium De Vlerk te hebben gediend, werd het markante Corbusiaanse bouwwerk in 1996 zelfs gesloopt. Zover zal het met de Markthal niet komen, daarvoor zijn gebouw en concept te sterk. Of lezen we binnenkort in de kranten een even navrant in memoriam als zestig jaar geleden?

Een groots experiment, dat niet mocht slagen

In het nog ongeschreven boek over Rotterdams wederopbouw staan onder het hoofdstuk 1956 enkele zwarte bladzijden, bladzijden, die als titel dragen: Het Twaalfprovinciënhuis. Zij bevatten de geschiedenis van een groots experiment, dat niet mocht slagen. Zij vertellen van de slapeloze nachten van een aantal winkeliers en marktkooplieden en van de strijd van een bouwer, die exploitant van een winkelgebouw werd. En zij wekken enige aarzeling in de stem van de Rotterdammer, die met gerechtvaardigde trots spreekt over de herbouw van zijn stad. (Het Vrije Volk 31-12-1956)

Beeld: Stadsarchief Rotterdam, met dank aan Platform Wederopbouw Rotterdam.

De Twaalf Provinciën

Het Twaalfprovinciënhuis is tussen 1953 en 1955 gebouwd op een langwerpig terrein van ongeveer 20 bij 80 meter aan de Hoogstraat, tussen de huidige Centrale Bibliotheek en het winkelgebied Nieuwemarkt, dat tegelijkertijd ontworpen en gebouwd is. In combinatie met de toekomstige weekmarkt op de Binnenrotte, zou dit een geduchte concurrent voor de Lijnbaan worden. Niet alleen door de twee rijtjes met dertig winkels aan het voetgangersgebied, maar vooral door het unieke concept van het Twaalfprovinciënhuis met tweehonderd winkelunits. Het grote gebouw, een voorloper van het overdekte winkelcentrum, bestond uit twaalf entresols en elke tussenverdieping kreeg de naam van een Nederlandse provincie.

Men is zijn tijd ook hiermee vooruit, want men heeft maar vast aangenomen dat de Zuiderzeepolders de twaalfde provincie zullen worden en de naam „Flevo” zullen krijgen. Limburg ligt hier in de kelder en Flevo op zolder. Gedachtig aan het vertier dat men in Limburg gemeenlijk pleegt te maken, heeft men de naar deze provincie genoemde verdieping gereserveerd voor marktkooplieden en vermakelijkheden. Standwerkers en venters zullen er een plaats kunnen huren om onder het motto „Sprookjes en koopjes in Limburg” hun waar aan te bieden… 
(De Tijd 22-10-1955)

Beeld: Stadsarchief Rotterdam, met dank aan Platform Wederopbouw Rotterdam.

Bovenin het gebouw was een grote cafetaria, Flevo. Verder was er een congres- en feestzaal voor vijfhonderd mensen en een cineac, waar huisvrouwen hun kroost kwijt konden om vervolgens ongestoord te winkelen. Dat gebeurde alleen te weinig.

Bouwputten als barrière

Hoe kon het zo misgaan met het Twaalfprovinciënhuis? Het grootste probleem was de excentrische ligging van het winkelgebied. De Hoogstraat als winkelstraat stopte bij de Westewagenstraat en er was nog geen markt op de Binnenrotte. Daar lag een groot drassig braakliggend terrein dat voetgangers afschrikte, met het Luchtspoor als extra visuele barrière. Het Vrije Volk van 26 oktober 1956 verklaart de ondergang:

De Nieuwe Markt en de aangrenzende Pannekoekstraat en Hoogstraat liggen niet „in de loop”. (…) Geen enkele winkel in deze buurt heeft zoveel aantrekkingskracht dat men bewust de kale bouwputten bij het viaduct passeert. (Het Vrije Volk 26-10-1956)

Wederopbouw Rotterdam
Exact 75 jaar na de start van de wederopbouw schenkt Vers Beton aandacht aan de ontwikkelingen die Rotterdam maakten tot de stad die het nu is. De kenmerkende wederopbouwarchitectuur ondervindt met name de laatste jaren een herwaardering. In samenwerking met Platform Wederopbouw Rotterdam maken we een serie over de vaak nog verborgen verhalen achter de wederopbouwperiode.

De sectie Stedelijke Ontwikkeling & Architectuur wordt mede mogelijk gemaakt door AIR, het Architectuur Instituut Rotterdam. (meer info)

Lees meer:

Reageer of deel op Social Media

Tags:De Markthal Rotterdam, De Twaalf Provinciën, Herman Bakker, Laurenskwartier, markthal, Nieuwemarkt, Pannekoekstraat, wederopbouw en Wederopbouw Rotterdam

Sectie: Stedelijke ontwikkeling & architectuur

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • draag inhoudelijk bij aan de discussie (en ja, humor mag, graag zelfs!)
  • blijf on-topic
  • speel op de bal, niet op de man

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *