Politiek2 december 2016

Rotterdam tovert zorguitgaven weg

Schaduwwethouder Sandra Phlippen zoekt verklaring voor de sterke daling van de zorguitgaven

In deze columnreeks delen de schaduwwethouders van Vers Beton hun kijk op het gemeentebeleid. Volgens Sandra Phlippen is wethouder Visser (financiën) te optimistisch over de bezuinigingen in de zorg. De gevolgen zijn namelijk nog niet te overzien.

Sandra Phlippen Beeld: Jeroen van de Ruit

Sinds basale zorgtaken uit de wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) volledig door de gemeente betaald en uitgevoerd worden, lijkt het alsof Rotterdam kan toveren.

Neem bijvoorbeeld hulp in het huishouden voor mensen die dat zelf niet meer kunnen. Vóór 2015 kostte dat ongeveer 70 miljoen euro. Zodra de gemeente het zelf doet en betaalt, blijkt dezelfde klus maar 40 miljoen te kosten. Het enige dat we weten is dat de eigen bijdrage flink omhoog ging én dat het aantal aanvragen teruggelopen is. Wethouder Visser (financiën) blij, doelstelling gehaald, zou je zeggen.

Lees ookDe TussenstandPolitiekSchaduwwethouder Sandra Phlippen: “Gemeente heeft meer real-time-informatie nodig”De Tussenstand van het collegebeleid #4: Financiën

Maar deze schaduwwethouder fronst haar wenkbrauw. Hoe kan 70 ineens in 40 veranderen? Het is een voor de hand liggende vraag, maar volgens de Rekenkamer heeft niemand het antwoord. Dat baart mij als schaduwwethouder zorgen. Er zijn drie scenario’s denkbaar.

Het eerste scenario: de participatiesamenleving werkt, zoals zij bedacht is. Mensen konden vroeger veel meer zelf dan we dachten. Tegenwoordig helpen vrienden, kennissen, buren en andere vrijwilligers kwetsbare burgers regelmatig, door hun woning schoon te maken. Dus de kwaliteit van zorg blijft hoog en de kosten dalen.

Het tweede, is een iets minder rooskleurig scenario. Mensen vroegen die hulp niet voor niets aan. De bestaande pool van 100.000 zwaar belaste mantelzorgers pakt deze handschoen met veel moeite onbetaald op, omdat de verhoogde eigen bijdrage voor kwetsbare burgers te groot is om een beroep op de gemeente te doen. Die mantelzorgers bieden daardoor zelf minder of geen betaalde arbeid meer aan.

"Niemand weet of vraag en aanbod van huishoudelijke hulp gematched worden"

De toverspreuk

Het  recent verschenen rapport schone schijn van de Rekenkamer, schetst op basis van veertig interviews, vermoedens van een derde scenario. Mensen hadden de hulp hard nodig, maar kunnen die eigen bijdrage niet betalen. Zij die dat wél kunnen regelen iets anders, terwijl de meest kwetsbare groep (vaak zonder sociaal netwerk), zit te vervuilen achter de voordeur. De rekenkamer vreest dat die laatste groep dus helemaal geen hulp meer ontvangt.

De gemeente gelooft zelf vooral in het eerste scenario. Het is de toverspreuk van de grote decentralisatie waarin veel rijkstaken naar de gemeenten zijn overgeheveld. Het idee was dat zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie een samenleving voortbrengt die minder kost en meer sociale betrokkenheid toont. Het is een mooie gedachte waarin ook de schaduwwethouders graag geloven, maar het ontslaat de gemeente niet van de verantwoordelijkheid om precies te weten of nodige zorg aan kwetsbare mensen wel geleverd wordt.

Volgens Hofstra, directeur Rekenkamer, gaat het daar dus mis. Niemand weet of vraag en aanbod van huishoudelijke hulp gematched worden. Ook wordt de peilstok er niet ingehouden op plaatsen waar het zwaar tekortschieten van huishoudelijke hulp de spuigaten zou uitschieten.

Verborgen kosten

Juist op het terrein van de decentralisatie vervult de wethouder financiën een belangrijke rol. De wethouder financiën moet zicht hebben op alle kosten én baten van beleid. Dat er geld over blijft is alleen mooi als blijkt dat de baten van dit beleid zijn gerealiseerd. De baat is dat huishoudelijke hulp geboden wordt, zodat niemand eenzaam zit te vervuilen in zijn flatje drie-hoog-achter.

Maar daarmee is de kous niet af. Het gaat ook om verborgen kosten. Kosten die ergens anders weer opduiken. Denk bijvoorbeeld aan kosten doordat hulpgevende burgers zelf overbelast raken en hulp nodig hebben als ze de handschoen van de gemeente oppakken. Of misschien schroeven mantelzorgers en vrijwilligers hun eigen betaalde (!) werkuren terug om de verzorging te kunnen volhouden. Dan gaan kostbare arbeidsuren verloren voor de Rotterdamse economie en voor de belastinginkomsten. Economen noemen dit een waterbed effect.

De wethouder Financiën moet snel inzicht geven in alle kosten en baten van het gevoerde beleid, en niet juichen over een grove bezuiniging waarvan we de gevolgen nog niet kunnen overzien.

Reageer of deel op Social Media

Tags:economie, politiek, rekenkamer, rekenkamer rotterdam, Sandra Phlippen, schaduwwethouder, Thuiszorg en WMO

Sectie: Politiek

Ontvang de wekelijkse Vers Beton newsletter!

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • Draag inhoudelijk bij aan de discussie
  • Blijf on-topic
  • Speel op de bal, niet op de man
  • Wees respectvol: reacties waarin sprake is van schelden, haat, racisme of seksisme worden verwijderd
  • Reacties over huisregels en toelatingsbeleid worden verwijderd
  • We gaan niet in discussie over verwijderde reacties
  • Zie je reacties die niet aan de huisregels voldoen? Ons controlesysteem is niet waterdicht. Laat het ons weten via info@versbeton.nl

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *