voor de harddenkende Rotterdammer

Wekelijks schotelt De Beste Stuurlui prikkelende gespreksstof voor bij de vrijmibo voor. Deze week: alle freudiaanse grappen over compensatiedrang slaan we even over. Maar moet Rotterdam altijd maar achter de superlatieven aanhollen? Sereh Mandias vraagt zich af of groter, breder, wijder, smaller ook beter is.

three-crowd-opinie-maus-bullhorst
Beeld door: beeld: Maus Bullhorst

“Nieuwe toren wordt smalste van Europa”, kopte het AD eind vorig jaar. Het betrof de Baan Tower, een toren van 20 bij 20 meter die in het Baankwartier zal verrijzen. “Bouw hoogste gebouw van Nederland stap dichterbij”, schreef de NOS niet veel eerder toen het plan voor de 215 meter hoge Zalmhaventoren door de raad goedgekeurd werd.
Rotterdam heeft wat met de overtreffende trap, en niet alleen in de architectuur. De stad trekt uit als het grootste cruiseschip ter wereld aanlegt aan de Wilhelminapier en in de hal van het Centraal Station hangt het grootste LED-scherm van Europa. Verder blijkt Rotterdam de trotste bezitter het grootste openbaar park op een dak (het Dakpark) en de grootste trampolinehal van Europa.
Maar zeker wat architectonische superlatieven betreft, lijkt er in Rotterdam een soort ‘spaar ze allemaal!’-mentaliteit te heersen. Eerdere highlights waren de Montevideo, toentertijd de hoogste woontoren van Nederland. Daar moest echter wel een windvaan van 8 meter hoog aan te pas komen (de draaiende ‘M’ op het dak). Inmiddels is hij afgelost door zijn buurman de New Orleans. Zolang de Zalmhaventoren er niet staat, is de Maastoren het hoogste gebouw van Nederland. Het grootste gebouw van Nederland hebben we naar verluid ook: De Rotterdam, ook op de Wilhelminapier.

Lomp ding

Soms word je daar ook wel een beetje moe van. Want natuurlijk is een hoge toren tof. Maar dat een toren smal is, of een gebouw héél groot, zegt heel weinig over de kwaliteit ervan. Zo lijkt de Zalmhaventoren naast heel hoog ook vooral een heel lomp ding te worden.
Het doet me denken aan het moment dat Venz, ergens in de jaren negentig waarschijnlijk, op de proppen kwam met de slogan: “De grootste korrels, dus de lekkerste!” Ook toen al vroeg ik me af wat afmeting met kwaliteit te maken heeft. Datzelfde geldt voor gebouwen. Superlatieven doen het misschien goed als krantenkop en twitterbericht, maar versluieren waar het echt over zou moeten gaan: hoe goed is zo’n gebouw nu eigenlijk?
Daarom mijn voorstel: zullen we een keer proberen de béste toren te bouwen? Of misschien is een hele goede ook al genoeg. Wat dat is, daar moeten we het dan over hebben. Dat kan gaan over aansluiting op zijn omgeving, over schaal, materiaal, of over wat zich in het gebouw afspeelt. Maar zodra iedereen al op de banken staat over het formaat, loop je het risico op heel veel architectonische middelmaat.

Vers Beton heeft jouw support nodig!

Voordat je verder leest: Vers Beton kan alleen blijven bestaan dankzij support van onze lezers. Maak jij ook onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk?

Nee, ik lees eerst het stuk verder
Sereh Mandias

Sereh Mandias

Na studies wijsbegeerte en bouwkunde laveert Sereh Mandias (1987) in haar werk tussen ontwerp en theorie, met een specifieke interesse voor de totstandkoming van de hedendaagse stad. Ze is werkzaam als docent en coördinator bij de leerstoel Interiors Buildings Cities (faculteit Bouwkunde, TU Delft) en redacteur van podium voor stadscultuur De Dépendance.

Profiel-pagina
Maus avatar 300x300

Maus Bullhorst

Maus Bullhorst (1988) is illustrator en eeuwig student. Dit jaar is hij van plan om af te studeren aan de Willem de Kooning academie in Rotterdam, de school waar hij vroeger bijna in woonde en volgens sommigen zijn eigen ‘MausBaus Station’ had. Bullhorst illustreert regelmatig voor de Correspondent en Trouw en maakt met liefde werk over Rotterdam voor Vers Beton. Zijn werk is strak en kleurrijk maar vooral herkenbaar.

Profiel-pagina
Lees 5 reacties

Advertentie

Wildlife-film-festival-rotterdam-2018-Adv-Versbeton