Wetenschap en onderwijs17 maart 2017

2037: Hoe scholen in Rotterdam de macht terugnamen in het onderwijs (en de slag om de kansenongelijkheid wonnen)

Gesprek met de stad: Onderwijs

Hoe ziet het onderwijs er in 2037 uit? Onderwijsspecialist en Rotterdammer Ronald Buitelaar dacht een gedetailleerd scenario uit waarin scholen weer zelf aan het roer staan en Rotterdammers meedenken over het onderwijs in hun stad.

‘Wie mij in 2017 verteld had dat het Rotterdamse onderwijs zich zó zou ontwikkelen, had ik voor gek verklaard. Dat het roer in twintig jaar tijd zo radicaal om is gegaan was in die tijd ON-VOOR-STEL-BAAR’. De voorzitter van het Rotterdams onderwijsparlement benadrukt elke lettergreep om de Vlaamse journaliste duidelijk te maken hoe bijzonder de afgelopen twintig jaar waren. ‘En nu wilt u natuurlijk weten hoe het Rotterdamse onderwijs erin geslaagd is om zijn achterstandspositie om te buigen in een voorloperpositie. Ik zal het u vertellen’.

‘Onze stad steekt al lange tijd veel energie én geld in het bestrijden van onderwijsachterstanden, maar steeds bleven structurele effecten uit.

Beeld: Octavia van Horik

Tweedeling

‘Sociologisch, economisch en onderwijskundig onderzoek toonde keer op keer aan dat onderwijs kansen voor kinderen niet verkleinde, maar juist eerder bevestigde. Zo werd aangetoond dat ons systeem van vroege selectie funest uitpakte voor kinderen uit lage sociale milieus. Wie over kennis, geld en een netwerk beschikte kon het beste onderwijs voor zijn kinderen regelen, desnoods aanvullend. Bijles om dat ene schoolvak op orde te krijgen, toetstraining om de toetsresultaten op te vijzelen en indringende gesprekken met de basisschoolleerkracht om een advies voor het voortgezet onderwijs omhoog te praten. Wie dat niet kon viste in maatschappelijk opzicht achter het net. En in Rotterdam ging het daarbij om een aanzienlijke groep’.

‘We wisten dat die verschillen op hele jonge leeftijd beginnen, bij de familiesituatie. Alleen al de effecten van het ritueel van voorlezen op jonge leeftijd zijn enorm: kinderen die veel en goed voorgelezen worden op jonge leeftijd bouwen een grote woordenschat op en dat is een belangrijke basis voor verder leren. Het onderwijs moest voor die verschillen compenseren. Daarom werd in de jaren tien veel energie gestoken in het opvijzelen van basisvaardigheden als rekenen, taal en lezen. Rotterdam wilde per se in de pas lopen met de rest van Nederland en besteedde opnieuw veel extra geld aan het ‘bijtrekken van het been’ zoals toenmalig onderwijswethouder Hugo de Jonge het in die jaren omschreef’.

‘In Rotterdam Zuid werd er nog een flinke schep bovenop gedaan door er een Children’s Zone in het leven te roepen: extra begeleiding op school, thuis en in de wijk voor kinderen en hun ouders. De toenmalige burgemeester en latere premier van Nederland, Ahmed Aboutaleb, liet in die tijd optekenen dat Rotterdam wel een excellente haven had, maar nog geen excellent onderwijs en dat de Children’s Zone een eerste stap was op weg naar dat ideaal’.

De Vlaamse journaliste knikt instemmend: ‘Jullie Children’s Zone was mede inspiratie voor onze Antwerp Children’s Zone’. ‘Klopt en dat was begrijpelijk’, vervolgt de voorzitter, ‘want de opzet was in aanleg zeker niet verkeerd. Als je achterstanden werkelijk wilt aanpakken moet de aandacht niet alleen uitgaan naar het onderwijs, maar naar de hele leefwereld van kinderen’.

‘Toch boekte ook de Children’s Zone uiteindelijk onvoldoende resultaten. In 2016 constateerde de Onderwijsinspectie dat scholen met grote groepen leerlingen van lager opgeleide ouders vaak een zwakkere kwaliteit, minder bevoegde leraren, een hoger ziekteverzuim en forser verloop van personeel hadden. Dat kwam in het hele land, maar zeker in Rotterdam als een mokerslag aan. Om de toenemende tweedeling te keren moest er iets radicaal anders gebeuren’.

Machtige koepels

De Parlementsvoorzitter neemt een slok water, loopt naar het grote raam met uitzicht op de Hofpleindôme en vervolgt haar betoog: ‘Het besef drong door dat er iets structureel verkeerd zat in het onderwijssysteem: in plaats van een emancipatiemachine was het een systeem geworden dat verschillen reproduceerde of verergerde. Dubbeltjes werden geen kwartjes meer, maar bleven dubbeltjes of werden in het ergste geval stuivers’.

Ondanks miljoeneninvesteringen bleef de kwaliteit van het Rotterdamse onderwijs te afhankelijk van de individuele kwaliteit van school en leraar. Het gevolg: strategische keuzes van ouders en een tweedeling van scholen in kansarm en kansrijk’.

‘Wat er moest veranderen en hoe dat moest was op dat moment nogal diffuus, maar steeds vaker werd gewezen op de desastreuse rol van de centrale overheid en de schoolbesturen. U moet weten dat de regering het onderwijsbeleid vaststelde en dat schoolbesturen bepaalden hoe dat lokaal vorm kreeg. Dat ging dus zeer top-down’.

‘De meeste Rotterdamse schoolbesturen waren machtige koepels die vaak tientallen scholen bestuurden. Zo vielen onder het openbaar schoolbestuur BOOR 78 scholen voor basis- en voortgezet onderwijs en het katholieke RVKO bestuur beheerde maar liefst 66 basisscholen in Rotterdam en omstreken. Bij een schoolbestuurder moet je dus niet aan een conrector of een directeur denken, nee, dit waren doorgewinterde bestuurders. Zij waren machtiger dan bewindslieden en wethouders en legden feitelijk alleen aan interne toezichthouders verantwoording af. Je kunt je zelfs afvragen of het bestuurders echt lastig werd gemaakt, want ook medezeggenschap van ouders en personeel stelde vaak niet veel voor’.

‘Omdat besturen verantwoordelijk waren voor de kwaliteit van het onderwijs vond menig schooldirecteur en leraar dat hij klakkeloos uitvoerder was geworden van wat achter bestuurstafels voor hem bedacht werd. Het systeem joeg bovendien goede leraren weg. Er waren wel scholen die hun eigen weg zochten, maar het was lastig om een eigen koers te varen. Was het niet het eigen bestuur dat leeuwen en beren zag dan was het wel een ander schoolbestuur dat concurrentie vreesde’.

Menig schooldirecteur en leraar vond dat hij klakkeloos uitvoerder was geworden van wat achter bestuurstafels voor hem bedacht werd

Proeftuin

‘Al met al duurde het nog tot 2027 voordat er iets veranderde. Niet toevallig het jaar waarin het derde kabinet Aboutaleb aantrad en D66 en GroenLinks bewindslieden van onderwijs leverden. Een flink aantal Rotterdamse leraren en schooldirecteuren stak de koppen bij elkaar en vroeg toestemming om in het kader van de Experimentenwet Onderwijs lokaal onderwijsbeleid te maken. Het doel: kansengelijkheid creëren’.

‘De kern van hun voorstel: meer autonomie voor scholen die het onderwijs zelf vorm mochten geven, structurele samenwerking met andere leraren en scholen (ook van een andere ‘kleur’) en publieke verantwoording. De mensen van de dagelijkse praktijk waren het zat dat hun tomeloze inzet en die van hun collega’s onvoldoende resultaat opleverde en wilden zelf aan de bak. Een van hen verwoordde het zo: “Wij weten wat er nodig is, maar missen de middelen en de mogelijkheden om échte stappen te zetten. Geef ons alstublieft die ruimte”’.

‘De bewindslieden waren wel te porren voor een lokaal experiment. Het stelsel was onhoudbaar en leverde te wisselende resultaten. Bovendien was Rotterdam de ideale proeftuin omdat de kansenongelijkheid daar nog altijd het grootst was. Voorwaarde was dat een lokaal onderwijsparlement de vinger aan de pols zou houden. Het parlement zou op democratisch wijze worden samengesteld, kreeg een onafhankelijke voorzitter en ambtelijke ondersteuning. De helft van de leden moest uit het onderwijs komen. De andere helft uit de samenleving. Het parlement zette de lijnen uit voor het onderwijsbeleid in de stad. Een taak die het parlement overnam van de schoolbesturen. Niet dat de besturen verdwenen. Die bleven bestaan maar ze kregen een faciliterende rol voor scholen: ze moesten ervoor zorgen dat scholen zo goed mogelijk hun werk konden doen en stroomlijnden het overleg met externe partners’.

‘Scholen mochten van nu af aan zelf hun personeel aannemen (vroeger deden schoolbesturen dat), kregen de beschikking over eigen financiële middelen en moesten zelf jaarlijks de onderwijsresultaten verantwoorden. Van meet af aan liep er wetenschappelijk onderzoek mee dat zeer gericht monitorde wat er in het onderwijs gebeurde’.

Beeld: Octavia van Horik

Parlement

De journaliste verschuift naar het puntje van de stoel: ‘Kunt u iets meer over de totstandkoming van dat parlement vertellen?’ De voorzitter knikt: ‘De aanloop naar de eerste verkiezing leverde een rijke debatcultuur in de stad op en een bonte schakering aan meningen en kandidaten. Veel groeperingen in de stad grepen de gelegenheid aan om de eigen onderwijsideeën voor het voetlicht te brengen. Van makerbeweging tot fans van mindfullness en van voorstanders van hoogbegaafden onderwijs tot pleitbezorgers van democratisch onderwijs. Iedereen liet van zich horen’.

‘Het eerste parlement kwam overeen dat er een aantal maatregelen genomen werden die elk Rotterdams kind ten goede zouden komen: de peuterschool werd een basisvoorziening, basis- en voortgezet onderwijs gingen nauw met elkaar samenwerken en het beroepsonderwijs in de stad kreeg herkenbare beroepsscholen. Ook kreeg elk kind een eigen digitaal ontwikkelingsportfolio dat vanaf de peuterschool meeliep en dat een beeld gaf van vordering en stagnatie. De grafische weergave zorgde dat de resultaten voor iedereen inzichtelijk waren’.

Technologie en transparantie

De voorzitter neemt nog een slok water en vervolgt: ‘Meer autonomie voor scholen was natuurlijk ook een risico. Sceptici waren bang dat scholen ongestoord hun eigen stokpaardjes zouden berijden en dat er daardoor helemaal niets zou veranderen. Het Rotterdams onderwijsparlement stelde daarom voor dat elke Rotterdamse school gebruik ging maken van een feedbacksysteem. Een IT oplossing die via algoritmes voortdurend feedback verzamelt van schoolleider, leraren, ouders en leerlingen en waarmee scholen zelf het onderwijs konden verbeteren. De resultaten daarvan en de wetenschappelijke begeleiding zorgde ook dat de leden van het parlement zicht hielden op de ontwikkeling van het Rotterdamse onderwijs’.

‘Het duurde een aantal jaar voordat we alle kinderziektes onder de knie hadden en samenleving en scholen gewend waren aan de nieuwe werkwijze. Daarna verbeterden de resultaten aanzienlijk. De Rotterdamse scholen trokken de beste leraren aan, en werkten eindelijk samen. Het feit dat u en uw collega’s uit de hele wereld hierheen komen om over het Rotterdamse onderwijswonder te horen laat zien dat onze werkwijze vruchten afwerpt. We zijn twintig jaar verder en met een mix van technologie en democratische transparantie en besluitvorming geven we nu vorm aan het beste én meest democratische onderwijsstelsel van ons land’.

Het Gesprek met de Stad

Deze serie is tot stand gekomen in samenwerking met Het Gesprek met de Stad van de Gemeente Rotterdam. (wat betekent dit?)

De gemeente Rotterdam wil graag weten hoe Rotterdammers naar de toekomst kijken. Hoe we leven we samen in 2037, hoe wonen en werken we, hoe groeien onze kinderen op, hoe staat het met het onderwijs en onze gezondheid en hoe kunnen we de stad verder verduurzamen? Hierover worden op verschillende manieren gesprekken georganiseerd. De resultaten worden ter beschikking van de stad en het stadsbestuur gesteld.

Praat mee!
Je kunt ook mee doen. Bijvoorbeeld door de online enquête in te vullen of door een gesprekssessie in jouw organisatie of instelling te organiseren. Alle ideeën zijn welkom! Neem dan contact op via mail verhaal@rotterdam.nl.

Praat mee!

Reageer of deel op Social Media

Tags:2037, gesprek met de stad, kansenongelijkheid, onderwijs en segregatie

Sectie: Wetenschap en onderwijs

Ontvang de wekelijkse Vers Beton newsletter!

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • Draag inhoudelijk bij aan de discussie
  • Blijf on-topic
  • Speel op de bal, niet op de man
  • Wees respectvol: reacties waarin sprake is van schelden, haat, racisme of seksisme worden verwijderd
  • Reacties over huisregels en toelatingsbeleid worden verwijderd
  • We gaan niet in discussie over verwijderde reacties
  • Zie je reacties die niet aan de huisregels voldoen? Ons controlesysteem is niet waterdicht. Laat het ons weten via info@versbeton.nl

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *