Rotterdamse Nieuwe21 september 2017

Staalslagerij maakt alles wat nog niet bestaat: “Het was nu of nooit”

R’damse Nieuwe-interview in het Vierhavengebied

Op de middelbare school bouwden ze al zelf kanonnen. Nu maken de mannen van Staalslagerij motorblokken van 6 meter of een mobiele flipbookstudio voor de Pleinbios. Joost Dingemans (27), Titus Wybenga (27) en Jesse Hoeksema (28) combineren kunst en techniek, in hun werkplaats op de Keilewerf.

Het Vierhavengebied verloederde van bruisend havengebied tot tippelzone, om tegenwoordig huis te bieden aan de Rotterdamse maakindustrie. Tussen Atelier van Lieshout en de studio van Daan Roosegaarde, zit verzamelgebouw de Keilewerf. De houtzagerij van Buurman ademt er ambacht en traditie, en verderop vind je Staalslagerij, een ontwerp- en productiebureau. Via een stalen trap kom je in hun hooggelegen kantoor, waar de drie mannen wachten met koffie en tulbandcake.

Beeld: Florine van Rees

Jullie doen dus iets met staal, wat precies?

Jesse: “In al onze klussen geldt dat we iets maken wat nog niet bestaat, bijvoorbeeld voor een campagne of een festival, zoals de mobiele flipbookstudio van Cineville die op de Pleinbioscoop stond.”

Joost: “We begonnen als collectief om makers te koppelen aan opdrachtgevers. We zagen veel kunstenaars met toffe ideeën, zonder middelen om ze te realiseren. We helpen zo’n idee naar een fysiek resultaat en denken ook na over het publiek en de gebruiker ervan.”

Titus: “Dat klinkt alsof we een productiehuis zijn, maar eigenlijk zijn we een ontwerpbureau met een werkplaats. Op deze manier kunnen we experimenteren en ook een prototype bouwen. We willen kunst en techniek samenbrengen. ”

Jullie maken de meest bizarre projecten. Hoe zijn jullie begonnen?

Jesse: “Vanaf dat ik me kan herinneren waren we dingen aan het bouwen en brommers aan het ombouwen. We zaten toen met elkaar op de middelbare school in West-Friesland. Ik had zelf een kanon gebouwd van een compressor uit de Tweede Wereldoorlog en een oud expansievat. Met perslucht schoten we daar stalen pinnen, knikkers, appelstroop en aardappels mee af.”

Jesse: “Titus en ik komen uit Hoorn, in vergelijking met het dorp waar Joost woonde was dat ‘de grote stad’. Mede uit verveling zochten we de ruimte om bij hem in het weiland met onze illegale brommers te crossen. Dat ontwerpen en bouwen zijn we altijd blijven doen.”

Joost: “Uiteindelijk zijn we allemaal Industrieel Ontwerp gaan studeren in Delft. Ik ben op een gegeven moment overgestapt naar de Design Academy.”

Jesse: “In die tijd zijn we begonnen met het maken van installaties. Een van de eerste dingen was een drijvende hottub in het IJsselmeer die verwarmd werd met een houtkachel.”

Joost: “Tijdens onze studie namen we onze eerste opdracht aan, om tijdens een festival in de NDSM-werf een groot, functionerend, motorblok te maken. Het was zes meter hoog en bestond uit 48 cilinders.”

Titus: “Het was de eerste keer dat we de kans kregen om zoiets groots te bouwen. In de festivalwereld werd toen voornamelijk met hout gewerkt. Door onze fascinatie met machines en omdat Joost een lascursus had gehad konden wij met staal werken. Tijdens de studie ben je altijd bezig met fictieve opdrachten voor fictieve opdrachtgevers. Nu kregen we voor het eerst te maken met publiek. Na onze studie was het een logische stap om daarmee door te gaan. Het was nu of nooit, als je vaste baan hebt ga je niet zo makkelijk terug naar een start-up.”

Jesse Hoeksema Beeld: Florine van Rees

"Vaak loop je even naar elkaar toe. Het helpt als je je productiepartner persoonlijk kent"

Waarom kozen jullie voor Rotterdam en de Keilewerf?

Joost: “Het was al snel duidelijk dat we naar Rotterdam moesten. We wilden een kantoor en werkplaats dus dan heb je veel ruimte nodig. In Amsterdam is dat onbetaalbaar. Daar is alles ook al aangeveegd en gelikt, iets wat wij niet waren en ook niet wilden zijn. Dit is een stad in ontwikkeling en dat past bij ons.”

Titus: “Ik woon hier vlakbij in Delfshaven. Via een kennis uit Delft kwam ik deze plek op het spoor. In het begin twijfelden we nog over, omdat het zeventig vierkante meter beton was en we heel veel teringzooi kwijt moesten, die we in de loop van tijd hadden verzameld. Maar je zit relatief dicht bij de stad en toen we hier eenmaal zaten kwamen we erachter dat dit een hele leuke plek is. We lopen graag langs het water om naar de voorbijkomende schepen te kijken.”

Joost: “In de Keilewerf zitten veel makers en bouwers, het is leuk om daarmee samen te werken.”

Jesse: “Vaak loop je even naar elkaar toe met vragen als ‘hoe zou jij dit doen’ of ‘kun jij dit maken’? Het helpt als je, je productiepartner persoonlijk kent.”

Joost Dingemans Beeld: Florine van Rees

Wat is jullie slimste zet geweest?

Jesse: “Dat we meteen na onze studie zijn begonnen.”

Titus: “Omdat we uit onze studententijd gewend waren om van weinig te kunnen leven, konden we in het begin al onze opbrengsten in het bedrijf investeren. Daardoor hoefden we geen lening bij de bank af te sluiten en zijn we zonder schuld begonnen.”

Joost: “Ook hebben we geleerd om sommige dingen aan professionals over te laten. Omdat we alles zelf kunnen loop je het risico om ook alles zelf te gaan doen. Dan stonden we hier buiten te lassen in de regen.”

Titus: “In het weekend vrij willen zijn is ook een goede zet geweest. En we zijn goed geworden in ‘nee’ zeggen tegen opdrachten waar we eigenlijk geen tijd voor hebben, of waarin eigenlijk geen ruimte voor creativiteit van onze kant is.”

Titus Wybenga Beeld: Florine van Rees

Op welk vlak kan Rotterdam het jullie als ondernemers wel wat makkelijker maken?

Joost: “Onlangs is de huur met een jaar verlengd, waardoor we hier tot eind 2019 kunnen zitten. Ter vergelijking, in de bestaande havenindustrie worden contracten voor tientallen jaren afgesloten…”

Titus: “Aan de ene kant is het fijn dat we hier de ruimte krijgen, maar het is ook jammer dat het tijdelijk is. Als wij hier straks weg moeten omdat woningen worden gebouwd hoop ik dat de gemeente meedenkt over een nieuwe plek.”

Jesse: “En binnen de gemeente zou het duidelijker kunnen zijn wie voor wat verantwoordelijk is. Vaak hebben ambtenaren zelf ook geen idee bij wie ze voor iets moeten zijn. Het systeem met de stadsmarinier werkt gelukkig wel goed, omdat dat buiten de gemeentelijke diensten valt.”

Lees ookCategorieRotterdamse Nieuweinterviewreeks met jonge beeldbepalende en bijzondere ondernemers in Rotterdam

Wat zijn jullie toekomstplannen?

Titus: “Het idee van een collectief verzamelgebouw met verschillende vaardigheden en disciplines, waarmee je samen opdrachten kunt aannemen lijkt ons nog steeds mooi. Op die manier kunnen we zowel technisch als conceptueel gevarieerd blijven werken.”

Deze interviewreeks met jonge beeldbepalende ondernemers in Rotterdam is tot stand gekomen in samenwerking met Rotterdamse Nieuwe. (Wat betekent dit?) R’damse Nieuwe is een community van ondernemende Rotterdammers tussen de 18 en 35 jaar die zich inzetten om de stad bruisend en aantrekkelijk te maken. Ken jij iemand die in deze serie zou passen? Mail Osman.

Logo R'damse Nieuwe

Reageer of deel op Social Media

Tags:Keilewerf, ondernemers, Staalslagerij en Vierhavengebied

Sectie: Rotterdamse Nieuwe

kaart: Staalslagerij, Vierhavensstraat, Rotterdam, Nederland

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • Draag inhoudelijk bij aan de discussie
  • Blijf on-topic
  • Speel op de bal, niet op de man
  • Wees respectvol: reacties waarin sprake is van schelden, haat, racisme of seksisme worden verwijderd
  • Reacties over huisregels en toelatingsbeleid worden verwijderd
  • We gaan niet in discussie over verwijderde reacties
  • Zie je reacties die niet aan de huisregels voldoen? Ons controlesysteem is niet waterdicht. Laat het ons weten via info@versbeton.nl

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *