Human interest27 oktober 2017

De GGZ-carrousel: hoe de functie van psychiatrische klinieken verandert

Vierde deel over acute psychiatrie in Rotterdam

In 2020 zijn er in Rotterdam 800 bedden voor psychiatrische patiënten minder. De verwarde, buurman wordt vaker thuis behandeld, in plaats van (gedwongen) opgenomen. Het gevolg: een draaideur-beleid en meer verwarde Rotterdammers. Hoe kan het anders?

De afgelopen weken kwam aan bod waar verwarde Rotterdammers terechtkomen, wat de impact van een gedwongen opname is en hoe de crisisdienst daarin dagelijks haar afwegingen maakt. Dit vierde en laatste deel gaat over waarom patiënten deze cirkel keer op keer doorlopen.

In de psychiatrie bestaat al decennia het ideaal dat patiënten beter herstellen in hun eigen sociale kring met vrienden, familie en collega’s. Cliënten hebben behoefte aan een ritme waarmee zij in de maatschappij meedraaien. Dat zal hen meer eigenwaarde geven dan een langdurig verblijf in het psychiatrische ziekenhuis, waar iemand het omgaan met de hectiek van het drukke leven in de stad misschien verleert.

En zo kwamen minister Schippers, GGZ-instellingen, zorgverzekeraars en cliëntenorganisaties in 2012 met elkaar overeen dat in 2020 het aantal opnameplaatsen in GGZ-instellingen met één-derde minder moest zijn vergeleken met 2008. Vertaald naar de gemeente Rotterdam komt dat neer op circa achthonderd bedden minder. Aanbieders Parnassia en Antes hebben de klinische bedden tot nu toe al met 20 procent verminderd.

De GGZ aan huis? Ambulant behandelen heet dat in vakjargon. “Ambulant behandelen is niet alleen prettiger voor de patiënt, maar ook gemiddeld flink goedkoper dan een langdurende opname,” schrijft Parnassia BV in het jaarverslag 2015. “Waarbij we ervoor moeten zorgen dat er voldoende bedden overblijven voor patiënten voor wie klinische opname noodzakelijk is. In veel gevallen gaat het dan om een gedwongen opname, om de patiënt en/of de omgeving te behoeden voor gevaar.”

Beeld: Xenia Gottenkieny

Overlast van de buurman

Patiënten komen door de afname van het aantal bedden, eerder vanuit de psychiatrische klinieken weer thuis terecht. Daar lijkt het vangnet onvoldoende. Er komt een ambtenaar tijdens een keukentafelgesprek kijken wat de gemeente kan doen, maar vaak neemt in korte tijd de spanning weer toe. Vervolgens verwijst de huisarts of politie door naar de crisisdienst voor een beoordeling. Na een paar weken in de kliniek begint de carrousel weer opnieuw.

Zoals aan de Narcissenstraat in Rotterdam-Zuid. Bewoners gaven daar in augustus 2016 voor de zoveelste keer aan dat zij hun buurman verplicht willen laten opnemen in een gesloten inrichting. De bewoner is de avond daarvoor opnieuw door de politie uit zijn huis gehaald. De man terroriseert de straat met geluidsoverlast, bedreigingen en vandalisme. Volgens de politie gaat het om een 38-jarige patiënt van de psychiatrische instelling Delta. Hij verblijft soms in de kliniek en soms in zijn eigen huis. De woningbouwvereniging kan de man niet uitzetten, omdat de overlast niet in zijn woning plaatsvindt.

'Draaideur-patienten'

Psychiaters werkzaam op gesloten afdelingen vertellen dat zij soms mensen nét iets eerder ontslaan uit de kliniek dan zij eigenlijk zouden willen. Vorige week kwam al aan bod dat dwangtoepassingen aan huis in dat geval een stok achter de deur bieden. Het is één van de redenen waarom de rechterlijke machtigingen toenemen.

“Vroeger kenden we het fenomeen van de draaideur-patiënten in algemene ziekenhuizen en misschien is datzelfde nu in de psychiatrie het geval: kortere opnames en sneller naar huis.” Niels Mulder, professor psychiatrie aan het Erasmus MC wil dit onderzoeken: “We registreren niet in de GGZ hoe vaak iemand opnieuw in het psychiatrische ziekenhuis terecht komt na een ontslag. We moeten de heropnames bijhouden, want die zijn een indicatie voor de kwaliteit van de zorg.”

Is de gestegen problematiek met verwarde personen, te wijten aan de afname van het aantal bedden? Niels Mulder vindt dat te kort door de bocht. “Het leidt tot kortere opnameduur zodat mensen sneller in de samenleving terugkomen en misschien zelfs vaker ontsporen. Toch is de steiging van het aantal verwarde personen veel harder gegaan dan de steiging van de beddenafbouw. Misschien een paar procent wordt verklaard door beddenafbouw.”

“Sociaaleconomische factoren zijn een belangrijkere oorzaak voor de toename van verward gedrag dan het aantal bedden”

De beddenschaarste in de kliniek is namelijk ook te wijten aan financiële prikkels. De zorgverzekeraar betaalt GGZ-aanbieders in eerste instantie per behandeling. Voor die behandeling staat een maximaal aantal minuten dat een zorgaanbieder kan declareren in ruil voor een som geld. Ofwel, zo snel mogelijk op naar de volgende patiënt.

En: “Sociaaleconomische factoren zijn een belangrijkere oorzaak voor de toename van verward gedrag dan het aantal bedden in de GGZ,” zegt Mulder. “Het grootste gedeelte van de groeiende verwardheid komt voort uit eenzaamheid, individualisering, armoede en vermindering van sociale voorzieningen door de gemeente. Meer bedden zullen het probleem absoluut niet oplossen, daar geloof ik niet in.”

Beeld: Xenia Gottenkieny

Flexibele ‘community’

Aram van Reijsen steunt de gedachte achter beddenreductie, met de kanttekening dat er een goed alternatief moet komen. Zoals FACT: de behandeltechniek die staat voor ‘flexible assertive community treatment’. Psychiaters en verpleegkundigen komen achter de voordeur, trekken de wijk in en geven behandeling, begeleiding en ondersteuning bij herstel.

Zo’n intensief behandelteam biedt hulp aan mensen die door hun psychiatrische problemen in crisis zijn of in crisis dreigen te geraken maar zonder intensieve behandeling opgenomen zouden worden in een psychiatrisch ziekenhuis. Van Reijsen: “Als je de FACT-zorg goed organiseert, sta ik volledig achter de beddenafbouw. Dan denk ik ook dat het aantal crisissituaties met verwarde personen uiteindelijk vermindert.”

Vaste relatie met patiënt

Een behandelaar in een FACT-team in onze regio vertelt over de telefoon gepassioneerd over de mogelijkheden hiervan: “Een vaste behandelrelatie met een patiënt maakt de aanpak succesvol. Ik heb patiënten die ik al jaren ken. Als iemand dan zorgelijk gedrag vertoont herken je dat. Dan denk je, oh héé dat is Henk, die ken ik. Dan weet je, als die roept dat hij over de rooie is, dan loopt het met een sisser af. Je moet het wiel opnieuw uitvinden als je een patiënt voor de eerste keer ziet.”*

Maar op moment komen ook de FACT-teams in Rotterdam armen en benen te kort. Elke behandelaar heeft meer patiënten dan eigenlijk de bedoeling is om de aanpak een succes te maken, vertelt Van Reijsen. Zo nu en dan worden de patiënten daarom te vroeg ontslagen uit FACT-zorg en weet personeel dat zij de patiënt ongetwijfeld weer terugzien. “Dan moet de patiënt ineens zelf hulp regelen op een poli of gemeentevoorziening. Dat gaat een paar maanden goed, maar daarna escaleert het weer. Dan zie je iemand weer terug in behandeling. Dan zeg je tegen mekaar: zie je wel”, vertelt de FACT-behandelaar.

“Gemeente kan niet méér doen om te voorkomen dat Rotterdammers ontsporen”

Het lijkt dweilen met de kraan open. Patiënten komen terecht van het ene behandelteam naar het andere, terwijl de capaciteit voor duurzame zorg te kort schiet. Het ultieme doel blijft namelijk: zo zelfstandig mogelijk wonen. Het is de participatiesamenleving in optima forma. Zonder voldoende ambulante ondersteuning springt een groep patiënten op en af de GGZ-draaimolen.

Samenwerking tussen GGZ en gemeente is daarom belangrijker dan tevoren, sinds de gemeente er in 2015 veel zorgtaken bij kreeg. Wethouder Hugo de Jonge vindt niet dat hij op dit moment nog meer kan doen om te voorkomen dat Rotterdammers ontsporen: “Nee, de gemeente investeert flink in de aanpak van onverzekerden en mensen met schulden. Schuldhulpverlening is onderdeel van het werk van de wijkteams en is ook onderdeel van de arrangementen als mensen langer hulp bij hun financiën nodig hebben. Het gaat vaak om hardnekkige problematiek.”

Beeld: Xenia Gottenkieny

Beschermd wonen

Daarom zijn tussenvormen van woonvoorzieningen mogelijk wat deze groep nodig heeft, denkt ook Aram van Reijsen: “Veel patiënten hebben vanuit GGZ de behoefte aan beschermde woonomgeving.” De stadsplanning staat nieuwe woongroepen soms in de weg: “Je kunt deze woonvorm niet bouwen in een toch al kwetsbare wijk.” Er wonen in Rotterdam 5.800 kwetsbare volwassenen met een vorm van GGZ-problematiek, waarvan 2.700 behoefte heeft aan woonvoorzieningen zoals begeleid en beschermd wonen.

Wethouder Hugo de Jonge overweegt geen uitbreiding van het aantal opvangplaatsen in beschermd wonen: “De gemeente heeft bij de decentralisatie een wachtlijst geërfd en die wordt weggewerkt door de doorstroming naar ambulante vormen van zorg. Landelijk wordt aangenomen dat één-derde van de huidige bewoners van beschermd wonen kan doorstromen naar een zelfstandige vorm van wonen.”

Lees ookTagacute psychiatrieDit was het laatste artikel in een reeks van vier over de acute psychiatrische opvang in Rotterdam. Lees de hele serie terug.

De gemeente pakt de wachtlijsten aan door de doorstroom te versnellen: “Zorginstellingen en gemeente bekijken op casusniveau wat er nodig is, op de terreinen inkomen, schulden, zorg en wonen, om een cliënt zo snel mogelijk in hogere mate van zelfstandigheid te kunnen laten wonen met passende ondersteuning.”

Zo blijven psychisch kwetsbare patiënten rondgaan door verschillende procedures en systemen. De mensen bij wie dat eigenlijk niet kan – kwetsbare personen met ernstige psychiatrische problemen – blijven hangen in de kliniek, houden daar de schaarse bedden bezet of gaan weer de straat op, terug naar huis. Meedoen in de participatiesamenleving, waar ze zelfstandig wonen, met het risico dat ze escaleren. Tot politie hen oppakt of een ambulance hen ophaalt. En dan begint de GGZ-draaimolen voor deze mensen weer van voor af aan.

Noot van de auteur

“Wat mij erg is opgevallen is de angstcultuur binnen de GGZ. Instellingen concurreren met elkaar, zijn als de dood dat hun reputatie door het slijk wordt gehaald. Natuurlijk ligt hier een taak voor de journalistiek om niet op de man te spelen, maar het is ook tekenend als zorgprofessionals alleen anoniem kunnen vertellen waar volgens hen de knelpunten liggen. Het is een signaal dat niet zorg maar marktwerking het leidende principe is in ons hedendaagse zorgsysteem.”

“Helaas kon niet alles in deze reeks worden besproken. Dat heeft te maken met de complexiteit van het thema. Honderden uiteenlopende instanties houden zich bezig met het onderwerp. En de wetgeving en financiering zijn zo verwarrend dat zelfs mensen die dagelijks in de sector bezig zijn niet alles zeker weten.”

Lees meer:

Reageer of deel op Social Media

Tags:acute psychiatrie, beschermd wonen, ggz en Hugo de Jonge

Sectie: Human interest

kaart: Narcissenstraat, Rotterdam, Nederland
Ontvang de wekelijkse Vers Beton newsletter!

Op Vers Beton discussiëren we met liefde. We horen daarom graag je mening. Houd daarbij wel onderstaande richtlijnen in gedachten, dan weet je zeker dat je reactie zichtbaar blijft:

  • Draag inhoudelijk bij aan de discussie
  • Blijf on-topic
  • Speel op de bal, niet op de man
  • Wees respectvol: reacties waarin sprake is van schelden, haat, racisme of seksisme worden verwijderd
  • Reacties over huisregels en toelatingsbeleid worden verwijderd
  • We gaan niet in discussie over verwijderde reacties
  • Zie je reacties die niet aan de huisregels voldoen? Ons controlesysteem is niet waterdicht. Laat het ons weten via info@versbeton.nl

Verdiep de discussie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *