voor de harddenkende Rotterdammer

De witte kolos naast het Groothandelsgebouw, de Weenahof, kan met zijn grootte en centrale ligging in de stad een plek onder de stadsiconen opeisen. Het gevelbeeld reflecteert hoe er destijds werd gedroomd. Maar wat hield die droom precies in en wat is er terecht van gekomen?

Het Rotterdamse icoongebouw is mooi en lelijk, megalomaan en kleintruttig, heeft gefaald en is succesvol. De donkerblauwe kolommen in de plint en de lichtblauwe en witte gevelplaten verklikken dat hij niet van deze tijd is. Wie een tweede blik waagt, ziet een uiteenlopende verzameling van balkons, serres en raampartijen. Om alles bij elkaar te houden spannen lichtgroene regenpijpen zich als bretels om het onregelmatige lichaam.
De  in 1981 tot stand gekomen Weenahof zou  een plek worden van “een en al leven, gezelligheid en bedrijvigheid”. Om daarvoor te zorgen bevond de grootste overdekte ijsbaan van Europa zich op het openbare binnenhof aan de spoorzijde. Daaromheen was ruimte voor winkels, showrooms en kantoren die toegankelijk waren vanaf de straatzijde. Met tweehonderd koopappartementen heeft de Weenahof een van de grootste VvE’s in Rotterdam.

weenahof-architectuur-lvd-2
Beeld door: beeld: Loes van Duijvendijk

Onverschilligheid tegenover esthetiek

In de eerste decennia van de wederopbouw werd het modernistische gedachtegoed trouw opgevolgd. Er kwamen gescheiden zones voor wonen en werken: de moderne naoorlogse Rotterdammer woonde in de buitenwijk en werkte in het centrum. Tegenstanders klaagden echter dat hierdoor het centrum “onpersoonlijk, kaal en koud” was geworden.

De gemeente kwam met een beleid waarin wonen en recreatie weer plek in de stad moesten krijgen. Naast iconen als de kubuswoningen paste de Weenahof met al zijn woon-, werk- en recreatievoorzieningen hier naadloos in. Maar waar de jaren ’70 architecten bezig waren met de uitgesproken esthetiek van “de nieuwe truttigheid”, was het architectenduo van de Weenahof, Passchier en Vandensteen tegen zulke esthetische principes. In plaats daarvan hadden zij een zo efficiënt mogelijk bouwproces en functionele toepassing van materialen voor ogen.
Die onverschilligheid tegenover de esthetiek lijkt 37 jaar na oplevering door gevestigde architecten en stedenbouwers te worden afgestraft. Volgens stedenbouwkundige Kees Christiaanse is het “verschrikkelijk en armoedig” en architect Marjolein van Eig noemt de mix aan functies een “multifunctioneel fiasco”.

Hoge plafonds en brede balkons

Weenahofbewoners laten echter lof en waardering horen. “Het is een ontzettend fijn en functioneel gebouw”, aldus Henk Schaaf. “Ik heb een balkon zo breed als mijn woonkamer en de zuidwesterzon als ik thuiskom.” Henk is al 22 jaar bewoner van een penthouse op de bovenste verdieping van de westervleugel. Pauline Luning is met 8 jaar op het hof een relatief jongere bewoner: “Ik ben claustrofobisch en had dus nooit gedacht dat ik in een flat zou gaan wonen. Maar dit appartement voelt niet aan als een schoenendoos. Ik heb een hoog plafond en kan een trap nemen om boven te komen. Bovendien heb ik hier wijds uitzicht op de stad en is het balkon groot genoeg om in de zomer met mijn vrienden te zitten.” Tegen de verwachting in is het opvallend stil in de appartementen die omringd worden door het Weena, Statentunnel en het spoor. De royale afmetingen van de balkons zijn niet alleen een luxe, ze weerkaatsen en absorberen het geluid uit de omgeving.

weenahof-henkschaaf-lvd-3
Henk Schaaf Beeld door: beeld: Loes van Duijvendijk

Dat hun kolos niet het mooiste icoon van de stad is, daar zijn Henk en Pauline het wel over eens. “Mijn vrienden begrepen niet waarom ik voor dat grote lelijke gebouw aan het Weena had gekozen. Ik voelde me in de eerste instantie ontzettend beledigd, maar kritisch als ik ben keek ik op een dag eens goed naar de gevel en toen drong het pas tot me door: wat een oerlelijk gebouw! Maar je kan beter in een lelijk gebouw wonen dan er tegenaan kijken.”
Met het Centraal Station naast de deur, gelegen tussen het centrum en de ring, een grote parkeergarage, voorziet de Weenahof in vele wensen van zijn bewoners. Pauline moest wel twee keer nadenken toen ze met haar vriend Patrick op zoek ging naar een huis. We wilden buiten de stad gaan wonen, voor meer woonruimte en uitzicht op de polders, maar uiteindelijk is Patrick bij me ingetrokken. Na een korte zoektocht kwamen we er snel achter dat we gewoon nog niet de stad uit wilden. De stad, mijn tennisclub, de restaurants en barretjes, we hebben het nog naar onze zin in Rotterdam.”

weenahof-paulineluning-lvd-2
Pauline Luning Beeld door: beeld: Loes van Duijvendijk

Onverwachtse interesse

Het uiterlijk doet er niet toe als je op een triple-A locatie woont; dat begreep Accresco maar al te goed. Vorig jaar transformeerde het vastgoedbedrijf een groot deel van de oostvleugel tot huurappartementen. Inmiddels is alles verhuurd. De koopwoningen doen het ook goed op de huizenmarkt. Volgens huismeester Rob van der Laarse komt de interesse zelfs uit onverwachte hoek: “Er zitten Amsterdammers tussen die met een gerust hart een ton overbieden.”
Dat was vroeger wel anders, weet de huismeester. “Met de komst van Perron 0 en de Pauluskerk ontstond er een drugsscene die gebruikers uit het binnen- en buitenland aantrok. Daarbovenop was er sprake van prostitutie. Als ze op het binnenhof zaten dan gooide ik wel eens een emmer water naar beneden het gefriemel te stoppen. Op een geven moment hebben we met de VvE maar besloten het hof af te sluiten van het Weena.” Rob blijft echter nuchter over die tijd. “Ik begrijp dat het er van buiten intimiderend uit ziet. Maar als je hier woont en opgroeit, dan valt het allemaal wel mee. Mijn kinderen gingen hier in de buurt naar school en zij en al hun vrienden zijn goed terecht gekomen in hun levens en carrières. Juist omdat ze met zo’n ruige omgeving zijn opgegroeid, leerden ze ermee omgaan. Ze hadden al snel door wat goed en slecht was.”

weenahof-robvanderlaarse-lvd-1
Rob van der Laarse Beeld door: beeld: Loes van Duijvendijk

Net niet bezienswaardig

De Weenahofbewoner typeert zich door zijn tevredenheid. Deze karaktertrek ondervond oud wethouder Karakus in 2008 ook toen hij de Weenahof op zijn te-slopen-lijst had gezet. Tegen een VvE die tweehonderd tevreden eigenaren vertegenwoordigt kon hij weinig beginnen. Zonder die tevredenheid was er op de plek van de Weenahof misschien wel een tweede Calypso verrezen. Het hof kreeg echter een ondergeschikte rol in het stedenbouwkundig plan voor Rotterdam Central District.
Hier merkt Marc van Buren, oprichter en directeur van Miniworld Rotterdam, tot op de dag van vandaag de gevolgen van. “Toen we hier in 2007 introkken, keken we uit naar de ontwikkelingen in het gebied. Zodra het nieuwe centraal station af zou zijn, zou hier een fantastische ondernemingsomgeving ontstaan, vertelde de gemeente ons. Maar daar vallen wij hier net buiten, er zitten geen andere attracties in deze hoek van het Weena, we zijn geen onderdeel van een bezienswaardige route.” Ondanks de isolatie van andere trekpleisters in de stad gaat het goed de miniatuurwereld. Met bijna 85.000 bezoekers per jaar is het meerdere malen tot Leukste Uitje van Zuid-Holland benoemt. Wetend dat er nog meer had ingezeten, reflecteert Marc: “Toen de Weenahof werd gebouwd hoopte men dat dit een levendig stukje centrum zou worden. In dat opzicht is het helaas weer niet gelukt.”

weenahof-architectuur-lvd-27
Beeld door: beeld: Loes van Duijvendijk

Vers Beton heeft jouw support nodig!

Voordat je verder leest: Vers Beton kan alleen blijven bestaan dankzij support van onze lezers. Maak jij ook onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk?

Nee, ik lees eerst het stuk verder
San Dino Arcilla

San Dino Arcilla

San Dino Arcilla is werkzaam als architect. Buiten de praktijk zoekt hij naar verhalen die een andere realiteit beschrijven. Met een fascinatie voor het bijzonder lelijke vindt hij Rotterdam de mooiste stad van het land.

Profiel-pagina
PROFIELFOTO LOES VAN DUIJVENDIJK

Loes van Duijvendijk

Loes van Duijvendijk (1987) studeerde Fotografie aan AKV St. Joost in Breda. Met behulp van een analoge camera verandert ze de realiteit van alledag in een poëtisch schouwspel waarin vormen, lijnen en structuren elkaar op subtiele wijze ontmoeten.

Profiel-pagina
Lees één reactie

Advertentie

Wildlife-film-festival-rotterdam-2018-Adv-Versbeton