voor de harddenkende Rotterdammer

In de aanloop naar de verkiezingen spitten Vers Betonredacteuren de verkiezingsprogramma’s door. Deze aflevering: hoe denkt de Rotterdamse politiek over wonen? Het huidige woonbeleid doorzetten of moet het roer om?
Woningbouw is in Rotterdam één van de heetste onderwerpen van de verkiezingen, concludeerden Saskia Naafs en Guido van Eijck recent op Vers Beton. Bijna elke partij heeft een uitgesproken positie over de vragen waar, hoe en voor wie we woningen bijbouwen (of juist laten staan). De VVD oreert in de eerste drie kantjes van het partijprogramma over de woningmarkt – met de nadruk op de markt – als motor voor vernieuwing. De SP maakt zich juist hard voor betaalbare woningen om de gewenste doorstroming mogelijk te maken. Een overzicht van de belangrijkste vijf discussiepunten.

01_wonen_Marieke Veere Vonk
Beeld door: beeld: Marieke Veere Vonk

1. Moeten de Rotterdamwet en de Woonvisie blijven?

Laten we beginnen met het huidige woonbeleid. Leefbaar klopt zichzelf op de borst dat woonoverlast is teruggedrongen door het verbannen van overlastgevers naar de zogenaamde Skaeve Huse (asowoningen). Leefbaar pleit verder als enige partij in haar programma volmondig vóór behoud en uitbreiding van de Rotterdamwet. Veel partijen keren zich tegen de wet omdat hij kwetsbare groepen uitsluit in plaats van kansen biedt. Behalve de coalitiepartijen CDA, D66 en Leefbaar – en de VVD krijgt de in december 2016 aangenomen Woonvisie van weinig partijen bijval.

De keuzes achter de gemeentelijke sturing van het woonbeleid zijn ideologisch van aard. Op Vers Beton zette stadsgeograaf Cody Hochstenbach stevige vraagtekens bij wat hij ‘door de overheid gestuurde gentrificatie’ noemt: “Armoede wordt niet aangepakt, maar verschoven naar de stedelijke periferie. Het feit dat de randgemeenten Capelle aan den IJssel en Vlaardingen sinds respectievelijk 2015 en 2016 ook de Rotterdamwet hanteren in een aantal buurten om daar de instroom van werkloze huishoudens te beperken, is een teken aan de wand.” Partijen als DENK, GroenLinks, de Partij voor de Dieren en Stadsinitiatief grijpen dergelijke argumenten aan om de Rotterdamwet af te schaffen.

2. Hoe hard moeten we bouwen?

De VVD wil de meeste nieuwe woningen bouwen: minimaal 4000 per jaar. Daarmee trekt de VVD de lijn van de sterk gestegen bouwproductie in 2017 door. De VVD wil in het nieuwe woningaanbod geen enkele sociale huurwoning realiseren en snoept nog wat van de sociale voorraad af door de maximale huur van een sociale huurwoning omlaag te brengen. Ook D66 en CDA zien een grote rol voor de markt weggelegd, maar dan wel in overleg met woningcorporaties.

DENK wil ruim zo’n 2300 nieuwe woningen per jaar realiseren in een verhouding van 40% sociale huur, 45% middensegment en 15% dure woningen. Daarmee wil DENK arme Rotterdamse gezinnen woonruimte in de stad blijven bieden. De SP maakt zich hard voor huurdersbelangen en zoekt mogelijkheden voor betaalbare doorstroming. Afbraak van 20.000 woningen om plaats te maken voor nieuwbouw, zoals bepleit in de aangenomen Woonvisie, vinden SP, GroenLinks en CU/SGP uit den boze. Sloop mag alleen als 70% van de getroffen huurders ermee instemt, stelt de SP.

04_wonen_Marieke Veere Vonk
Beeld door: beeld: Marieke Veere Vonk

3. Voor wie moeten de woningen geschikt zijn?

Ouderen vormen de meest genoemde doelgroep waarvoor gebouwd moet worden, vaak in één adem met doelgroepen met een zorgbehoefte. De partijen tonen zich creatief in de benamingen van innovatieve woningtypen die het traditionele verzorgingshuis moeten vervangen: van hofjes voor dementiepatiënten (SP), meergeneratiewoningen (Partij voor de Dieren), levensloopbestendige huizen en tiny houses (CU/SGP), tijdelijk perspectief-woningen (CDA), tot opvangplekken voor mensen-die-echt-even-niet-meer-thuis-kunnen-blijven (PvdA). 50Plus en Leefbaar hebben als enige wens dat senioren zelf mogen beslissen tot wanneer ze zelfstandig blijven wonen.

De PvdA wil stimuleren dat jong en oud, verschillende culturen, arm en rijk, door elkaar wonen. D66 zoekt het in verschillende woonvormen zoals studentenhuisvesting en (zelfvoorzienende) woongroepen van starters en ouderen. De partij stelt een toekomstbeeld voor van gestapelde bouw van 6 à 8 lagen ‘met goede buitenruimte naar Parijse of Berlijnse standaarden’, aangevuld hoogbouw in het centrum. De VVD wil zelfs wolkenkrabbers maar ook ‘woningen met grote tuinen in buitenwijken’, voor een deel door middel van particulier initiatief (zelfbouw).

02_wonen_Marieke Veere Vonk
Beeld door: beeld: Marieke Veere Vonk

4. Waar moeten die woningen dan komen?

Feyenoord City en de voormalige Stadshavens (ten zuidwesten van het Marconiplein) worden als dé plekken genoemd waar de stad grootschalig woningen zou moeten bouwen. Veel partijen pleiten daarnaast voor het duurzaam verdichten van het stadscentrum: CU/SGP, NIDA, GroenLinks en de Partij voor de Dieren. De partijen zetten vol in op de beschikbare ‘postzegelkavels’ die zich daar nog voor lenen.

NIDA wil 15.000 woningen realiseren in ‘Charlois a/d Maas’, met als inzet de meest sociale, duurzame en inclusieve wijk die Rotterdam kent. CDA spreekt zich het meest concreet uit voor het bijbouwen van woningen in perifere gebieden als Pernis, Hoek van Holland, Hoogvliet en Rozenburg. De VVD noemt Park 16Hoven, Katendrecht, Nieuw Kralingen én Hoek van Holland om de beoogde aantallen nieuwbouw te verwezenlijken.

5. Hoe gaan we de bestaande voorraad ombouwen?

Ideologisch gezien liggen de partijen over de hoe-vraag het meest uit elkaar. De ‘vergroening’ van de bestaande voorraad is een populair streven, door energieneutraal of ‘gasloos’ te bouwen. De Partij voor de Dieren is de enige partij die daarin verder gaat: alle nieuwbouw moet zelfs energie aan de omgeving gaan leveren. Ook wil de partij minimaal 75m2 groen per woning binnen de bebouwde kom en nestgelegenheid, slaap- en schuilplekken voor dieren.

Helaas zullen nieuwbouwimpulsen niet zoveel gaan doen voor de energiezuinigheid van de hele Rotterdamse woningvoorraad. Het overgrote deel van de woningen staat er namelijk al en moet verduurzaamd worden. CU/SGP wil huiseigenaren met zachte hand stimuleren te verduurzamen, terwijl D66 een energieprestatievergoeding instelt bij renovaties. De SP gaat een stap verder door jaarlijks 10.000 woningen tot energielabel A of B te renoveren. GroenLinks stelt als streven 70.000 van de meest onzuinige woningen te isoleren en stelt bij elke aanvraag voor een bouwvergunning een ‘plattedakenplan’ verplicht om groene daken, stadslandbouw, zonnepanelen en waterberging op het dak te bespoedigen.
Dat ingrijpende vergroening van de Rotterdamse woningen veel geld kost, zal duidelijk zijn. DENK wil dan ook geld vrijspelen voor verduurzaming door huiseigenaren met een hoog inkomen zwaarder te belasten. Hoewel dat zeker geen populaire maatregel zal blijken, toont de partij zich wel bewust van het feit dat de prijs van de verduurzaming ergens uit betaald zal moeten worden.

03_wonen_Marieke Veere Vonk
Beeld door: beeld: Marieke Veere Vonk

Heb je nog een stemadvies?

De Rotterdamse politiek ziet veel kansen in de woningmarkt als middel om de stad vooruit te stuwen. De één laat het initiatief daarvoor bij de markt (VVD, D66), de ander zet zwaar in op overheidssturing (Leefbaar, SP). Maar de motieven voor meer of minder sturing in de woningmarkt lijken terug te voeren op één hoofdvraag: voor wie bouwen we?
De Rotterdamwet en de Woonvisie vormen daarbij voor het overgrote deel van de partijen niet de breekijzers om de gewenste verbeteringen voor elkaar te krijgen. De politiek is sterk verdeeld over de vraag hoeveel behoud of sloop/nieuwbouw van sociale huurwoningen. De VVD en Leefbaar (en in mindere mate D66) lijken vooral in te willen zetten op het aantrekken van hoge en middeninkomens: the sky is the limit. De plannen voor nieuwe torens in het centrum en de Kop van Zuid die de komende jaren op stapel staan, wijzen die kant op.
Partijen als GroenLinks, CU/SGP, DENK, D66 en de Partij voor de Dieren willen ook binnenstedelijk verdichten maar zetten ook in op het energiezuinig maken van de bestaande voorraad. Een immense opgave, waarvan we nog nauwelijks weten hoe ingrijpend die zal zijn. Toch vormen deze maatregelen de sleutel tot het sociaal-maatschappelijk en duurzaam energetisch verbeteren van woonstad Rotterdam.

Vers Beton heeft jouw support nodig!

Voordat je verder leest: Vers Beton kan alleen blijven bestaan dankzij support van onze lezers. Maak jij ook onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk?

Nee, ik lees eerst het stuk verder
Teun van den Ende

Teun van den Ende

Teun van den Ende laat zich niet graag leiden door hypes, maar gaat juist op zoek naar de lange lijnen in de ontwikkeling van Rotterdam – en ook andere steden trouwens. Teun combineert populaire cultuur met historisch onderzoek naar de stad.

Profiel-pagina
mariekeveere-versbeton

Marieke Veere Vonk

Illustrator

Marieke Veere is een Rotterdamse ontwerper en illustrator. Ze studeerde illustratie en gamification aan de Willem de Kooning Academie en de University of the West of England in Bristol. Marieke Veere werkt graag in verschillende stijlen waarbij ze zich laat inspireren door de natuur en alles wat leeft.

Profiel-pagina
Nog geen reacties