voor de harddenkende Rotterdammer

Bouwen, bouwen, bouwen. Dit Rotterdamse mantra was tijdens de verkiezingsstrijd uit alle hoeken van het politieke spectrum volop te horen. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan, want Rotterdam strompelde op haar tandvlees de crisis uit, althans op het gebied van ruimtelijke ordening. In de slotakte van dit drama verliest de overheid de macht over de bouw aan morrende burgers en machtig mecenaat.

Het stadhuis is stuk
Beeld door: beeld: Sylvana Lansu

Onmachtig, versplinterd, onkundig, kortzichtig: het oordeel van de meeste bouwbobo’s over de lokale politiek is niet mals. Waar de een zijn zorgen uitspreekt over de bestuurbaarheid van de stad, vindt de ander dat de politiek een speelbal is geworden van het populisme. Het mildst is nog wel Job Dura, bestuursvoorzitter van Dura Vermeer, die de afkalvende macht van de Coolsingel niet alleen toeschrijft aan te driftig reorganiseren van het ambtenarenapparaat in crisistijd, maar ook aan de verdwijnende grondproposities van de gemeente: “De PvdA was zo krachtig omdat de gemeente nog over veel grond beschikte. Ze zaten op veel grond, veel geld en dus op veel macht. Dat is wel afgenomen.”
Minder mild is stedenbouwkundige Riek Bakker, die onomwonden stelt dat de Rotterdamse politiek door het populisme veranderd is in een wanordelijke bende navelstaarders. “Ze zijn alleen met zichzelf bezig en zijn een speelbal geworden van de publieke opinie. Dat is echt een groot gevaar.” Ook Jos van der Vegt maakt zich zorgen, laat hij in februari weten als ik hem spreek. “Er is geen power meer. Tot in de raad heerst verdeeldheid. Ik zie daar geen oplossing voor en dat maakt me somber.”
Dat de opkomst van populisme heeft geleid tot politieke versplintering is duidelijk. Lees Rotterdam, stad van twee snelheden er maar op na, voor een kroniek over de laatste tien jaar stadspolitiek. De samenleving is veranderd, mondiger geworden, we laten ons via social media steeds harder en eerder horen. Dat heeft zijn weerslag op de politiek en de ambtenarij en dus ook op de ruimtelijke inrichting van Rotterdam.

Het stadhuis is stuk

Lees meer

De bouwende macht vindt: het stadhuis is stuk (1/2)

Stuurloze overheid Bouwen, bouwen, bouwen. Dit Rotterdamse mantra was tijdens de…

Gevolg 1: Dag achterkamer, hallo anti-roeptoeters

Jos van der Vegt liet zich in 1991 fotograferen door het Rotterdamsch Nieuwsblad. De toenmalige directeur van Stadion Feijenoord poseerde in het weiland waar later de Barendrechtse Ikea is gebouwd. Boven zijn beeltenis kopte de krant pontificaal: Komt hier de nieuwe Kuip? “De volgende dag kreeg ik op een zilveren schaaltje drie brieven van mensen die het niet geheel met me eens waren. ‘Waarde directeur’, stond er boven, ‘heel misschien was dit niet zo’n goed idee, en zou u wellicht ook andere opties willen verkennen? Met de meeste hoogachting…’ Enige tijd daarna stuurde ik een nette brief terug dat ik zeker rekening zou houden met de gemaakte opmerking en bedankte ik voor zijn reactie. En dat was het dan. Kun je je dat anno 2018 voorstellen? Ik zou afgemaakt worden op social media.”
Tot twintig jaar geleden, stelt Jos van der Vegt, kon je je met een mannetje of zes nog opsluiten in een kamer als een probleem om een oplossing vroeg. “En dan zei je tegen elkaar: wij gaan dit varkentje wassen. Dat kan nu niet meer.”
Ergens is het wegbeuken van de achterkamer een groot goed. Ergens ook niet: ook megaprojecten beginnen klein en in dat stadium is liefdevol afschermen beter dan het kasplantje blootstellen aan de elementen, waardoor het op zeker een vroegtijdige dood sterft. Van der Vegt – en velen met hem – wijt dat aan het feit dat “iedereen altijd maar een mening heeft.” Hij bedoelt: de anti-stem regeert. De dominantie van die anti-roeptoeters in het publieke gesprek is Van der Vegt een doorn in het oog. “Acht jaar ben ik commissaris geweest van Feyenoord. Zodra een kleine groep supporters zich roert, is de tendens: de supporters zijn tegen. Terwijl 300.000 supporters het allemaal prima vinden.”
Publiek/private samenwerking is in deze tijd “vele malen moeilijker”, stellen de meeste gesprekspartners. Eén van de oorzaken is het ontbreken van een echte bouwburgemeester, zoals Bram Peper dat was. Ahmed Aboutaleb stelt andere prioriteiten en één ding is zeker: hij heeft geen stenen spierballen.
Ook zijn de wethouders minder standvastig dan een jaar of dertig terug. Waar in Pepers tijd een wethouder gemiddeld tien jaar zijn ambt uitoefende, houdt hij of zij dat anno 2018 gemiddeld amper vier jaar vol. Dat voortdurende kennismaken leidt niet tot goede verstandhoudingen met de grote bouwende partijen. “Het onderling contact is niet vanzelfsprekend”, verwoordt Job Dura dat. “Een borrel drinken met de wethouder en dan een project krijgen: zo werkt het allang niet meer en dat is ook goed. Maar het is belangrijk dat we elkaar af en toe ook informeel zien, zodat we elkaar op zijn minst kennen. Nu gaat dat weer iets beter, maar na de bouwaffaire en de crisis was het contact even helemaal weg.”

Gevolg 2: Soms gaat anti te ver

In het huidige klimaat kan een persoonlijke verbintenis aan een opgave zelfs gevaarlijk zijn, of op zijn minst bedreigend. Toen Heijmans tien jaar geleden de plannen voor Nieuw Crooswijk ontvouwde, moest de top van Heijmans het ontgelden, vertelt vastgoeddirecteur Peter van der Gugten. “Onze foto’s werden van de website afgetrokken, en even later stonden we met Hitlersnorretjes op onze gezichten getekend in de krant. Dat heb ik indertijd als heel persoonlijk ervaren. Erg vervelend.” Daarbij wist Van der Gugten dat het om een luidruchtige minderheid ging: niet héél Crooswijk was tegen. “Veel mensen waren blij dat ze een betere woning konden bewonen. Maar die stem hoorde je nauwelijks.”

“Veel mensen waren blij dat ze een betere woning konden bewonen. Maar die stem hoorde je nauwelijks.”

Op Katendrecht, waar Heijmans de omgeving van het Deliplein flink onder handen nam, heeft de vastgoeddirecteur iets dergelijks weer meegemaakt. “Daar heb ik óók op het podium gestaan voor een groep die me liever zag vertrekken dan komen”, zegt hij. “Dat heb ik overigens liever dan via internet. Laat me mensen in de ogen kijken, laat me uitleggen waarom wij vinden dat dit nodig is, en als je dan nog tegen bent, prima. Maar, zo heb ik op in het kader van de ontwikkeling van de Fenixloods ook gezegd: ik wil ook degenen horen die vóór zijn.” Zo gebeurde, want iedere (toekomstig) Katendrechter had de mogelijkheid om zogenaamde zienswijzen in te dienen. “Dertig tegen, veertig voor”, vat Van der Gugten het resultaat samen. “Dat gaf evenwicht in de discussie. Maar dat kwam niet in de krant.”

Het stadhuis is stuk
Beeld door: beeld: Sylvana Lansu

Gevolg 3: We denken te simplistisch

Inmiddels heeft de vastgoeddirecteur van Heijmans aardig wat ervaring met het ‘je bent voor of je bent tegen ons’-denken. Meermaals is Van der Gugten, met meer dan dertig jaar bouwervaring in Rotterdam, in een hoek gedrukt waarin hij zich niet thuisvoelt. “Als je je bijvoorbeeld uitspreekt vóór duurdere woningbouw, dan ben je dus automatisch tégen sociale woningbouw. Helemaal niet! Ik ben voor een evenwichtige stad.”
Eveneens exemplarisch voor deze manier van denken is de val van wethouder Pex Langenberg. Deze meest recente kop van Jut ging #pexit vanwege de Hoekse Lijn. De treinverbinding naar het Hoekse strand moest transformeren in een metrolijn, maar ging daarbij gierend over de begroting. Langenberg had dat onvoldoende in het snotje gehouden. Een managementkwestie, want over de noodzaak van de Hoekse Lijn is iedereen het eens. Maar, zoals Jos van der Vegt opmerkt: “Langenberg wegsturen lost die Hoekse Lijn niet op.”

Gevolg 4: De solidariteit is kwijt

Eigenlijk gaat het politieke probleem dieper dan simplisme, populisme of bemoeizucht van de ontevreden massa, stelt Patrick van der Klooster. Na twaalf jaar aan het roer van AIR is hij in maart vertrokken. Hij vond het moeilijk om te zien hoe stedenbouw en architectuur onderdeel werden van de ronkende Rotterdamse marketingmachine. “Daarmee zing je de ruimtelijke ordening juist totaal los van de politiek, vind ik, en wordt het lifestyle, een glanzend etiketje, meer niet. En dat hoort niet in Rotterdam, want in geen enkele andere stad in Nederland is stedenbouw zo verweven met de sociale structuur. Politiek hoort te gaan over een eerlijke verdeling van pech en geluk. Maar over die rechtvaardige verdeling gaat het helemaal niet op het stadhuis. Ze spelen restaurantje, ze doen alsof ze politiek bedrijven. En dat nabootsen is nu de realiteit geworden. Een beetje zoals House of Cards akelig dicht bij de werkelijkheid komt.”

“Visie is het instrument dat de bouwmotor draaiende houdt”

Patrick van der Klooster (ex-directeur AIR)Tweet dit

De kern van Rotterdam is solidariteit, stelt Van der Klooster. “Daar ben ik zelf, als jongen van Zuid, ook schatplichtig aan. Vanuit dat vertrekpunt neem ik de tweedeling in de stad heel persoonlijk op en vind ik het een bloody shame dat het zover is gekomen.” Rotterdam drijft op een sociaal-economische kurk. Daar is het bouwprogramma niet alleen een representatie van, het is ook diens motor, betoogt Van der Klooster. Stedenbouw is in zijn visie niet alleen een doorwrochte, politieke discipline, het is ook het instrument dat de motor draaiend houdt. “Als Aboutaleb roept om een visie ‘à la de Erasmusbrug’, dan zou ik willen dat hij dat verhaal ook die sociaal-economische lading geeft. Dat hij het rijker maakt, en dat het niet alleen over iconen gaat. Momenteel zie je hoe anderen in dat politieke vacuüm stappen. Iemand als Wim Pijbes bijvoorbeeld, gaat nu ook bouwen met zijn Droom en Daad. Ondertussen debatteert de raad over wel of geen Nederlandse vlag op het stadhuis, terwijl het debat zou moeten gaan over de menselijke waarden waarop we onze ruimtelijke inrichting baseren. En dat is in Rotterdam: allen voor iedereen.”

Het stadhuis is stuk
Beeld door: beeld: Sylvana Lansu

Gevolg 5: Mecenaat wordt machtiger

Als markt en overheid niet meer bij machte zijn om de stad in de hand te nemen, gaat een derde ermee vandoor: het mecenaat. Rotterdam kent enkele grote mecenassen, die zich in crisistijd merkbaar zijn gaan roeren. De meest in het oog springende zijn Cees de Bruin en Martijn van der Vorm. Zo maakte Van der Vorm met een flinke financiële injectie het kunstdepot van Museum Boymans van Beuningen mede mogelijk. Deze steenrijke familie bouwt en ontwikkelt niet alleen onder de naam Van der Vorm Vastgoed Groep her en der in de stad, maar timmert ook via drie stichtingen aan de zachtere kanten van de Rotterdamse samenleving. Zo financiert en begeleidt Stichting De Verre Bergen initiatieven die werken aan een ‘sterker en beter’ Rotterdam en herbergt Stichting Nieuw Thuis Rotterdam tweehonderd Syrische vluchtelinggezinnen. Stichting Droom en Daad gaat onder andere in de Fenixloodsen een museum over landverhuizers oprichten. Detail: de familie vergaarde haar fortuin door de trans-Atlantische verbinding tussen Rotterdam en New York, de Holland Amerika Lijn, te exploiteren. In feite legt Droom en Daad met het landverhuizersmuseum dus de familiegeschiedenis van haar weldoener vast, onder het mom ‘goed voor de stad’.

INFOGRAPHIC07

Lees meer

Game on: de bouwende macht, dat ben jij!

Uitleg & FAQ bij de game Vers Beton lanceert de game Bouwen is Macht. In dit…

“Heel goed dat zij dat doet”, vindt Job Dura. “Ik vind dat de gemeente een sfeer moet creëren waarin zulke initiatieven gestimuleerd en gewaardeerd worden. Optrommelen en aanzetten tot meer.” Zijn vader Daan Dura riep in 1994 Stichting Job Dura Fonds in het leven om initiatieven te steunen die de bebouwde omgeving in Rotterdam doen opbloeien. Dat deed hij uit dankbaarheid voor de stad die zijn familie op dat moment al 140 jaar werk verschafte. “We verdienen er ons geld, we geven graag iets terug”, verwoordt Dura dat bondig.
Hoe goed bedoeld ook, het wordt niet altijd gewaardeerd, merkt Dura op. Ook hier overheerst het kritische geluid. Als ik opper dat er ook geen rekenschap over de keuzes wordt gegeven, omdat de weldoeners liever buiten het oog van de media blijven, zegt hij: “Het gaat er niet om in de krant te staan. Het gaat erom dat je het doet. Wel vind ik dat we het gesprek over wat goed is voor de stad en wat niet moeten blijven voeren. Als we het daar niet over hebben, raken ook dit soort dingen versnipperd.”

Hoe moet het dan wel? Lees in het volgende artikel in welke richting we het volgens de bouwende macht moeten zoeken.

Vers Beton heeft jouw support nodig!

Voordat je verder leest: Vers Beton kan alleen blijven bestaan dankzij support van onze lezers. Maak jij ook onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk?

Nee, ik lees eerst het stuk verder
De bouwende macht
Margot Smolenaars

Margot Smolenaars

Chef onderzoeksredactie

Margot Smolenaars (1976) voelt zich al veertien jaar Rotterdammer, maar dan wel eentje met een zachte g. Studeerde journalistiek in Tilburg, begon als archetypische krantenjournalist (d’r héén!), evolueerde tot chef redactie in de bladen en is nu onderzoeksjournalist bij Vers Beton.
margot@versbeton.nl

Profiel-pagina
DSC_0908cutklein

Sylvana Lansu

Sylvana Lansu (1991) studeerde fotografie aan AKV St. Joost in Breda. In haar werk onderzoekt ze het verlangen van de mens naar vastigheid en tegelijkertijd vrijheid. Door het fotograferen van deze aspecten in de wereld om ons heen worden de raakvlakken tussen mens en natuur zichtbaar.

Profiel-pagina
Lees 2 reacties