voor de harddenkende Rotterdammer

Straatarts Michelle-Aimée deelt maandelijks verhalen uit haar werk. Deze maand belicht zij de menselijke kant van het vluchtelingenprobleem met het verhaal van haar gevluchte patiënte. 

Het weigeren van Italië van de Aquarius, het vluchtelingenschip van Artsen zonder Grenzen, laat zien hoe urgent het vluchtelingenprobleem is. Er is geen solidariteit binnen de EU om dit probleem op te lossen en mensenrechten staan op het spel. Ook in Rotterdam zet het de verdraagzaamheid onder druk. Er heerst angst: voor aantasting van onze geëmancipeerde waarden en normen, voor verdringing op de woning- en arbeidsmarkt en voor radicale moslims die met vluchtelingen meekomen en onze vrijheid bedreigen.

Irreële angsten zijn het misschien wel, want in cijfers uitgedrukt is de groep vluchtelingen zo klein dat het voor de gemiddelde Nederlander geen verandering van zijn levenssituatie zal opleveren. Maar dit verminderde inlevingsvermogen van alle inwoners van onze stad is wél een reëel probleem en kan onze samenleving ontwrichten.

Na zes jaar oorlog besloot ze te vluchten. Het huis van haar buren was gebombardeerd en ze trof haar dochtertje aan op hun gezamenlijke muur aangrenzend aan beide huizen, starend naar het levenloze lichaam van haar vriendinnetje onder het stof. Haar dochter had nooit iets anders meegemaakt dan oorlog. De volgende keer is zij het, voelde ze als moeder. Ze wist net dat ze weer zwanger was, en wilde niet dat ook haar tweede kind zou opgroeien in oorlog. Ze wist ook dat de oversteek gevaarlijk zou zijn, even gevaarlijk als thuis blijven. Maar als ze het zouden redden hadden haar kinderen tenminste een kans, op een beter leven. De reis duurt maar even, de oorlog oneindig.

De smokkelaars zijn jong – zestien jaar, schat ze – en doen opgefokt en onaardig. Ze dragen zware wapens en hebben geen ander doel dan geld verdienen. Het eerste stuk gaat te voet over land, in het donker. Ze draagt haar dochter, omdat de afstand lopen voor haar nog te zwaar is. Ze heeft geluk dat ze maar één kind heeft. Ze ziet moeders met meerdere kinderen die niet allemaal gedragen kunnen worden: als de kinderen niet doorlopen worden ze geslagen door de smokkelaars. Ze voelt zich onveilig. Niet alleen omdat ze in het pikdonker door onbekend terrein loopt, op weg naar onbekend gebied, maar ook omdat de smokkelaars haar intimideren met seksueel getinte opmerkingen. Als vrouw alleen valt ze op. Het laatste stuk gaat met een vrachtwagen, te klein voor het aantal mensen. Haar dochter valt flauw. 

VB_straatarts_Ewijers
Beeld door: beeld: Eva Wijers

Plots is daar de zee. Ze schrikt van die aanblik: het overweldigende, zwart, zonder einde. Lopend moeten ze het water in. Ze kan nauwelijks zwemmen en raakt in paniek als het water hoger komt. Toch moet ze door: de smokkelaars dreigen neer te schieten wie omkeert. Maar ze raakt pas echt in paniek als ze de boot ziet. Klein, geschikt voor misschien honderd mensen. En ze zijn met minimaal driehonderd. Ze voelt iedere golf door de dunne bodemplank tegen haar vermoeide lichaam klotsen. Haar dochter rilt van de kou als ze tegen haar aankruipt. Eén hoge golf en ze slaan om.

Een schipper is er niet. Driehonderd mensen op één boot dobberen semi-stuurloos rond. Eén man denkt te kunnen navigeren op de maan. Maar de benzine raakt op en er is geen eten en weinig drinken. Als het dag wordt raken mensen ziek door de zon, geven over. Er is geen wc en de mensen plassen en poepen over zichzelf heen. De paniek maakt iedereen onrustig en de boot kantelt een paar keer bijna. Ze denkt dat ze dood gaat, tot ze een Italiaanse politieboot ziet.

Ze schreeuwen allemaal om hulp, maar de politieboot doet niks, zodat een aantal mannen plots besluit hun boot te laten omslaan in de hoop dat de politie dan wel helpt. Ze ligt in het water, en kan haar dochter niet vinden. Ze schreeuwt om haar terwijl ze zelf probeert niet te verdrinken, tot er een andere vrouw aan komt zwemmen met haar dochter in haar armen. Om beurten houden ze haar vast zodat ze overleven tot ze uitgeput uit het water worden gevist door de agressieve politie. Ze heeft Europa bereikt.

Zonder geld komt ze niet verder, waardoor ze geen seconde twijfelt als een vooraanstaand medewerker van de hulporganisatie waar ze verblijft, haar geld aanbiedt. Hij verkracht haar twee keer, voordat hij het geld geeft. Als ze met dit geld eindelijk haar moeder kan bellen waarschuwt ze haar om nooit aan iemand te vertellen dat ze is verkracht: ze zou door haar man en haar gemeenschap worden verstoten.

En zo vervolgt zij haar tocht om aan te komen in het opvangcentrum in Heumensoord in Nijmegen. Ik zie haar voor het eerst als huisarts vanuit het Rode Kruis Rotterdam, als ze verblijft in dit artificiële dorp van twee enorme barakken omgeven door modder en loopplanken. Ze is omgeven door tweeëntwintighonderd mensen met dezelfde trauma´s maar verschillende culturele achtergronden. Ieder uur breekt er wel ergens een ruzie uit en de sfeer is dreigend. Sommige mensen komen net aan met een plastic zak of koffertje in hun handen, anderen hangen op het terrein terwijl ze koffie drinken uit plastic bekertjes. In het omliggende bos wandelen de ´dagjesmensen´. Nijmegenaren, vaak gezinnen, die ´even komen kijken naar de vluchtelingen´.

Als ik haar zie, ziet ze er moe en bleek uit. Haar dochter kijkt angstig en heeft smerige kleren en versleten schoentjes aan. Ze heeft buikpijn en is bang dat ze een miskraam krijgt. Vijf minuten later kan ik dat bevestigen. Zwanger heeft ze haar land verlaten voor een levensgevaarlijke overtocht en bij aankomst op bestemming krijgt zij een miskraam, in een eenpersoons stapelbed op een open kamer tussen vreemdelingen.

Nederland is vol. Vol van sfeermakende debatten door polariserende partijen. Maar het is moeilijk zuiver politiek denken als je geconfronteerd wordt met ménsen. Niet een anonieme groep vluchtelingen, maar mensen. Ze zijn gedreven en sterk en worden niet tegengehouden door zee of hekken. En ze zijn er, ook in Nederland.

We kunnen niet iedereen opvangen. En we moeten investeren in betere, snellere asielprocedures zodat we de mensen die hier mogen komen een eerlijke kans geven, zonder dat de sociale voorzieningen voor een kwetsbare groep Nederlanders er onder gaan lijden.

Maar net zo belangrijk is dat we als land niet vervallen in het wegzetten van migranten als profiteurs, als verkrachters of als terroristen. Dat we ons inleven, inleven in de vrouw die ik hierboven beschrijf, en wiens verhaal ik in verschillende gedaantes al zo vaak heb gehoord.

Het is de onverschilligheid die onze samenleving ontwricht, en niet de vluchtelingen.

DSC_8880

Michelle-Aimée

Auteur

Michelle-Aimée is huisarts, straatarts, fotografe en schrijfster. Ze woont sinds zes jaar in Rotterdam en komt als arts veel in aanraking met de onderkant van de samenleving. Voor Vers Beton doet ze hier maandelijks verslag over.

Profiel-pagina
Eva-Wijers

Eva Wijers

Profiel-pagina
Lees één reactie

Advertentie

Wildlife-film-festival-rotterdam-2018-Adv-Versbeton