voor de harddenkende Rotterdammer

We leven meer en meer in onze eigen bubbel. Tegelijk blijkt uit het onderzoek ‘Thuis in mijn stad’ dat veel Rotterdammers een diverse stadsbevolking als positief ervaren. We vroegen een gebiedsontwikkelaar, een woningcorporatie en een bewoner wat een gemengde buurt voor hen betekent.

Je hebt vast ook zo’n buurman die altijd voorbij loopt en nooit gedag zegt. Zou je met hem naar de film gaan? Voor degenen die wel durven zet de Pleinbioscoop deze zomer zogenaamde ‘bubbelbrekers’ in, met het doel allerlei verschillende Rotterdammers met elkaar in contact te brengen. Als je aantoont dat je buren bent dan mag je samen gratis naar de film. Ook kan je op het festival meedoen aan een blind date om een filmmaatje te scoren. De initiatieven spelen in op het gevoel dat we langs elkaar heen leven, zeker als je buur qua achtergrond, leeftijd of cultuur veel van je verschilt. Zijn wijken met een gestuurde mix van inwoners een oplossing om tegenstellingen te overbruggen?

Thuisgevoel

Clichés en statistieken over wijken laten niet zien of buren prettig met elkaar samenleven of niet. Dat hoor je pas als je mensen vraagt hoe zij de eigen buurt, en daarmee hun buren, ervaren. Het is precies wat gebiedsontwikkelaar BPD deed met het onderzoek ‘Thuis in mijn stad’, over wonen in Rotterdam en Den Haag. Samen met verschillende woningcorporaties onderzocht BPD wat bewoners wel en niet waarderen aan hun woonomgeving. Jessie Wagenaar, directeur Verkoop en Gebiedsmarketing bij BPD: “Je kunt volledig anoniem door het leven gaan in de stad, maar vaak is er toch ook een vorm van sociale controle: de buurvrouw die je in de gaten houdt. Dat kan fijn zijn, maar ook doorslaan in een verstikkende sociale code.” 

momo-debat-lvd-7

Lees meer

Ontmoeten in Rotterdam verbeeld

Vers Beton vroeg fotografen Loes van Duijvendijk en Salih Kilic in beeld te brengen op…

Rosalie de Boer is ontwikkelingsmanager bij BPD en houdt zich bezig met de samenhang tussen woning en woonomgeving. “De aanwezigheid van voorzieningen als speelplekken en scholen zijn vaak een reden voor gezinnen om zich in een buurt te willen vestigen of, als er bijvoorbeeld juist geen goeie school is, de stad te ontvluchten. Je ziet nu dat Rotterdammers die in het verleden naar een randgemeente zijn verhuisd graag terug naar de stad willen. Als de voorzieningen maar aan hun verwachtingen voldoen.”

Wat je belangrijk vindt hangt sterk af van je levensfase, stelt De Boer: “Stadsbewoners houden van de onbeperkte mogelijkheden die de stad te bieden heeft, of je nou een 21-jarige vrijgezel bent of een 30-plusser met een gezin. De meeste zoeken daarnaast naar plekken voor rust als tegenhanger voor de reuring. De mix van bewoners in Rotterdam spreekt veel stadsmensen aan. Zij voelen zich veilig in een buurt waar mensen enigszins op elkaar letten, de sfeer prettig is en waar bewoners elkaar vrijlaten, maar wel oppervlakkig kennen.”

Galerijcultuur

In de praktijk kan zo’n gemengde wijk waar je elkaar nét voldoende kent, hard werken zijn. Zeker als je in een buurt woont waar het verloop groot is, maar waar mensen wel een galerij met elkaar delen. Jacques Stoppelenberg, een 83-jarige bewoner van één de Gijsingflats in Tussendijken, heeft wel een idee hoe je het contact tot stand brengt. “Op elke galerij zijn negen woningen, zorg in elk geval dat je iedereen op je galerij kent.” Jacques doet als bestuursvoorzitter van de bewonersvereniging zijn stinkende best om contacten tussen bewoners op gang te helpen. Jaarlijks wisselen in de Gijsingflats op een totaal van 435 woningen zo’n 30 à 35 woningen van huurder. Hij heeft er een dagtaak aan om nieuwe bewoners te verwelkomen en wegwijs te maken in de buurt. 

Nieuwe bewoners komen vooral op de flatwoningen af vanwege de lage huur. Sakina El Allouchi van woningcorporatie Havensteder, eigenaar van de panden, ziet dat de bewoners die er nu komen wonen vaak alleenstaand zijn, waarvan veel alleenstaande ouders. Eenzaamheid is naast armoede één van de belangrijkste problemen. Stoppelenburg: “Veel bewoners spreken geen Nederlands, vooral als ze wat ouder zijn. Ik wijs dan naar mijn telefoon en vraag of ik één van hun kinderen aan de lijn kan krijgen. Uiteindelijk lukt het bijna altijd om contact te krijgen.”

Alleen al daarom is El Allouchi erg blij dat Stoppelenburg en de flatcoördinatoren nieuwe huurders verwelkomen. Havensteder voert zelf in één van de flats ook nog intakegesprekken omdat er recent drugsoverlast is geweest. De verdraagzaamheid onder de bewoners is desondanks nog behoorlijk hoog, omdat mensen elkaar op de galerijen, in het park of in de winkel tegenkomen en stoppen voor een praatje.

laura_liza_illu_2

Nieuwe bewoners

In wijken met veel sociale huurwoningen is de samenstelling van de bevolking vooral gestoeld op wat huurders kunnen betalen voor een woning. In Tuindorp Vreewijk, waar Havensteder ook veel woningen bezit, voert de corporatie gesprekken met potentiële nieuwe bewoners om te onderzoeken of hun woonwensen bij het ‘tuindorpkarakter’ passen. De huurwoningen hebben namelijk bijna allemaal een tuin, waar Vreewijkers erg trots op zijn.

Om in het belang van de stad een goede mix per wijk te krijgen, vindt Rosalie de Boer dat gemeenten, woningstichtingen en ontwikkelaars bewoners best een zetje mogen geven om hen warm te maken voor een bepaalde buurt. “Vertel nieuwe bewoners over de sociale geschiedenis en de cultuurhistorie van een plek, zo kunnen ze zelf beoordelen of die plek past bij hun identiteit. Maar je hoeft natuurlijk niet overal een optimale menging van bewoners te hebben, juist de verschillen zorgen voor een beetje diversiteit in woonmilieus.” 

Het valt haar verder op dat er niet altijd een duidelijke scheidslijn tussen nieuwe en ‘oude’ bewoners is: “Er zijn juist veel mensen die in hun eigen wijk willen blijven maar bijvoorbeeld een grotere woning willen. Die zogenaamde sociale stijgers kunnen de lijm zijn tussen bestaande bewoners en nieuwkomers. Inmiddels weten we door het verzamelen en koppelen van data al best veel over leefstijlen en woonvoorkeuren. Op die manier kan je vrij precies doelgroepen bereiken als je bewoners wilt vinden die goed zouden passen bij een bepaalde wijk.”

Deze vorm van het creëren van menging in buurten is in Rotterdam al deels praktijk, alleen richt het zich voornamelijk op het opkrikken van buurten die laag scoren op ‘de lijstjes’. Artikel 9 van de Rotterdamwet maakt het woningcorporaties mogelijk menging te bevorderen zodat bijvoorbeeld kunstenaars voorrang krijgen om te mogen huren in een ‘slechte’ wijk. Het is een minder bekend artikel van de wet dat vooral ontworpen lijkt om concentraties van armoede in te perken. Sociaal geograaf Cody Hochstenbach deed hier onderzoek naar en beargumenteerde waarom de Rotterdamwet discrimineert en uitsluit. 

Psst…! Woning ruilen?

Gelukkig staat de huurmarkt niet helemaal stil en popt er zo nu en dan een kansrijk initiatief op. Stel bijvoorbeeld dat je wil verhuizen en iemand kent in een andere wijk die van woning zou willen ruilen. Daarvoor is er nu de app HuisjeHuisje, een initiatief van de Amsterdamse woningcorporatie Ymere. Vooralsnog is er nog geen enkele Rotterdamse woningstichting op aangesloten en zit het aanbod vooral in Amsterdam en Utrecht, waar het alternatief voor een sociale huurwoning voor veel huurders inmiddels volledig onbetaalbaar is geworden. 

Toch zou een eerlijke vorm van ruilen één van de manieren kunnen zijn waarop Rotterdamse corporaties de opties voor huurders kunnen vergroten. Want of je nou koopt of huurt, het is voor iedereen belangrijk dat je woonplek de juiste voorzieningen en een thuisgevoel biedt. Ongeacht je inkomen, want prettig wonen is een recht van iedere Rotterdammer.

De_invloed_van_overheidsgestuurde_gentrificatie_in_Rotterdam-MarkvanWijk-bovenplaat

Lees meer

De invloed van overheid gestuurde gentrificatie in Rotterdam

Ten onrechte wordt gentrificatie vaak gezien als spontaan proces, stelt Cody…

Dit artikel kwam tot stand in samenwerking met AIR, het Architectuur Instituut Rotterdam. Vers Beton en AIR werken sinds 2015 structureel samen aan het debat over stedelijke ontwikkeling.

Teun van den Ende

Teun van den Ende

Teun van den Ende laat zich niet graag leiden door hypes, maar gaat juist op zoek naar de lange lijnen in de ontwikkeling van Rotterdam – en ook andere steden trouwens. Teun combineert populaire cultuur met historisch onderzoek naar de stad.

Profiel-pagina
Laura Liza

Laura Liza

Laura Liza is een illustrator die altijd op zoek is naar de mooie details in het leven. Haar werk kan omschreven worden als vrouwelijk en kleurrijk, met een bijdehand randje. Naast illustratie uit ze zich ook graag in andere media, zoals ceramiek, textiel en animatie.

Profiel-pagina
Lees 5 reacties