voor de harddenkende Rotterdammer

Het is niet te missen dat Derek Otte de huidige stadsdichter van Rotterdam is. Zijn gedichten prijken op gebouwen, hij duikt overal op en doet mee aan diverse projecten in en voor de stad. Maar in januari zit zijn ‘regeerperiode’ erop, na twee jaar. In januari 2019 wordt de nieuwe stadsdichter uitgeroepen die de periode 2019-2020 in zal vullen. De presentatie van de nieuwe stadsdichter vindt – naar verwachting – plaats op Gedichtendag, donderdag 31 januari aanstaande in het Bibliotheek Theater.

Wie kiest dan eigenlijk de nieuwe Derek Otte? De stadsdichter wordt op voordracht van een adviescommissie benoemd door het college van burgemeesters en wethouders. De commissie bestaat uit leden die expertise op het gebied van poëzie combineren met kennis van en een brede blik op de stad. Deze keer zijn dat: Bas Kwakman, directeur van Poetry International, Giel van Strien, directeur van Passionate Bulkboek en Diana Chin-a-Fat, beleidsadviseur bij de Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur, onder andere op het gebied van letteren.

Welke namen zoemen er nu rond in het wereldje? Poëzieliefhebbers Renato Proper en Mirthe Smeets vroegen een zestal actievelingen uit het Rotterdamse poëzielandschap naar hun gedroomde kandidaten.

Eerste stadsdichter Jeroen Naaktgeboren kiest: Miguel Santos, Myrte Leffring, Jos Knoop of Gino van Weenen

Jeroen_Naaktgeboren

Dichter Jeroen Naaktgeboren (1977) was deel van De Woorddansers. Met Arie Hordijk, DJ Evol-D en gitarist Rudy can’t Fail waren zij de eerste stadsdichters van Rotterdam. Hij is zo actief dat velen dachten dat Jeroen ook na zijn aanstelling nog steeds stadsdichter was. Hij is medepresentator van De Poetsclub, waar dichters maandelijks nieuw werk voordragen. ‘Ik ken wel 300 mensen in Rotterdam die met poëzie bezig zijn en zie veel goede fijne dingen voorbijkomen bij de Poetsclub. Maar stadsdichter is niet iets wat je doet, maar wat je bent. De stadsdichter is iemand die niet voor 20 man maar voor 200.000 man optreedt.’

“Je hoeft niet ineens een andere burger te worden. Je wordt bekeken, maar je hoeft geen kunstjes uit te voeren”

Een stadsdichter moet volgens Naaktgeboren nogal wat kunnen: ‘Je moet als dichter in gesprek gaan met de stad, met dat wat je ziet, en met wat dat met jou doet. Je mag poëzie naar een breder en hoger plan trekken, de poëzie zichtbaar maken in de stad. En dat, zo hebben wij dat destijds afspraken bij de start van het stadsdichterschap, zonder last of ruggenspraak. Een stadsdichter mag vrij zijn te schrijven wat hij of zij wil.’

Wie zou dat kunnen, voldoen aan de criteria die jij beschrijft?

“Dan denk ik meteen aan Miguel Santos. Hij staat in het midden van de culturele wereld én hij is een man die alle facetten van de stad kent. Iemand die alle tongen van de stad spreekt. Hij heeft mooie diverse kanten in zich. Hij is heel direct en toch afwegend. Hij is vlot, toegankelijk en weet een knipoog te geven op het juiste moment. Tegelijkertijd durft hij kwetsbaar te zijn en romantische bepalingen te delen. Daarnaast is hij belezen en gaat hij bevlogen te werk, met diepe observaties en pure optredens. Als hij het podium afstapt, is hij nog steeds dezelfde.”

“Myrte Leffring zou ook een geschikte kandidaat zijn. Ik vind dat zij prachtige, verstaanbare poëzie schrijft. Ze gebruikt zinnen die één voor één staan als een huis. Ze zijn op meerdere manieren te interpreteren en toch helder. Zij kan op haar eigen manier verbinding zoeken met de stad, de interactie opzoeken.”
“Maar ook Jos Knoop zou dit kunnen. Hij is een ‘schitterende antiheld’. Een taalkunstenaar. Iemand die zich volledig erop toe zou leggen. Jos Knoop maakt schitterende verstaanbare beeldspraak en is in zijn verschijning al een karikatuur. Iemand die je onthoudt.”

“Gino van Weenen zou de titel stadsdichter ook met verve dragen. Gino is de nachtburgemeester van Rotterdam. Je ziet hem opduiken bij een metal festival, hockeyfeest of tijdens De Nacht van de Romantische Muziek. Hij voert interessante gesprekken met diverse mensen. En dat zie je terug in zijn poëzie. Je leest welke kleine observaties hij deed. Je gelooft hem, je bent er ook, je ziet het ook. Hij sleept alle plekken en festivals waar hij was met zich mee en zet ze om in zinnen.”

Welke kansen voor de nieuwe stadsdichter zie jij?

“Het zou mooi zijn als een nieuwe stadsdichter de mogelijkheden voor kinderen in Rotterdam op het gebied van poëzie zou bekijken. Vroeger was er een kinderpoëziefestival, waar ik zelf ook meerdere keren per dag optrad, samen met andere gastdichters. Zoiets weer opzetten, dat zou mooi zijn.”

“Ik zou willen zeggen: leef, ben dichter, houd je niet in, ga je gang, leef je eigen ideeën na! Je moet als stadsdichter niet te bescheiden zijn. Je moet de stad rondgaan en dingen vertellen, met ideeën komen en iets in gang zetten.

“Tot slot moet je in de stad zijn, zoals je in de stad was. Je hoeft niet ineens een andere burger te worden. De stad is getuige van wat je als dichter doet. En ja, je wordt bekeken, maar je hoeft geen kunstjes uit te voeren.”

Schrijfdocent Robbert Meijntjes kiest: Marco Martens, Dean Bowen of Elfie Tromp

Robbert-Meijntjes-Gaby-Jongenelen-fotografie
Beeld door: beeld: Gaby Jongenelen

“Of de Stadsdichter nu paars, blauw of groen is. Het gaat om de kwaliteit van het werk. Punt”

Robbert Meijntjes timmert al jaren aan de weg als prozaschrijver en podiumbeest. Hij stond op vele podia korte verhalen voor te lezen, is schrijfdocent bij de SKVR en oprichter en organisator van het succesvolle literaire podium Frontaal waar hij als presentator de schrijvers aan de tand voelt.

Wat maakt Marco in de eerste plaats zo geschikt?

“Marco bezit de zeldzame gave om zijn scherpe teksten met diezelfde emotionele lading op het podium over te brengen aan een publiek. Hij is uiterst geïnteresseerd in wat er in literair Rotterdam gebeurt en, mede dankzij HipHopInJeSmoel, overal van op de hoogte. Om een stad te kunnen representeren moet je weten wat er speelt.

In Rotterdam zijn thema’s als identiteit en afkomst zijn niet te missen. Het leverde dichter Dean Bowen lovende kritieken voor zijn debuutbundel ‘Bokman’ op, waarin hij op poëtische wijze deze thema’s aansnijdt. Moet de nieuwe stadsdichter sterke affiniteit met die thema’s hebben?

‘Het belangrijkste voor het kiezen van een nieuwe stadsdichter is de kwaliteit zijn of haar werk. Daarnaast zijn of haar kennis van de stad, vooral op het literaire vlak. Al het andere is secundair. De stad kent vele nationaliteiten. De nationaliteit van Marco is er daar een van. Bovendien staat hij met veel mensen in verbinding, is hij erg empathisch en betrokken. Hij stimuleert jong talent met o.a. HIJS. Hij is zowel bekend met poëzie als met spoken word of proza.

Het kan gevaarlijk worden als een prestigieuze functie niet meer objectief wordt toegekend aan de hand van geschreven werk, maar juist meer aan de hand van wie de persoon is of vertegenwoordigt. Het staat voor Rotterdam natuurlijk mooi wanneer er eens niet een witte man of vrouw stadsdichter wordt. Maar ik vind dat zulke overwegingen geheel buiten beschouwing gelaten moeten worden. Of de stadsdichter nu paars, blauw of groen is. Het gaat om de kwaliteit van het werk. Punt.’

Je noemt debutanten Dean Bowen en Elfie Tromp. Dean Bowen werd genomineerd voor de C.Buddingh’-prijs voor zijn debuutbundel. Elfies debuut Victorieverdriet vangt lovende recensies. Wat maakt hen geschikt als stadsdichter?

“Dean Bowen is een poëtische wervelwind. Met Bokman heeft hij een uniek werk de wereld in geschopt dat vooral qua zinsopbouw de term ‘uniek’ zeker waard is. Zijn taalvirtuositeit kan in een eventuele rol als stadsdichter veel moois opleveren.

Elfie daartegenover is nu al een Rotterdamse literaire veteraan die de stad en haar inwoners door en door vat. Ze overstijgt het schrijverschap door geëngageerd te zijn en durft haar mening in het maatschappelijke debat te spuien. Veel schrijvers werken liever in stilte aan hun volgende werk op de achtergrond. Ik zie Elfie juist als een extraverte orkaan die met haar vlotte tong en bevlogen betrokkenheid literair Rotterdam als stadsdichter nog steviger op de kaart kan zetten.”

Schrijver Elfie Tromp kiest: Dean Bowen

_MG_6186_Willem de Kam
Beeld door: beeld: Willem de Kam

“Als stadsdichter word je een soort lokale Sinterklaas van de poëzie”

Elfie is bij het grote publiek bekend als schrijfster en columnist. Maar sinds haar succesvolle poëziedebuut ‘Victorieverdriet’ heeft zij in dichtersland ook naam gemaakt. Ook haar mening over de nog te verkiezen stadsdichter willen we graag horen. Wie moet het worden?

Derek Ottes voorgangers waren resp. Hester Knibbe, Daniel Dee, Ester Naomi Perquin, Jana Beranova en De Woorddansers. Een aardige man-vrouwverdeling. Waar zou jouw voorkeur naar uitgaan?

“Derek is een schot in de roos geweest, omdat hij zich op zoveel vlakken beweegt. En veel mensen samenbrengt op zijn podium. Hij is verstaanbaar en een mooie introductie in de poëzie voor mensen die niet wekelijks een bundel lezen.

Ik ben blij dat mensen uit de enorm actieve humuslaag van spoken word nu langzaam emanciperen en de weg vinden naar publicaties. Het is goed om veilige plekken te hebben om te ontwikkelen.  Wel mis ik soms nog de doorstroom naar de pagina. Poëzie moet niet alleen in het café staan maar ook op papier.

Ik verwacht daarom veel van Dean Bowen. Hij is een voorbeeld van iemand die ik al jaren op slams tegenkom. En nu de succesvolle stap naar de pagina heeft gemaakt. Ik was erg onder de indruk van Bokman. Hij ontwikkelt een eigen poëtica. Dat soort eigenheid waardeer ik heel erg.”

Moet een Stadsdichter er zijn voor de stad (en bestuurders) of juist haar inwoners?

“Je hebt een voorbeeldfunctie als stadsdichter, je wordt een soort lokale Sinterklaas van de poëzie. Je moet er voor beiden zijn. Bestuurders zijn toch ook mensen? Dus je moet laten zien dat poëzie bestaat, het aaibaar en toegankelijk maken. Het ‘feest’ ervan vieren. Kijk, het is een verademing dat er geen Nike-reclame aan op schouwburgplein hangt, maar een gedicht. Ik geloof niet zo in de revolutie van de kunst. Als je iets wil veranderen moet je bij Greenpeace gaan, niet een gedicht schrijven. Poëzie is een intieme belevenis. In Nederland in ieder geval wel. Je moet er zin in hebben om twee jaar lang als Stadsdichter het uithangbord te spelen.”

Stel ze vragen jou, zou je ‘ja’ zeggen?

(Schiet in de lach) “Ik denk dat ik me nog wat meer moet ontwikkelen als dichter, maar ik zou een damn goede Sinterklaas zijn! Maar we hebben een levendige poëziewereld en er valt genoeg te kiezen denk ik zo.”

Spoken word artiest Tomáš de Paauw kiest: M., Chery, Christopher Blok of Y.M.P.

Tomas
Beeld door: beeld: Abdelkarim Amhamdi

“Voor de spoken word scene voelt het alsof een van onze jongens opeens in het eerste van Oranje speelt”

Tomáš de Paauw is oprichter van spoken word-platform Spraakuhloos waarmee hij sinds vorig jaar het meerdaagse spoken word-festival 010 Says It All organiseerde. Zelf is hij ook spoken word-artiest en auteur van het boek ZwartWitte Paauw, dat in mei dit jaar het levenslicht zag.

Derek Otte gaat zijn laatste vier maanden in als stadsdichter. Wie zou hem moeten opvolgen volgens jou?

“Ik denk dat zijn opvolger of opvolgster het nog moeilijk gaat krijgen. Ik ben heel trots op wat Derek heeft gedaan de afgelopen anderhalf jaar. Het is bijzonder om te zien wat een jonge Rotterdamse gozer in de stad betekent en hoeveel mensen hij verbindt met het woord. Onze podia (Spraakuhloos en 010 Says It All) zijn ontstaan omdat Derek al deed wat hij doet. Hij heeft voor ons zoveel deuren geopend. Ik denk dat Derek het moeiteloos doet, omdat hij mee verandert met de stad. Er zijn er niet veel zijn die dat zomaar kunnen.”

Jij ziet als organisator veel jong talent voorbijkomen. Wie zou zo’n grote taak aankunnen?

“Ja, ik heb er een paar. Voor mij is het voor de hand liggend om aan de hand van Spraakuhloos een M., een Christopher Blok, een Y.M.P. of een Ivan Words naar voren te schuiven. Ik ben hele grote fan van Chery. Mariana Hirschfeld is ook heel goed bezig. Maar voor nu denk ik dat het niet slim zou zijn om voor de stadsdichter uit die vijver te vissen. Ik denk dat zij zich nog moeten uitvinden als artiest. Als je nu een M. dat ‘aandoet’, om het zo maar te zeggen, zou je daarmee ook de natuurlijke groei van een artiest kunnen remmen.”

Hoe wordt Dereks Stadsdichterschap beleefd vanuit de spoken word scene?

“Fantastisch. Het feit dat ze hem als dichter, ook zijn spoken word hebben erkend, dat is echt iets. Waar het voor ons allemaal een beetje uitzichtloos was, is er nu een van ‘ons’ stadsdichter geworden. Dat voelt alsof we altijd op de straat hebben gevoetbald, en onze jongen opeens in het eerste van Oranje speelt. Het kán. Mensen hebben niet door hoe waardevol het voor spoken word is dat Derek nu stadsdichter is.”

Maakt het uit of de volgende stadsdichter man of vrouw is?

“Nee. Het zou voor de spoken word-scene wel goed zou zijn als het een vrouw wordt. Dan is er minder bewijsdrang misschien? Mannen hebben toch meer dat ‘kijk hoe goed mijn tekst is’. De mooiere stukken die ik ken komen echt van vrouwen. Die zijn zo emotioneel, zo beeldend en oprecht. Maar mannen lopen er mee te koop. Als er een dame tussen zit die het op kan pakken…dat zou ik als stad en als persoon heel waardevol vinden.”

Oud-stadsdichter Hester Knibbe kiest: Peter Swanborn, Myrte Leffring of Rien Vroegindeweij

Hester Knibbe, stadsdichter van Rotterdam
Beeld door: beeld: Willem de Kam

“Aan de nieuwe stadsdichter: blijf vooral jezelf en probeer niet iedereen tevreden te stellen”

Dichteres Hester Knibbe (1946) was in de jaren 2015 – 2017 stadsdichter van Rotterdam. Waardevolle momenten tijdens haar stadsdichterschap vond zij de ontmoetingen met mensen die zij anders nooit had leren kennen. Ook de 4- en 14 mei-herdenkingen maakten een diepe indruk op de dichteres. Ze heeft daarnaast de Beeldende Kunstroute-app verrijkt met poëzie van diverse Nederlandse dichters, speciaal geschreven bij de beelden op de route.

‘Wij leven in de Gouden Eeuw van de poëzie, dat denk ik echt’, zei Hester in een eerder interview met Vers Beton. Deze optimistische blik op de poëzie maakt ons extra nieuwsgierig naar Hesters mening over de nieuwe stadsdichter.

Welke dichters komen in aanmerking voor de titel van stadsdichter?

“Kiezen is lastig in deze stad met een grote diversiteit aan dichters. Ik kies daarom drie dichters met elk een eigen toonaard en kijk op de stad.

Als eerste: Peter Swanborn die in zijn jongste bundel Het wolkenreparatieatelier duidelijk laat doorklinken dat de stad hem na aan het hart ligt. Hij zou de functie van stadsdichter met verve kunnen vervullen. Maar ook Myrte Leffring zou, met haar heel eigen toon waaruit hart voor mensen spreekt, en prima kandidaat zijn. Rien Vroegindeweij, Rotterdammer in hart en nieren en vergroeid met de stad, zou eveneens geknipt zijn voor het stadsdichterschap.”

Welke tip heeft u voor de nieuwe stadsdichter?

Stel je open voor de stad en de gebeurtenissen die er plaatsvinden. Verdiep je in wat de stad bezighoudt. Maar blijf vooral jezelf en probeer niet iedereen tevreden te stellen. In twee jaar kan veel gebeuren wat om aandacht vraagt. Kies wat jou belangrijk lijkt.”

Oud-stadsdichter Jana Beranová nomineert: Dean Bowen, Peter Swanborn, Hans Wap

jana

“Maak juist gebruik van de opdrachten die je krijgt. En voel je niet verplicht om ergens op in te gaan”

Dichteres Jana Beranová was van 2009 tot 2010 stadsdichter van Rotterdam. Een rol die zij heel serieus nam en waar ze veel tijd in stak. Ze genoot van de projecten met kunstenaars, van de optredens en workshops op scholen. Zij vindt: een stadsdichter is een ambassadeur van poëzie in de stad. En iemand met passie voor diezelfde stad.

Kijkt u uit naar de bekendmaking van de nieuwe stadsdichter?

“Zeker. Ik ben benieuwd hoe het nu verder gaat na 6 stadsdichters, waarvan de eerste een groep was van beoefenaars van verschillende kunstdisciplines. Wat mij betreft zou die verbreding, zoals in het eerste jaar, best weer toegepast mogen worden. Ik zou willen pleiten voor een poel van enkele actieve dichters die de taken onderling verdelen. De Poetsclub, die elke eerste woensdagavond in de maand in De Schouw bijeen komt en poëzie voordraagt, zou de domicilie kunnen zijn.”

Interessant! Maar als we voorlopig uitgaan van één stadsdichter, wie zou u dan naar voren schuiven?

“Dean Bowen, die sinds enkele jaren in de stad woont. Zijn poëzie is prachtig. Zijn dichtbundel Bokman boeit van begin tot eind, deels dankzij zijn buitenlandse wortels. Ook zijn voordracht is indringend. Je kunt niet om hem heen. Ik denk dat hij ons de stad op zijn volstrekt eigen manier zou laten beleven.

Op de tweede plaats zou ik kiezen voor goede dichters zoals Peter Swanborn of Hans Wap die deel uitmaken van de ‘Rotterdamse actieve scene’.”

Wat zou u de nieuwe stadsdichter mee willen geven?

“Maak op een goede manier gebruik van de opdrachten die je krijgt. Dat werken in opdracht haaks zou staan op vrij werk is een misvatting. Iemand reikt je weliswaar een onderwerp aan, maar je bent volledig vrij in de manier waarop je het uitwerkt. Je schrijft iets dat je anders misschien niet geschreven zou hebben. Maar onthoud ook: je bent als stadsdichter niet verplicht om ergens op in te gaan. Ik herinner me dat Daniël Dee een gedicht over het bombardement op Rotterdam niet zag zitten. Dat werd geaccepteerd.”

Vers Beton heeft jouw support nodig!

Voordat je verder leest: Vers Beton kan alleen blijven bestaan dankzij support van onze lezers. Maak jij ook onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk?

Nee, ik lees eerst het stuk verder
28417696_10156152592074320_1867643664_o (1)

Mirthe Smeets

Mirthe is neerlandica, journalist en redacteur. Ze houdt van de dynamiek van Rotterdam en legt zich graag toe op de culturele verslaglegging. Ze neemt je mee door de stad en toont haar ontdekkingen op het gebied van kunst, poëzie, literatuur, en mooie plekken.

Profiel-pagina
MiguelSantos_BabsWitteman_7

Renato Proper

Renato Proper (1986) blogde veel over Rotterdamse festivals, maar werd bekender als organisator van o.a. Poetry Slam Rotterdam en de maandelijkse PoetsClub in café De Schouw. Onder zijn alter ego Miguel Santos stond hij op vele podia, schreef columns voor Bogue Rotterdam, was twee jaar huisdichter bij OPEN Rotterdam, schreef ooit een roman en publiceert sinds twee jaar zijn poëzie in eigen beheer.

Profiel-pagina
Nog geen reacties

Advertentie

Wildlife-film-festival-rotterdam-2018-Adv-Versbeton