voor de harddenkende Rotterdammer

Donker was van 2006 tot 2010 was hoofdredacteur van het NRC. Zij was met 41 jaar toen de jongste én de eerste vrouw om die plek in te nemen bij de grote dagbladen van Nederland. In 2010 stapte ze op na een conflict over de koers van de krant met uitgever Gert-Jan Oelderik. Vervolgens werd Donker directeur van het Mondriaan Fonds, het stimuleringsfonds voor kunst en erfgoed in Nederland. Daar vertrekt ze om vanaf 15 november in Rotterdam aan de slag te gaan. Met zo’n CV heeft ze het misschien niet nodig, maar om Donker vast op weg te helpen geven we haar graag wat welgemeend maar ongevraagd advies met hulp van een aantal Rotterdamse fotografen.

Eerst even over het Fotomuseum zelf: het instituut heeft een grote eigen collectie, waaronder 166 volledige archieven van fotografen. Het presenteert jaarlijks meerdere tentoonstellingen van uiteenlopende soorten fotografie. Maar het beheert ook auteursrechten van fotografen en heeft een eigen restauratieatelier. Het is een relatief jong museum, dat in 2003 ontstond na het samenvoegen van het Nederlands foto-instituut, het Nederlands fotoarchief en het Nationaal fotorestauratieatelier. Het was in eerste instantie gevestigd in het voormalige NRC-pand in de Witte de Withstraat, en verhuisde in 2007 naar het Las Palmasgebouw op de Wilhelminapier.

Las Palmas
Beeld door: beeld: Ossip van Duivenbode

Hoewel het een nationaal instituut is, opgenomen in de landelijke culturele basisinfrastructuur (in jargon ook wel een BIS-instelling), ontvangt het museum ook Rotterdamse cultuursubsidie. Voor het besteden van die bijdrage adviseerde de RRKC (*pagina 256) voor de periode 2017-2020 om deze ‘in te zetten voor een spannende, uitdagende programmering over hedendaagse thema’s die aansluiten bij de uitstraling van Rotterdam als internationale stad.’ Een landelijke missie dus, maar wel met een lokaal sausje graag.

Kil en Koud

Documentair fotograaf Carel van Hees is te spreken over de exposities in de afgelopen jaren: “De kwaliteit van het Fotomuseum is de afgelopen jaren heel stabiel geweest. Ze maken sterke combinaties in de tentoonstellingen, in de grote zalen en de kleinere zalen beneden. Soms aanvullend en soms tegenstrijdig, dat werkt goed. Maar het kan natuurlijk altijd beter en scherper.”

“Als het fijner wordt om er blijven, is er meer plek voor gesprek en reflectie”

Carel van Hees

Florine van Rees ervaart het Fotomuseum daarentegen als een wat afstandelijke instelling. Zij noemt zichzelf colour composer, met fotografie als haar belangrijkste medium, waarmee ze de publieksprijs won van De Kracht van Rotterdam in 2018. “Er zou meer gedaan kunnen worden om te bezoeker van het museum te betrekken bij de tentoonstellingen en het proces van de fotograaf. De exposities zien er altijd mooi en strak ingericht uit, maar ik zou bijna zeggen; laat dat een beetje los en zorg dat het wat gezelliger wordt zodat je langer in de ruimte wil verblijven.”

Van Hees herkent dat afstandelijke gevoel: “Het is nu wat kil en koud, terwijl het te gek zou zijn als het museum meer een ontmoetingsplek zou worden. Als het fijner wordt om er heen te gaan en er te blijven, word het direct meer plek voor een gesprek en reflectie.”

Rdam-Art-2017-93
Haute Photographie in het Nederlands Fotomuseum Beeld door: beeld: Fleur Beerthuis

De stad en de tijdgeest

Dankzij technologische en artistieke ontwikkelingen van de afgelopen decennia vervagen de grenzen tussen fotografie, film en video, en beeldende kunst meer en meer. Is het dan eigenlijk nog wel zinvol om de fotografie in een apart museum te exposeren? Meerdere fotografen zetten er hun vraagtekens bij. Wilschut: “Dat onderscheid komt voort uit de tijd dat fotografie zich nog moest bewijzen als autonoom medium. Dat hoeft nu niet meer bevochten te worden. Het zou wat mij betreft beter zijn als het iets als ‘lens-based-arts’ zou zijn. Betrek die videokunst erbij, geluidskunst, elektronica. Daar zou het museum zich echt meer kunnen onderscheiden.”

Fotograaf Pim Top is er stellig in: “Even scherp gezegd: ik vind fotografie een nutteloze term. Het zegt namelijk niet zo veel buiten dat het een beeld is. Kunstfotografie en documentairefotografie zijn wat mij betreft dermate verschillend van elkaar dat die beter tentoongesteld kunnen worden in een artistieke of historische context. Niet in de context van fotografie. Wat mij betreft hoeft er dus überhaupt geen fotomuseum te zijn.”

Wilschut besluit met een grote wens voor het museum: “Een eigen gebouw zou het beste zijn. Dat zou het museum meer vrijheid geven het budget te besteden aan inhoudelijke, kleinschalige presentaties met karakter. Meer op het scherpst van de snede en meer met de vinger aan de pols van wat er in de stad gebeurt.” Stichting Droom & Daad, leest u mee?

versbeton 1111

Fay van der Wall

Fay van der Wall (1983) werkt als freelance schrijver en maker. Schrijft voor Vers Beton over popcultuur, kunst, muziek, media en de stad

Profiel-pagina
Ossip

Ossip van Duivenbode

Ossip van Duivenbode (1981) is architectuurfotograaf. “Architectuur en stedenbouw zijn volledig in mijn bestaan verwikkeld. Als ik door een stad loop, ben ik continu aan het observeren. Wat is de invloed van een gebouw op de omgeving, wat zijn interessante details, hoe verhouden die zich tot de mensen?”

Profiel-pagina
me

Fleur Beerthuis

Fleur Beerthuis studeerde aan de Willem de Kooning Academie en werkt nu als fotograaf. Ze vindt Rotterdammers geweldig. Door mensen te portretteren ziet zij een glimp van hun werelden. Ze is nieuwsgierig naar hoe andere mensen leven en denken. Met beelden probeert zij hun verhalen zo goed mogelijk over te brengen.

Profiel-pagina
Nog geen reacties