Voor de harddenkende Rotterdammer

Als er een dier is dat de stadsnatuur belichaamt, dan is het wel de duif. Of beter gezegd: de stadsduif. Een vogel wiens evolutie volledig in het teken staat van het samenleven met de mens. Duiven zijn in alle wereldsteden te vinden. Het verhaal van de stadsduif is een uniek en bijzonder verhaal, maar er is bitter weinig interesse voor. Zowel biologen als het grote publiek halen minachtend hun neus op voor die aan lager wal geraakte postbode. Als men zich al iets afvraagt over de duif, dan is het: waar zijn z’n tenen gebleven?

duifversbeton2
Beeld door: beeld: Esther Lankhaar

Wanneer ik over stadsduiven begin denk je vast aan een achenebbisj duifje dat op stompjes naar het volgende patatje strompelt. Het is het klassieke imago. Toch is dit niet de gemiddelde stadsduif. Uit Nederlands onderzoek is gebleken dat 10% met pootproblemen te kampen heeft. Dat valt dus reuze mee. Maar wanneer je door de binnenstad wandelt en er je oog op laat vallen, lijkt dat percentage toch echt een stuk hoger te zijn. Het kan toch niet zo zijn dat alle kansloze en gehandicapte duiven in de binnenstad zijn gaan zitten? Nou, dat is toch wel het geval. 

Je zal denken dat het leven voor zo’n bedelende stadsduif lekker makkelijk is. Elke dag friet en geen natuurlijke vijanden. De werkelijkheid is anders. De duivenmaatschappij kent een moordende concurrentie. Goede adresjes, waar het hele jaar door iets te eten valt, zijn schaars. Ze worden gemonopoliseerd door de sterksten. Kerngezonde bullebakken die iedere kneus onverbiddelijk wegpikken. De verliezers hebben op den duur geen andere keus dan in de binnenstad op zoek te gaan naar wat frietjes. Het is beter dan niks. Totdat de winter toeslaat en de mensen liever binnen eten. Veel strompelaars leggen dan het loodje.

Hoe zit het nu met die tenen? Er zijn verschillende theorieën over wat deze ellende veroorzaakt. Zelf vond ik het verhaal van pootinfecties altijd plausibel. Op dakgoten en richels staan duiven langdurig in een laag duivenpoep. Dat kan niet gezond zijn. Maar hoewel dat ongetwijfeld tot problemen leidt, kan dat nooit die tien procent verklaren. Het werkelijke antwoord vond ik in de Rotterdamse vogelopvang: Vogelklas Karel Schot.

Ieder jaar komen een paar honderd duiven met hun kapotte poten in de Vogelklas terecht. In alle gevallen waarin opzwellende poten en afstervende tenen nog niet voltooid waren, was de oorzaak ondubbelzinnig eenduidig: zwerfvuil. Poten en tenen waren verstrikt geraakt in draadjes, touwtjes, vislijnen en – het ergst van allemaal – lange mensenharen. Vaak kon met geduldig peuteren de duif worden bevrijd van zijn pijnlijke verwikkeling.

Het is een logisch verhaal. Op zoek naar kruimels en zaadjes leggen duiven dagelijks vele kilometers lopend af. Vooral in de binnenstad raken ze daarbij vroeg of laat verstrikt in een draadje. In een op de tien gevallen resulteert dat in het verlies van een teen, of erger. Zo’n handicap kan voor een duif grote gevolgen hebben. Voor je het weet degradeer je van een kerngezonde bullebak naar een strompelende stumper. 

Gemeente Rotterdam heeft gekozen voor een aanpak waarmee de overlast van duiven afneemt en men tegelijkertijd het welzijn van de duiven verbetert: duiventillen. Door de duiven in de til gezond voedsel en een schone verblijfsruimte aan te bieden, verbetert de gezondheid van de populatie. Dat werkt alleen wanneer het publiek hieraan meewerkt en de duiven ondertussen geen frietjes toestopt. Daarom steekt de gemeente terecht veel tijd in voorlichting. Je wordt geacht de duiven niet te voeren. Wat mij betreft zou daaraan toegevoegd mogen worden: ‘gooi sowieso geen rommel op straat’ en ‘ga eens wat vaker naar de kapper’. 

Vers Beton heeft jouw support nodig!

Voordat je verder leest: Vers Beton kan alleen blijven bestaan dankzij support van onze lezers. Maak jij ook onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk?

Nee, ik lees eerst het stuk verder

Andre

André de Baerdemaeker

André de Baerdemaeker (1979) kwam als schoffie van Zuid in aanraking met de zieke en gewonde vogels van Vogelklas Karel Schot. Misschien werd hij daarom wel biologieleraar. Later ruilde hij zijn krijtje in voor een verrekijker: hij werd ecoloog bij Bureau Stadsnatuur en onderzoekt Rotterdamse levensvormen. Bij voorkeur wanneer de zon schijnt.

Profiel-pagina
Screenshot-20170723-161008

Esther Lankhaar

Illustrator

Esther Lankhaar heeft een achtergrond in de jeugdhulpverlening en het maatschappelijk werk en werkt nu als illustrator.

Profiel-pagina
Nog geen reacties

Reageren is voorbehouden aan Vers Beton-supporters. Meld je hier aan als supporter of log in.