Voor de harddenkende Rotterdammer

Het was een bijzonder moment. We zaten in de kantine van de buurtvereniging waar ze taalles krijgen, in afwachting van de resultaten van de leestoets: Ünal, Mario en ik. Brunilda had niet willen wachten op de uitslag, die ik per e-mail zou doorkrijgen, en was weggegaan. Dit was mijn kleinste groep, of wat er nog van over was. Vier cursisten waren in de loop van het traject om verschillende redenen afgehaakt.

Mario sprak vol passie over zijn toekomstplannen. De taalles had hem gemotiveerd om verder te leren, zei hij. Hij had al een onderonsje gehad met zijn contactpersoon bij de Sociale Dienst om de mogelijkheden daartoe te bespreken. Ik was aangenaam verrast om hem zo bevlogen te horen praten. Nu was Mario een pientere, 36-jarige Kaapverdiër die bewezen had prima overweg te kunnen met de Nederlandse grammatica. Maar hij kwam altijd traag en ongemotiveerd over. Niet zelden kwam hij te laat of wilde hij veel te snel weer weg. Nu brandde hij van ambitie. Hij vroeg of er een leesboek was dat ik hem kon aanraden. Ik liep naar de boekenkast en zag Mijn naam is Asjer Lev van Chaim Potok staan. Nadat ik Mario uitgelegd had waar het boek over ging, begon hij te glunderen van trots. Hij zag er een compliment in dat ik het boek aan hem koppelde, alsof het boek over hem persoonlijk ging.

‘Heb je ook boek voor mij?’ vroeg Ünal toen.

Ik keek de Turkse ex-olieworstelaar aan en zei dat Ali en Nino van Kurban Saïd geknipt voor hem was. Voor dat boek moest hij wel naar de bibliotheek, want in de kast van de buurtvereniging stond het niet.

Hij vroeg waar het over ging.

Na mijn samenvatting van het boek begon hij te pochen met zijn drie vrouwen. Dat deed Ünal wel vaker. Hij had er een handje van om zijn vrouwelijke medecursisten, met name Brunilda, uit de tent te lokken met zijn vermeende veelwijverij. Nu waren Mario en ik de vissen in de vijver.

‘Dat mag niet. Is verboden,’ zei Mario.  
‘Ik laat gewoon een imam komen en die doet dan nikah,’ hield Ünal vol. Hij bedoelde ermee te zeggen dat hij als moslim geen goedkeuring van de Nederlandse wet nodig had.

‘Ben jij zo religieus dan?’ vroeg ik.
‘Ja, islam is goed voor mij,’ zei hij.
‘Ga je vaak naar moskee?’ vroeg Mario.
Ünal schudde zijn hoofd. ‘Ik heb geen geld.’
‘Heb je geld nodig om naar de moskee te gaan?’ vroeg ik ongelovig.
Hij legde uit dat in een moskee altijd mensen waren die geld nodig hadden. Er was altijd wel iemand die geld nodig had voor een operatie, voor een reis naar Mekka, voor een begrafenis in Turkije, enzovoort. Die mensen kwamen naar de moskee om geld te vragen van hun medegelovigen en het was voor iedere gelovige een heilige plicht om de behoeftige te helpen. Ünal vond het vervelend om niks te geven. Hij schaamde zich ervoor. ‘Daarom ik ga weinig naar moskee.’

Ünal was een ondeugende kerel. Je wist nooit wat gemeend en wat ongemeend was bij hem. Dat was tactiek. Zo schiep hij zich een schemergebied, waarvan hij op momenten dankbaar gebruikmaakte om zijn schaamtegevoel te verhullen. Ik geloofde niks van zijn zogenaamde polygamie, maar ik twijfelde niet aan zijn geldgebrek en schaamte.  
De telefoon in mijn broekzak trilde. Het bericht waar we op zaten te wachten? Ik las het in stilte, daarna stopte ik het apparaat weer weg. Ik keek Mario en Ünal een voor een aan. ‘Ik heb goed nieuws voor jullie, heren.’

Vers Beton heeft jouw support nodig!

Voordat je verder leest: Vers Beton kan alleen blijven bestaan dankzij support van onze lezers. Maak jij ook onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk?

Nee, ik lees eerst het stuk verder

vers_beton_said

Said El Haji

Said El Haji (1976, Marokko) is schrijver, publicist, schrijfdocent en geeft Nederlands aan anderstaligen. Hij werkte als columnist en opiniemaker voor tal van regionale en landelijke kranten en bladen. Zijn debuutroman De dagen van Sjaitan (2000) beleefde een ware hausse aan media-aandacht en is ook in het Frans verschenen. Ook publiceerde hij o.a. Goddelijke duivel (2006) en Sta op en leef, vader (2013).

Profiel-pagina
logodriehonderdduizendtweetien

Elzeline Kooy

Elzeline Kooy (Rotterdam) studeerde in 2013 af als illustrator aan de Willem de Kooning Academie. In 2014 behaalde ze haar master aan Sint-Lukas (kunsthumaniora) in Brussel. Momenteel werkt ze als freelance illustrator voor onder andere magazines en online platforms, met specialisatie in beeldverhaal.

Profiel-pagina
Nog geen reacties