Voor de harddenkende Rotterdammer
energie-transitie-rotterdam
Beeld door: beeld: Xenia Gottenkieny

Kun je goed wokken op een inductiekookplaat? Het is niet de eerste vraag die je verwacht bij een discussie over ‘van het gas af gaan’. Toch speelt deze zorg bij bewoners in Bospolder-Tussendijken weet Tonny van Sommeren van het Zelfregie Huis in Delfshaven. “Ze wokken op hoog vuur, of maken grote tajines. Als zij straks niet meer op gas mogen koken doen ze dat misschien wel op hun balkon met een gasflesje, met alle gevaren van dien.”

In 2050 moeten alle Rotterdamse huishoudens overgestapt zijn op een duurzame energiebron om hun woning te verwarmen en om mee te koken. Het is een van de maatregelen om het internationale klimaatakkoord dat in 2015 in Parijs is afgesproken te kunnen halen. De gemeente heeft vijf wijken aangewezen om als eerste volledig van het gas af te gaan, Bospolder-Tussendijken in Delfshaven is daar een van.

Klimaatdoelstellingen bungelen ergens onderaan het prioriteitenlijstje van bewoners

Maar hoe betrek je bewoners bij die overstap? Op plekken waar veel huiseigenaren wonen die zonnepanelen en warmtepompen kunnen betalen is dat makkelijker dan in ‘BoTu’, een van de vijf armste postcodegebieden van Nederland. Achter dit statistische feit schuilen bovendien problemen als werkloosheid, schulden, vroegtijdig schoolverlaten en jongeren die op straat zwerven. Klimaatdoelstellingen bungelen ergens onderaan het prioriteitenlijstje van bewoners.

Toch zal er per wijk, buurt of zelfs per blok of gebouw een plan gemaakt moeten worden voor de overstap. Dat kan een overstap op stadswarmte zijn (restwarmte uit haven en industrie), op duurzame stroom uit zonne- of windenergie, of bijvoorbeeld op biogas. Voorlopig lijkt stadswarmte op de meeste plekken in Rotterdam de beste en goedkoopste optie.

Van gas los

“De meeste mensen hebben geen idee wat ze boven het hoofd hangt”, vervolgt Van Sommeren terwijl ze in een grote pot linzensoep roert op een kookplaatje dat, nu nog, aangesloten is op een gasfles. Om het onderwerp tastbaarder te maken ziet Van Sommeren wel wat in een interactieve theatervoorstelling, ‘Van gas los,’ waarop bewoners kunnen reageren en zo het verloop van het theaterstuk kunnen beïnvloeden.

Robbert de Vrieze, bestuurslid van Delfshaven Coöperatie, legt een gezelschap van wetenschappers en energieprofessionals diezelfde ochtend uit over het project Energiewijk BoTu: energie opgewekt door en voor bewoners. Denk aan basisscholen die met zonnepanelen energie produceren voor zichzelf en de buurt. Maar ook aan corporatie Havensteder die de vijf Gijsingflats bij Park 1943 moet verduurzamen en zo kan bijdragen aan de Energiewijk.

Hij laat tijdens een rondleiding voorbeelden zien van duurzame energie in BoTu. Dat zijn er nog niet zo veel en ze zijn niet zo groot. De voedseltuin in het M4H-gebied bijvoorbeeld, heeft een biomeiler, een grote composthoop die genoeg warmte produceert voor één huishouden. Op het Dakpark ligt een rij tegels met “heet water” erop. Ze liggen bovenop een leiding die restwarmte vanuit de haven vervoert. Nieuwbouwwijk The Hudsons zal straks op die restwarmte aangesloten zijn.

“In het ideale scenario zouden bewoners een deel van het netwerk kunnen beheren”

Robbert de Vrieze, bestuurslid van Delfshaven CoöperatieTweet dit

Maar hoe zit het met de rest van de wijk? De Vrieze betoogt dat de energietransitie aan andere opgaven gekoppeld moet worden. “Energie is solidariteit, energie is ook democratisering en energie is sociale veerkracht”, zegt hij. Als bewoners zich verenigen in een energiecoöperatie, levert dat niet alleen iets op voor ‘het huishoudboekje’, maar doe je ook aan ‘community building’. Door bewoners op te leiden tot energiecoach, kunnen ze hun buren informeren over de opties.

Of ze kunnen zelf een installatiebedrijf opzetten en runnen, gezien het tekort aan monteurs. Bewoners krijgen zo bovendien meer democratische invloed, denkt hij, door in gesprek te gaan met de gemeente, met woningcorporaties, met energieleveranciers en netbeheerders. In het ideale scenario zouden bewoners volgens De Vrieze zelfs een deel van het netwerk kunnen beheren.

Aan nieuwe ideeën geen gebrek

Maar dat is nu nog toekomstmuziek. Het gas- en stroomnetwerk is nu nog in handen van netbeheerders, in de regio Rotterdam is dat Stedin. Jan Pellis van Stedin geeft een presentatie op de negende verdieping van de Rotterdam Science Toren aan het Marconiplein. Stedin verleidt Rotterdammers die aardgas alleen gebruiken om mee te koken en niet om hun huis te verwarmen, nu al om over te stappen op een inductiekookplaat. Dat wordt zo laagdrempelig mogelijk gemaakt. Zo levert één bedrijf de inductiekookplaat, en plaatst en onderhoudt die ook. Stedin hoopt zo onderbenutte en dus onrendabele gasleidingen, versneld kunnen vervangen.

In de nieuwbouwwijk Hoog Dalem in Gorinchem deed de netbeheerder een proef met het opslaan van zonne-energie door bewoners, zodat bewoners hun zelf opgewekte energie maximaal kunnen benutten. De volgende stap is dat ze die energie onderling kunnen gaan verhandelen via blockchaintechnologie. Het voordeel van zo’n digitale marktplaats is dat bewoners zonder tussenkomst van leverancier of bank direct met elkaar kunnen handelen, dat maakt het goedkoper. De technologie is ook een middel om het handelen transparant te maken, om achterdocht en burenruzies te voorkomen.

“Als we zowel de auto’s als de energie zouden delen, in plaats van als een manier zien om geld te verdienen, verschijnen opeens een boel nieuwe opties”

Binnenkort start hier een proef mee op het RDM-terrein op Heijplaat, vertelt Janjoost Jullens van Blocklab, een initiatief van het Havenbedrijf. Het digitaal handelen is ook een manier om de grote pieken en dalen die duurzame stroom veroorzaken beter te verdelen – als het waait of als de zon schijnt is er ineens heel veel energie beschikbaar, bij gebrek aan goede batterijen om die energie op te slaan moet die eigenlijk meteen gebruikt worden. Grote pieken in energie betekenen ook dat je een groter net nodig hebt en dat is kostbaar om aan te leggen. Als je geld bespaart door zo goedkoop mogelijk energie in te kopen op de momenten dat het aanbod het grootst is, dan loont het ook om in een batterij te investeren om die duurzame energie op te kunnen slaan, hoopt Jullens.

Jan-Peter Doomernik van netbeheerder Enexis schetst een nog verder gaand scenario. Wat als je zelfrijdende auto’s ‘s nachts met opgeladen batterijen niet stil laat staan, maar gebruikt om energie aan huis af te leveren? Als we zowel de auto’s als de energie zouden delen, in plaats van als een manier te zien om geld te verdienen, verschijnen opeens een boel nieuwe opties, betoogt Doomernik.

“Er wordt nu nog veel gesproken over wat mensen willen, zonder met mensen te praten”

Mooie toekomstbeelden, maar wat de presentaties ook laten zien is dat er spanning bestaat tussen de technologie-gedreven oplossingen voor de omschakeling naar duurzame energie, en de wens om bewoners meer zeggenschap te geven. In hoeverre hebben bewoners echt een keuze of wordt ze iets opgedrongen? Stel bijvoorbeeld dat energieleverancier Eneco verkocht wordt aan Shell (een reële optie) dan zou Shell een monopolie kunnen krijgen van het produceren van duurzame stroom, tot het leveren aan de voordeur en het beheren van het netwerk. Kun je daar als burger die iets anders dan stadswarmte wil, of zelfs als energiecoöperatie, nog mee onderhandelen?

“Er wordt nu nog veel gesproken over wat mensen willen, zonder met mensen te praten,” concludeert Eefje Cuppen van de TU Delft aan het einde van de dag in het Zelfregie Huis. “De gesprekken over de energietransitie gaan nog te vaak over technologie en over doelstellingen.” Een groep wetenschappers van de TU Delft doet momenteel onderzoek naar hoe je in een vroeg stadium rekening kunt houden met maatschappelijke en ethische aspecten van nieuwe technologieën.

Echte inspraak of ‘crowd-washing’?

Promovendus María Galeano Galván van de TU Delft legt uit dat ons energiesysteem nu uitgaat van een paar grote producenten en leveranciers. De kleine energieproducenten zoals burgers met zonnepanelen moeten zich daar een weg tussen vechten. Een andere grote vraag is: bij wie komen de kosten van de energietransitie terecht? Mensen die meer dan tien procent van hun inkomen aan energie kwijt zijn, lijden aan energie-armoede. Het gevaar bestaat dat zij onevenredig veel voor de energietransitie zullen betalen. En in hoeverre zullen burgers echt betrokken worden bij de transitie, of mogen zij alleen voor de bühne meepraten? “Crowd-washing”, noemt Galván het.

De bewoners van BoTu krijgen na de zomer een uitnodiging van de gemeente om over de energietransitie mee te praten. In de gemeentelijke nieuwsbrief van mei stonden in ieder geval de geruststellende woorden “niets moet nu”, en “in 2020 weten we meer”. Hoe BoTu aardgasvrij gaat worden is dus nog erg onzeker. Wat de gemeente wel benadrukt is dat het “voor iedereen haalbaar en betaalbaar” moet zijn.

Dit artikel kwam tot stand in samenwerking met Wolfpack, samen met de TU Delft organisator van de dag over crowd-based innovations rond energie in Bospolder-Tussendijken op 6 mei 2019. Zij hebben geen invloed gehad op de inhoud van dit artikel.

Vers Beton heeft jouw support nodig!

Voordat je verder leest: Vers Beton kan alleen blijven bestaan dankzij support van onze lezers. Maak jij ook onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk?

Nee, ik lees eerst het stuk verder

SaskiaNaafs_VB

Saskia Naafs

Saskia Naafs (1984) is stadssocioloog en onderzoeksjournalist voor Investico, platform voor onderzoeksjournalistiek. Ze woont in Rotterdam en schrijft het liefst over steden. Haar artikelen verschenen onder meer in De Groene Amsterdammer, Trouw en Het Parool.

Profiel-pagina
Xenia-avatar

Xenia Gottenkieny

Illustrator

Xenia Gottenkieny (Hameln , Germany) has studied audiovisual arts at the Willem de Kooning Academy in The Netherlands (1992-1995). She is a Rotterdam based (collage) artist, musician and photographer.

Profiel-pagina
Nog geen reacties

Reageren is voorbehouden aan Vers Beton-supporters. Meld je hier aan als supporter of log in.

Advertentie

Logo_giraffe_01_600x500