Voor de harddenkende Rotterdammer
cultuur_rotterdam-grassroots
Beeld door: beeld: Elzeline Kooy

In september en oktober 2017 bracht Rotterdam een team van internationale experts bijeen om een advies uit te brengen voor de culturele sector. Het ‘International Advisory Board’, dat eerder vooral over economie ging, kreeg nu de focus op cultuur: IABx. En dat resulteerde in een rapport met een serie aanbevelingen, waaronder: meer aandacht voor de grassroots, de nog ongesubsidieerde, opkomende organisaties binnen de culturele sector.

Maar dat advies kwam niet zonder slag of stoot tot stand. De discussie die gepaard ging met dit adviestraject, legt een kloof bloot in de culturele sector: die tussen generaties, tussen institutioneel en niet-institutioneel en tussen wit en niet-wit.

Wat er aan vooraf ging

“We willen meer publiek bereiken, en beter bereiken”, zei voormalig wethouder Pex Langenberg in september 2016  tijdens zijn speech ter toelichting op het cultuurplan: ‘Reikwijdte en armslag: Cultuurplan 2017-2020.’ De belangrijkste pijlers: talent, vernieuwing en innovatie. Het bedienen van een zo’n breed mogelijk cultureel publiek werd de verantwoordelijkheid van de héle sector, benadrukte Langenberg.  

Een aantal nieuwe organisaties trad toe tot het Cultuurplan. Toch ging veruit het grootste deel van de subsidiepot, 80 miljoen euro, naar gevestigde instellingen zoals Boijmans en de Kunsthal. “De wethouder ontpopt zich als Robin Hood from hell. Geld weghalen bij de kleine, jonge organisaties om dat te geven aan twee organisaties met toch al gigantische budgetten,” zo schreef Renee Trijselaar toen over de subsidieverdeling op Vers Beton.  

“Iedere Rotterdammer moet zich aangesproken voelen door wat de stad in cultureel opzicht te bieden heeft en de culturele sector moet ernaar streven een afspiegeling te zijn van de Rotterdamse samenleving,” stond tevens in het cultuurplan. Kritische cultuurmakers zoals Trijselaar vroegen zich af in hoeverre de verdeling van de subsidies aansluit bij de cultuurbeleving van de (brede) bevolking van Rotterdam. Het subsidiegeld kwam nu tenslotte (wederom) grotendeels terecht bij instellingen die voornamelijk wit publiek bedienen.

STROOI1_VB
Beeld door: beeld: Elzeline Kooy

De lokale politiek vond dat het diversiteitsproces in de cultuursector traag verliep. Dus werden er in 2016 (na de subsidieverdeling) in de raad vier voorstellen ingediend en aangenomen om het proces te bevorderen. Neem bijvoorbeeld de aangenomen motie Culturele Diversiteit in het Cultuurbeleid.  NIDA en de PvdA dienden deze in, met de opdracht aan de Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur (RRKC) om onderzoek te doen naar diversiteit in de sector. 

Intussen was de nieuwe garde jonge makers het wachten op structurele veranderingen in de sector beu. In juni 2017 stuurden 80 jonge makers een brief naar de wethouder met daarin een oproep tot meer actie. Ook benadrukten zij hun positie in de stad: “Om tot de gewenste vernieuwing in de stad te komen zijn wij nodig. Wij zijn de nieuwe garde, en die is per definitie pluriform, divers en voldoet vaak niet aan de bestaande criteria voor artistieke kwaliteit.” Kortom, cultuurperiode 2017-2020 startte ambitieus.  De termen als talent, vernieuwing en diversiteit, zullen de jonge makers hoopgevend en als muziek in de oren hebben geklonken. Toch bleek in 2017 al dat het college moeite had om deze ambities waar te maken. Daarom was een extra impuls nodig.

Bijzondere IABx

Hoewel de populariteit van Rotterdam de afgelopen jaren sterk toenam, bleef de groei van de culturele sector eerst nog een tijdlang achter, constateerde de RRKC . Tegelijkertijd beschouwde Rotterdam kunst en cultuur als een belangrijke pijler voor een aantrekkelijk vestigingsklimaat en imago van de stad.  

Rotterdam Partners besloot daarom een speciale editie van het International Advisory Board1 te organiseren: IABx. Voorheen richtte het IAB zich op economische ontwikkeling, nu stond het volledig in het teken van cultuur.  Hiervoor werd een samenwerking op touw gezet tussen de gemeente, Rotterdam Festivals, de RRKC, Rotterdamse Nieuwe en stakeholders uit de stad. Zes internationale cultuurexperts, onder leiding van Jan Peter Balkenende, brachten vervolgens in april 2017 een werkbezoek aan Rotterdam. Al deze partijen bogen zich over de vraag; “Hoe kan Rotterdam als culturele bestemming beter nationaal en internationaal gepositioneerd worden?”

Dit resulteerde in een adviesrapport met als titel “Rotterdam, stay close to what you are! Becoming an international hotspot starts with authenticity”. Het rapport vormde de afsluiting van een jaar lang durend proces en de presentatie vond plaats op vrijdag 6 oktober 2017 in Lantaren Venster. Een reconstructie van het proces toont hoeveel getouwtrek er achter de schermen plaatsvond tussen institutionele en niet-institutionele spelers in de cultuursector.

Gelijkwaardigheid

Er wordt in Rotterdam, weliswaar in wisselende samenstellingen, heel wat gediscussieerd over kunst en cultuur. Zo is er de RRKC, die het stadsbestuur adviseert op het gebied van cultuur en beleid. En het zogeheten Directeurenoverleg, waaraan ruim zeventig kunst- en cultuurinstellingen verbonden zijn. Jonge makers worden door deze partijen met grote regelmaat uitgenodigd om hun visie te delen. Zo vaak zelfs dat veel van die makers inmiddels liever wegblijven bij dergelijke overleggen omdat er “toch niets mee gebeurt.”

“De belangrijkste meerwaarde van het IABx proces is volgens de organisatoren dan ook de breedte waarmee dit gedragen wordt. Grote en kleine instellingen: iedereen was uitgenodigd om met elkaar te praten over de stad en hun visie uit te dragen, “ legt Sander de Iongh uit, van Rotterdam Partners. Dit werd georganiseerd in vijf werkgroepen met belanghebbenden uit de stad. In verschillende sessies probeerden deze werkgroepen vanuit hun expertise antwoord te geven op de hoofdvraag en enkele subvragen. De internationale adviseurs gebruikten deze informatie vervolgens voor het formuleren van hun advies. 

Maar de keuze van de initiatiefnemers om de werkgroepen te vormen op basis van grootte (big locals, mid size en grassroots, architectuur en niet-gesubsidieerd) leidde tot veel kritiek bij participanten.  

“Als je een gelijkwaardig gesprek wilt, waarom zijn deze groepen op deze manier samengesteld?”, zegt Damoon Foroutanian (DJ, participant in werkgroep grassroots). “Nu zaten er in een groep allemaal mensen met dezelfde belangen. Iedereen preekte dus voor eigen parochie.” Het illustreert  de voortdurende discussie over vermeende ongelijkwaardigheid in de cultuur sector. Kleine instellingen ergeren zich vaak aan de houding van de gevestigde orde bij samenwerkingen en aan de onevenredige verdeling van macht, gelden en aandacht.

De Iongh erkent de kritiek: “We hebben hier vooraf vaak over gesproken. Het werkte echter wel in de zin dat het de scherpe kantjes, het gebrek aan interconnectiviteit, goed in beeld bracht.”  Siobhan Burger, die vanuit Rotterdamse Nieuwe het proces begeleidde, begrijpt de kritiek ook. Wel is ze van mening dat met deze opdeling een ‘welles-nietes-discussie’ is voorkomen: “Als we de groepen hadden gemengd, was er een kans geweest is dat eigenlijk niemand de ruimte had gekregen om vanuit een gezamenlijk belang te spreken. De belangen van het Boijmans, de Kunsthal en de Doelen zijn meer gelijkwaardig aan de belangen van de upcoming makers wanneer je beiden naast elkaar zet.”

“De belangen van het Boijmans, de Kunsthal en de Doelen zijn meer gelijkwaardig aan de belangen van de upcoming makers wanneer je ze náast elkaar zet”

Damoon Foroutanian vraagt zich af in hoeverre het proces door bepaalde grote instellingen serieus genomen werd.  “Het Internationaal Film Festival stuurde niet de directeur, maar een marketing medewerker. Als je écht gaat nadenken over de koers van de stad, waarom stuur je dan een uitvoerder in plaats van iemand die de strategische lijnen uitzet. Het zendt het signaal uit: I do not give a f*ck.”

Momentum

Als startpunt en discussiedocument voor alle werkgroepen gold de presentatie die Wim Pijbes in in september 2016 gaf . Hij is kunsthistoricus en sinds januari 2017 directeur van filantropische stichting Droom en Daad. Pijbes zette daarin de sterktes, zwaktes, kansen en bedreigingen uiteen die golden voor Rotterdam als cultuurstad en toeristische bestemming. “De jaren van stagnatie in de kunsten, gebrek aan focus in het beleid en economische tegenwind lijken achter ons te liggen. In 2016-2017 bevindt Rotterdam zich in een sterke positie om het cultuurtoerisme verder te ontwikkelen.” Om door te pakken, adviseerde Pijbes om in te zetten op de ‘grote merken’: Boijmans, de Kunsthal, het internationaal Film Festival, architectuur en de Markthal. In zijn analyse bevestigde hij tevens de achterliggende motivatie voor deze IABx: Rotterdam is als toeristische stad succesvoller geworden dan als cultuurstad. Om de groei van het toerisme in stand te houden achtte hij het essentieel om te investeren in een ‘stabiel, onderscheidend, authentiek en duurzaam cultuuraanbod’.

Pijbes’ analyse vormde het startpunt voor alle IABx participanten. In de werkgroepen werden zij gevraagd om hierop te reflecteren. Zijn verhaal werd met weinig enthousiasme ontvangen, blijkt uit de verslagen van de bijeenkomsten.

STROOI3_VB
Beeld door: beeld: Elzeline Kooy

Een tweetal typerende opmerkingen daaruit: “Te veel gericht op volume en grootsheid, en de zogenoemde iconen van de stad.” En: “Hiërarchisch, conservatief en niet-inclusief.” 

Het leidde wél tot protest en tot een alternatief werkprogramma geïnitieerd door de grassroots-participanten zelf.  Siobhan Burger: “Wim Pijbes is ontzettend lang actief in de culturele sector en representeert een bepaalde visie. Zijn verkenning is vanuit een bepaalde autoriteit geschreven. Hij kan makkelijk communiceren met mensen die in bestuurslagen zitten. We moesten een ander perspectief schetsen om te voorkomen dat zijn visie door de culturele internationale elite als waarheid zou worden aangenomen.”

Gebrek aan perspectief

In Rotterdam, een stad waarvan 70 procent van de scholieren een migratieachtergrond heeft, is de culturele sector in de handen van witte mensen. Dat iemand zoals Wim Pijbes gevraagd werd om de opening te verzorgen, past in die trend. Dat zijn verhaal niet aansloeg bij de grassroots-participanten en de jonge makers, die vaak wél multicultureel en inclusief zijn, verrast ook niet. De analyse van Pijbes miste het perspectief en visie die aansluiten bij de tijdsgeest en bij hun belevingswereld.

Het IABx-proces dat ook geïnitieerd werd door voornamelijk witte organisaties, raakt daarmee de discussie over diversiteit en representatie in de cultuursector. De vraag rijst of het feit dat Rotterdam Partners urban stakeholders uitnodigde voor het proces, wel voldoende is om een écht inclusieve, (dus voor alle Rotterdammers) cultuurvisie te formuleren. Had er daarvoor niet in alle lagen van het proces een juiste afspiegeling moeten zijn van de samenleving?

Damoon: “Het gaat over een nieuwe visie voor deze stad, een stad met kleur, en de leiders zijn volledig witte bolwerken met spikkeltjes van kleur. Precies het tegenovergestelde van Rotterdam. Bij voorbaat ontbreekt er dan het extra perspectief dat je nodig hebt voor deze stad. Mensen zoals ik zijn er voor het leuk. Het is geïnstrumenteerde inbreng.”

Was het feit dat Rotterdam Partners urban stakeholders uitnodigde voor het proces, wel voldoende om een écht inclusieve cultuurvisie te formuleren?

In een reactie op deze kritiek grijpen het RRKC  en Rotterdam Partners terug op het feit dat er sprake was van een open werving, en dus “iedereen mocht meepraten”. Ook Siobhan Burger van Rotterdamse Nieuwe is het niet eens met deze kritiek. Zij verwijst naar de conclusies van het IABx proces: “ Er is juist veel aandacht voor het multiculturele DNA van de stad.  We neigen te veel naar het zwart-wit-denken, en dat terwijl Rotterdam van iedereen is.”

De beste strategie: DNA of de toerist?

Illustratie_ClubRotterdam_ArtikelIdentiteitIIRotterdam_Funzig_MQ

Lees meer

Waarom Rotterdam het ‘niet-lullen-maar-poetsen’ voorbij is

De Rotterdamse identiteit is big business.

De botsing tussen de Wim Pijbes van Rotterdam en de grassroots onderschrijft de identiteitscrisis waar Rotterdam zich momenteel in bevindt.  De cultuurelite houdt vast aan het verhaal van Rotterdam als ‘stad van reconstructie’, als ‘havenstad’ en ‘architectuurstad. Terwijl een groot deel van de Rotterdammers behoefte heeft aan een nieuw, inclusief verhaal. Een verhaal waarin de doelgroepen worden opgenomen die nu nog buiten beschouwing worden gelaten, maar die wel de identiteit van de stad vormen. 

“Het huidige verhaal van de stad beschrijft niet de identiteit van de stad”, zegt een anonieme deelnemer in de gespreksverslagen van de bijeenkomsten. “De culturele identiteit van Rotterdam bestaat niet zozeer uit grote culturele instellingen en spectaculaire architectuur. Het bestaat uit de mensen. Maar bovenal kan de identiteit van de stad beschreven worden als jong, multicultureel en divers. De uitdaging is: hoe sluit je het internationale imago aan bij deze identiteit?“

STROOI2_VB
Beeld door: beeld: Elzeline Kooy

Terug naar de hoofdvraag: “Hoe kan Rotterdam als culturele bestemming beter nationaal en internationaal gepositioneerd worden?” Of, zoals een van de participanten beschrijft in de verslagen: ‘How can we make even more money with culture?’ Met deze vraag, geformuleerd vanuit een economische invalshoek, delven de grassroots sowieso altijd het onderspit. Zij dragen vaak economisch minder bij dan de grote organisaties omdat zij werken zonder of met kleine budgetten, waar de gevestigde cultuurinstellingen marketingbudgetten kunnen inzetten om potentiële internationale bezoekers te bereiken.

Maar, zo benadrukten de grassroots, het zijn juist de kleine initiatieven die Rotterdam aantrekkelijk en authentiek maken. ‘Bepaal uw strategie: wilt u een economische factor verhogen, óf wilt u uw DNA versterken/verrijken?”, luidde hun oproep. Beide strategieën vragen namelijk een totaal andere aanpak wanneer het gaat om cultuurbeleid, subsidieverdeling en internationale citybranding. 

‘Big’ is attractive, but ‘small’ makes special

In de hoop de internationale cultuurexperts te overtuigen van hun visie, organiseerden enkele deelnemers vanuit de grassroot-werkgroep eind april 2017 een alternatief programma waarin de bezoekers uitgebreid werden rondgeleid langs de ‘hotspots’ van de stad.  Er werd gelunched bij de shoarmazaak op de Witte de With want “ook dat is onderdeel van het Rotterdamse DNA”, aldus Siobhan Burger. Een strak geproduceerde video over Rotterdam moest de speciale vibe van de stad extra benadrukken.

De internationale experts waren onder de indruk, blijkt uit het adviesrapport: “De kracht van Rotterdam zit in de stad zelf. Het is een plek waar jonge initiatieven zich kunnen ontwikkelen, waar je het onverwachte kunt verwachten, waar grenzen kunnen worden verlegd’. Een grote sprong voorwaarts ligt binnen handbereik. De IABx was vooral onder de indruk van de kracht, diversiteit en vitaliteit van de grassroots en informele onderdelen van de Rotterdamse samenleving.”

“Het voelde als erkenning, dat het juist de grassroots-initiatieven zijn waardoor een stad aantrekkelijk wordt”

“Het voelde als erkenning”, zegt Jade Schiff (Routes en Routes, participant in de grassroots-werkgroep). “Nu hoorden we van externen dat het juist de grassroots-initiatieven zijn waar de dingen gebeuren en waardoor een stad spannend en aantrekkelijk wordt voor bezoekers.”

Conclusie

Uiteindelijk verwoordde de IABX hun toekomstvisie op de Rotterdamse culturele sector als volgt:  “Het opmerkelijk potentieel in Rotterdam ligt in het brede en diverse aanbod, en vooral binnen de grassroots- en informele initiatieven. Zowel formele als informele culturele organisaties moeten gelijkwaardige partners zijn in een discussie over de toekomst van cultuur in Rotterdam. Het gaat daarbij vooral om inclusiviteit. Denk aan een bredere en inclusievere definitie van kunst en cultuur. Speciale aandacht moet uitgaan naar groepen die betrokken zijn bij de informele culturele scene van de stad, in termen van citymarketing, maar ook in termen van het betrekken van deze groep in het bijzonder bij het ontwikkelen van een nieuw sterk verhaal voor Rotterdam.” Hiermee is duidelijk geworden dat de inspanningen van de vertegenwoordigers van de participanten van de grasssroots werkgroepen hun weerklank hebben gevonden in het eindadvies van het IABx. 

Of deze aanbevelingen en aandacht voor grassroots terug te vinden is in huidige discussies over de verdeling van subsidiegelden, diversiteit, representatie en stadsidentiteit? Daaraan besteedt Vers Beton de komende tijd aandacht in een serie artikelen.

Voordat je verder leest...

Vers Beton heeft jouw support nodig! Wij kunnen alleen blijven bestaan dankzij support van lezers. Maak jij onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk?

Nee, ik lees eerst het stuk verder

  1. IAB Rotterdam bestaat uit circa 15 topbestuurders uit het internationale bedrijfsleven, overheden en kennisinstellingen. Zij adviseren het gemeentebestuur over de kansen voor de Rotterdamse economie. 
    Zij wordt door het college van B&W van Rotterdam gevraagd te adviseren over een relevant Rotterdams thema, vanuit de gedachte dat een blik van buiten leidt tot nieuwe inzichten. Rotterdam Partners is de organiserende partij.
    ↩︎
18209064_10154713209543195_6162322301411381250_o

Caterine Baeten

Programmamaker Vers Beton LIVE

Caterine Baeten combineert mediavraagstukken met politiek. Voorheen op de Coolsingel nu in de Tweede Kamer. Houdt zich ook bezig met het gebrek aan diversiteit in, onder andere, de cultuursector.

Profiel-pagina
logodriehonderdduizendtweetien

Elzeline Kooy

Illustrator

Elzeline Kooy (Rotterdam) studeerde in 2013 af als illustrator aan de Willem de Kooning Academie. In 2014 behaalde ze haar master aan Sint-Lukas (kunsthumaniora) in Brussel. Momenteel werkt ze als freelance illustrator voor onder andere magazines en online platforms, met specialisatie in beeldverhaal.

Profiel-pagina
Lees 2 reacties
  1. Profielbeeld van Christian
    Christian

    In 2002 hingen jonge cultuurmakers ook al aan de bel vanwege hetzelfde fenomeen. Korte samenvatting in Trouw hier en volledig manifest hier (.doc). Tien concrete adviezen die bijna allemaal onverminderd relevant zijn.

  2. Profielbeeld van Mark Oskam
    Mark Oskam

    Goed dat Vers Beton hier aandacht aan besteedt. Een essentiële discussie over de richting van Rotterdam als cultuurstad. Dat is dus de reden dat ik graag Vers Beton financieel ondersteun.

Reageren is voorbehouden aan Vers Beton-supporters. Meld je hier aan als supporter of log in.