Voor de harddenkende Rotterdammer
VersBeton-1600×900
Beeld door: beeld: Laura Liza

Rotterdam bruist. En daar speelt de cultuursector een cruciale rol in. Het Rotterdamse college is zich daarvan bewust en toont zich ambitieus: het is tijd om ruimte te geven aan nieuw talent en een breder publiek. Een lang gekoesterde droom van D66. De vraag is alleen hoe we deze ambities gaan betalen. Als we niet meer investeren dan vrezen wij voor een verschralende cultuursector, waarin er steeds minder geld zal zijn voor daadwerkelijke kunst en cultuur omdat het budget opgaat aan huisvesting en andere overheadkosten.

Bruisende cultuursector

Een levendige en gevarieerde kunst-­ en cultuursector is meer dan leuk tijdverdrijf. Het draagt in grote mate bij aan de aantrekkelijkheid van de stad. Van grote publiekstrekkers als de Kunsthal en kleinere initiatieven zoals het Eendracht Festival tot broedplaatsen voor opkomende creatieven. Kunst en cultuur is van intrinsieke waarde voor de mens. Het verbreedt je blik op de wereld en geeft handvaten voor persoonlijke ontwikkeling. Daarnaast levert het een substantiële bijdrage aan een sterk gezamenlijk verhaal van de stad. Het laat zien wat ons samen bindt.

Concreet levert het de stad ook economisch veel op. Zo levert elke euro investering in cultuur bijna twee keer zoveel op in de vorm van extra bestedingen in de stad. Geld dat niet zou worden uitgegeven in Rotterdam als we geen bloeiende cultuursector zouden hebben.

Dit kan niet

In de onlangs verschenen uitgangspunten van het cultuurbeleid voor de komende vier jaar toont het college zich vol visie en ambities: een inclusieve cultuursector, interconnectiviteit onderling en ruimte voor innovatie zijn tot kernpunten verheven. Ook wordt gesteld dat de gehele sector moet voldoen aan de drie door de cultuursector zelf opgestelde codes: de Governance Code Cultuur, de Code Culturele Diversiteit en de Fair Practice Code1.

Terechte keuzes om de cultuursector toekomstproof te maken, maar wel met financiële consequenties. Kunsten ’92, een belangenorganisatie voor de kunst- en cultuursector, heeft berekend dat er per januari 2021 al 25 miljoen extra landelijk budget nodig zal zijn om de uitvoering van de Fair Practice Code te kunnen betalen. Er wordt in de cultuursector namelijk structureel onderbetaald. Dit kán niet. De rekening kan niet worden neergelegd bij de makers en de instellingen. Willen we het huidige productieniveau behouden, dan moet er geld bij.

De i van investering

Meer ruimte voor nieuwe makers, een inclusieve sector en goed bestuur; het is geen geheim dat wij als D66 al deze ontwikkelingen van harte toejuichen. Maar we maken ons wel zorgen. Naast de uitvoering van de Fair Practice Code en het benodigde budget om de ambities van verbreding en vernieuwing te kunnen realiseren, zijn er nog de stijgende exploitatiekosten.

In totaal gaat er 13 miljoen euro van de 80,5 miljoen cultuurbudget naar kale huurlasten. Dat is 16% van het cultuurbudget. Tel daar de servicekosten, energielasten, schoonmaakkosten, waterverbruik en andere uitgaven bij op en je zit op een derde van het cultuurbudget. Overigens gaat 9% van het budget naar de huurlasten van de tien grootste instellingen. Met de verbouwingen van Museum Boijmans van Beuningen, het Theater Zuidplein en het Wereldmuseum zal dit aandeel alleen maar groter worden.

“Naast de voorgestelde drie i’s van inclusiviteit, interconnectiviteit en innovatie, moet er een vierde i komen, die van investering”

Ocker van Munster, voorzitter van het Directeurenoverleg van Rotterdamse kunstinstellingenTweet dit
easy_does_it_Funzig_300dpi

Lees meer

Easy as one, two, three

Advies van Derek Otte over hoe jonge Rotterdamse makers beter tot hun recht kunnen komen.

Ondertussen is het cultuurbudget met 10 miljoen gedaald, terwijl de huurkosten met 10% zijn gestegen in de afgelopen 10 jaar. De kosten zullen verder stijgen en als het cultuurbudget niet meegroeit, zal de cultuursector alle potentie die het heeft niet kunnen waarmaken.

Ocker van Munster, voorzitter van het Directeurenoverleg van Rotterdamse kunstinstellingen, deed in de gemeenteraad een oproep: “Naast de voorgestelde drie i’s van inclusiviteit, interconnectiviteit en innovatie, moet er een vierde i komen, die van investering.”

Doen we dat niet, dan zal het cultuurbudget besteed worden aan stapels stenen en personeel. Er zal steeds minder geld overblijven voor programmering. Laten we het cultuurbudget terugbrengen naar het niveau van voor de economische crisis. Op die manier kunnen we de ambities waarmaken. Een bloeiende, vernieuwende cultuurstad met een breed aanbod en eerlijke lonen.

Voordat je verder leest...

Wij kunnen alleen bestaan dankzij support van lezers. Help jij ons om onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk te blijven maken? Vanaf 6 euro per maand ben je supporter!

Nee, ik lees eerst het stuk verder

  1. "De Governance Code Cultuur richt zich op fatsoenlijk bestuur, de Fair Practice Code op een stevigere arbeidsmarktpositie van mensen werkzaam in de sector en de Code Culturele Diversiteit op een structurele verankering van culturele diversiteit binnen de organisatie.” Lees hier meer. ↩︎
elenewalgenbach

Elene Walgenbach

Elene Walgenbach (1993) is gemeenteraadslid in Rotterdam voor D66. Daar zet zij zich als jongste raadslid in voor een bruisende stad, met de portefeuilles cultuur, horeca en evenementen. Ook zet ze zich in voor gelijke kansen voor alle Rotterdammers met de portefeuille onderwijs.

Profiel-pagina
Nog geen reacties

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.

Advertentie

Logo_giraffe_01_600x500