Advertentie

Logo_giraffe_03_zwart_1456x180
Voor de harddenkende Rotterdammer
Woonkamer_VersBeton_SylvanaLansu-1
Beeld door: beeld: Sylvana Lansu

Elke woning heeft een woonkamer. Zo zijn we het gewend. Net zo vanzelfsprekend was tot kort geleden de inrichting daarvan: een bankstel plus televisie. De woonkamer was dé plek om achterover te zakken en naar de wereld te kijken. Een knusse familiekamer. Maar vandaag de dag woont een groeiend aantal mensen niet meer in familieverband. Wonen en werken vloeien in het dagelijkse leven steeds meer in elkaar over. En ruim 38 percent van de Rotterdammers heeft niet-Westerse wortels. 

vb-mailchimp

Lees meer

Schrijf je in voor de wekelijkse nieuwsbrief!

Op de hoogte blijven van Vers Beton per mail? Schrijf je in voor de wekelijkse nieuwsbrief

Toch worden woonkamers nog steeds ontworpen met enkel de familiekamer in het achterhoofd. Het recent ontwikkelde Park 16Hoven is een voorbeeld daarvan: de omvangrijke wijk bestaat uitsluitend uit (middel)dure eengezinshuizen en dito appartementsgebouwen met drie- en vierkamerwoningen: gebouwde monocultuur. Inventieve, veelzijdig bruikbare woningtypes zijn de uitzondering. Uiteraard werken ontwerpers en developers noodzakelijkerwijs vanuit veralgemeniseringen. Maar hoe gebruiken de hedendaagse Rotterdammers hun huiskamer? En welke ontwikkelingen worden hierdoor zichtbaar?

Wedergeboortes

Voor veel geïnterviewden is de bank niet meer dé plek in de woonkamer. Dat geldt zowel voor families, als voor stellen en voor mensen met een Westerse of niet-Westerse achtergrond. “Bij ons draait alles om het eten,” zegt Gerda (1976). Ze woont met man en drie kinderen in een appartement en heeft Hindoestaanse wortels. Haar woonkamer heeft een open keuken en een eetplek.

In één woning herleeft met het dagbed zelfs een nog oudere woonvorm: die van de salon

Freek (1980) is musicus en woont met vrouw en dochtertje in een bovenwoning. Naast een werk-eet-tafel zijn er nog drie andere zitplekken in de woonkamer: een bank met uitzicht naar buiten, hoge stoelen aan de bar en een dagbed. Keuze zat, maar Freek zelf zit toch het liefst aan de tafel, vertelt hij: met familie en vrienden, of om te werken.

Ook Reinier (1979) en Kim (1982), werkzaam bij de Gemeente Rotterdam respectievelijk Rotterdam Partners, beleven de tafel als het middelpunt van hun thuis: hier ontmoeten ze elkaar na het werk, eten en ontvangen gasten. In de woonkamer van Bart (1956) en Adrie (1957) staan maar liefst twéé tafels die ze iedere dag gebruiken, een bistrotafeltje voor de ochtendkoffie en de grote tafel voor het diner.

Woonkamer_VersBeton_SylvanaLansu-2
Freeks dagbed of ‘chaiselongue’ Beeld door: beeld: Sylvana Lansu

Deze ontwikkeling is niet zozeer interessant omdat een ander meubel – de tafel – naar de voorgrond schuift. Vooral opmerkelijk is dat een oude vorm van het wonen herleeft: de ‘zitkamer’. In deze kamer, gebruikelijk tot in de jaren zestig, draaide het wonen letterlijk om de tafel – en de ene kostbare petroleum – of elektrische lamp erboven. Het gebruik van de kamer is daarentegen geheel anders. 

Dat de tafel in het middelpunt van de belangstelling schuift, is vanwege de belangrijke rol die het eten met gasten voor alle geïnterviewden speelt. De zitkamer-nieuwe-stijl is daarom in tegenstelling tot haar voorloper niet meer vooral een privéruimte. In één woning herleeft met het plaatsen van een dagbed zelfs een nog oudere woonvorm: die van de salon. In het verleden was dat een woonruimte met uitsluitend representatief gebruik.

 

Het wonen opgerekt

Een andere opvallende uitkomst is dat het wonen zich niet meer beperkt tot de woonkamer. Reinier en Kim wonen ‘verticaal’. Ook op hun benedenverdieping zijn zitplekken. De trap met boekenkast staat voor de verbinding tussen de verschillende woonplekken in huis. Ook Maria (1952) en haar partner wonen door het jaar heen in verschillende ruimten: ’s zomers in een woonkeuken aan de tuin en in de winter vaker teruggetrokken op de verdieping. 

Woongroepen, zoals die van Rien (1955) zijn in de statistieken van het CBS (nog) geen aparte categorie maar vallen onder ‘overige huishoudens’ waarin mensen anders dan in familieverband samenwonen. Zijn huis heeft twee woonkamers: een privéwoonkamer en een woonkeuken die door hem en de leden van zijn woongroep gezamenlijk worden gebruikt. Hun woonvorm, friends-wonen op z’n Nieuw-Nederlands, is in opkomst en wordt gezien als een oplossing voor het stijgende aantal singles dat in de huidige markt niet aan geschikte woonruimte kan komen.

Woonkamer_VersBeton_SylvanaLansu-6
De trap met boekenkast verbindt de verschillende woonruimten bij Reinier en Kim in huis Beeld door: beeld: Sylvana Lansu

Rien benadrukt de vele mogelijkheden die meerdere woonruimtes bieden: “Door de woonkeuken kunnen we extra gastvrij zijn! Meerdere keren per week zijn er vaste mee-eters uit de wijk.” Deze voorbeelden laten twee nieuwe ontwikkelingen zien: aan de ene kant verspreidt het wonen zich over meerdere kamers. De woonkamer is niet langer de enige woonruimte. 

De tweede ontwikkeling betreft juist de privésfeer van bewoners. Want Riens woonvorm is nu nog een experiment van een kleinere groep, maar staat wellicht voor een algemenere verandering: bewoners die willens en wetens bereid zijn om hun privésfeer met niet-familieleden te delen.

Plek, activiteit en functie

De huidige woonkamer is een vooral een ruimte waarin van alles plaatsvindt. In die van Soraya (1982) en haar man staan een bankstel en twee gemakkelijke leesstoelen. Aan de overkant van de kamer een eerder formele Marokkaanse zithoek. De familie geeft graag feesten met veel familie en vrienden. Soraya’s drie jonge kinderen voetballen in de kamer, wel met een zachte bal. “Het wonen moet vooral ongedwongen zijn,” zegt ze, “En daarvoor is een grote kamer nodig”. 

Gerda ziet dat anders: “Hoe klein je plek ook is, je ontvangt gewoon je gasten. Al zit iedereen met kussens op de grond, daar gaat het niet om.” “De woonruimte moet uitnodigend zijn, niet per se groot. En ons huis geeft rust. Je komt gewoon thuis,” zegt ook Kim.

Woonkamer_VersBeton_SylvanaLansu-10
Een van de plekken in de woonkamer van Soraya is de Marokkaanse zithoek. Beeld door: beeld: Sylvana Lansu

Gemene deler is de grote verscheidenheid van activiteiten die in de woonkamer plaatsvinden: van rustig lezen tot spelen van kinderen en hun vriendjes. Van praten tot feestvieren. Soms gebeurt zelfs alles door elkaar heen, gelijktijdig. De kamer moet dus veelzijdig bruikbaar zijn. En het liefst ook nog veranderbaar. Freek droomt zelf van een huis ‘waarin álle kamers flexibel te gebruiken zijn’.

Opvallend is dat alle geïnterviewden het woord ‘plek’ gebruiken als ze over het wonen vertellen. Het denken in ‘plekken’ is daarbij direct verbonden met hun besef dat een kamer ruimte moet bieden aan diverse activiteiten. 

Woonkamer_VersBeton_SylvanaLansu-11
Soraya geeft in haar woonkamer graag feesten met veel familie en vrienden. Beeld door: beeld: Sylvana Lansu

De meeste vakmensen spreken niet van ‘plekken’ of ‘activiteiten’ maar van ’functies’, zoals woonkamer, slaapkamer, kinderkamer, enzovoorts. Vroeger was het opsplitsen van het wonen in functies een nuttig instrument. Bijvoorbeeld voor het vastleggen en doorzetten van minimumeisen, voor de woningen van de allerarmsten. Maar wellicht is het inmiddels tijd voor een ander begrippenkader. Een dat inspeelt op áctiviteiten, veranderbaarheid en de nieuw onstane vormen van samenwonen. 

Over het onderzoek:
Dit artikel is gebaseerd op gesprekken gevoerd tussen mei en oktober 2018, die onderdeel zijn van een (nog lopend) onderzoek van Andrea Prins naar woonconventies. Haar onderzoek is mede mogelijk gemaakt door het Mondriaan Fonds.

Voordat je verder leest...

Wij kunnen alleen bestaan dankzij support van lezers. Help jij ons om onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk te blijven maken? Vanaf 6 euro per maand ben je supporter!

Nee, ik lees eerst het stuk verder

0

Andrea Prins

Andrea Prins is een architect met passie voor ideeëngeschiedenis en maatschappelijke ontwikkelingen. Ze woont sinds 1994 in Rotterdam. Sinds 2010 is ze minder bezig met bouwen en meer met woorden.

Profiel-pagina
DSC_0908cutklein

Sylvana Lansu

Fotograaf

Sylvana Lansu (1991) studeerde fotografie aan AKV St. Joost in Breda. In haar werk onderzoekt ze het verlangen van de mens naar vastigheid en tegelijkertijd vrijheid. Door het fotograferen van deze aspecten in de wereld om ons heen worden de raakvlakken tussen mens en natuur zichtbaar.

Profiel-pagina
Nog geen reacties

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.

Advertentie

Logo_giraffe_01_600x500