Voor de harddenkende Rotterdammer
Ez-Silva-_-R-2019-Q3-_-Illustratie-1778-x-1000-B-
Beeld door: beeld: Ez Silva

Het Koninklijk Instituut van Taal-Land- en Volkenkunde (KITLV) werd de uitvoerder van het onderzoek in opdracht van de stad Rotterdam, naar aanleiding van de motie door Peggy Wijntuin (PVDA) die aangenomen werd op 14 november 2017. Er is een budget beschikbaar gesteld van €248.000 voor het onderzoek, dat bestaat uit drie deelonderwerpen: Rotterdam in slavernij, Het koloniale verleden van Rotterdam en Postkoloniaal Rotterdam.

Toen dit in augustus 2018 bekend werd, heeft Counter/Narratives circa drie maanden lang contact gehad met Gert Oostindie, directeur van KITLV en redacteur van de bundel Het koloniale verleden van Rotterdam. Wij vroegen om transparantie over de onderzoeksopzet, de samenstelling van het onderzoeksteam en de begeleidingscommissie, en over de betrokkenheid van zwarte en niet-zwarte Rotterdammers van kleur. Maar die transparantie werd niet gegeven. Oostindie gaf aan dat er een bijeenkomst georganiseerd zou worden over de opzet en uitvoering, waarbij de vragen aan de orde zouden komen. Een week voorafgaande aan de informatiebijeenkomst kwam de uitnodiging, de bijeenkomst werd niet breed gedeeld in de media.

Ook heeft Counter/Narratives een gesprek gevoerd met de onderzoekers Francio Guadeloupe, Paul van de Laar en meerdere gesprekken met Liane van der Linden van deelonderzoek ‘Postkoloniaal Rotterdam’. Na dit contact over een eventuele samenwerking werd voor ons bevestigd hoe problematisch verschillende aspecten van de deelonderzoeken zijn. Binnen Counter/Narratives maken wij ons grote zorgen om: de onderzoeksopzet, de samenstelling van het onderzoeksteam en de begeleidingscommissie, en daarnaast over de deelname van enkele onderzoekers.

In Rotterdam wonen directe nazaten van het slavernijverleden, het is belangrijk dat hun behoeften worden meegenomen

Onderzoeksopzet en ‘schijnbetrokkenheid’

De onderzoeksopzet is bepaald door de stadsarchivaris en het KITLV en goedgekeurd door de gemeenteraad, maar in dit proces zijn Rotterdammers zelf niet meegenomen. Het is de vraag in hoeverre de onderzoeksopzet een vertaling is van waar Rotterdammers zelf nieuwsgierig naar zijn. Zoals aangegeven was er pas in juni 2019 een informatiebijeenkomst, waarbij er niet veel werd losgelaten over de opzet van het onderzoek en waarmee bewoners van Rotterdam weinig werden bereikt. Hieruit blijkt dat het uitgangspunt summier informeren is in plaats van samenwerking en participatie vanaf de opzet van het onderzoek.

Terwijl: Rotterdam is een stad waar zwarte en niet-zwarte personen van kleur een meerderheid vormen. Er wonen directe nazaten van het slavernijverleden en daarom is het belangrijk dat hun behoeften worden gehoord en meegenomen.

In het laatste deelonderzoek – Postkoloniaal Rotterdam – lijkt wel sprake te zijn van betrokkenheid en samenwerking. Maar na het voeren van gesprekken met de onderzoekers hiervan blijkt het toch anders uit te pakken in de praktijk. De uitnodiging tot samenwerking is een uitnodiging waarin zogezegd het feestje al bepaald is, en het er vooral gaat om op hun maat te blijven dansen.

Bijvoorbeeld bleek racisme, de basis van waaruit slavernij is opgeworpen, geen prominent vertrekpunt te zijn van het onderzoek. In de uiting van het onderzoek ligt de focus op onderwerpen als muziek, eten en ‘Black Joy’ –  het tegengif tegen anti-zwart racisme. Dat is te vroeg. Er moet eerst gekeken worden hoe anti-zwart racisme zich manifesteert, voordat er gekeken wordt hoe je je hier als getroffene tegenover kan verhouden. Door deze focus wordt de relatie tussen slavernij en racisme bovendien actief vergeten.

Daarnaast uiten wij met Counter/Narratives kritiek op de titel ‘Postkoloniaal Rotterdam’, omdat het koloniale verleden daarmee wordt neergezet als een afgesloten verleden. Rotterdam heeft vandaag de dag nog structureel te maken met institutioneel en alledaags racisme. Denk hierbij aan gentrificatie, segregatie in wijken en scholen, etnisch profileren, politiegeweld, ongelijke kansen op de arbeidsmarkt, een racistisch woningbeleid, de Rotterdamwet, Patserwet, zwarte piet-tegendemonstranten en uitspraken van rechtse politieke partijen in de gemeenteraad. Er kan daarom niet gesproken worden over ‘Postkoloniaal’ Rotterdam.

Wetenschap als superieure meetlat

In de beschrijving van de onderzoeksopzet wordt aangegeven dat het onderzoek twee jaar duurt en uit een onderzoeksdeel en een publieksdeel bestaat. Maar in de praktijk ligt de focus vooral op ‘wetenschappelijk verantwoorde eindproducten’. Er kunnen vraagtekens gezet worden bij deze wetenschappelijke benadering. Juist omdat in het verleden en heden veel wetenschap over dit onderwerp onderhevig is aan een eurocentrische blik, is het nu belangrijk om dit onderzoek op een andere manier in te richten.

De ‘europese wetenschap’ is namelijk geen neutraal orgaan, maar een eurocentrisch product waarbij objectiviteit in direct verband wordt gebracht met het witte perspectief. Dit perspectief wordt dan ook gezien als iets universeels. Subjectiviteit geldt als inferieur en dus wordt zwarte en niet-zwarte mensen van kleur dit ‘objectieve’ witte perspectief opgelegd. Het gevolg is dat het witte perspectief domineert als ‘geloofwaardig’, ‘wetenschappelijk onderbouwd’ en ‘neutraal’, terwijl perspectieven van zwarte- en niet zwarte mensen van kleur worden gedegradeerd tot ‘te emotioneel’, ‘niet wetenschappelijk onderbouwd’ en ‘minder geloofwaardig’.

In bronnen gaat het nooit enkel om registratie. Bij het maken, raadplegen en waarnemen is het witte perspectief dominant

Deze hiërarchie van perspectieven is een herinstallatie van koloniale machtsstructuren. De basis van deze belevingshiërarchie is gelegd tijdens de verlichting, de ‘wetenschappelijke revolutie’ en de koloniale expansie. Dit onderscheid wordt geïllustreerd door de uitspraken van historicus Henk den Heijer over de dominantie van witte bronnen in het onderzoek naar het Nederlandse slavernijverleden.

‘Met die beperking moet je leven. Die bronnen hebben ook een voordeel: ze staan los van emotie. Er wordt alleen geregistreerd wat er gebeurt.’

In bronnen gaat het namelijk nooit enkel en alleen om registratie. Er wordt genegeerd dat deze bronnen zijn beïnvloed door de witte koloniale beeldvorming van de (bronnen)makers. Er is bij het maken, raadplegen en waarnemen sprake van een dominantie en normalisering van het witte perspectief. Het gevolg is dat er onvoldoende aandacht is voor orale tradities en dat tegengeluiden ongehoord blijven.

vb-mailchimp

Lees meer

Nieuwsbrief

Op de hoogte blijven van Vers Beton per mail? Schrijf je in voor de wekelijkse nieuwsbrief

Ofwel: geschiedenis wordt geschreven. De geschiedschrijvers bepalen welke geschiedenis wij moeten lezen en leren. Maar welke perspectieven krijgen hierdoor geen stem en worden dus actief ‘vergeten’?

Samenstelling onderzoeksteam en begeleidingscommissie

Van de totaal dertien onderzoekers zijn er tien onderzoekers wit, waardoor witte perspectieven/interpretaties domineren. De begeleidingscommissie heeft een adviserende rol in de uitvoering van het onderzoek. Daarbij is de begeleidingscommissie bedoeld voor de wetenschappelijke en maatschappelijke begeleiding. Maar deze commissie wordt gedomineerd door wetenschappers en mensen met prominente posities in witte instituties en niet door zwarte en niet-zwarte personen van kleur die bijvoorbeeld actief zijn in Rotterdamse grassroots-organisaties.

De deelname van een aantal specifieke onderzoekers baart ons bovendien grote zorgen over de publicaties. Zo zijn er eerder veel bezwaren gekomen op het deelonderzoek Dekolonisatie, geweld en oorlog in Indonesië, 1945-1950 waarin Gert Oostindie een leidende rol speelt. In de omgang met die bezwaren blijkt duidelijk dat er geen ruimte is voor kritiek en participatie van andere organisaties en individuen, zoals Histori Bersama.

Ook zijn er problematische uitspraken gedaan door enkele betrokken onderzoekers. Zo spreekt Gert Oostindie in zijn boek Postkoloniaal Nederland (2010) over een ‘postkoloniale bonus’ waarbij hij aangeeft dat ‘Antillianen en Surinamers’ voordelen hebben overgehouden aan het kolonialisme in vergelijking met ‘Turken en Marokkanen’ door de beheersing van de Nederlandse taal: ‘De Antillianen ten slotte zijn burgers van het Koninkrijk der Nederlanden en hebben op grond daarvan nog steeds het recht zich in het voormalige moederland te vestigen. Dit is een cruciale postkoloniale bonus.’

Een ander voorbeeld zijn de verschillende uitspraken van Henk den Heijer. Zo gaf hij in een interview met de Volkskrant het volgende aan met betrekking tot herstelbetalingen: ‘Je moet niet overdrijven. Alsof slavernij tot de dag van vandaag traumatiserend is’. Deze uitspraak is een voorbeeld van het witte perspectief als iets neutraals, waarmee kan worden bepaald wat zwarte en niet-zwarte personen van kleur moeten voelen, denken en ervaren. Hiermee bagatelliseert hij de voortzetting van koloniale machtsstructuren en de strijd voor erkenning van de zwarte geleefde realiteit. Het slavernijverleden wordt daarmee neergezet als een afgesloten verleden, maar achter het slavernijverleden staat geen punt maar een komma.

Onderzoek voor of over Rotterdam?

Counter/Narratives juicht meer onderzoek naar het (Rotterdamse) koloniale en slavernijverleden toe, maar hoe kan een onderzoek dit koloniaal verleden en diens erfenis zichtbaar maken op een manier waarbij koloniale machtsstructuren worden geherinstalleerd? Het onderzoek moet dienen als basis en vertrekpunt voor veranderingen in de stad Rotterdam. De opdrachtgevers (stadsarchief en gemeente Rotterdam) moeten daarbij eigenaarschap tonen om in samenwerking met de bewoners van de stad veranderingen te realiseren. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het ontmantelen van institutioneel racisme en het dekoloniseren van onderwijs en de culturele sector.

Met de huidige opzet kunnen we ons afvragen in hoeverre dit onderzoek dient als vertrekpunt van een structureel proces voor de stad Rotterdam, of slechts een onderzoek is waarin eurocentrisme en dominantie daarvan, wederom centraal staan.

Slavernijgeschiedenis-_-Ez-Silva_3360-x-1880

Lees meer

“Achter het Rotterdamse slavernijverleden staat geen punt maar een komma”

Interview n.a.v. de Gids Slavernijverleden Nederland, met daarin vijf Rotterdamse locaties

Voordat je verder leest...

Vers Beton heeft jouw support nodig! Wij kunnen alleen blijven bestaan dankzij support van lezers. Maak jij onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk?

Nee, ik lees eerst het stuk verder

IMG_0790

Counter/Narratives

Counter/Narratives is een digitaal platform dat een ander licht werpt op het dominante discours in Nederland. Door middel van programmering, onderzoek en advies heeft Counter/Narratives het doel om een collectief bewustzijn te creëren ten aanzien van het koloniale verleden, slavernij en hedendaags racisme. 

Profiel-pagina
Foto-Ez-Silva

Ez Silva

Illustrator

Met haar achtergrond als industrieel vormgever en productontwerper, maakte Ez Silva (Cabo Verde, 1985) een switch naar allround vormgever, illustrator en kunstenaar. Haar werk kan omschreven worden als vrouwelijk, dromerig en mysterieus (de innerlijke gevoelswereld van de hedendaagse vrouw). Omdat in het hedendaagse leven al zoveel digitaal gebeurt, kiest Ez er juist voor om op papier te tekenen. 

Profiel-pagina
Lees 2 reacties
  1. Profielbeeld van Tara Lewis
    Tara Lewis

    Beste Counter/Narratives (jammer dat er geen namen boven dit artikel staan, dat communiceert wel zo lekker),

    Dit betreft een historisch onderzoek. Jullie wilden blijkbaar graag betrokken worden en zijn dat niet. Maar daar laten jullie het niet bij zitten. Een waslijst aan argumenten komt voorbij, die ik graag van commentaar voorzie.

    1. ‘in dit proces zijn Rotterdammers zelf niet meegenomen.’ De gemeenteraad wordt gekozen door Rotterdammers. Zij vertegenwoordigen dus diezelfde Rotterdammers.

    2. ‘Het is de vraag in hoeverre de onderzoeksopzet een vertaling is van waar Rotterdammers zelf nieuwsgierig naar zijn.’ Dat is de vraag. Hebben jullie daar een antwoord op? Is er enige indicatie dat dit niet zo is?

    3. Jullie hebben moeite met de term ‘Postkoloniaal Rotterdam’. Want dat impliceert een afgesloten verleden. Want we zijn nog steeds gekoloniseerd? Sorry, maar met dit soort argumenten vraag ik me terdege af of jullie zelf ook maar enige notie hebben van de behoeftes van Rotterdammers, al dan niet met een slavernijverleden. Ik ben benieuwd hoe leuk zij het vinden om te horen dat ze nog steeds gekoloniseerd zijn?

    4. Je beticht de onderzoekers van Eurocentrisme. Puur omdat het een Europees onderzoek betreft. Dat is wel erg makkelijk. Het ontbreekt aan argumenten wat er precies Eurocentrisch aan de methode is. Het pleidooi om breder bronmateriaal te gebruiken kan ik inkomen, maar ik lees niet dat dit op dit moment niet het geval is?

    5. Jullie hebben problemen met enkele onderzoekers. Omdat ze ooit een keer iets hebben gezegd wat niet helemaal in het WOKE-straatje past. En ze zijn OOK NOG WIT! Mag ik even diep zuchten? Gert Oostindie is een van de meest vooraanstaande wetenschappers op dit onderwerp. Hem wegzetten omdat hij ooit een volkomen legitiem punt heeft gemaakt wat iemands tere zieltje heeft gekwetst is een kwalijke zaak.

    6. In de nogal bij elkaar gegrepen conclusie wordt dan eindelijk duidelijk wat het probleem is. Jullie hebben geen interesse in historisch onderzoek maar willen graag een dossier zien over racisme in het huidige Rotterdam. Maar dat is niet waar Peggy Wijntuin om heeft gevraagd. En dat brengt ons bij de crux van waarom dit verhaal zo hopeloos irrelevant is. Het is de micromening van een microgemeenschap, die op geen enkele manier te kennen geeft op de hoogte te zijn van wat er daadwerkelijk speelt onder Rotterdammers.

  2. Profielbeeld van Willemijn Sneep
    Willemijn Sneep

    Namens de hoofdredactie:

    Het doel van Vers Beton is om het debat in en over Rotterdam te faciliteren. Daarom hebben wij Counter/Narratives gevraagd om een reactie te geven op het bericht van Tara Lewis. Echter, Counter/Narratives plaatst vraagtekens bij de reactie van Lewis, omdat zij als redacteur nauw betrokken is bij Vers Beton. Zij willen weten welke standpunt Vers Beton aanneemt ten aanzien van dit debat.

    Hierbij willen wij benadrukken dat de reactie van Tara Lewis op persoonlijke titel is geschreven. Zij is inderdaad onderdeel van onze vaste redactie, maar het staat redacteuren vrij om hun eigen mening te verkondingen – ook als reactie op artikelen op het eigen platform. Vers Beton neemt geen standpunt in ten aanzien van deze reacties, noch ten aanzien van de opinies die wij plaatsen op onze site.

Reageren is voorbehouden aan Vers Beton-supporters. Meld je hier aan als supporter of log in.