Advertentie

klein_botanical_topbanner
Voor de harddenkende Rotterdammer
CK2A2911
Beeld door: beeld: Fleur Beerthuis

Noem hem niet de nieuwe Jules. De 26-jarige Thys Boer, een van Rotterdams bekendste bewakers van de nacht op dit moment, solliciteert met de lancering van zijn visiedocument en nachtraad nadrukkelijk niet voor de vacature van nachtburgemeester. “Wat mij betreft was, is en blijft dat altijd Jules. Ik ben groot fan,” zegt hij, terwijl hij als bewijslast vier boeken van Deelder van zijn boekenplank trekt.

Afgelopen vrijdagavond was in MONO de lancering van de ‘N8W8’ waarvan Boer – geboren in Crooswijk, getogen in Ommoord en woonachtig in Blijdorp – aanjager is. Deze nachtraad is gevolg van het protest ‘Opstaan voor de Nacht’ dat hij afgelopen februari organiseerde. Op het Stadhuisplein verzamelden zich toen, al dansend, honderden ravers, dj’s, performers en betrokkenen voor erkenning van het nachtleven en haar waarde voor de stad.

Tijdens dat protest in februari overhandigde Boer een manifest aan wethouder Said Kasmi (D66, cultuur). Een van de punten: de oprichting van een nachtraad. Elf maanden later is dat zover. Boer presenteerde daarnaast vrijdag een visiedocument met acht speerpunten waarvoor hij met ‘meer dan honderd’ betrokkenen sprak en maakte twee andere leden bekend. 

Huh, nachtwacht? Het was toch nachtraad?

“Nachtraad vind ik zo oubollig klinken. En ook politiek: alsof de club mensen met wie ik ga samenwerken democratisch verkozen is. Wij horen niet bij een partij. Ik heb wel gedacht aan een democratisch proces, maar dat werd me afgeraden. Want: opkomst, wie laat je kiezen, campagnes… dat wordt te ingewikkeld. De naam ‘N8W8’ vonden we mooi: naar Rembrandts werk. Hij schilderde op een heel mooi, groot schilderij ook gewone mensen –  niet de hoogste edelen – die namens de stad de nacht bewaakten. Dat willen wij ook zijn: nachtwakers.”

CK2A3319
Beeld door: beeld: Fleur Beerthuis

Hoe gaan jullie dat aanpakken?

“Wij zijn een stichting, die je moet zien als een onafhankelijk adviesorgaan, een denktank die de belangen van de nacht behartigt. Wij willen gevraagd en ongevraagd advies geven aan gemeente en ondernemers. Voor de stichting werken nu nog drie mensen onbezoldigd. Shirin Mirachor (creatief directeur van MONO, red.), Merano Kalpoe (werkzaam bij KLAUW, een queer clubavond, red.) en ik. We willen dat uitbreiden naar acht mensen. Samen met Shirin en Merano zoek ik de rest, omdat iedereen individueel blinde vlekken heeft.”

Dossier-Horeca—Artikel-1—Ruben-Hamelink–20

Deel van Dossier

Horeca op de fles

Maurice Geluk en Tara Lewis doen onderzoek naar de verschraalde nachthoreca.

Hoe gaan jullie ervoor zorgen dat jullie representatief zijn voor het gehele Rotterdamse nachtleven?

“Even voor de duidelijkheid: wij zijn niemands spreekbuis. We kunnen niet iedereen vertegenwoordigen, maar we hebben wel geprobeerd binnen de verschillende stromingen behoeften te peilen. Ik heb de afgelopen maanden gesproken met meer dan honderd ondernemers uit verschillende hoeken van het nachtleven. Mensen uit de queer-gemeenschap, hiphop en R&B, livemuziek, en elektronische muziek. Maar ik heb ook gezocht naar mensen met meer specialistische kennis over sociale inclusiviteit en culturele diversiteit, of over evenementen en clubs, gezondheid en veiligheid en stedelijke ontwikkeling.”

Al het werk dat je tot nu toe hebt verzet doe je onbezoldigd. Hoe ben jij zo’n belangrijke bewaker van de nacht geworden?

“Mijn bemoeienis is begonnen met het protest. Ik vond het al raar en frustrerend dat in een stad waar het goed gaat, het aantal clubs daalt. Toen ik hoorde dat de club in de emaillefabriek van Maatschappij voor Volksgeluk (de organisatie achter BAR, red.) niet doorging werd ik boos. In tien minuten maakte ik een evenementje aan, en nu zijn we hier.”

“Als het de laatste tijd over nachthoreca ging in de politiek, dan lag de nadruk vooral op geluidsoverlast en drank- en drugsmisbruik. Ik ontken niet dat dit problemen zijn, maar de positieve kanten raken ondergesneeuwd: dat je jezelf ontwikkelt in het nachtleven, nieuwe mensen leert kennen, het werk dat je er kan doen. Ik ging vroeger bijvoorbeeld veel naar Waterfront, waar ik allerlei soorten mensen tegenkwam: skaters en punkers, Feyenoordsupporters en kakkers. Dat heeft mijn leven verrijkt, mezelf veel geleerd over hen én mijzelf.”

Hoe komt die verschraling en negatieve houding volgens jou?

“De afgelopen tien jaar is het aantal nachtclubs van zestien naar tien gegaan. Dat valt samen met de periode dat Aboutaleb burgemeester is. Dat is geen toeval en hangt denk ik samen met wat hij in het begin van zijn burgemeesterschap heeft meegemaakt rond de schietpartij op Sunset Grooves en de Feyenoordrellen. Ik heb er op zich respect voor dat het college toen zei: ‘we gaan eerst de stad schoonvegen’. Alleen: het gaat nu wel zo goed met de stad, dat ik denk dat de gemeente wat kalmer, toleranter en coulanter mag worden. Ik zou Aboutaleb graag willen spreken en willen aantonen dat wij geen stelletje idioten zijn die bier en tieten lopen te roepen.”

Is er niet gewoon minder vraag naar clubs door bijvoorbeeld de festivalisering?

“Dat kan heel goed zo zijn. Maar vervolgens zou ik de vraag willen stellen: hoeveel vraag is er naar het Rotterdam Philharmonisch? Zonder de enorme subsidie die ze krijgen zou dit orkest al veertig jaar geleden zijn gestopt. Net als de meeste grotere dansproductiehuizen.”

“Want dat is het probleem in Rotterdam: nachtclubs krijgen amper subsidie. WORM is nu de enige. Natuurlijk ligt daar deels ook een verantwoordelijkheid bij de ondernemer, maar het is juist de experimentele hoek van het uitgaansleven die innovatie en trends aanjaagt. Een bruisend nachtleven draagt bij aan de sociale cohesie in de stad, culturele diversiteit en talentontwikkeling. We zouden een bezoek aan een nachtgelegenheid daarom meer als cultuur moeten gaan zien. Waarom is daar dan geen subsidie voor?”

“Het nachtleven moet weer op waarde worden geschat. Kijk bijvoorbeeld naar de economische impact. In Berlijn ontdekten ze bijvoorbeeld dat het uitgaansleven 1,5 miljard euro op jaarbasis oplevert. Het is dus goed voor de stad en een manier om creatievelingen te trekken.”

CK2A3057
Beeld door: beeld: Fleur Beerthuis

Blijven jij en de zeven andere nachtwachters dit werk straks onbezoldigd doen?

“Nee. We willen de mensen in de stichting een marktconform salaris betalen, want zo kun je kwaliteit aantrekken en betere afspraken maken. Zeven leden zouden een dag in de week werken, de voorzitter meer, omdat die ook moet sturen. Dat ben ik overigens niet per se. Om onafhankelijk te blijven moeten we dat geld ophalen bij ondernemers, bezoekers en gemeente. In de ideale situatie allemaal 33 procent.”

Ben je niet bang dat je moet bijten in de hand die je voedt, als je geld van de gemeente vraagt?

“Nou ja, dat is dan zo. De N8W8 is onafhankelijk. Dat is ook een van de redenen dat ondernemers alleen een vast bedrag kunnen bijdragen. Dat kan niet hoger, zodat er geen onuitgesproken verwachtingen komen.”

Als jij het niet wilt, vind je dat er überhaupt een nieuwe nachtburgemeester moet komen?

“Voor Jules was het vooral een geuzennaam, maar in andere steden hebben nachtburgemeesters formeel iets te zeggen over het nachtbeleid. Het zou dom zijn als wij zomaar weer een puur ceremoniële functie geven aan een Rotterdamse nachtburgemeester, want er is veel meer mogelijk.”

CK2A2972
Beeld door: beeld: Fleur Beerthuis

Acht punten uit het visiedocument

Thys Boer sprak met meer dan honderd mensen om te horen wat goed gaat en wat beter kan in het nachtleven. Hij verwerkte dit in het visiedocument van de N8W8, dat in het kort uit de volgende punten bestaat:

  1.   Promotie Rotterdams profiel

“We moeten weer trots worden op de Rotterdamse nacht. We hebben een enorme geschiedenis en veel kennis daarvan is niet verloren gegaan. Dat moeten we beter benutten en meer naar de buitenwereld uitstralen dat hier iets te beleven valt.”

  1.   Uitnodigende nacht

“De nacht moet uitnodigend en toegankelijk zijn voor iedereen. Dat betekent goede faciliteiten om in de stad te komen, maar ook dat we moeten werken aan en waken voor een veilig en leefbaar uitgaansgebied.”

  1.   Lage drempels, brede programmeringen

“De balans tussen commerciële programmeringen en subculturele horeca moet worden bewaakt. Met verschraling bedoelen mensen dat het aanbod niet per se alleen minder wordt, maar vooral eentoniger, dat moet veranderen.”

  1.   Veilige omgeving en soepel meebewegen

“Beleid moet goed aansluiten en afgestemd worden op bewoners, bezoekers en gebruikers.” 

  1.   Decentrale bundeling nachtleven

“In Rotterdam zitten de meeste nachtclubs in het centrum in een hoekje bij mekaar. Maar in andere steden zie je dat ze juist naar de randen van de stad bewegen. Dat lijkt mij ook goed. Bijvoorbeeld een club in het Merwe-Vierhavengebied. Meer ruimte, minder buren.”

  1.   Maatwerk in horecabeleid

“Horecabeleid moet worden gemoderniseerd en gespecialiseerd. Er moet speciaal nachthorecabeleid komen. Nu is dat nog samen met daghoreca, maar dat heeft een hele andere functie. Denk aan een koffiebar waar mensen werken, dat is heel anders dan een nachtclub.

  1.   Kennis is macht, kennisdeling is kracht

“We moeten meer samenwerken. Gemeente, bezoekers en ondernemers. Dat begint bij informatie delen en beleidsveranderingen vanuit de gemeente gemakkelijker toegankelijk te maken voor ondernemers.”

  1.   Neem de nacht serieus

“Voer een inhoudelijk beargumenteerde dialoog over de invulling van de nacht.”

Voordat je verder leest...

Je kunt dit artikel gratis lezen, maar wij kunnen het niet gratis maken. Vers Beton kan alleen bestaan dankzij een bijdrage van lezers. Vanaf 6 euro per maand maak jij onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk!

Nee, ik lees eerst het stuk verder

Marko-de-Haan

Marko de Haan

Journalist

Marko de Haan (1995) verruilde zes jaar geleden de boerderij van zijn ouders in Balkbrug (Ov.) voor Rotterdam. Het contrast kon niet groter zijn, maar hij kan prima aarden in de stad. Marko volgde en bachelor en master criminologie aan de Erasmus Universiteit en is zelfstandig journalist. 

Profiel-pagina
Fleur.2

Fleur Beerthuis

Fotograaf

Fleur Beerthuis studeerde aan de Willem de Kooning Academie en werkt nu als fotograaf. Ze vindt Rotterdammers geweldig. Door mensen te portretteren ziet zij een glimp van hun werelden. Ze is nieuwsgierig naar hoe andere mensen leven en denken. Met beelden probeert zij hun verhalen zo goed mogelijk over te brengen.

Profiel-pagina
Nog geen reacties

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.