Voor de harddenkende Rotterdammer
architectuur_maken_lvd_3
Beeld door: beeld: Loes van Duijvendijk

“Het mooiste moment was toen een klein meisje dat langs ons huis liep haar vriendinnetje vertelde dat het gemaakt is van oude toiletpotten”, vertellen Nina Aalbers (1987) en Ferry in ’t Veld (1985) glimlachend. Het door hen opgerichte bureau Architectuur MAKEN heeft een uitdagende en radicale visie op circulariteit. Ze dragen die niet uit met statements of onhaalbare concepten, maar door hun ideeën voor een circulaire bouwpraktijk gewoon te verwezenlijken. Vandaar de naam van het bureau.

air_logo_groot

Lees meer

Mogelijk gemaakt door

Dit artikel is tot stand gekomen dankzij het Architectuur Instituut Rotterdam

Kort na de oprichting van hun bureau, in 2016, realiseerden de twee al enkele projecten. Binnenkort komen daar twee grote projecten bij: 97 sociale huurwoningen in Amsterdam (oplevering eind van 2020) en 32 woningen aan de Lloydpier die nu in de verkoop zijn. Het werk dat deze projecten meebracht, was voor Aalbers en In ’t Veld reden om de provisorische werkplekken in hun eigen huis te verruilen voor een kantoorruimte waar ze met zes medewerkers werken.

Oliebollen trakteren

De sfeer op hun kantoor is, net voor de kerstdagen, bijzonder ontspannen: “Heb je trek in een oliebol?” vraagt In ’t Veld. Willem, één van de medewerkers, kwam te laat binnen die ochtend en het bureau heeft als traditie dat je dan een traktatie meebrengt. Ondanks dat In ’t Veld zelf ook iets te laat was, zijn de oliebollen van Willem de enige traktatie die er ligt. “Uhm, ja, dat klopt.”

architectuur_maken_lvd_1
Beeld door: beeld: Loes van Duijvendijk

Hun recente aanbesteding voor de wijk Nieuw Kralingen en de grotere opdrachten aan de Lloydpier en in Amsterdam, stelden het duo voor de vraag hoe ze hun circulaire bouwmethoden op grote schaal konden toepassen, vertelt In ‘t Veld. “We doen veel werk samen met andere architecten. De meer gevestigde bureaus waarmee we samenwerken laten zich graag door ons inspireren het gesprek over hergebruik aan te gaan. Het valt ons op dat het vaak makkelijk is een opdrachtgever te overtuigen om voor een meer circulair bouwproces te gaan – als je het tenminste goed hebt onderzocht en kunt uitleggen.”

Toch lukt het de twee niet altijd om hun ambities te realiseren. Voor de 97 woningen in Amsterdam kreeg Architectuur MAKEN de opdrachtgever (woningcorporatie Stadgenoot) bijvoorbeeld niet zover om de fietsenstalling te maken van sloopafval uit een naburige loods. “De bouwers waren niet overtuigd van de levensduur van die hergebruikte materialen. We hebben het ontwerp toen opnieuw getekend in hout, waardoor het alsnog een positieve score haalt qua CO2-uitstoot.”

Sociale fietsenstalling

Het idee achter de fietsenloods was dat er voldoende ruimte is om je fiets te kunnen repareren, waardoor er contact tussen buren kan ontstaan. Dat idee is in de houten uitvoering overeind gebleven. De sociale functie van de fietsenstalling vinden Aalbers en In ’t Veld minstens zo belangrijk als de duurzaamheid. “Behalve de fietsenstalling hebben we een collectief dakterras en een gedeelde wasruimte in het woongebouw. Het is met de krappe budgetten in de sociale woningbouw lastig om financiering voor die gemeenschappelijke vierkante meters te krijgen.”

Circulair ontwerpen staat centraal in het werk van Architectuur MAKEN maar het moet geen window dressing worden

Circulair ontwerpen staat centraal in het werk van Architectuur MAKEN. Maar het moet geen window dressing worden, stellen Aalbers en in ’t Veld. Ze zijn daarom kritisch op sommige productiemethoden die nu in zwang raken, zoals de bouwtechniek CLT. Dat is een techniek waarbij dunne lagen hout kruislings tegen elkaar geperst worden om als constructies te dienen. “Een prachtige techniek die in andere landen al langer gemeengoed is. Omdat het in Nederland relatief nieuw is en innovatief klinkt, lopen veel opdrachtgevers er mee weg. Maar je moet bewust kiezen: als je in hout wil bouwen, kan je in sommige gevallen beter houtskeletbouw toepassen. Het gaat om het uiteindelijke resultaat, het leefcomfort voor bewoners.”

Rijkdom aan de Gouvernestraat

De twee architecten verhuisden drie jaar geleden van de Lloydpier naar het Oude Westen. In een gat tussen twee woningen ontwierpen ze hun eigen huis. De steenkleur wilde ze laten aansluiten op de architectuur in de straat. “Veel mensen vinden de architectuur uit de tijd van de stadsvernieuwing maar niks, maar de Gouvernestraat heeft een rijkdom aan architectuur. We wilden het huis dan ook niet zwart of wit maken, dan zouden we in de straat meteen als ‘die twee architecten’ bekend staan”, schetsen ze lachend. “Nu merken we juist dat veel mensen aan het huis voorbij lopen, het valt nauwelijks op. Fijn!”

architectuur_maken_lvd_4
Beeld door: beeld: Loes van Duijvendijk
NL-HaNA_2.24.01.05_0_924-9939

Lees meer

50 jaar stadsvernieuwing: de strijd om de stad is nog steeds actueel

50 jaar stadsvernieuwing in het Oude Westen: misschien wel actueler dan ooit

Aalbers en In ’t Veld waren zich meteen bewust van hun status als nieuwkomers in het Oude Westen. “Veel mensen wonen hier al heel lang – vaak met hun hele familie in woningen dicht bij elkaar. Hoe lang je in de wijk woont, is hier heel belangrijk.” Om aansluiting te krijgen met de buurt werd In ‘t Veld actief bij de Aktiegroep het Oude Westen, in 1970 opgericht vanwege de slechte woonomstandigheden. “We bedenken ideeën om de wijk duurzamer in te richten, en beter aangepast op komende klimaatverandering. Zo hebben wij hebben achter ons huis een schuur met een groen dak, waar de buurvrouw nu ook enthousiast over is.”

Het valt de architecten op dat bewoners in het Oude Westen energie steken in het vergroenen van de buitenruimte. Toch zijn veel tuinen en collectieve buitenruimtes tussen de bouwblokken nog betegeld. “Toen we hier kwamen wonen zijn we door OMI gevraagd met een frisse blik rond te kijken en foto’s te maken. We kregen van Woonstad de sleutels van de binnenterreinen. De gesprekken met bewoners zijn heel mooi, al beginnen ze vaak met ’hé, wat doe je hier?’ Als je dan verder praat, merk je dat veel bewoners heel betrokken zijn en hun steentje bijdragen.”

Als resultaat van de verkenning maakte Aalbers een kaart van alle binnenterreinen en een maquette van een balancerend binnenterrein, beiden te zien in de tentoonstelling West Side Stories van OMI.

Woonmachines of klimaatmachines

Klimaatadapatief  ontwerpen – ofwel aangepast aan komende klimaatverandering – is een belangrijke opgave in Rotterdam, vindt Architectuur MAKEN. Voor hun ontwerpend onderzoek in de wijk het Lage Land (tussen het Kralingse Bos en Station Alexander) willen ze daarom een sociale aanpak én verduurzaming combineren. De wijk bestaat uit portieketagewoningen, ‘woonmachines’, zegt Aalbers. “Waarom zouden dat geen klimaatmachines kunnen zijn?”

Om dat idee voorstelbaar te maken, tekende ze drie scenario’s voor de wijk in het veranderende klimaat. In één daarvan staan de onderste twee verdiepingen van de flats volledig onder water, om ruimte voor het water te maken: “Dat beeld is confronterend. Maar ons vertrekpunt is juist dat alle mensen in de wijk moeten kunnen blijven wonen, en niet uit de stad gejaagd worden. Je kunt de woningen bijvoorbeeld behouden door er twee nieuwe verdiepingen op te bouwen.”

Vlak voor het einde van 2019 kwam een persbericht naar buiten over het nieuwste project waar Architectuur MAKEN aan werkt. Het bureau is als één van de vier architectenbureaus geselecteerd voor de wijk Nieuw Kralingen aan de rand van het Kralingse Bos, met plek voor 800 woningen. Hun opdrachtgevers zijn ERA Contour, Heijmans, gemeente Rotterdam en stedenbouwkundig ontwerper Adriaan Geuze (West8), die eerder Nieuw Crooswijk bouwden. “Onze bijdrage aan Nieuw Kralingen is gericht op de bouwdetails en het bewust met materialen omgaan. Daarover zijn we in gesprek met de drie andere geselecteerde ontwerpbureaus en de opdrachtgevers. Het circulaire denken moet onderdeel worden van het hele project.”

Hergebruikte toiletpotten

Wat circulair bouwen inhoudt? Daarvoor zijn een heleboel rekenmethodes, er is niet één waarheid. “In onze eigen projecten werken we samen met bouwfysici die zich baseren op wetenschappelijk onderzoek. Maar we moeten het ook aan gewone Rotterdammers kunnen uitleggen. Veel mensen vinden het spannend dat hun woning ‘van het gas af’ moet. Voor hen wordt het concreet, merken we, als het bijvoorbeeld over ‘nul op de meter’ gaat. Of in het geval van ons buurmeisje die aan de hand van de hergebruikte toiletpotten uitlegde wat er bijzonder was aan ons huis.”

architectuur_maken_lvd_6
Beeld door: beeld: Loes van Duijvendijk

Hoe je duurzaamheid en esthetiek verweeft, leerden Aalbers en In ’t Veld niet tijdens hun architectuuropleiding. Daar werd ‘milieu er altijd last minute bij gehaald’. “Pas toen we ons eigen woonhuis ontwierpen, realiseerden we ons dat we schoonheid door middel van circulaire ontwerpkeuzes konden bereiken.”

De twee merken dat hun aanpak bewoners trots maakt op hun woonhuis. “En het werkt door: laatst belde een aannemer ons dat hij op het idee was gekomen materialen van een gesloopte schuur in nieuwbouw te verwerken, geweldig toch?!” Het is voor hen een extra bevestiging dat zij hergebruik moeten blijven promoten. “Uiteindelijk gaat het ons lukken de bouwpraktijk te veranderen. Niet door er tegenaan te schoppen, maar door van binnenuit te vernieuwen.”

vb-mailchimp

Lees meer

Schrijf je in voor onze maandelijkse architectuur-nieuwsbrief!

Op de hoogte blijven van Vers Beton per mail? Schrijf je in voor de wekelijkse nieuwsbrief

Dossier Architectuur: De Nieuwe Lichting

Rotterdam is de stad van grote gevestigde architectuurbureaus en starchitects. Maar wie staat in de coulissen te trappelen? Hoe kijkt de nieuwe generatie architecten tegen het vak aan? Vers Beton spoort jonge en veelbelovende ontwerpers op en vraagt ze naar hun ideeën over de toekomst van Rotterdam. Lukt het ze om een eigen stempel op de stad te drukken?

Dit dossier is mogelijk gemaakt door AIR, het Architectuur Instituut Rotterdam. Deze organisatie heeft geen invloed gehad op de inhoud van het artikel. (Meer info)

Lees hier alle artikelen in deze serie.

Deze banner kun je wegklikken, maar....

..je kunt ook supporter worden! Vers Beton kan alleen bestaan dankzij een bijdrage van lezers. Vanaf 6 euro per maand maak jij onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk.

Nee, ik lees eerst het stuk verder

Teun van den Ende

Teun van den Ende

Teun van den Ende laat zich niet graag leiden door hypes, maar gaat juist op zoek naar de lange lijnen in de ontwikkeling van Rotterdam – en ook andere steden trouwens. Teun combineert populaire cultuur met historisch onderzoek naar de stad.

Profiel-pagina
DSC_8616

Loes van Duijvendijk

Fotograaf

Loes van Duijvendijk (1987) is architectuur en landschapsfotograaf. In haar fotografisch werk onderzoekt zij aandachtig de beeldtaal in de stedelijke en natuurlijke omgeving. Geïnspireerd en gefascineerd door plekken die altijd in transformatie zijn, gaat zij op zoek naar unieke details, lichtinvallen en verrassende constructies. Haar werk is een persoonlijke en poëtische vertaling van haar ervaring tijdens dit proces. De relatie tussen fotografie en de perceptie van ruimte speelt dan ook een belangrijke rol.

Profiel-pagina
Nog geen reacties

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.