Advertentie

unnamed
Voor de harddenkende Rotterdammer
Vers Beton – Esther Lankhaar – Andere Rotterdammers – Rat 1
Beeld door: beeld: Esther Lankhaar
Sinds lange tijd is de bruine rat de trouwe volger van de mens. De hond heeft de titel van trouwste mensenvriend in de wacht gesleept, maar de rat heeft ons zoveel meer gegeven. Toch kijken we een rat zelden zo liefdevol in de ogen als we bij onze huishond doen. Natuurlijk, er zijn ratten die furore maken als gezelschapsdier. Mensen met een huisrat kunnen je als geen ander vertellen hoe intelligent, zorgzaam, gevoelig en vindingrijk de bruine rat in wezen is. Helaas hebben ongediertebestrijders daar geen boodschap aan. Met systematische onverschilligheid jagen zij grote aantallen kaalstaartige knaagdieren over de kling met klemmen, vallen en gif. De relatie mens-rat is een complexe relatie. Eén die model staat voor de schizofrene wijze waarop wij met de natuur omgaan.

Succesnummer

De bruine rat is overal in Rotterdam en de rest van Nederland te vinden (met uitzondering van het hart van de Veluwe en een enkel Waddeneiland). In onze havenbekkens, stadsparken, woonwijken, rioolbuizen en kelderboxen is het dier kind aan huis. Juist de veelzijdigheid en het aanpassingsvermogen van de bruine rat maken hem tot een succesnummer. Er is altijd wel iets eetbaars te vinden. Bruine ratten eten veel zaden, pitten, noten en vruchten, zoals de meeste knaagdieren. Daarnaast doen ze zich ook graag tegoed aan kleine beestjes, zoals wormpjes slakjes en als het zo uitkomt ook graag iets stevigs. Vogeleieren en jonge vogels zijn een geliefde buit voor een hongerige rat. En wanneer er niets beters voorhanden is, kunnen ratten zelfs gras grazen als konijnen.
 
Natuurlijke voedselbronnen kunnen in de stadsnatuur nog weleens jammerlijk tekort schieten. In de ogen van de rat kent de menselijke gulheid echter geen grenzen. Pizzakorsten, halve broodjes bapao, koude cappuccino’s, klokhuizen en verder alle andere vormen van gft worden in dankbaarheid aanvaard. Alles is beter dan gras.  

Pestimago

Ondanks de vele subsidies die wij mensen de bruine rat toekennen, heeft het dier geen al te best imago. Dat is ook niet zo verrassend, als je de geschiedenisboekjes bekijkt. In de Middeleeuwen zijn heel wat mensen gestorven aan de pest, waarbij achteraf met de vinger werd gewezen naar ratten als overbrenger van die verschrikkelijke ziekte. Hoewel we eerlijkheidshalve moeten toegeven dat het eigenlijk de zwarte rat was die zijn besmette vlooien op mensen liet overspringen, is de bruine rat nog altijd hoofdverdachte, voor de verspreiding van ziektes. En dat terwijl de zwarte rat vermoedelijk juist is verdwenen doordat hij de concurrentiestrijd met zijn bruine tegenhanger verloor, nadat deze zich rond 1700 in ons land vestigde.
 
Zou het kunnen dat de bruine rat ons behoed heeft van nieuwe uitbraken van de pest? Niemand kan het met zekerheid zeggen, maar feit is wel dat we sinds het verdwijnen van de zwarte rat geen pestuitbraken meer hebben gehad.

Het zijn de stumpers die in een val stappen. De rest denkt: fijn dat de mens weer wat concurrentie heeft opgeruimd

Symbool der verloedering

Dit alles heeft niet kunnen voorkomen dat de bruine rat het symbool der verloedering is geworden. Menig betoog voor de achteruitgang van een buurt of de nalatigheid van de gemeentelijke schoonmaakdienst wordt afgesloten met de knock-out-punchline ‘en er lopen overal ratten’. Geen weldenkend mens durft daar iets tegenin te brengen. Je kijkt wel uit. Het zou tot een automatische diskwalificatie in het debat leiden.
 
Als oplettende voetganger kom je na zonsondergang ongetwijfeld met enige regelmaat een bruine rat tegen. Is dat nu een probleem? Voor sommigen zal het misschien geen prettige ervaring zijn, maar veel kwaad zit er niet in. Ratten rennen weg wanneer mensen in aantocht zijn. Ze moeten immers een beetje op hun tellen passen.
 
Bij uitzonderlijk profijtelijke voedselbronnen kan de toeloop van hongerige ratten nog weleens de spuigaten uitlopen. Onderlinge competitie en vijandigheid zijn de grootste zorgen onder struinende stadsratten. Dominante ratten monopoliseren de beste en veiligste voedselbronnen, zoals dat eigenlijk in iedere samenleving gebruikelijk is. De mindere goden moeten meer risico’s nemen als ze iets anders willen dan smakeloze grassprieten.
 
Het zijn juist de stumpers die in een klem stappen of zich volproppen met gifkorrels. Op de gehele populatie zijn zulke verliezen verwaarloosbaar. De dominante dieren zijn degenen die voor het nageslacht zorgen. En het is prettig voor ze dat de rattenvanger weer wat concurrentie heeft opgeruimd.

Vertrouwen wekken

De wijze waarop wij ratten bestrijden is al net zo dubbelzinnig als alle andere aspecten van onze relatie met dit knaagdier. We wekken het vertrouwen van de rat door lokaas te bieden in een val, of in de vorm van gif. Pas als de rat op zijn gemak is, en hij zich veilig voelt, zal hij het noodlottige geschenk in ontvangst nemen. Voordat het zover is, laten we de rat in de waan dat hij rustig zijn gang kan gaan. Op klaarlichte dag laten we het dier rustig over de stoep wandelen in de hoop dat hij van een giftig brokje knabbelt. Van een vermindering van overlast is daardoor zelden sprake.
 
Zelfs wanneer een rat aan onze doortrapte methode ten prooi valt, blijven er nog genoeg soortgenoten over die zich veilig wanen. Nee, wat echt zou helpen is een schrikbewind waardoor geen rat zich nog op straat durft te vertonen. Hoe? Door fulltime rattenjagers de ruimte te geven. Ze staan al in de coulissen te popelen.

Rattenjagers

Vossen en marters zijn namelijk expert-rattenjagers. De angst die zij daarbij zaaien is vele malen effectiever dan slechts de body count. Bovendien werken zij ook in het weekend en nemen ze geen snipperdagen of ouderschapsverlof op. Tot nu toe leven ze langs de grenzen van de gemeente en in de groenere wijken. Vandaar uit proberen ze dieper in onze stad door te dringen. Dat gaat niet overal even snel, want de groene infrastructuur van onze stad laat her en der nog wat te wensen over.
 
De wijken waar de rattenoverlast het grootst is, zijn doorgaans de stenigste wijken van de stad. Toch wordt op die locaties de aanwezigheid van ratten in verband gebracht met de spaarzame plantsoenen aldaar. De roep om het groen kort te snoeien of zelfs helemaal weg te halen klinkt met grote regelmaat.
 
Effectief? Juist niet. Ja, je ontneemt de rat zijn schuilplaats, maar je verhindert tegelijkertijd de komst van zijn grootste vijanden. Het zal je een uitstekende gelegenheid bieden de rat eindelijk eens diep in zijn donkere kraalogen te kijken, wanneer hij je bij daglicht komt bedanken voor de subsidieregeling.   
 

Meer columns over Andere Rotterdammers lezen?

Je vindt ze hier!

Deze banner kun je wegklikken, maar....

..je kunt ook supporter worden! Vers Beton kan alleen bestaan dankzij een bijdrage van lezers. Vanaf 6 euro per maand maak jij onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk.

Nee, ik lees eerst het stuk verder

Andre

André de Baerdemaeker

André de Baerdemaeker (1979) kwam als schoffie van Zuid in aanraking met de zieke en gewonde vogels van Vogelklas Karel Schot. Misschien werd hij daarom wel biologieleraar. Later ruilde hij zijn krijtje in voor een verrekijker: hij werd ecoloog bij Bureau Stadsnatuur en onderzoekt Rotterdamse levensvormen. Bij voorkeur wanneer de zon schijnt.

Profiel-pagina
Screenshot-20170723-161008

Esther Lankhaar

Illustrator

Esther Lankhaar heeft een achtergrond in de jeugdhulpverlening en het maatschappelijk werk en werkt nu als illustrator.

Profiel-pagina
Nog geen reacties

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.

Advertentie

1718_2021_009_600x500_online banner_geef ruimte