Voor de harddenkende Rotterdammer
CK2A5020
Beeld door: beeld: Fleur Beerthuis

“Ik maak me vooral zorgen over de jongeren die normaal al moeite hadden om bij te blijven”

Michelle van Dijk is docent Nederlands en mentor van havo 5 op het Lyceum Schravenlant in Schiedam. Sinds de scholen op 16 maart sloten om verspreiding van het coronavirus tegen te gaan, geeft ze digitaal les. Regelmatig doet ze een contactronde met haar mentorleerlingen om te kijken hoe het met ze gaat en of ze de lesstof begrijpen.

“We zijn voorzichtig met hoeveel we van leerlingen kunnen verwachten. Het is niet realistisch dat kinderen thuis veel doen. Er zitten altijd verschillen tussen leerlingen en die worden nu enigszins vergroot. Ik ben nu bijvoorbeeld in de derde klas bezig met een moeilijk grammaticaal onderwerp. Tijdens de lessen zag ik al dat het niet bij iedereen even snel aankomt. Het is dan moeilijk om zonder contact met dit onderwerp door te gaan. Maar het grootste probleem is het onderlinge verschil tussen leerlingen dat groeit. Ook op het gymnasium. Ik merk dat er leerlingen zijn die problemen hebben met opdrachten. Wellicht komt dit omdat ze geen laptop hebben. Ze doen hun opdrachten dan op hun smartphone. Een hele leesopdracht of iets in Word schrijven is daarop gewoon niet te doen.”

Centraal examens

“De schoolleiding is de schoolexamens aan het herinrichten. Ze worden nu rustig verspreid over de komende weken. Er is altijd een groep leerlingen die het in de schoolexamens beter doet, en er dus beter vanaf komt nu de centraal examens afgelast zijn. Maar er is ook altijd een groep die hoger scoort op de eindexamens. Het zijn namelijk landelijke, objectieve toetsen en ze zitten vaak heel goed in elkaar. Het kan daarom zijn dat je Nederlands mondeling niet zo goed is, maar je wel een hoog punt haalt voor je centraal examen.”

“Ik had bijvoorbeeld een jongen in de klas die als twaalfjarige uit China naar Nederland was gekomen. Hij had eerst een tijdje in Engeland gewoond, dus hij sprak vooral Engels. Hij moest heel hard werken om zijn taalachterstand in te halen en stond op het punt zijn eindexamen niet te halen. Door keihard te knokken is hij alsnog geslaagd. Ofwel: voor de eindexamens moet je blokken en alleen daarop focussen, voor sommige leerlingen werkt dat juist goed.”

“Ook voor leerlingen met ADHD, autisme of eigenlijk iedereen die normaal enige vorm van structuur nodig heeft, denk ik dat dit een moeilijke tijd is. De hele tijd thuis zitten, kan veel spanningen veroorzaken. Leerlingen kunnen dan driftbuien krijgen of weer terugvallen in oud gedrag. Bovendien geeft school het nodige ritme voor leerlingen in een zorgsituatie. Ze kunnen dan gewoon even alleen met school bezig zijn. Het is ook een plek waar ze de problemen van thuis kunnen verwerken, of waar sommige leerlingen hulplijnen hebben lopen. Bij jongeren ouder dan 16 kunnen ze deze gesprekken hebben zonder dat ouders het weten. Op school is er de gelegenheid om buiten je thuisomgeving iets kwijt te kunnen. Nu zijn ze thuis meer op zichzelf aangewezen.”

“In mijn omgeving in het onderwijs zie ik dat iedereen heel hard aan het werk is. Maar iedereen zal ook op een dieptepunt komen. Het contact met studenten is heel belangrijk, want daar haal je de meeste voldoening uit. Nu ben ik gewoon de hele dag opdrachten online aan het zetten, dat is natuurlijk niet waarvoor je het doet. Bovendien weet je ook helemaal niet of de opdrachten die je geeft nut hebben of werken. Normaal gesproken krijg je snelle feedback op de opdrachten die je geeft. Zeker van tieners.”

“Ik maak me vooral zorgen over de jongeren die normaal al moeite hadden om bij te blijven. Voor de coronacrisis is daar veel over gesproken: 1 op de 4 jongeren is laaggeletterd. Een lange periode zonder school is eigenlijk vreselijk voor hen. Door extra druk op de ketel en een al lang genegeerd lerarentekort in het voortgezet onderwijs zal de herstelperiode moeilijk worden. Ook al is het thuisonderwijs niet ideaal, ik hoop dat iedereen toch blijft volhouden, om deze groep binnenboord te houden.”

CK2A4927
Beeld door: beeld: Fleur Beerthuis

“Ik denk dat het onvermijdelijk is dat sommige van mijn leerlingen achter gaan lopen”

Laura van der Wall is docent op het MFC (Voortgezet Speciaal Onderwijs, Cluster 4). Ze geeft les aan leerlingen met onderliggende leer- en gedragsproblemen zoals ADHD, angsten of autistische stoornissen. Veel van haar leerlingen hebben ook een licht verstandelijke beperking. De afgelopen weken stonden in het teken van nieuwe lespakketten en trial-and-error.

“In het onderwijs dat ik geef is het contact met leerlingen erg belangrijk, om nabijheid te hebben en ze door de dag heen te coachen. Ik doe nu veel telefonisch en ben de hele dag aan het whatsappen of videobellen met leerlingen. Ik heb ook veel contact met ouders. Op deze manier probeer ik er een beetje bovenop te zitten. We maken per week een planning voor de leerlingen zodat ze per dag kunnen zien wat ze moeten doen. Een deel van de leerstof kunnen leerlingen online maken, dus dat kan ik vanaf mijn eigen computer bijhouden. Voor leerlingen die niet alle middelen hebben, zoals een computer of laptop, maak ik echt nog kopietjes uit een boek, en die stuur ik dan naar ze op. 

“Nu besloten is dat de scholen in ieder geval tot de meivakantie gesloten zijn, krijg ik vaak de vraag: ‘kunnen we dan na de meivakantie weer beginnen?’ Ik ga er vanuit van wel. Maar dat onvoorspelbare van de situatie vinden heel veel leerlingen lastig. Voor volwassenen is het misschien makkelijker. Wij kunnen ons er een beetje bij neerleggen en flexibel met de situatie omgaan.”

“Natuurlijk begrijpen ze wel dat er een virus is. Dat ze daardoor niet naar school kunnen en dat we zoveel mogelijk binnen moeten blijven. In de eerste dagen kreeg ik appjes van leerlingen met: ‘jooee we hebben drie weken vakantie!’, maar dat veranderde al snel in: ‘oh, het is eigenlijk echt heel saai’ en ‘wanneer is dit voorbij’. Veel leerlingen zijn normaal gesproken buiten met vrienden, een beetje aan het rondhangen en aan het chillen. Dat kan nu natuurlijk niet, en dat is heftig, want het is wel een heel belangrijk onderdeel van hun leven.”

Stroomversnelling

“Ik merk bij mijn leerlingen dat het moeilijk is om in een structuur te blijven. Sommigen blijven wel iedere dag bezig, maar anderen staan heel laat op en gaan heel laat slapen, dus daar is het ritme al helemaal aan het veranderen. Bij veel leerlingen helpen de ouders ze echt. Maar ze hebben niet allemaal ouders die dat zelf goed aankunnen. Naast school hebben deze leerlingen vaak ook extra begeleiding. Maar die kunnen nu ook niet zomaar langskomen. Dat contact gaat nu ook allemaal via de telefoon, op afstand.”

“Ik denk dat het onvermijdelijk is dat sommige van mijn leerlingen achter gaan lopen. Maar ik denk dat we dat wel kunnen aanpakken. Op mijn werk houden we er altijd rekening mee dat het ook even minder kan gaan, meer dan op een reguliere school misschien. Als we maar zorgen dat leerlingen bezig blijven en zich blijven ontwikkelen, en dat is wel echt een uitdaging. Wanneer ik denk aan de toekomst, dan ben ik niet zo bang dat deze periode echt veel invloed gaat hebben. Mijn leerlingen hebben al zoveel meegemaakt. Hier komen ze ook wel weer goed uit.”

“Ik mis mijn leerlingen heel erg, en lesgeven kost nu meer tijd. Ik heb het gevoel dat ik mezelf tachtig keer aan het herhalen ben. Dat is superonhandig. Aan de andere kant merk ik dat deze tijd ook te gebruiken is om nieuwe methodes te ontwikkelen. Digitaal lesgeven biedt kansen om mijn doelgroep extra te ondersteunen. Dat dit nu in een stroomversnelling komt is dus fijn. Voor mijn leerlingen werkt voor de klas staan en een heel verhaal vertellen niet zo goed. Dus ik probeer mijn instructies altijd heel kort te houden en te spelen met andere werkvormen, zoals filmpjes of een online quiz. Ik moet de lessen nu op een andere manier brengen en dat kunnen we straks gebruiken wanneer we weer gewoon les gaan geven.”

CK2A4864
Beeld door: beeld: Fleur Beerthuis

"Het is een opgave om echt elke student te bereiken"

Ahmet Dikbas geeft maatschappijleer en burgerschap op het mbo, niveau 2 aan het Albeda. In een sneltreinvaart worden nu veranderingen in het lesgeven doorgevoerd. Met digitale middelen probeert hij de afstand tussen de lesstof, de studenten en de school te overbruggen.

“‘We zitten in een marathon’, zei Mark Rutte. Maar op het Albeda zijn we begonnen met een flinke sprint. We moesten snel schakelen, maar ik heb gezien dat in tijden van crisis het beste naar boven komt. Afstandsleren is niet iets nieuws, maar het integreren van digitaal onderwijs, en voornamelijk op het mbo, was nog wel een grote stap. Ik verbaas me hoe snel, efficiënt en goed we daar de afgelopen paar weken in zijn geworden.” 

“Het onderwijs gaat nu vooral via het programma Teams van Microsoft. Daarin geven we les in de vorm van vergaderingen. Het was even wennen met microfoons dempen en vragen stellen, maar gaandeweg leer je hoe je dat het beste kan aanpakken. Het heeft wel voordelen: ik kan twee, drie klassen uitnodigen en een soort van hoorcollege geven of een presentatie delen die zichtbaar is op het scherm. En mijn lessen zijn ook een nieuwsvoorziening. Veel studenten checken het nieuws niet. Netflix is hun enige bron van informatieverschaffing. Ik ben docent burgerschap, dus bij mij is dat dagelijkse kost. Als er nieuwe maatregelen komen, dan besteed ik daar extra aandacht aan voordat ik de les start.”

Angst voor vertraging

“Studenten zijn nu misschien meer betrokken. De grote onzekerheid die er heerst geeft studenten een angst voor achterstand of studievertraging. Ze verlangen ernaar om les te krijgen. Als je een les mist, dan mis je een uitleg. En als ik een online mentorles heb dan wordt het bijna emotioneel. Ik heb gesprekken als: ‘ik mis u, ik mis u ook’. Het is anders, maar de verbondenheid en solidariteit is erg mooi om te zien.” 

“Het is wel een opgave om elke student te bereiken. In een normale situatie is dat al lastig, maar in dit geval zijn er extra drempels. Op het Albeda hebben we zo snel mogelijk een inventarisatie gemaakt van studenten die geen laptop hebben. Zij kunnen gebruik maken van een laptop van school. Toetsen gaan ook door, op hetzelfde niveau, met dezelfde kwaliteit. De term waar ik al bijna van moet kotsen is ‘coronadiploma’. Het kan niet zo zijn dat onderwijsinstellingen aan de hand van de situatie anders gaan meten.”

“Tijdens de les mis je non-verbale interactie in de klas. Als docent merk je daar vaak aan in wat voor toestand iemand zit. Toch biedt deze situatie soms juist een inkijk in iemands thuissituatie. Via de webcam zie je meteen wat er thuis speelt. Ik maak me wel zorgen om studenten voor wie school een uitlaatklep of veilige haven is. Je zit met elkaar in een kleine huiskamer opgesloten, dan kunnen er makkelijk irritaties ontstaan. Bij sommige studenten waren die irritaties er altijd al, dat is nu nog heftiger geworden. Normaliter is er aan elke klas een zorgmedewerker gekoppeld waar studenten naartoe kunnen. Ze houden nu zoveel mogelijk contact met deze studenten. Maar het is toch lastig. Als je een gesprek wilt hebben met een maatschappelijk werker over je vader of moeder, maar je ouders zitten naast je, dan heb je een probleem.”

vb-mailchimp

Lees meer

Schrijf je in voor de wekelijkse nieuwsbrief

Op de hoogte blijven van Vers Beton per mail? Schrijf je in voor de wekelijkse nieuwsbrief

“Onder mijn studenten is ook een grote groep nieuwkomers, uit bijvoorbeeld Syrië. Het zijn topklassen. Het is ongekend wat voor talent daar zit. Vaak is deze groep tijdens de lessen erg betrokken, maar taal is een drempel. Het zijn studenten die nog meer gebaat zijn bij die persoonlijke aandacht. Zij worden misschien het hardst geraakt door het wegvallen van de fysieke lessen.”

“Maar: wij Rotterdammers weten hoe je omgaat met bepaalde vormen van crisis, hoe we klappen op moeten vangen en hoe we er weer bovenop komen. In Rotterdam hebben we 206 nationaliteiten. In één klas komt heel de wereld samen. De hoop die ik heb is dat de verbondenheid die er al was, van studenten tot collega’s, nu nog sterker is. Dat wil ik graag meegeven aan mijn collega’s, aan studenten en kinderen in de stad: hou de hoop vast. Zonder hoop, geen vooruitzicht.”

Sociale ontwikkeling niet uit het oog verliezen

In de media gaat het veel over de gevolgen van sluiting van scholen voor het cognitieve leervermogen van leerlingen. Maar ook peuters en kleuters moeten thuisblijven, terwijl sociale contacten voor kinderen in de eerste paar jaar van hun ontwikkeling juist belangrijk zijn. Dat benadrukte kleuterjuf Ien Tuin, actief bij het onderwijsinnovatie-programma van Broedplaats 010, toen we haar spraken in de aanloop naar dit artikel. “In deze periode leren kinderen hoe ze met elkaar om moeten gaan, hoe ze ruzies oplossen en elkaar moeten troosten. Hoe groot of klein de gevolgen van de sluiting van de scholen ook zullen zijn, de emotionele en sociale aspecten van het onderwijs moeten we niet uit het oog verliezen.”

De komende weken besteedt Vers Beton meer aandacht aan kansenongelijkheid in het onderwijs in ons dossier ‘School op Zuid: een onderzoek naar gelijke kansen voor verschillende kinderen’. Abonneer je op onze wekelijkse nieuwsbrief om niets te missen!

Deze banner kun je wegklikken, maar....

..je kunt ook supporter worden! Vers Beton kan alleen bestaan dankzij een bijdrage van lezers. Vanaf 6 euro per maand maak jij onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk.

Nee, ik lees eerst het stuk verder

Ava Naima Cornelia

Naima Cornelia

Naima Cornelia (1996) is geboren op Bonaire, opgegroeid in ’n Brabants dorpje en thuis gekomen in Rotterdam. Ze houdt van rijmende woorden, het nachtleven en opbouwende kritiek geven. Ze studeerde filosofie en genderstudies in Utrecht, kan nu geen simpele antwoorden meer geven op makkelijke vragen en vindt alles problematisch. Desondanks is ze behoorlijk verliefd op Rotterdam en door actuele gebeurtenissen onder de loep te nemen en kanttekeningen te zetten bij het beleid van de gemeente hoopt ze haar inwoners meer stem te geven. 

Profiel-pagina
Manon

Manon Dillen

Manon (1992) is econoom en filosoof. Ze heeft haar hart verloren aan de stad die er geen schijnt te hebben.

Profiel-pagina
Fleur.2

Fleur Beerthuis

Fotograaf

Fleur Beerthuis studeerde aan de Willem de Kooning Academie en werkt nu als fotograaf. Ze vindt Rotterdammers geweldig. Door mensen te portretteren ziet zij een glimp van hun werelden. Ze is nieuwsgierig naar hoe andere mensen leven en denken. Met beelden probeert zij hun verhalen zo goed mogelijk over te brengen.

Profiel-pagina
Nog geen reacties

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.