Advertentie

unnamed
Voor de harddenkende Rotterdammer
1a-VB-Hilde-Speet-voorschoolse-opvang
Beeld door: beeld: Hilde Speet

Dit artikel in minder dan een minuut:

  • Een peuteropvang zoals die op De Akker telt vrijwel uitsluitend kinderen met forse ontwikkelingsachterstanden. 
  • Gratis extra uren opvang moeten de achterstanden in twee jaar wegwerken, maar dat gaat zeer moeizaam. 
  • Eenmaal op de basisschool hebben deze kinderen het opnieuw zwaar. De groepen zijn groter, er is minder begeleiding en ze komen in de klas bij kinderen met soms nog grotere achterstanden. 
  • Een bijkomend probleem is dat veel kinderen in Rotterdam-Zuid de jaren op ėėn basisschool niet volmaken, veelal door verhuizingen. Dit zet de continuïteit van onderwijs op deze scholen onder druk. 
  • Deskundigen pleiten voor een gratis toegankelijke voorschool, waar kansarme en kansrijke kinderen samen naartoe gaan. 

De kinderen zijn uitgelaten. Vandaag mogen ze op kosten van een geldverstrekker naar de musical Anastasia in het Scheveningse Circustheater. “Veel plezier!”, roept directeur Stoffel Boot groep 8 van basisschool De Akker na. “Dat vergeten ze nooit meer”, glimlacht hij. Zo’n uitje buiten de stad is een bijzonderheid voor ze.  

‘Meester Boot’, zoals hij op school wordt genoemd, is Zeeuw van oorsprong. Hij is aan zijn tweeëndertigste jaar bij De Akker bezig. Als zoon van een melkboer weet hij wat verheffing betekent. Al jaren houdt hij in een jaarboek de ontwikkeling van de school en de buurt minutieus bij. Wie het doorbladert, ziet hoe de Millinxbuurt, net als de hele Tarwewijk, van een overwegend witte volkswijk veranderde in een doorstroomwijk, met daarbij passende problemen: eenoudergezinnen, armoede, criminaliteit, huiselijk geweld. Niet voor niets is de Tarwewijk een van de focuswijken binnen het Nationaal Programma Rotterdam-Zuid (NPRZ). Het is een achterstandswijk waar tachtig procent van de bewoners een migratieachtergrond heeft. Het gemiddeld bruto jaarinkomen is 17.500 euro. 

Voor het oog ziet de buurt er netjes uit, maar de voordeuren verbergen ook een hoop ellende. “Gezinnen blijken soms vanbinnen nauwelijks te functioneren. Het komt voor dat kinderen niet eens bij de burgerlijke stand zijn aangemeld”, vertelt Boot. Veel kinderen in deze buurt starten op grote achterstand ten opzichte van leeftijdsgenoten. Die begint in de wieg en bouwt zich elk jaar verder op. Zeker de eerste, vormende jaren van een kind zijn bepalend voor de toekomstkansen. 

Basisschool De Akker biedt daarom plaats aan gesubsidieerde, professionele opvang van – vooral kansarme – peuters. Formeel vallen deze kinderen onder Peuter & Co, een door de gemeente gesubsidieerde peuteropvangorganisatie met zeventig vestigingen in voornamelijk kansarme wijken. Vrijwel alle peuteropvanglocaties in Rotterdam zijn in basisscholen ondergebracht. 

Still01

Lees meer

Vidcast: Is voorschoolse educatie een manier om kansenongelijkheid tegen te gaan?

Presentator Karim Amghar in gesprek over ongelijkheid tegengaan vóór de eerste schooljaren

Positief beeld

Het gaat goed met peuters en kleuters in Rotterdam, concludeerde de Inspectie van het Onderwijs in een vorig jaar uitgebracht rapport. De Inspectie baseert zich voor het onderzoek op gegevens over de hele peuteropvang en op schoolbezoeken. Ze bezocht twaalf peutergroepen en kleutergroepen van vier basisscholen in de stad. In Rotterdam vallen peuters (tussen twee en vier jaar oud) onder de voorschoolse educatie. Kleuters (vier of vijf jaar oud) gaan naar groep 1 en 2 van de basisschool: de vroegschool. 

Uit het onderzoek blijkt dat de gemeente goed samenwerkt met kinderopvangorganisaties, met schoolbesturen en met de GGD. De sfeer in de groepen voor- en vroegschoolse educatie is volgens de Inspectie ‘fijn’. Medewerkers gaan respectvol met jonge kinderen om en het onderbrengen van peutergroepen in de basisschool zorgt dat peuters zich na de overstap snel thuisvoelen. 

Maar: de Inspectie bezocht geen enkele school in de zeven focuswijken op Zuid. Ik zocht daarom uit hoe de situatie is op die plekken waar de strijd voor kansengelijkheid er het meest toe doet: de achterstandswijk. Hoe gaat het met de opvang van peuters die zonder extra ondersteuning nog verder achterop zouden raken? Op De Akker weten ze als geen ander hoe ingewikkeld het is om jonge kinderen een eerlijke kans te bieden. Daarom eindigen we deze driedelige reeks van Vers Beton en OPEN Rotterdam over kansenongelijkheid in het onderwijs op deze school, in de Millinxbuurt.

2-VB-Hilde-Speet-voorschoolse-opvang
Beeld door: beeld: Hilde Speet

Duiventil

“De communicatie met de ouders verloopt vaak moeizaam hier”, vertelt Astrid van Erkel, coördinator peuterbouw van De Akker en Peuter&Co. De peuteropvang en basisschool ontvangen bijna dertig nationaliteiten. “Turks, Hongaars, Surinaams, Marokkaans en Chinees”, somt ze hun afkomst op. “De Hongaarse ouders communiceren met handen en voeten en de Chinese oma glimlacht vriendelijk en zwaait.” 

De Akker fungeert, net als de Millinxbuurt, als een duiventil. Voortdurend strijken er nieuwe bewoners uit alle windstreken neer. Vaak vertrekken ze kort na aankomst weer. Het maakt het werken op de school ingewikkeld. Kinderen komen en gaan. Slechts de helft maakt de acht jaar vol. Het mag dan ook een wonder heten dat de school toch goede resultaten bij de eindtoets behaalt. “Dat is te danken aan het harde werken van mijn team en de extra middelen vanuit het NPRZ”, stelt Boot.

Zijn collega Van Erkel schetst een weinig vrolijk stemmend beeld van de sociale omgeving van de kinderen op De Akker. Hun ouders hebben vrijwel zonder uitzondering een migratieachtergrond en meestal een gebrekkige opleiding. De geringe inkomsten komen van een uitkering of een karig baantje. Sommigen zijn nog maar net in Nederland. Veel ouders werken ’s nachts in deeltijd en slapen overdag, waardoor er nauwelijks tijd is voor de kinderen. 

Veel van de tweejarige peuters die Van Erkel binnenkrijgt, kampen met forse ontwikkelingsachterstanden. Ze kunnen soms nauwelijks lopen of praten. “Om te voorkomen dat buren in de gehorige huizen bij de huurbaas gaan klagen over geluidsoverlast worden de kinderen al snel met een speen voor een scherm gezet.” Alles om te voorkomen dat de stress zich nog verder opstapelt, zegt ze. “Hier ben je een goede ouder als je kind stil is.”

Ook heel wat kinderen hebben gedragsproblemen. Dat zorgt voor veel extra werk op zijn school, zegt Stoffel Boot. “Ik schat dat we 40 procent van de tijd bezig zijn met het gedrag van kinderen.” Of ouders daarin geen taak hebben? De directeur is resoluut. “De meeste ouders zien we op drie momenten in het jaar. Tijdens Kerst, als we overladen worden met lekkere hapjes. Bij de vaderavond. En als we aan hun kind komen. Verder hebben ze vaak óf geen interesse óf zijn ze te druk met overleven.”

Harde scheiding

De moeilijkste peuters komen bij De Akker terecht: 95 procent van de kinderen daar heeft een indicatie van het consultatiebureau.1 Kinderen van kansrijke ouders gaan eerder naar de commerciële kinderopvang. Dus al op hele vroege leeftijd vindt er een harde scheiding plaats tussen kansarme peuters van vooral ouders die niet, of onregelmatig werken en kansrijkere peuters van ouders die wel een baan hebben. Dat heeft verschillende oorzaken.

De eerste is het achterstandenbeleid van de Rijksoverheid. Peuters met risico op achterstand in de ontwikkeling van de Nederlandse taal of de sociaal-emotionele ontwikkeling, kunnen een indicatie krijgen van de gemeente en daarmee aanspraak maken op gratis opvanguren. Het idee is dat de peuters in de opvang door professionals extra ondersteund worden, en zo hun achterstanden inlopen. Ook kinderen van ouders met schulden komen in aanmerking voor een indicatie.

Deze ‘doelgroeppeuters’ – bijna 6000 in Rotterdam, ruim een derde van alle peuters – komen via het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) en peuterconsulenten terecht bij de gesubsidieerde peuteropvang. Er zijn miljoenen mee gemoeid. Volgens de gemeente Rotterdam gaat dit jaar ruim 46 miljoen naar de voor- en vroegschoolse educatie (VVE), waarvan 43 miljoen van de Rijksoverheid.2

Tegelijkertijd kiezen ouders met een baan vaker voor de commerciële kinderopvang. Die is namelijk veel langer open, soms zelfs tot 19:00 uur, ook tijdens de schoolvakanties. Terwijl de peuterscholen de openingstijden en schoolvakanties van de basisschool hanteren. Bovendien kun je je kind al vanaf nul jaar oud naar de kinderopvang sturen, terwijl de peuterschool pas toegankelijk is voor kinderen vanaf twee jaar.

Afschrikkende werking

Bij De Akker merken ze bovendien dat hun peuteropvang kansrijke ouders afschrikt, waardoor meer fortuinlijke kinderen nauwelijks op de opvang komen. “Kinderopvangouders kijken naar hun kind, terwijl ze bij ons op de peuteropvang vooral op hun telefoon kijken”, analyseert Van Erkel. De spaarzame kansrijke ouder die zich toch aan de schoolpoort meldt, druipt snel af. “Als ik vertel dat onze kinderen geen verjaardagsfeestjes thuis vieren en hooguit met elkaar in de speeltuin spelen, maar nooit bij elkaar thuis, zoeken ze liever een andere school.”

1a

Lees meer

Basisscholen op Zuid keren zich tegen extra lesuren voor ‘kansarme’ leerling

Onderzoek: er is geen bewijs dat leertijduitbreiding kansenongelijkheid tegengaat.

Haar collega Corine Schemkes-van Ham, intern begeleider, ziet ook dat de peutergroepen steeds meer uit een homogene groep kansarme peuters bestaan. “Elke ouder die het zich ook maar een beetje kan permitteren, brengt zijn kind naar de kinderopvang.”

Terwijl menging beter zou zijn voor de kinderen waar zij voor zorgen, denkt Van Erkel. Heel sporadisch komt er een peuter zonder indicatie op de opvang, omdat de nabijgelegen gereformeerde basisschool geen opvang heeft. “Dat is zó fijn. Dat brengt gelijk een andere dynamiek in de groep. Zo’n kind kan spelen, vertelt verhalen, heeft fantasie en trekt andere kinderen in het positieve mee.” 

Overstap is belangrijk

Het werken met groepen kansarme peuters voelt af en toe wel als sisyfusarbeid, bekent Boot. “We geven niet op, maar we geloven niet dat we binnenkort de steen op zijn plaats krijgen. In het verleden kregen we vaak hulp, subsidie of een onverwacht aanbod. Nu krijgen we een extra taak opgelegd, zoals 10 uur extra onderwijs. Onbegrijpelijk.”

Wat extra frustrerend is, is dat de peuters als ze naar groep 1 van de basisschool gaan (de kleutergroep), vaak opeens veel persoonlijke hulp verliezen. Het is voor deze peuters een flinke overgang: van een peutergroep met twee persoonlijke begeleiders, naar een grotere kleutergroep met één juf of meester die vooral met schoolse vaardigheden bezig is. 

Dat heeft te maken met de manier waarop in Nederland het achterstandsbeleid gefinancierd wordt. Voor peuteropvang is er directe financiering vanuit het Rijk, voor de kleuters loopt de financiering via de schoolbesturen, die het geld naar eigen inzicht mogen besteden. Ze kunnen het bijvoorbeeld ook uitgeven aan nieuwe toiletten. 

3–VB-Hilde-Speet-voorschoolse-opvang
Beeld door: beeld: Hilde Speet

Vers uit het vliegtuig

Het onderwijs aan de kleuters wordt op scholen als De Akker verder bemoeilijkt omdat er veel peuters van buitenaf instromen. Op de school gaat het om ongeveer vijftig procent, schatten Van Erkel en Schemkes-van Ham. Sommigen komen van een andere peuteropvang, anderen hebben nooit op de opvang gezeten. “Er zitten kinderen bij die vers van Schiphol komen en geen woord Nederlands spreken”, zegt de laatste. Die moeten alles nog leren. “Ze blijven niet eens op een stoeltje zitten of je moet hun billen nog leren afvegen”. 

Naar schatting zijn er in Rotterdam ook zo’n 460 peuters die in aanmerking komen voor de gesubsidieerde peuteropvang, maar niet in beeld zijn bij de instanties. Het lijken er misschien niet zo veel, maar als ze naar de kleutergroep gaan, drukken ze zwaar op de schouders van de kleuterjuffen in een klas vol kansarme kinderen. Wat het niet makkelijker maakt, is dat informatie tussen peuter- en kleuterinstellingen niet goed gedeeld kan worden. De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) maakt het uitwisselen van gegevens zeer omslachtig. Vroeger konden alle kleuterleerkrachten meekijken in het dossier, nu mag op De Akker alleen Van Erkel dat, als een soort verbindingsofficier.

Om de vele praktische problemen beter het hoofd te kunnen bieden en de harde scheiding tussen peuter- en kinderopvang weg te nemen, pleiten Van Erkel en Schemkes-van Ham ervoor de peuteropvang meer in lijn te brengen met het kleuteronderwijs en gratis te maken voor alle ouders.

Zij vinden steun bij deskundigen van de Sociaal Economische Raad (SER) en in het onderwijsveld. En sinds kort bij staatssecretaris van Financiën Alexandra van Huffelen. Eind april schreef zij in een Kamerbrief: “Een verbeterd stelsel met een publiek gefinancierde kinderopvang stimuleert ouders om actief te blijven op de arbeidsmarkt, ontzorgt ouders, draagt bij aan de gelijke kansen voor de ontwikkeling van kinderen en is eenvoudiger en beter uitvoerbaar.”

Meer weten over kansenongelijkheid in het onderwijs? Je vindt alle artikelen en vidcasts over dit onderwerp in ons onderzoeksdossier. School op Zuid is een samenwerking van Vers Beton en OPEN Rotterdam, en wordt mede mogelijk gemaakt door het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek. 

Deze banner kun je wegklikken, maar....

..je kunt ook supporter worden! Vers Beton kan alleen bestaan dankzij een bijdrage van lezers. Vanaf 6 euro per maand maak jij onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk.

Nee, ik lees eerst het stuk verder

  1. Een indicatie kan gegeven worden bij een (te verwachten) ontwikkelingsachterstand (kind) of financiële problemen (ouder).

    Peuters met een (risico op) achterstand in hun ontwikkeling krijgen van het CJG de indicatie voor extra spelen en leren. Dit betekent dat de helft van het aantal uren voorschoolse educatie voor de ouder gratis is. De peuterconsulent bij het CJG helpt de ouder ook bij het inschrijven op een voorschool.

    Sinds 2020 kunnen ook peuters in gezinnen die gebruik maken van schuldsanering een indicatie krijgen. In Rotterdam betreft dit naar schatting 500 peuters. De ouders betalen dan geen ouderbijdrage voor deelname aan de voorschoolse educatie. ↩︎

  2. Uitklapper: In 2019 bijna 40 miljoen, waarvan 34 miljoen van het Rijk. ↩︎
  3. Lees meer op Wikipedia. ↩︎
  4. Afrikaanderwijk, Bloemhof, Hillesluis, Feijenoord, Oud-Charlois, Carnisse en Tarwewijk. ↩︎
  5. Hierin zijn onder andere gemeente Rotterdam, Rijk, onderwijs en werkgevers vertegenwoordigd. ↩︎
  6. Bron: Procesevaluatie Dagprogrammering Rotterdam Zuid: Zicht op invoering en mogelijkheden in de toekomst van onderzoeksbureau Sardes (maart 2020). ↩︎
  7. Dit blijkt onder meer uit  Procesevaluatie Dagprogrammering Rotterdam Zuid: Zicht op invoering en mogelijkheden in de toekomst van onderzoeksbureau Sardes. Hierin merkt een schooldirecteur op: De ruimte voor onze invloed was beperkt. Tien uur verlenging was het uitgangspunt, en daar moest je mee dealen. ↩︎
School op Zuid
Ronald Buitelaar

Ronald Buitelaar

Onderwijsjournalist/blogger – Nationale Prijs voor de Onderwijsjournalistiek 2014 – Schrijft, blogt en twittert over onderwijs en opvoeding – Standplaats: Rotterdam.

Profiel-pagina
hilde_speet

Hilde Speet

Fotograaf / Illustrator

Na haar grafische afstuderen in 2014 aan de WDKA begon Hilde Speet toch ook maar met fotograferen.

Profiel-pagina
Lees één reactie
  1. Profielbeeld van daniel meijers
    daniel meijers

    Kan de kinderopvang niet gewoon gratis voor alle peuters? Zijn ze ook van dat toeslagengedoe af.

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.

Advertentie

1718_2021_009_600x500_online banner_geef ruimte