Voor de harddenkende Rotterdammer
Boijmans2
Beeld door: beeld: Matzwart

“Millenials care more about experiences than belongings.” In haar presentatie aan de Rotterdamse gemeenteraad doet architect Francine Houben haar best de aanwezige raadsleden (waarvan het merendeel jonger is dan zij) te overtuigen van haar ontwerp: “Ook de jongeren van Rotterdam-Zuid moeten zich straks in het Boijmans welkom voelen.”

7-Museum-Boijmans-Van-Beuningen—Passage-connector

Lees meer

Openen en verbinden: Mecanoo’s renovatieplannen voor het Boijmans

Interview met Francine Houben over de renovatie- en uitbreidingsplannen voor het museum.

Toen Museum Boijmans Van Beuningen de deuren sloot voor een renovatie-, restauratie- en verduurzamingsslag, ontstond niet alleen de kans om het museumgebouw beter aan te laten sluiten op de omgeving, maar ook op de leefwereld van Rotterdammers. Inclusiviteit en diversiteit zijn momenteel ook buzzwords in de cultuursector. 

Nu blijkt dat Houben niet alleen twee complete bouwdelen wil verwijderen, maar ook een nieuw glazen gedeelte erbij wil bouwen: “De Mecanoo-passage komt door de transparantie tegemoet aan de trend die je bij vrijwel alle musea tegenwoordig ziet om zich te openen naar de stad.”

Met ‘openen en verbinden’ kan je het moeilijk oneens zijn: wat is er nou mooier dan een uitnodigend en toegankelijk museum? Maar wie de beelden van Mecanoo nauwkeurig bekijkt en de voorgestelde verbindingen eens naast de huidige situatie legt, kan alleen maar concluderen dat de ontwerpvisie grote delen van het Boijmans-ensemble uitwist en vervangt voor een architectuur die nauwelijks iets te maken lijkt te hebben met de plek.

Collectie als uitgangspunt

“Ik snap niet helemaal waarom gate 11 van Dubai International Airport aan het Boijmans geplakt moet worden”, was een van de eerste commentaren die architect Catherine Visser van een bevriende architect hoorde. Daarop mailde zij een aantal andere Rotterdamse architecten die het Boijmans een warm hart toedragen, en sprak haar verwondering uit over het in haar ogen misplaatste gebaar van het Mecanoo-ontwerp.

Enkele dagen later gaat het gesprek over de ontwerpvisie – op uitnodiging van Vers Beton – verder aan de eettafel van hoogleraar architectuurtheorie Lara Schrijver. Ook architecten Elsbeth Ronner en Robert-Jan de Kort schuiven aan. “De competitie waarmee internationale musea elkaar opstoken, zit me dwars”, verzucht Schrijver. Ze verzet zich tegen de ‘blockbusterverslaving’, waarmee ze doelt op de grote tentoonstellingen van bekende kunst en kunstenaars. Ze vraagt zich af waarom musea hun eigen collecties niet als uitgangspunt nemen – iets wat ook in Mecanoo’s ontwerpvisie voor het Boijmans niet gebeurd lijkt te zijn. 

Terwijl een aantal onderdelen van die collectie daar wel aanleiding toe geven, menen de vier architecten. Zoals de video-installatie van kunstenaar Pipilotti Rist, die het museum aankocht na de succesvolle overzichtstentoonstelling in 2008. Directeur Sjarel Ex vertelt op Boijmans’ Arttube-kanaal dat het trappenhuis van de Bodon-vleugel een uitstekende plek is om haar werk een permanente plek in het museum te geven. In een boven het trappenhuis opgespannen net liggen veelal jonge bezoekers minutenlang in afzondering de video’s  te bekijken. 

Een ander voorbeeld is de glimmende metalen panna-kooi in de binnentuin. Visser noemt het werk omdat haar kinderen van 11, 14 en 17 jaar er dol op zijn. Ook Robert-Jan De Kort aan de andere kant van de tafel, bezocht graag het museum met zijn zoons van 4 en 5 jaar oud. Het viel hem op dat de huidige garderoberuimte vervangen wordt door een nieuwe ontvangstruimte, “terwijl het ophangen van de jassen een feest was”. Hij refereert naar het Merry-go-round Coat Rack, dat kunstenaar Wieki Somers in 2008 in opdracht van het museum ontwierp. 

Beide kunstwerken laten zien dat kinderen wel degelijk geboeid kunnen zijn door kunst. Maar in het plan van Mecanoo lijken deze publiekstrekkers te zijn “glad gestreken en weggepoetst”, stelt Visser.

Sloop van de jongste vleugel

Met een forse ingreep wil Mecanoo het gebouw dus ‘openen en verbinden’. Lara Schrijver legt de hamvraag op tafel: “Waarom moet je hele stukken museum weghalen om een hedendaags museum te realiseren?”Anderhalf jaar geleden circuleerde al een filmpje gemaakt door ZUS in opdracht van het museum, waarin gesuggereerd werd dat de aanbouw van de Vlaamse architecten Robbrecht en Daem zou moeten verdwijnen. Het ontwerp is uit 1998, maar de oplevering volgde pas in 2003, mede door het faillissement van de aannemer.

robbrechtendaem_lvd_1

Lees meer

Architecten reageren op dreigende sloop van hun jongste Boijmans-vleugel

De uitbreiding van nog geen 20 jaar geleden moet mogelijk ook wijken voor de vernieuwing.

Houben vertelde de gemeenteraad afgelopen week dat ze het verwijderen van dat recentste deel van het museum ‘een heel moeilijk besluit’ vond. “Maar vanwege problemen met de aannemer is het Robbrecht en Daem-deel helaas heel slecht gebouwd.” Ze voegde eraan toe: “Het zou circulair gesloopt kunnen worden, misschien komt het in het terrazzo terug.”

In diverse interviews over deze museumvleugel uit 2003, waaronder op Vers Beton, is op te maken hoe het ontwerp van Robbrecht en Daem inspeelt op de twee oudere gedeelten, ontworpen door Van der Steur (oplevering in 1935) en Bodon (1972). Het architectuurinstituut AIR wijdde vorig jaar nog de lezing ‘Kijken naar Boijmans’ aan deze bijzondere historische gelaagdheid.

Elsbeth Ronner herkent het ook: in de gelaagde opbouw van de gevel en het gebruik van de materialen zie je duidelijk verwijzingen naar Van der Steur. Dat de gevel gedeeltelijk gesloten is, geeft ruimte om rustig naar kunst te kunnen kijken. “Bovendien betekent sloop verspilling van publieke middelen en waardevolle grondstoffen”, meent Ronner.

Dat er ruimte moest zijn voor videokunst zoals die van Pipilotti Rist, destijds sterk in opkomst, was een belangrijk deel van de opdracht die Robbrecht en Daem kregen van toenmalig museumdirecteur Chris Dercon. Hun tentoonstellingsruimtes geven bezoekers daarom een andere ervaring dan de klassieke museumkamers van Van der Steur of de grote abstracte ruimte van Bodon. Ook zorgden zij voor een ingang aan de huidige binnentuin, die de vier aan tafel ‘warm en uitnodigend’ noemen. “Maar in het Robbrecht & Daem-deel zitten ook moeilijke punten”, erkent Visser, “zoals de onduidelijke route door het gebouw en de gesloten gevels.”

Beslissingen niet openbaar

Houben noemde de mix van architectuurstijlen en bouwdelen in het interview op Vers Beton een ‘Gordiaanse knoop’ die zij met haar ontwerp wist te ontwarren. De vraag rijst wat er dan precies zo complex is. In haar presentatie aan de gemeenteraad komt alleen de conclusie naar voren: de oudste twee delen (van Van der Steur en Bodon) zijn heilig verklaard en de jongste twee (het paviljoen van Henket en de vleugel van Robbrecht en Daem) zijn afgeserveerd. 

Aan de eettafel overheerst teleurstelling dat de visie nauwelijks uitnodigt om de specifieke kwaliteiten en historische gelaagdheid van het Boijmans te zien. Er is weinig begrip voor de eendimensionale ‘Ikea-achtige route’ die Mecanoo voorstelt. “Maak je daarmee juist de architectuur niet monddood?”

Hoewel er onder de vier architecten ook waardering is voor delen van het voorstel, vinden zij het schrijnend dat een grondige analyse van de bestaande gebouwen erin ontbreekt. De Kort: “Als architect is het jouw verantwoordelijkheid om de verbetering van jouw ingreep in relatie tot het bestaande aan te tonen.”

Dat is niet alleen Houben, maar ook haar opdrachtgever – de gemeente Rotterdam en het Museum Boijmans Van Beuningen – aan te rekenen. Alle beslissingen nam de projectdirectie tot nu toe in beslotenheid. Zoals in augustus 2019, toen de selectiecommissie drie architectenbureaus selecteerde uit maar liefst 25 aanmeldingen, blijkt uit navraag van Vers Beton bij de gemeentelijk woordvoerder. Op dat moment werden alleen de namen van de drie bureaus bekendgemaakt. De voorstellen werden niet openbaar gemaakt: het blijft dus gissen blijft waarop de keuze voor Mecanoo is gebaseerd. Ook de precieze opdracht die de deelnemende architecten kregen, is niet openbaar.

Uit de hoge hoed

Dit gebrek aan transparantie is een trend, waardoor selecties voor architectuuropdrachten steeds minder onderwerp van publiek debat zijn. Het is in schril contrast met de bloeiende architectuurcultuur waarin het Nederlands Architectuurinstituut, aan de overkant van de straat, eind jaren tachtig ontstond. De zes gegadigden werden toen verplicht hun ontwerpen in de openbaarheid te brengen: de maquettes van hun voorstellen werden tentoongesteld en bediscussieerd. Het publiek mocht stemmen op hun favoriet, dat werd Jo Coenen. Waar gebeurde dat? In het Boijmans Van Beuningen.

Voor de renovatie van Boijmans gelden blijkbaar andere principes. Het ontwerp van Mecanoo kwam vorige week, zonder dat de stad daarbij betrokken was, uit een hoge hoed tevoorschijn. Er is weliswaar tempo nodig, zodat dat de gedwongen sluiting van het gebouw zo kort mogelijk zal duren. Daarom bepaalde de gemeente al vooraf dat het hoofdzakelijk om een renovatie moest gaan, en niet om een geheel nieuw gebouw

Onder de raadsleden was er bij de presentatie, naast veel lof voor de ontwerpvisie, ook verbazing over hoeveel ruimte het voorgestelde ontwerp inneemt. De Mecanoo-vleugel strekt zich namelijk uit tot ver in het Museumpark. Ook moet er op twee plekken aan het de Westersingel (dat beschermd stadsgezicht is) een doorgang tussen bestaande panden gemaakt worden. De vier architecten aan tafel spreken wel hun waardering uit voor de verbinding tussen de rozentuin in het Museumpark met de Westersingel.

Instagrammable

Zou in plaats van het huidige voorstel met die sterke signatuur ook een andere, meer bescheiden renovatie passend zijn? Schrijver: “Het is zinvol om de verandering in waardering van een gebouw in de loop der tijd, af te wachten.” Ronner vult aan: “Afwaardering en opwaardering van architectuur gaat met de tijd op en neer, het is goed om die golven als het ware te laten gebeuren.” In dit licht doet de keuze voor sloop van het nog jonge bouwdeel van Robbrecht en Daem de vier architectuurliefhebbers pijn. De Kort: “Temeer omdat in Mecanoo’s ontwerp tegenover de Arminiuskerk min of meer hetzelfde volume wordt teruggebouwd als het Robbrecht en Daem-deel.”

Ook de hang naar laagdrempeligheid en het ‘naar binnen trekken’ van jonger, breder publiek met een gladde, glazen architectuur, gaat er bij de vier niet makkelijk in. In de retoriek van Houben: instagrammable architectuur die het glimmende Depot naar de kroon steekt. Maar die retoriek kan helaas niet verhullen dat het ontwerp tekortschiet op het gebied van brede toegankelijkheid, stelt Visser: Instagrammable is niet hetzelfde als een inclusieve programmering. Kijk naar het huidige museum, dat bijvoorbeeld met de panna-kooi al uitnodigt tot interactie.”

Ook hebben ze veel kanttekeningen bij de in het ontwerp gesuggereerde ‘wrijvingsloze bewegingsesthetiek’, waarbij het gebouw zich direct aan de bezoeker openbaart. Maar als het dat niet doet, is dat misschien ook een kwaliteit? Mag het ook schuren, uitdagen, doen verwonderen, tot rust brengen? Of wordt de rol van architectuur beperkt tot het vervullen van commerciële doelen?

Aan het slot van het gesprek valt nog een uitspraak uit Houbens presentatie voor de gemeenteraad. Ze vergeleek de nieuwe Mecanoo-vleugel met de backbone van het naburige Erasmus MC, waarmee alle functies in het ziekenhuis aaneengeregen worden. Catherine Visser pakt de metafoor op: “Houben is ingevlogen als dokter om een chirurgische ingreep uit te voeren, maar ze maakt er een cyborg van.”

Deze banner kun je wegklikken, maar....

..je kunt ook supporter worden! Vers Beton kan alleen bestaan dankzij een bijdrage van lezers. Vanaf 6 euro per maand maak jij onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk.

Nee, ik lees eerst het stuk verder

Teun van den Ende

Teun van den Ende

Teun van den Ende laat zich niet graag leiden door hypes, maar gaat juist op zoek naar de lange lijnen in de ontwikkeling van Rotterdam – en ook andere steden trouwens. Teun combineert populaire cultuur met historisch onderzoek naar de stad.

Profiel-pagina
MATZWART_LOGO

Matzwart

Illustrator

Matzwart studeerde in 2012 af aan de Willem de Kooning Academie en werkt nu als allround ontwerper met een voorliefde voor illustratie. Hij werkt overal waar hij aan WiFi kan komen.

Profiel-pagina
Nog geen reacties

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.