Voor de harddenkende Rotterdammer
Vers-Beton-Matzwart-Nachtleven-2020
Beeld door: beeld: Matzwart

Dat een stad als Rotterdam een levendig nachtleven verdient is voor velen evident – en al jarenlang voer voor debat. Maar wat de kosten en baten van het nachtleven voor de stad zijn, daarover is eigenlijk schokkend weinig bekend.

Terwijl Nederland langzaam weer van het corona-slot gaat, is het perspectief in het nachtleven ver te zoeken. Terwijl de ‘daghoreca’ 1 juni alweer van start ging, mogen de nachtclubs – als het aan het kabinet ligt – pas op de eerder aangekondigde 1 september open. Een aantal Rotterdamse clubs is momenteel geopend met alleen zitplaatsen of legt zich, zo goed en kwaad als het kan, toe op een alternatieve business zoals de verkoop van sapjes of vegan sushi.

“Veel zaken zijn nu al nu al ‘virtueel failliet’,” zegt Thys Boer, initiatiefnemer van de N8W8, de raad die de belangen van het nachtleven behartigt. Omdat de anderhalvemeterregel voor veel clubs sowieso niet rendabel te maken is, komt 1 september voor veel ondernemingen te laat. “Ze hebben uitstel van betaling hebben gekregen van huren, belasting en andere schulden. Wanneer er geïnd gaat worden, valt 80 procent alsnog om.” In andere media vertelden Aziz Yagoub (die in juni bijna al het personeel van Annabel en Perron moest ontslaan), Sam Hofstaetter (Vibes) en Olivier van Hoey Smith (Villa Thalia) vergelijkbare verhalen.

Het kabinet steekt te weinig energie in de heropening van het nachtleven, concludeerde Boer. Samen met de nachtorganisaties van verschillende grote steden en Koninklijke Horeca Nederland vraagt hij dus via een petitiecampagne om een beter perspectief. Ook is er een protocol opgesteld waarmee het nachtleven weer veilig zou moeten openen. Het kabinet gaf echter niet thuis, en nu het zomerreces is ingegaan, lijkt het er niet op dat de situatie nog gaat veranderen.

Het is niet de eerste keer dat het Rotterdamse nachtleven er bekaaid vanaf komt in de politiek besluitvorming: precies om die reden richtte Boer de N8W8 eerder dit jaar op. De nachtraad kan gemeente en ondernemers gevraagd en ongevraagd adviseren over nachtelijke vraagstukken. Dat is belangrijk, want: ‘de nacht levert een grote bijdrage aan de sterke economie en het vestigingsklimaat van de woonstad Rotterdam’, stellen de oprichters in het in januari gepresenteerde visiedocument.

CK2A2937

Lees meer

Thys Boer lanceert de N8W8: “We zouden uitgaan meer als cultuur moeten zien”

Afgelopen vrijdag is de N8W8 gelanceerd, die advies geeft over een beter nachtleven.

De sociale en culturele meerwaarde van een goed nachtleven mag misschien voor de hand liggend zijn. Maar de N8W8 benadrukt hier ook het economische belang voor de stad, nu de politiek wordt gevraagd om een uitzondering te maken of de portemonnee te trekken.

Over het belang van het sociaal-culturele aspect van de nacht verschillen politieke agenda’s nogal eens. Maar economie is rationeel, meetbaar en een dogma waar bijna geen politicus tegen is, stelt Boer. “Meer dan de helft van de Rotterdamse politiek is niet gevoelig voor de sociaal-culturele waarde van de nacht. Economie geeft ons een reden om ook met deze partijen in gesprek te raken.”

Berlijn

Maar wat weten we precies het economische belang van het Rotterdamse nachtleven? De N8W8 beschikt niet over Rotterdamse data, maar verwijst in zijn visiedocument naar Berlijn. Hier bracht brancheorganisatie Clubcommission Berlin in 2018 met een omvangrijk onderzoek de toegevoegde waarde van het fameuze nachtleven van de Duitse hoofdstad in kaart.

Het laat zien dat de Berlijnse clubs en overige ondernemingen, voor de coronacrisis begon, goed waren voor ruim negenduizend banen en een jaaromzet van 216 miljoen euro. Daarvan gaat zo’n 52 miljoen naar de gemeentelijke en federale schatkist vloeit. Het gaat om de hele ‘waardeketen’: van bierleveranciers tot de vormgever voor promotieflyers.

Daarnaast is er de economische spin-off: zo’n drie miljoen toeristen geven aan specifiek voor het nachtleven naar Berlijn te komen. Zij spenderen gemiddeld 492 euro per verblijf aan vervoer, accommodatie, eten en drinken, sightseeing en winkelen. Dit ‘clubtoerisme’ genereerde in 2018 een omzet van 1,48 miljard euro.

Als directe aanleiding van deze cijfers stelden twee politieke partijen voor om de Berlijnse clubs qua wet- en regelgeving te classificeren als culturele instellingen, waardoor ze beter beschermd worden tegen sluiting en minder belasting betalen. Ook maakt de deelstaatregering jaarlijks een miljoen euro vrij voor geluidsisolatie van clubs.

Nattevingerwerk

Maar Berlijn is een geval apart, benadrukt de voormalige Amsterdamse nachtburgemeester Mirik Milan. Zijn bedrijf Creative Footprint werkte mee aan het onderzoek in de Duitse stad en voerde wereldwijd studies uit naar de impact van de creatieve industrie in steden. Hij adviseert ook de Rotterdamse N8W8.

“De Clubcommission bestaat al twintig jaar. In Amsterdam hebben we destijds ook voor zo’n economische impactstudie gelobbyd, maar de gemeente wilde er niet aan. Uit onze onderzoeken blijkt dat in wereldsteden zoals Londen en New York één op de zeven á acht mensen in de nachteconomie werkt. Ik durf te beweren dat Amsterdam dat ook haalt, maar het blijft nattevingerwerk.” Economische impactstudies zijn belangrijk omdat ze helpen om een discussie te voeren op basis van feiten in plaats van op emoties, benadrukt Milan. “Er waren vorig jaar 30 procent minder festivals in Amsterdam, maar men klaagde nog steeds. Niemand zegt: ‘de economie loopt leeg, er zijn minder banen.’”

Ook in Rotterdam lijken er niet direct cijfers over de nachteconomie voorhanden. De in maart gepresenteerde Economische Verkenning 2020 rept er niet over, behalve dat het aantal banen in de ‘commerciële consumentendiensten’ (waaronder de horeca valt) in de lift zit (of destijds zat). Navraag bij verschillende afdelingen van de gemeente leidt ook niet tot concrete informatie, behalve dat men momenteel bezig is met een evaluatie van het huidige horecabeleid. Dit moet leiden tot een nieuwe visie, waarin economische opbrengst een prominentere plek zal krijgen, volgens een woordvoerder.

Dossier-Horeca—Artikel-1—Ruben-Hamelink–3

Lees meer

Aboutaleb houdt informatie achter in de raadsdiscussie over meer nachthoreca

Van de 107 zaken met 24-uursvergunning blijkt maar een deel daadwerkelijk 's nachts open.

Een bijkomend probleem is dat de omvang van ‘het nachtleven’ als zodanig moeilijk te definiëren is. Onderzoek van Vers Beton toonde vorig jaar al aan dat het hebben van een nachtvergunning helemaal niet altijd hoeft te betekenen dat een onderneming ook deel uitmaakt van de nachteconomie. Bij slechts 43 van de 155 onderzochte vergunninghouders kon je op vrijdag na 2 uur ‘s nachts nog terecht. “Het is moeilijk te kwantificeren,” beaamt Milan. Creative Footprint neemt in haar onderzoeken alleen de plaatsen mee die minimaal eens per maand een evenement organiseren waarvan de artiest aan de basis van de programmering staat. “Zaken als nachtcafés, seksclubs of een restaurant dat een pianist heeft voor de achtergrondmuziek, tellen we niet mee.”

Cultuur of horeca?

Over de cultuursector als geheel zijn die cijfers er wel. De meest recente cultuurnota van de gemeente Rotterdam stelt dat de 84 miljoen euro subsidie uit de vorige cultuurperiode van vier jaar, zich vertaalde in 216 miljoen omzet. Plus 30 miljoen aan extra economisch voordeel voor de stad. Het aandeel van de nachtelijke cultuur daarin wordt echter niet gespecificeerd. Het is ook duidelijk dat wanneer je, zoals ook in Berlijn wordt voorgesteld, zou uitgaan van het nachtleven dat op basis van programmering valt te classificeren als cultuur, je onherroepelijk ook een hoop nachtelijke ondernemingen uitsluit.

Horeca lijkt dus een beter uitgangspunt. Koninklijke Horeca Nederland (KHN) vertegenwoordigt zo’n 750 ondernemingen in Rotterdam en sloot zich ook aan bij de eerder genoemde petitie. De organisatie verzamelt cijfers over de economische impact van de sector, via banken, MKB Nederland of het CBS, zo vertelt bestuurslid Nina Hooimeijer, mede-eigenaar van jazzclub BIRD. Een rondgang langs deze instanties leert dat het vooral cijfers zijn die gaan over het algemene aandeel van de horeca in de regionale economie  – in regio Rijnmond 3,7 procent, volgens de factsheet van ING. Ze maken, net als KHN zelf, geen onderscheid tussen dag- en nachthoreca.

“Wat ik wel kan zeggen, is dat de nachthoreca relatief veel mensen aan het werk zet,” zegt Hooimeijer. “Dat heeft te maken met dat je meer faciliteiten en veiligheid moet bieden. Overdag heb je genoeg aan wat barpersoneel en koks, maar ’s nachts krijg je te maken met portiers, toiletdames en mensen bij de garderobe. Waar ik voor BIRD overdag zo’n acht personen aan het werk had, waren het er in de nacht 25.”

Economische bij-effecten

Een focus op (nacht-)horeca zelf neemt bovendien ook de spin-off, de indirecte economische opbrengsten die in het Berlijnse onderzoek genoemd werden, niet mee. Economische impactstudies worden wel met enige regelmaat uitgevoerd voor de evenementen- en toerismebranche, in opdracht van Rotterdam Partners en Rotterdam Festivals. Maar voor het nachtleven bieden ze ook weinig soelaas.

Zo noteerde Rotterdam in 2019 zo’n 1,2 miljoen toeristen, goed voor een gemiddelde dagbesteding van tussen de 51 euro (dagjesmensen) en 384 euro (zakelijk bezoekers) en voor 24.130 banen (6,4 procent van het totaal), volgens de jaarresultaten van Rotterdam Partners. Verder specificatie op redenen die toeristen hebben om Rotterdam te bezoeken, gebeurt nog niet. Wel pleitte wethouder Said Kasmi er in de meest recente toerismevisie voor om dat te onderzoeken.

Festivals worden vaak gezien als concurrentie van het nachtleven, hoewel je ze er ook onderdeel van zou kunnen noemen – denk aan festivalorganisaties die ook clubnachten hebben. De organisatie Rotterdam Festivals noteert dat in 2018 ruim 2 miljoen mensen voor evenementen naar de stad kwamen: een economische impuls van 136,3 miljoen euro was het gevolg. Maar ook hier: geen specifieke cijfers over nachtelijke of aanverwante evenementen.

Meerwaarde

Het gebrek aan duidelijk definities en gecategoriseerde data maken het lastig om de economische baten van de Rotterdamse nacht vast te stellen. En dan hebben we het nog niet gehad over de aantrekkingskracht op werkgelegenheid (een verschijnsel dat de Economische Verkenning onderschrijft), de omvang van de zwarte economie (zoals drugsgebruik) en de kosten van de nacht (bijvoorbeeld door vandalisme of inzet van handhaving; hoewel je kunt beargumenteren dat dat op zijn beurt ook weer zorgt voor banen).

Nu de sector in grote problemen verkeert, zou het zinvol zijn om het debat over steun of versoepeling voor het nachtleven, wat beter geïnformeerd te kunnen voeren, vindt ook raadslid Elene Walgenbach van D66. “Vorig jaar is er voor het eerst onderzoek gedaan (de eerder genoemde cultuurnota, red.) naar de economische waarde van kunst en cultuur in Rotterdam”.

“Daaruit bleek dat elke euro die je in cultuur stopt, verdubbelt in economische waarde. Dergelijke cijfers zijn zover ik weet niet beschikbaar over de nachteconomie. Maar het zou ontzettend helpen wanneer er meer informatie is. Voornamelijk om een deel van de Rotterdammers en politieke partijen die minder liefhebber zijn van de nacht, te overtuigen van de meerwaarde.”

Dossier-Horece-Artikel-2-RubenHamelink-16

Lees meer

Restrictief horecabeleid temt Rotterdamse nacht

Analyse van het horecabeleid na maanden onderzoek en gesprekken met ruim 50 mensen.

Deze banner kun je wegklikken, maar....

..je kunt ook supporter worden! Vers Beton kan alleen bestaan dankzij een bijdrage van lezers. Vanaf 6 euro per maand maak jij onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk.

Nee, ik lees eerst het stuk verder

Robin van Essel

Robin van Essel

Robin van Essel weet een klein beetje van een hele hoop verschillende dingen. Hij zet zijn beetje kennis van een hele hoop, het liefst in om te schrijven over cultuur, het uitgaansleven en festivals. Hij is ook redactiechef bij The Daily Indie, het ‘platform voor het ontdekken van nieuwe muziek’.

Profiel-pagina
MATZWART_LOGO

Matzwart

Illustrator

Matzwart studeerde in 2012 af aan de Willem de Kooning Academie en werkt nu als allround ontwerper met een voorliefde voor illustratie. Hij werkt overal waar hij aan WiFi kan komen.

Profiel-pagina
Nog geen reacties

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.