Voor de harddenkende Rotterdammer
ANGB202101227-2
Beeld door: beeld: Angeniet Berkers

Het jaar is gewisseld, dus hebben Rotterdammers zich weer massaal voorgenomen om zichzelf en hun stad te verbeteren. Het is niet verwonderlijk dat mensen zich met goede voornemens bezighouden. Vorig jaar zijn grote problemen blootgelegd, en we willen groen, gelijkwaardig en het liefst nog met een economie die werkt voor iedereen de coronacrisis uitkomen. De vraag is alleen: hoe krijgen we dat voor elkaar? Om geïnspireerd te raken, sprak ik over nieuwjaarsresoluties met de Rotterdamse filosoof Henk Oosterling. 

Eigenlijk is Oosterling zelf niet zo van de goede voornemens rond de jaarwisseling. “Voor mij is het elke dag nieuw jaar”, zegt hij. “Het is een illusie om te denken dat je al je ellende moet opsparen en het dan vervolgens met één goddelijke geste kan omzetten. Ik geloof wel dat goede voornemens als collectieve actie iets magisch kunnen hebben, maar mijn punt is dat je iedere dag kan beginnen met het nieuwe jaar. Op het nieuwe jaar wachten is hetzelfde als naar de politiek wijzen en zeggen dat zij het voor je moeten oplossen. Je schuift het voor je uit.”

Alles is met elkaar verbonden

En juist dat vooruitschuiven en naar anderen wijzen kan volgens Oosterling niet meer, want “alles is met alles verbonden”. Hij heeft zich in zijn rollen als oprichter van Rotterdam Vakmanstad en als universitair hoofddocent aan de Faculteit van Wijsbegeerte aan de Erasmus Universiteit altijd veel beziggehouden met duurzaamheid. En dan hebben we het niet over de zonnepanelen-en-een-Tesla-duurzaamheid, maar een heel brede opvatting van het begrip: “Het is mijn doel om gezondheid en duurzaamheid te integreren. Het is veel simpeler om over gezondheid te praten. Je ziet dat gebeuren in de duurzaamheidswereld: uiteindelijk wordt er altijd over gezondheid gesproken.”

Als basis gebruikt Oosterling de gezondheidsdefinitie van de World Health Organisation (WHO): ‘Gezondheid is een toestand van volledig lichamelijk, geestelijk en maatschappelijk welzijn en niet slechts de afwezigheid van ziekte of andere lichamelijk gebreken.’ Hij vertaalt dit naar duurzaamheid op fysiek, sociaal en mentaal gebied. En dat op drie verschillende schalen: micro (thuis), meso (op je werk) en macro (nationaal en wereldwijd). Oosterling schetst een beeld waarin duurzaamheid draait om gezonde relaties, waarbinnen die verschillende schalen en velden allemaal met elkaar verbonden zijn. “Het hoopvolle daarvan is, je kan altijd en overal beginnen”, legt hij uit. 

“Sociale duurzaamheid gaat bijvoorbeeld over relaties tussen mensen. Op microniveau is dat de relatie met je eigen gezin, op mesoniveau de relatie met je collega’s en je hobbyclub en op macroniveau gaat het over hoe je je tot de wereldpolitiek verhoudt.”

 “Fysieke duurzaamheid gaat over wat wij vroeger milieu noemden. Dan denk je aan schone lucht, schoon water, schoon klimaat. Bij een stad als Rotterdam gaat het dan bijvoorbeeld over hoeveel CO2 er nog in de lucht mag belanden. Dit is het verhaal dat je het meest hoort als het om duurzaamheid gaat. Maar het is niet volledig, want de hoeveelheid CO2 in de lucht is alleen maar het fysieke op het macroniveau. Op microniveau betekent fysieke duurzaamheid de gezondheid van je eigen lichaam – wat eet je, beweeg je wel genoeg? Pas sinds het jaar 2000 is dit aspect wat belangrijker geworden, omdat obesitas een steeds groter probleem werd. Maar dat wordt dan niet met duurzaamheid verbonden, maar gezien als een gezondheidsprobleem. Dat komt omdat we sectoraal denken, niet integraal.”

Om daadwerkelijk te kunnen veranderen, moeten we de wijze waarop we over de wereld nadenken dus herzien. Het is een quote die wordt toegeschreven aan Albert Einstein: we kunnen problemen van deze wereld niet oplossen met dezelfde manier van denken waarmee ze zijn gecreëerd. Oosterling is het daar mee eens – in het tijdperk van razendsnelle technologische ontwikkelingen, klimaatverandering en het verlies van biodiversiteit is onze manier van denken hopeloos gedateerd.

“Ons Westers denken komt voort uit een eeuwenoud discours waarin alles alleen maar beter en meer wordt.” Hij tekent met zijn vinger een lijn schuin omhoog in de lucht. “Een rechte lijn, die diagonaal naar boven gaat, steeds hoger en hoger. Maar inmiddels weten we dat die lijn vastloopt. Onze lineaire, oude manier van denken bijt zichzelf in de staart. De schade aan het milieu, het verlies van biodiversiteit, een ongezonde levensstijl – dat komt allemaal door dat model van eindeloze groei. We moeten daarom van dat lineaire denken af, en onszelf gaan zien als knooppunten in netwerken.”

Van doemdenken naar doendenken

Dat we moeten afzien van het idee van een immer stijgende lijn, betekent volgens Oosterling niet dat we in doemdenken moeten vervallen – want ook dat is een oude manier van denken. “Doemdenken op microniveau is gewoon de angst voor je eigen dood, op macroniveau gaat het over de dag des oordeels, waarbij er een onderscheid gemaakt wordt tussen de goede mensen en de slechte mensen, wij en zij. Dat doemdenken biedt daardoor juist een ontsnappingsclausule, namelijk dat jij aan de goede kant staat. Maar ik wil niet dat iemand aan de goede of de slechte kant staat, we gaan met z’n allen de uitdagingen aan.” 

“We gaan op een meer cyclische manier denken en handelen, oftewel doendenken. Daarvoor moeten we eerst zorgen dat doen en denken niet meer tegenover elkaar staan. We zullen er bijvoorbeeld voor zorgen dat het mbo niet meer tegenover de universiteit staat, en dat de praktijk niet tegenover de theorie staat. Doendenken is een oproep om reflectief in het leven te staan, om vooruit te denken in ons handelen. Dit vergt het inzicht dat wat je doet altijd gevoed wordt door je denken, en andersom. En dat is niet alleen maar je eigen denken, maar ook het denken van je cultuur.

Het gaat erom dat je vanuit jezelf en ook met anderen leert denken, om je bewust te worden van de impact van wat je doet. Praktisch komt het erop neer dat we andere manieren van doen en denken zullen uitvinden. Een manier om anders met je eigen lichaam om te gaan, een manier om anders met je buren en collega’s om te gaan, een andere manier om je te verplaatsen.”

Van individu naar ‘intervidu’

ANGB2021012233-2
Beeld door: beeld: Angeniet Berkers

Doendenken past bij het idee dat je je leven lang blijft leren, wat ook de basis vormt voor Oosterlings concept van mentale duurzaamheid. Dat hoor je terug in zijn idee over nieuwjaarsresoluties: iedere dag is als een nieuw jaar, het is goed om continu reflectief in het leven te staan. 

Oosterling reageert op de voornemens die in de campagne Rotterdamse Resoluties ter sprake komen: “Wel of geen vlees eten, wel of niet de auto nemen, wel kopen niet kopen: we zijn als individu altijd gespleten, want we moeten constant keuzes maken. We zitten altijd ergens tussenin. Dat botst eigenlijk met de betekenis van ‘individu’, want dat is Latijn voor ‘niet gespleten wezen’.” 

Wat betreft Oosterling laten we het individu dan ook achter ons, en gaan verder met wat hij ‘het intervidu’ noemt. “Het denken vindt niet in ons hoofd plaats, maar het gebeurt tussen mensen, oftewel ‘inter’. Keuzes maken doen we, zeker nu, als intervidu.” 

Burgemeester

Tijdens het gesprek krijg ik een steeds duidelijker beeld van een mogelijk ‘nieuw normaal’: daarin zijn we interviduen, die niet meer doem- maar doendenken. En dan niet in een lineair opwaarts, maar via feedbackloops, dus circulair en in netwerken. Daarbij zorgen we dat onze relaties met de omgeving op fysiek, sociaal en mentaal gebied gezond zijn. Ik vraag me af hoe dat zich zou vertalen naar beleid voor de stad. 

Maar als ik Oosterling vraag wat hij zou veranderen als hij als burgemeester van Rotterdam zou zijn, maakt hij meteen duidelijk dat hij die functie nooit zou ambiëren. “Ik zou de ambtsketting weigeren, want dan zit ik meteen in die piramidale en oude structuur. Ik zou slecht willen doen wat ik al tientallen jaren doe: projecten uitvoeren in wijken, waarbij je wat je doet verbindt aan al die verschillende netwerken. Dat past niet in de taak van het burgemeesterschap”. 

Ook als burgemeester kan je dat systeem niet veranderen, meent hij. Daarbij verwijst Oosterling naar burgemeester Halsema van Amsterdam, die veranderingen op een bottom-up manier probeert door te voeren. Daarbij blijft ze alsnog vastzitten in een lineaire, piramidevormige structuur. “Voor mij is bottom-up hetzelfde als top-down. Linear, dus.”

Toch wil Oosterling desgevraagd wel hardop nadenken over manieren om de stad opnieuw uit te vinden. Hij begint bij de gemeente, bij uitstek een organisatie die sectoraal en niet integraal georganiseerd is.

“Ten eerste is het belangrijk om de circulatie van informatie en communicatie  in een piramidevormige organisatie te bevorderen. Dat kan door verschillende directies met elkaar te laten praten en door de budgetten op een grotere hoop te gooien. En door een probleem eerst te adresseren door expertises van de verschillende directies bij elkaar te  zetten, en daarna pas te bepalen waar het geld naartoe moet stromen. Dus weg van vaste budgetten, die aan het einde van het jaar met een reisje naar Toronto nog even moeten worden opgemaakt.” 

Als de gemeente intern meer als een circulair netwerk opereert, gaan de luiken naar de stad open: “Ten tweede moet je er via deze diensten voor zorgen dat het schot van de piramidevormige organisaties naar de wijken en de stad toe open gaan. Dus je gaat andere partijen structureel laten meedenken met het beleid om draagvlak in de stad te vergroten. En mee doendenken hè, dus ook echt meebeslissen.”

Als derde brengt hij het op een wat praktischer niveau en vult hij ook verder in wat dat moet betekenen voor ambtenaren. “In de functieomschrijving van alle ambtenaren staat dat ze een dag in de week in de wijken zijn. Want anders circuleert de informatie niet, omdat ze geen notie hebben van wat er gebeurt.”

Om aan te geven hoe dit in de praktijk zou werken, geeft hij als voorbeeld het probleem van stijgende obesitas-cijfers. “Daar gaan dan niet alleen een wethouder van gezondheid mee aan de slag, maar ook een wethouder van onderwijs en een wethouder van werk en inkomen. Het werk heeft er namelijk ook mee te maken: wat voor eten is er beschikbaar in de kantines, zijn er fitness-apparaten aanwezig? Publiek-private samenwerking wordt steeds belangrijker.”

Vanaf hier maakt Oosterling een stap van de gemeente naar het bedrijfsleven en introduceert hij zijn vierde stap: een manier om ook binnen bedrijven de mogelijkheid tot ‘doendenken’ te bevorderen. Hij haalt daarbij het werk van de Franse econoom Thomas Piketty aan. “Het personeel moet zelf kunnen bepalen wat er gebeurt binnen het bedrijf. Daarom zou 51 procent van de aandelen naar medewerkers moeten gaan, zoals Piketty in zijn analyse aanbeveelt.”

Als vijfde en laatste actie van de hypothetische burgemeester Oosterling kunnen we het kort houden. “En het gegarandeerd basisinkomen, zet dat er ook nog maar bij. Dit is wel meer dan voldoende, hier kunnen de komende twintig jaar wel aan werken.”

Rotterdamse Resoluties
Met de campagne Rotterdamse Resoluties, spreken bekende Rotterdammers hun goede voornemens uit. Zo maakt Muzikant Sabrina Starke bekend dat ze haar eigen eten in de stad gaat laten groeien, dj Karim Soliman wil geen nieuwe spullen meer kopen, presentator Natasja Morales wordt flexitariër en Spartaan Bart Vriends laat samen met zijn collega-voetballers de auto vaker staan.

Deze banner kun je wegklikken, maar....

..je kunt ook supporter worden! Vers Beton kan alleen bestaan dankzij een bijdrage van lezers. Vanaf 6 euro per maand maak jij onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk.

Nee, ik lees eerst het stuk verder

bart6

Bart van der Zande

Bart van der Zande (1988) is een Rotterdamse ondernemer die bouwt aan een duurzame toekomst. Via zijn bedrijven Impact Express en Fresh Ventures waarmee hij duurzame bedrijvigheid aanjaagt en als mede initiatiefnemer van Dus Wat Gaan Wij Doen campagnes.

Profiel-pagina
BF3E6A2C-5BEE-4A9B-A869-571A8070916C

Angeniet Berkers

fotograaf

Angeniet Berkers (1985) is een sociaal bewogen fotografe met jarenlange ervaring in de (jeugd)ggz. Met haar camera zoekt ze naar contact en verbinding met mensen die zich soms in kwetsbare posities bevinden. Ze stelt gevoelige onderwerpen aan de kaak en kijkt daarbij altijd naar de menselijke kant van het verhaal. Ze weet dit op een integere wijze te verbeelden en te vertellen.

Profiel-pagina
Lees één reactie
  1. Profielbeeld van Ronald Lagendijk
    Ronald Lagendijk

    Goede visie van Oosterling, helder weergegeven in dit interview van Bart van der Zande. Dit voornemen omzetten in daden!

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.