Voor de harddenkende Rotterdammer
Versbeton_Maxim_de_Gilder_gebitsprobleem_2020
Beeld door: beeld: Maxim de Gilder

De verwijspraktijk Imparo, waar Kim de Jong werkt als officemanager, is spierwit en hypermodern. Met een kleine lift kunnen attributen naar behandelkamers gestuurd worden. In deze verwijspraktijk worden patiënten behandeld die doorverwezen zijn door hun tandarts voor tandvleesbehandelingen of tandvervanging.

Die afdeling is er voor patiënten die zo’n slechte mondhygiëne hebben, dat een bezoek aan de mondhygiënist niet meer voldoende is. “Dat is voor een kind best intensief”, vertelt De Jong. Voorafgaand aan de specialistische behandeling moeten kinderen thuis een vragenlijst invullen. ‘Hoe maak je je gebit schoon?’ en ‘Heb je ergens last van?’, zijn vragen die langskomen. Bij een aansluitend intakegesprek worden foto’s gemaakt van het gebit en vervolgens moeten kinderen vier keer langskomen om elke keer een uur behandeld te worden. Elke afspraak wordt een kwart van het gebit grondig gereinigd. 

Intensief, maar wel nodig, zo vertelt De Jong. Al twintig jaar werkt ze in de tandheelkunde in Rotterdam. “Collega’s zeggen altijd dat de gebitten in Rotterdam-Zuid een stuk slechter zijn dan op de locaties waar zij werken.”

Mondgezondheid in kaart

In 2017 werd de mondgezondheid van kinderen in Rotterdam in kaart gebracht door een studie van onderzoekers van het Erasmus MC. Het onderzoek was onderdeel van Generation R, een grote meerjarige studie. Voor het onderzoek werden met speciale camera’s foto’s gemaakt in monden van 5.189 zesjarige kinderen. Een groot gedeelte van de publicatie werd gewijd aan de samenhang tussen sociaaleconomische factoren en gaatjes bij kinderen.

Van de onderzochte kinderen bleek 31,7 procent op zesjarige leeftijd al minimaal één gaatje te hebben gehad. “De resultaten hebben ons verbaasd”, zegt wetenschapper Lea Kragt, die meewerkte aan het onderzoek. “Gaatjes komen vooral door slecht tandenpoetsen en te veel snoepen. Elk gaatje kun je voorkomen en ze moeten nog hun hele leven.” 

In Rotterdam-Zuid is het percentage nog hoger. Jonathan Lie is elf jaar tandarts bij de praktijk Lie Dental, gelegen aan de voet van Zuidplein in Rotterdam-Zuid. Hij maakt zich zorgen over problemen die hij in zijn behandelstoel tegenkomt. “We zien steeds meer gaatjes bij steeds jongere kinderen. Sommigen jonger dan zes jaar die al meerdere gaatjes hebben en ook maar gaatjes blijven krijgen.”

Dat is problematisch, want gaatjes kunnen niet alleen voor pijn in de mond zorgen. In een Brits wetenschappelijk artikel uit 2006 wordt beschreven hoe onbehandelde gaatjes bij kinderen ondervoeding, een slechte groei en een slechte kwaliteit van leven kunnen veroorzaken. “Je kunt vanalles verzinnen om tanden en kiezen te vervangen”, vertelt tandarts Lie. “Maar uiteindelijk zijn je eigen tanden het beste. Alle andere oplossingen zijn minder goed.”

Ook in de naastgelegen tandartsenpraktijk waar Kim de Jong als manager werkt zijn er zorgen. De tandartsen aan de Strevelsweg omschrijven de kwaliteit van de gebitten die zij voorbij zien komen als ‘matig’, vertelt ze. “Wij vragen of mensen minimaal twee keer per jaar langskomen voor controle. Maar als we het nodig achten, vragen we kinderen om elke drie maanden langs te komen. En in sommige gevallen vragen we ze elke week langs te komen”, vertelt De Jong. Dit “monitoren” is nodig “om te kijken hoe de kinderen zelf hun tanden hebben gepoetst. Dat is een soort opvoeden.”

Rotterdam-Zuid

De patiënten in de praktijk waar De Jong werkt komen uit Rotterdam-Zuid, veelal uit de wijken Bloemhof, Charlois en Feijenoord. De cliënten van tandarts Lie komen – op een paar uitzonderingen na – grotendeels uit de wijken aangrenzend aan Zuidplein, ook in Rotterdam-Zuid. 

Volgens wetenschapper Lea Kragt is het qua mondgezondheid van kinderen die op Zuid wonen in vergelijking met de rest van Rotterdam “het slechtst gesteld”. Maar, zo voegt zij eraan toe: “Het is niet zo dat kinderen die boven de Maas opgroeien geen gaatjes hebben.”

In de wijk Hillegersberg-Schiebroek – de wijk die het laagste percentage gaatjes noteerde – had 22,7% van de onderzochte kinderen van zes jaar al eens een gaatje gehad, in 2017. In de wijk Charlois was dit 46,2%, in Feijenoord 42,6% en in IJsselmonde zelfs 53% van de kinderen, zo is te zien in het onderzoek.

Toch blijkt de omgeving waar de kinderen opgroeien niet bepalend voor een slecht gebit, zo blijkt uit de studie. Gaatjes komen wel vaker voor bij kinderen die uit een familie komen die laag scoort op sociaaleconomische factoren. De grootste indicator voor meer gaatjes bij kinderen in Rotterdam is een ‘laag’ opleidingsniveau van de ouder(s). Die groep bestaat uit mensen die helemaal geen educatie hebben genoten, mensen die enkel de basisschool hebben afgemaakt, mensen die lager beroepsonderwijs hebben gevolgd, mensen die alleen mavo hebben afgemaakt of mensen die maximaal drie jaar havo of vwo hebben gedaan.

Wetenschappers van het Erasmus MC keken voor hun studie niet naar de oorzaken van deze ogenschijnlijke samenhang. Er zijn wetenschappers die hier onderzoek naar hebben gedaan. Een wetenschappelijk artikel uit het Amerikaanse Journal of Dental Research geeft verklaringen voor die link tussen een ‘laag’ opleidingsniveau van de ouders en de hoeveelheid gaatjes van kinderen. Zo zouden zij minder geletterd zijn, waardoor ze gezondheidsvoorschriften minder goed begrijpen. Ze zouden daarnaast een minder goed dieet hebben, en ze zouden minder gebruik maken van gezondheidszorg. 

Lage inkomens

Naast een ‘lager’ opleidingsniveau, blijkt ook een laag inkomen van de ouders een negatief effect te hebben op de mondgezondheid van kinderen. Dat lijkt aannemelijk, maar het verbaasde de onderzoekers wel. “Zeker als je beseft dat tandheelkundige zorg gratis is voor kinderen onder achttien jaar”, aldus Kragt. 

Met een slag om de arm beschrijven de auteurs van het onderzoek toch een mogelijke reden voor deze samenhang. Zo zou het kunnen zijn dat ouders die zelf om financiële redenen niet naar de tandarts gaan, hun kinderen hier ook niet naartoe sturen. Daarnaast zou dit ook deels door ‘desinteresse of onwetendheid’ kunnen komen, zo is er te lezen.  

Dat onwetendheid een rol speelt, “zien we helaas vaak”, bevestigt officemanager De Jong. Tegen mensen die met hun baby in de arm de praktijk binnenstappen, vertelt zij dan ook steevast dat de kinderen gratis van de tandarts gebruik kunnen maken. “Dat kan al vanaf twee jaar, zeg ik dan.” 

Zo ook tandarts Lie: “Wij werken met een oproeplijst. Als patiënten langer dan een half jaar niet naar de tandarts zijn geweest, bellen we ze persoonlijk op”, vertelt hij. “Soms komen ze niet meer omdat hun verzekering de tandarts niet meer dekt. Dan vertellen we dat de kinderen nog wel kunnen komen.” 

Covid-19 en tandartsbezoek

Het coronavirus heeft de zaken verder verslechterd. Eind december publiceerde vergelijkingssite Independer een onderzoek naar tandartsbezoek van Nederlanders sinds corona, uitgevoerd door veldwerkbureau Panel Inzicht. Hierin gaf een kwart van de Nederlanders aan dat zij sinds Covid-19 niet meer naar de tandarts zijn geweest. Elf procent van de ondervraagden geeft aan dat ze ook het tandartsbezoek van hun kinderen hebben uitgesteld vanwege het virus 

“Ouders vinden het minder belangrijk. Je hoort: ‘nu liever niet’”, bevestigt De Jong. “En toch is het belangrijk dat kinderen regelmatig blijven komen. Ze krijgen fluoride toegediend om tanden sterker te maken en het zorgt voor gewenning aan het tandartsbezoek.”

“Het is goed om zoveel mogelijk thuis te blijven, maar corona is geen excuus om je regelmatige tandartsbezoek uit te stellen”, vertelt wetenschapper Lea Kragt. “Natuurlijk krijg je niet per se een gaatje als je een keer niet voor controle naar de tandarts gaat. Maar als je pijn hebt en je gaat niet naar de tandarts kan dat funest zijn. Een gaatje gaat niet vanzelf weg en als je niet ingrijpt wordt de pijn steeds erger en kan je hele tand kapotgaan.”

Voorlichting

Er moet iets aan de slechte kwaliteit van kindergebitjes in Rotterdam gedaan worden, zo beargumenteren de professionals. Voorlichting lijkt het sleutelwoord, maar hoe, daarover zijn de professionals het niet eens. Tandarts Lie en officemanager De Jong doen dit elk op hun eigen manier.

“Vanuit de praktijk ging ik de afgelopen twee jaar langs bij scholen om met ouders en kinderen in gesprek te gaan”, vertelt De Jong. “Veel ouders weten niet hoe ze de tanden van hun kinderen goed moeten poetsen of hoe vaak hun kinderen naar de tandarts moeten.”

Tandarts Lie geeft al zo’n vijf jaar ‘poetsles’ aan kinderen die voor controle langskomen bij de tandarts. “Dat is meer gericht op preventie”. In zijn praktijk is deze poetsles standaard voor kinderen vanaf zes jaar – de leeftijd waarop de meeste kinderen beginnen met wisselen. Tijdens het tandartsbezoek leren kinderen de juiste poetsmethodes. Aan de ouders vertelt hij dat ze altijd moeten “napoetsen” bij kinderen tot tien jaar. “Je kunt niet verwachten dat hun motoriek al goed genoeg is.”

De poetsles is er niet alleen voor de kinderen, vertelt Lie. Net als De Jong merkt hij dat sommige ouders geen weet hebben van het belang van goede mondhygiëne. Vooral bij jonge kinderen is het belangrijk om de ouders te bereiken, stelt Lie daarom. “De grootste reden voor de gaatjes is – naast slecht poetsen – veel te veel suiker krijgen. Iemand koopt het snoep, en op die leeftijd zijn dat niet de kinderen.”

Als kinderen wat ouder worden, benadrukt Lie ook aan hen het belang van een gezond gebit. Maar het is niet makkelijk om jongeren bewust te maken van het belang van goede mondhygiëne, vertelt hij. “Voor pubers hebben andere dingen prioriteit boven het gebit. Het is best moeilijk om aan hen uit te leggen dat ze eerder op moeten staan omdat ze hun tanden moeten poetsen”, legt Lie uit. “Ik heb patiënten van onder de achttien jaar waarbij ik al vier wortelkanaalbehandelingen heb moeten verrichten. Daar maak ik mij zorgen om.”

De poetslessen blijft Lie wel geven aan zijn patiënten, maar toch: “Ik vind het niet puur onze verantwoordelijkheid. Alle kinderen moeten weten hoe ze moeten poetsen. Maar niet ieder kind gaat naar de tandarts.” Hij ziet daarom een kans voor de basisscholen, “want elk kind gaat wel naar de basisschool. Er zijn al basisscholen waar voorlichting wordt gegeven, maar dit wordt nog veel te weinig gedaan.”

MarkvanWijk-Straatarts-MichelleAimee-Titelbeeld

Lees meer

De prinses met het slechte gebit

Huisarts Michelle-Aimée deelt een sprookje over de mondgezondheid van Rotterdamse kinderen

Deze banner kun je wegklikken, maar....

..je kunt ook supporter worden! Vers Beton kan alleen bestaan dankzij een bijdrage van lezers. Vanaf 6 euro per maand maak jij onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk.

Nee, ik lees eerst het stuk verder

IMG_2371

Joost Baumgardt

Trainee onderzoek

Joost Baumgardt (1995) woont in Rotterdam-West en werkt als freelance journalist voor onder andere het AD Rotterdams Dagblad en NRC. Hij maakt daarnaast tekeningen van krijt. Als hij niet met verhalen bezig is, luistert hij muziek of rijdt hij op zijn skateboard door de stad.

Profiel-pagina
Maxim de Gilder

Maxim de Gilder

Maxim de Gilder is een illustrator uit Rotterdam met een achtergrond in grafische vormgeving. Door middel van uitgedachte composities en vreemde karakters maakt hij kleurrijke illustraties, animaties en muurschilderingen. Zijn werk is vooral te vinden in de culturele en stedelijke sectoren.

Profiel-pagina
Lees één reactie

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.