Voor de harddenkende Rotterdammer
Vers Beton – Ez Silva – Vrouwen in de politiek – 2020
Beeld door: beeld: Ez Silva

De hoge, statige zaal van het Rotterdamse stadhuis die bestemd is voor commissievergaderingen had tot ongeveer een jaar geleden de weinig tot de verbeelding sprekende naam ‘Zaal 7’. In maart 2020 werd de ruimte omgedoopt tot de Suze Groenewegzaal, vernoemd naar de bekende feministe uit de vorige eeuw. Bijna de hele gemeenteraad stemde direct voor. (Alleen Leefbaar Rotterdam stemde tegen. Fractievoorzitter Joost Eerdmans vond het “nogal wat om in de eerste de beste raadsvergadering eventjes zo’n besluit te nemen”.)

Suze Groeneweg heeft dan ook een belangrijke rol gespeeld in de Nederlandse en de Rotterdamse politiek. Ze werd in 1875 geboren als boerendochter in het Zuid-Hollandse dorp Strijensas en ging in 1918 de geschiedenis in als het eerste vrouwelijke Tweede Kamerlid. Het was het eerste jaar dat vrouwen verkozen mochten worden, hoewel ze zelf nog niet mee mochten stemmen. En alsof Groeneweg nog niet genoeg geschiedenis had geschreven, werd ze een jaar later ook het eerste vrouwelijke gemeenteraadslid van Rotterdam. Voormalig burgemeester van Rotterdam Pieter Oud beschreef haar als ‘geen katje om zonder handschoenen aan te pakken’.

Maar ondanks de spirituele aanwezigheid van Suze Groeneweg blijft het Rotterdamse stadhuis, ruim honderd jaar nadat zij voor het eerste plaatsnam in de raadszaal, toch voornamelijk een mannenwereld. Zo heeft Rotterdam nog nooit een vrouwelijke burgemeester gehad en bestaat het college van burgemeester en wethouders op dit moment uit slechts twee vrouwen, tegenover negen mannen. De gemeenteraad wordt voor slechts een derde gevuld door vrouwen. Daarmee ligt de vertegenwoordiging van vrouwen in het stadsbestuur beduidend lager dan in de andere drie grote steden. In Amsterdam zijn de vrouwen in het college in de meerderheid, en in de raad is het bijna fifty-fifty.

Vers-Beton—Vrouwen-in-de-Politiek-2—2020
Beeld door: beeld: Jowan de Haan

Afspiegeling

“Absurd weinig”, vindt Chantal Zeegers, fractievoorzitter van D66, het aantal vrouwen in de raad. “Dat kan gewoon niet. We moeten ons daar niet bij neerleggen.” De partij van Zeegers is wat betreft de vertegenwoordiging van vrouwen een uitzondering in de Rotterdamse raad: vier van de vijf D66-raadsleden zijn vrouwen. Haar GroenLinks-collega Lies Roest is het met haar eens: “We moeten er actief aan werken om dat te veranderen.”

De raadsleden noemen grofweg drie redenen waarom de raad meer vrouwen nodig heeft. Als eerste: de gemeenteraad zou een afspiegeling van de samenleving moeten zijn, en die bestaat nou eenmaal uit ongeveer net zoveel vrouwen als mannen. “Het is een belangrijk democratisch principe dat de raad zo veel mogelijk representatief moet zijn voor de bevolking”, legt Zeegers uit. “Je moet jezelf terug kunnen zien in de baas van de stad”, zegt Roest.

Daarnaast zorgt een overschot aan mannelijke volksvertegenwoordigers ervoor dat onderwerpen die voor vrouwen belangrijk zijn minder snel aan bod komen. Zeegers geeft een voorbeeld van onderwerpen waar ze zelf mee bezig is: “Kunnen kinderen veilig naar school fietsen? Zijn er speeltuinen in de buurt? Het is niet alsof mannen dat niet willen, maar vrouwen zullen dit soort thema’s misschien eerder naar voren brengen.” Ook Suze Groeneweg bracht onderwerpen die vrouwen aangingen, zoals zwangerschapsverlof en vrouwenkiesrecht, met zich mee de Tweede Kamer in.

Duygu Yildirim, het enige vrouwelijke raadslid van de vijfkoppige PvdA-fractie, geeft nog een voorbeeld: menstruatiearmoede, een onderwerp dat zij onlangs zelf op de agenda heeft gezet. Dankzij een motie van haar hand kunnen Rotterdamse vrouwen met een laag inkomen binnenkort gratis maandverband of tampons krijgen. Yildirim: “Als vrouw weet je: je weet niet wanneer je ongesteld wordt. Op het moment dat je het nodig hebt, heb je het nodig. We moeten niet willen dat vrouwen school of werk mijden hierdoor.”

Ten derde: divers samengestelde groepen presteren beter. “Er is zat wetenschappelijk onderzoek waaruit blijkt dat diverse teams betere beslissingen nemen”, weet Lies Roest. Barbara Kathmann, die tot voor kort wethouder voor de PvdA was maar zich nu richt op haar kandidaatstelling voor de Tweede Kamerverkiezingen, sluit zich daarbij aan. Hoewel Kathmann niet zo zeer in ‘vrouwen- of mannenonderwerpen’ gelooft, vindt ze wel: “Hoe diverser, hoe beter. Diversiteit van ideeën, die moet je naar boven halen.” Daarbij gaat het natuurlijk ook om andere vormen van diversiteit, zoals diversiteit van leeftijd, inkomen, opleiding, seksualiteit of migratieachtergrond. Of, zoals Vincent Karremans, fractievoorzitter van ondernemerspartij VVD, benadrukt: diversiteit van beroep. Volgens hem zijn er te weinig ondernemers in het stadsbestuur en veel met een achtergrond in de ambtenarij.

Progressieve partijen

Maar waarom blijft de vertegenwoordiging van vrouwen in Rotterdam zo achter bij de andere grote steden? Een voor de hand liggende reden lijkt te liggen in de samenstelling van de gemeenteraad. Linkse partijen schuiven over het algemeen meer vrouwen naar voren dan rechtse en lokale partijen, blijkt uit landelijke cijfers. Van de lokale partijen, het CDA en de VVD zijn in heel Nederland slechts een kwart van alle wethouders vrouw. Bij de PvdA en D66 gaat het om 37 procent van de wethouders. Bij GroenLinks is de verhouding bijna half-half: 47 procent van de wethouders is vrouw.

In die zin is het niet verrassend dat de gemeenteraad van Amsterdam, waar de PvdA, GroenLinks en D66 samen ruim de helft van de zetels in de gemeenteraad bezetten, een sterkere vertegenwoordiging van vrouwen kent dan Rotterdam, waar diezelfde partijen maar een derde van de zetels hebben. Leefbaar Rotterdam en de Rotterdamse VVD-fractie, die samen ruim een derde van de raadsleden leveren – waarvan een kwart vrouwen – trekken het gemiddelde naar beneden. Net als de groep kleinere fracties (NIDA, SP, Partij voor de Dieren, de PVV en de ChristenUnie/SGP – samen goed voor 7 zetels) die uitsluitend uit mannen bestaan, overigens. Wat betreft de rol van de VVD tekent fractievoorzitter Karremans aan dat zijn fractie wel de meeste lhbti’ers heeft, en de enige wethouder uit Rotterdam-Zuid.

Een aantal raadsleden merkt op dat de toon in de Rotterdamse raad vrij hard kan zijn

De politieke samenstelling van de raad is ook de eerste verklaring die politicoloog Julia Wouters oppert: “Over het algemeen is het zo dat de meer progressieve partijen al langer werk maken van meer vrouwen. Als rechts of conservatief of christelijk groot is, dan gaat dat ten koste van het aantal vrouwen.” Wouters is de auteur van het boek De Zijkant van de Macht. Waarom de politiek te belangrijk is om aan mannen over te laten.

Toch lijkt dat geen volledige verklaring te zijn. Zo kent Den Haag bijvoorbeeld een net zo sterke aanwezigheid van lokale en rechtse partijen, en toch ligt het percentage vrouwelijke raadsleden (40 procent tegenover 31 procent) en wethouders (één op de drie tegenover één op de vijf) daar aanzienlijk hoger. Zou het dan een typisch Rotterdams fenomeen kunnen zijn, dat de politiek een mannending blijft?

Je mannetje staan

Een aantal raadsleden merkt op dat de toon in de Rotterdamse raad vrij hard kan zijn. Mannen die het conflict opzoeken worden wel eens bokito’s genoemd, en debatten worden vergeleken met wedstrijdjes verplassen. Raadslid Lies Roest noemt het een ‘recht-voor-z’n-raap cultuur’. “Ik kan me voorstellen dat sommige vrouwen daar niet op zitten te wachten. Ze zeggen niet voor niets: je mannetje staan. Dat moet je wel kunnen.” Duygu Yildirim (PvdA): “Volgens mij zijn vrouwen meer geneigd om de samenwerking op te zoeken. Ze zijn niet altijd per se van: kijk mij nou eens even.”

Dieke van Groningen, het enige vrouwelijke raadslid van de VVD, merkt dat mannen het vaak leuk vinden om te laten zien dat ze “de gaafste nota of de tofste motie” hebben, dat ze ervan houden om “tegen elkaar op te boksen” en vaak meer geïnteresseerd zijn in machtsverhoudingen. “In het debat gaat het hard tegen hard”, aldus Van Groningen. “Mannen kunnen heel hard zijn en daarna gewoon een biertje drinken. Ik merk dat vrouwen dat eerder persoonlijk opvatten. Vrouwen zijn wat ronder, in hun emotie en dingen. En die emotie is soms ook wel goed… Een beetje een rommelig verhaal zo, maar ja, ik ben een vrouw hè.”

“Maar mannen hebben ook niet altijd zin in die debatten”, nuanceert haar fractiegenoot Vincent Karremans. “Je krijgt zoveel bagger over je heen. Volgens mij is één op de drie raadsleden wel eens bedreigd. Wie wil er nou in godsnaam raadslid zijn? Dat geldt voor mannen net zo goed als voor vrouwen.”

Julia Wouters gelooft ook dat een ‘hanige cultuur’ voor zowel vrouwen als mannen onaantrekkelijk is. “Het ingewikkelde is alleen: als je als vrouw ook hard debatteert, wordt dat niet op dezelfde manier geïnterpreteerd als bij mannen. Bij mannen heet het bevlogen, bij vrouwen hysterisch. Van vrouwen wordt verwacht dat ze zich meer empathisch, meer bescheiden opstellen. Je bent als vrouw vaak óf competent maar niet aardig, óf aardig maar niet competent. Óf te lief, óf een bitch. Dus er zijn ongetwijfeld vrouwen die zich kunnen handhaven in een fel debat, maar die worden er niet populairder op.”

Onaangenaam sfeertje

Wouters drukt zich daarbij nog zacht uit. De opmerkingen die vrouwelijke politici op sociale media naar hun hoofd geslingerd krijgen zijn niet alleen seksistisch, maar ook bedreigend. Tien procent van alle tweets gericht aan vrouwelijke politici bevat haat of agressie en de meeste daarvan zijn seksistisch van aard, bleek onlangs uit onderzoek van De Groene Amsterdammer en de Utrecht Data School. Ook internationaal onderzoek toont aan: vrouwen krijgen in de politiek vaker te maken met online intimidatie of bedreiging dan hun mannelijke collega’s. Vrouwen met een migratieachtergrond zijn nóg vaker slachtoffer.

Dat heeft een directe invloed op de vertegenwoordiging van vrouwen in de politiek, schreef GroenLinks-parlementariër Kathalijne Buitenweg vorig jaar in een essay: “De te gure omgeving leidt ertoe dat nieuwe talenten zich nog eens achter de oren krabben. Ik zie het in mijn omgeving. Vooral vrouwen met een migratieachtergrond, die weten dat ze extra hard zullen worden aangepakt, besluiten zich de stress van de publieke vernederingen te besparen en hun talenten op een minder zichtbare plaats in te zetten. En dan vragen we ons nog altijd collectief af waarom er zo weinig vrouwen zijn die hun vinger opsteken en naar voren treden!”

De intimidatie beperkt zich niet eens altijd tot het internet, weet Rotterdams raadslid Lies Roest uit ervaring. “Ik denk dat politiek voor jonge vrouwen een onveilige omgeving kan zijn. Zeker als het laat wordt, en er wordt een biertje gedronken, dan kunnen er wel eens seksistische opmerkingen gemaakt worden. Ik heb in voorgaande collegeperiodes, toen er ook wat meer oude mannen in de raad zaten, wel wat dingen gezien waarvan ik dacht: dat is niet oké. Daar heerste soms een onaangenaam sfeertje.”

Jonge moeders

Of de bokito-cultuur op het Rotterdamse stadshuis dé reden is voor de ondervertegenwoordiging van vrouwen, is lastig te zeggen. Wel zijn er nog een aantal algemenere obstakels die het vrouwen in het stadsbestuur moeilijk maken. Die problemen zijn niet per se specifiek Rotterdams, maar het aanpakken daarvan kan wel bijdragen aan een oplossing voor het Rotterdamse probleem.

Julia Wouters ziet dat vrouwen die het tot raadslid geschopt hebben soms na één periode al stoppen, omdat ze hun raadslidmaatschap niet kunnen combineren met werk en zorgtaken thuis. Dat Suze Groeneweg nooit een gezin heeft gehad, is volgens Wouters geen toeval.

Uit onderzoek van kennisinstituut Atria blijkt ook dat jonge vrouwen (jonger dan 40 jaar) relatief vaak tussentijds uitstromen. “Ik zie regelmatig vrouwen afhaken”, beaamt Lies Roest. “Politiek kost gewoon veel tijd. Als je dan ook nog een andere baan hebt, en een jong gezin, dan lukt dat niet altijd.” Ook Chantal Zeegers (D66) vreest dat het moederschap voor veel vrouwen het raadslidmaatschap moeilijk of zelfs onbereikbaar maakt. “Het hangt heel erg af van hoe je de thuissituatie hebt geregeld. Maar vaak doen vrouwen meer in het huishouden.”

“Als thuis de taken niet goed verdeeld zijn, dan zie je: veel vrouwen stoppen al na één periode”

“Als je in de Kamer gaat, verdien je meer dan een ton”, legt Julia Wouters uit. “Daarvoor kun je kinderopvang inkopen en je huis laten schoonmaken. Maar dat kun je voor wat je als raadslid als vergoeding krijgt absoluut niet doen. Als dan, wat vaak zo is, de taken thuis niet goed verdeeld zijn, dan zie je: veel vrouwen stoppen na één periode. Omdat ze de tijd niet kunnen vinden.” Eén van de oplossingen daarvoor is om bij vergadertijden rekening te houden met de verplichtingen van jonge ouders. “In sommige gemeenteraden hebben ze geen eindtijd voor vergaderingen. Ik vind dat belachelijk”, aldus Wouters. Lies Roest pleit voor een andere oplossing: van het raadslidmaatschap een fulltime functie maken.

Duwtje

Ten slotte: juist omdat de politiek nog geen afspiegeling van de samenleving is, voelen vrouwen zich minder snel geroepen om zich kandidaat te stellen. Yildirim: “Stel, als je nu twintig bent, dan heb je vanaf je tiende alleen maar premier Rutte gezien. Dan denk je: de minister-president is toch gewoon een man? Het helpt als vrouwen zich kunnen spiegelen aan andere vrouwen.” Of, zoals Wouters het samenvat: “You can’t be what you can’t see.” Daarom hebben vrouwen vaak een duwtje nodig. “Het grootste misverstand is dat het vanzelf goed komt”, zegt Wouters. “Dat het, omdat vrouwen hoogopgeleid zijn en al honderd jaar stemrecht hebben, vanzelf goed komt.”

Daarom is het belangrijk dat vrouwen actief gescout, getraind en gesteund worden door partijen, beamen de raadsleden. Roest: “Het is belangrijk om aan talentontwikkeling te doen. Je moet erop wijzen: goh, is dit iets voor jou? Je moet er bij vrouwen iets meer aan trekken.” Haar partij doet dat goed, vindt ze: “Ik denk dat GroenLinks een partij is waar vrouwen zich redelijk snel thuis voelen, en het gevoel hebben dat ze daar wat kunnen. Het is een partij waarin vrouwen de top kunnen bereiken”, zegt Lies Roest. Ook ex-wethouder Kathmann is trots dat haar PvdA “al dertig jaar ongelooflijk bewust met diversiteitsbeleid bezig is”.

Wouters: “Je moet je realiseren dat vrouwen langer nodig hebben om warm te lopen. Je moet de hele tijd bezig zijn om vrouwen te betrekken. Vrouwen hebben vaak één, twee, drie mensen in hun omgeving nodig om op hen in te praten: de politiek is echt wat voor jou. De vrouwen die ik voor mijn boek sprak, waren allemaal gevraagd. Geen één had zelf bedacht: weet je wat, ik ga de politiek in.”

Het gaat dus niet vanzelf, maar Wouters gelooft wel dat het langzaam de goede kant op gaat. Het pad dat Suze Groeneweg honderd jaar geleden uitzette, werd door de generaties na haar steeds iets verbreed. Elke nieuwe politica rekt die bandbreedte weer wat op.

En daar kan iedereen een steentje aan bijdragen. “Als je iemand kent die je graag in de politiek zou willen zien, zeg dan gewoon in de kroeg: is dat niet wat voor jou?”

Ook in de Tweede Kamer zijn vrouwen in de minderheid: slechts 47 van de 150 Kamerleden zijn vrouw. Daar kan bij de aankomende verkiezingen (op 15, 16 en 17 maart) verandering in komen: de meeste partijen hebben zo’n 40 procent vrouwen op de kandidatenlijst staan.

De eerstvolgende mogelijkheid om meer vrouwen het Rotterdamse stadhuis in te stemmen is bij de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2022. Op de eerste vrouwelijke burgemeester van Rotterdam zullen we waarschijnlijk langer moeten wachten: burgemeester Aboutaleb is net aan een nieuwe termijn van zes jaar begonnen. Maar als het zover is, dan heeft zijn partijgenoot Barbara Kathmann in ieder geval interesse: “Tuurlijk zou ik dat willen. Het is de mooiste baan van Nederland!”

Deze banner kun je wegklikken, maar....

..je kunt ook supporter worden! Vers Beton kan alleen bestaan dankzij een bijdrage van lezers. Vanaf 6 euro per maand maak jij onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk.

Nee, ik lees eerst het stuk verder

Adriaan

Adriaan de Jonge

Adriaan de Jonge (1994) is politiek filosoof en journalist. Groeide op langs de Rijn, reisde af naar het zuiden voor een studie in Maastricht en vertrok daarna met de stroom mee naar de enige echte Maasstad. Hij bijt zich graag vast in netelige maatschappelijke kwesties en is lichtelijk geobsedeerd met vraagstukken over werk, inkomen en ongelijkheid.

Profiel-pagina
Foto-Ez-Silva

Ez Silva

Illustrator

Met haar achtergrond als industrieel vormgever en productontwerper, maakte Ez Silva (Cabo Verde, 1985) een switch naar allround vormgever, illustrator en kunstenaar. Haar werk kan omschreven worden als vrouwelijk, dromerig en mysterieus (de innerlijke gevoelswereld van de hedendaagse vrouw). Omdat in het hedendaagse leven al zoveel digitaal gebeurt, kiest Ez er juist voor om op papier te tekenen. 

Profiel-pagina
Nog geen reacties

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.