Advertentie

VB – vacaturebank – banners – Hardwerkende – klik hier! – 1456×180
Voor de harddenkende Rotterdammer
Vers Beton – Daan timmer – Racisme bij Politie – 2020
Beeld door: beeld: Daan Timmer

Het wantrouwen van Rotterdammers van kleur richting de politie is in het kielzog van recente incidenten met racisme en discriminatie nog verder toegenomen. De roep om ontslag van de agenten die racistische appjes verstuurden is groot: honderden Rotterdammers demonstreerden voor het politiebureau aan het Marconiplein en de Rotterdamse afdeling van Bij1 overhandigde in het stadhuis een petitie met bijna 19.000 handtekeningen.

Ook de raadsfractie van Denk trok een streep in het zand, waar politiechef Westerbeke niet overheen wilde stappen. ‘Goede dienders’, werden de vijf agenten genoemd. De politiechef staat volgens critici iets te doen dat moeilijker is dan het zwaarder straffen van de rotte appels: het actief bestrijden van een cultuur die racisme en discriminatie in de hand werkt en waar de politie al sinds haar oprichting van doordrenkt is.

Ondernemer en ex-agent Saïda Ouarirou woont in Bospolder-Tussendijken, de wijk waar vijf agenten actief waren die zich in een appgroep discriminerend hebben uitgelaten over de vermoorde Humeyra, de Turkse gemeenschap en homoseksuelen. Toen de appjes naar buiten kwamen was ze allerminst verbaasd over wat ze las. Ze weet nog precies hoe het op de politiebureaus aan toe gaat – het was de reden dat ze haar uniform veertien jaar geleden aan de wilgen hing. “Het werk is geweldig, maar de cultuur kan heel erg giftig zijn, vooral hier in Rotterdam. Nu kunnen ook anderen zien hoe het er in de organisatie aan toe kan gaan, met machogedrag, heftige humor en discriminerende opmerkingen. Die cultuur moet doorbroken worden.”

Naar binnen gekeerd

Extreme ‘grappen’, geweld en geslotenheid zijn kenmerken van een cultuur die inherent is aan het uniek soort werk dat de politie doet, zegt socioloog en politiewetenschapper Jaap Timmer van de Vrije Universiteit. De onveiligheid en vertrouwelijkheid van het werk maken van het korps een naar binnen gekeerde groep mensen. Ze voelen zich des te meer verwant met elkaar, maar minder met de buitenwereld. “Waar artsen en verpleegkundigen de neiging hebben om mensen buiten de werkplek als patiënt te behandelen, hebben politiemensen de neiging om groepen die voor hen vaak een bedreiging zijn ook buiten hun werk als verdachte te behandelen. Daar gaat het heel vaak mis,” zegt hij.

Daarnaast hebben dienders volgens Timmer een uitlaatklep nodig om met de heftigere kanten van hun werk om te kunnen gaan. “Je kunt op je twintigste als bevoegde agent de straat op worden gestuurd, waar je geconfronteerd wordt met alle donkere kanten van het leven. Dodelijke slachtoffers, mishandelingen, hoogoplopende ruzies. De menselijke geest heeft daar zo zijn copingmechanismen voor: zwartgallige humor, nare dingen, een bepaald cynisme. Binnen de groep ontstaat er een grote mate van solidariteit, maar daar komt automatisch een weerstand jegens de out group tegenover te staan. Iedereen in de organisatie weet hoe dat gaat.”

Dit gedrag is al zo oud als de organisatie zelf, zegt hij, maar is nu ineens zichtbaar voor iedereen. “Het is gênant. Ik loop nu zo’n dertig jaar in de organisatie rond en ik heb dit soort dingen altijd gezien en gehoord. Dit gedrag speelde zich altijd af in de beslotenheid van een politiebureau, maar nu hebben we sociale media. Zo wordt het ineens vastgelegd, en zichtbaar voor de buitenwereld.” 

1-0 achter

De incidenten die zich nu in de openbaarheid afspelen bevestigen angsten die veel Rotterdammers van kleur al langere tijd hadden: dat de politie er niet voor hen is. Ouarirou zag het gebeuren. “Ik werd opgebeld door moeders uit de wijk. Ze huilden, waren angstig en verdrietig. Saïda, vroegen ze, wat is dit?” Het overtuigde haar om toch op het podium te klimmen. Tijdens de demonstratie tegen racisme binnen de politie, eind maart bij politiebureau Marconiplein, kon ze de frustratie uiten die anderen niet onder woorden konden brengen. “Eerst wilde ik daar niet staan, het blijven toch je collega’s. Mijn eigen verhaal vond ik niet belangrijk. Maar ik werd de volgende dag wakker en dacht: nee, ik moet spreken.”

Richting honderden aanwezigen en achter een geïmproviseerd spreekgestoelte vertelde ze eind maart over de politie die in Delfshaven niet meer naast de bevolking staat, maar tegenover. Ze zag de avondklokrellen als symptoom van een groeiende afstand tussen burger en politie, en de reactie erop als bewijs. Ouarirou stond die nacht samen met andere moeders uit de wijk jongeren op te wachten die uit waren op een confrontatie met de politie. “Ze wilden hun onvrede tegen de politie uiten. Deze jongens hebben het idee dat ze 1-0 achterstaan, dat ze geen onderdeel uit kunnen maken van de samenleving.”

De groep moeders kon escalatie afwenden met een maternale preek en een positieve houding. “We hebben ze verteld wat ze riskeren. Je gooit je eigen ruiten in als je dit doet, zorg dat je geen strafblad krijgt. Je bent beter dan dit, laat ze zien wat je kan.” Een week later kreeg één van de moeders een appje van een van de aangesproken jongens: ‘Mevrouw, ik heb straks een sollicitatiegesprek.”

Maar, zegt Ouarirou, moeders kunnen niet op eigen houtje de wijk in het gareel houden. “It takes a village to raise a child. We hebben de politie nodig.” De moeders spraken de aanwezige dienders aan op wat ze zagen gebeuren. Hun reactie: het bleef rustig, dus zo slecht zullen deze jongeren niet over ons denken. “Welke kleppen heb je dan op? Onze handreiking werd volledig gebagatelliseerd. Dat bevestigt opnieuw het gevoel van die moeders dat de wijkagent niet weet wat er speelt.”

De cursus

“Het vertrouwen is weg. Denkt mijn eigen wijkagent zo? Wordt dat busje bestuurd door een racist? Ik ben blij dat deze mannen niet meer in mijn wijk werken, maar mijn kinderen lopen ook elders in Rotterdam.” In de wijk worden nu bijeenkomsten georganiseerd en gesprekken gevoerd. Ouarirou betwijfelt of het genoeg is.

Ook volgens Timmer is er meer nodig dan een cursus en een inspraakavond. “Zo’n workshop is een soort vinkje dat weer afgetikt kan worden. Discrimineer jij nog? Nee, ik heb een cursus gedaan. Belangrijker is dat agenten het begrijpen. Iedereen moet doordesemd zijn van artikel 1 van de Grondwet en zich voortdurend afvragen of ze handelen uit kennis en wetenschap of uit een vooroordeel.”

Dat besef ontstaat volgens Ouarirou niet op straat, nadat ze gezien heeft wat er gebeurt als de wijk een handreiking doet. “Het is een begin, maar de politie is een ontzettend hiërarchische organisatie, dus het moet van bovenaf.”

Black Lives Matter heeft de lat hoger gelegd. “Maar bij de politie heeft die lat altijd in de kast gelegen. Het wordt tijd dat die boven de poort wordt gehangen”

Ouarirou en Timmer zien een sleutelrol weggelegd voor de korpsleiding, die zich actief in moet gaan zetten om de natuurlijke uitwassen van de politiecultuur tegen te gaan. Het moet volgens Timmer per direct over zijn met relativerende woorden, het weglachen van incidenten en het negeren van klachten. “Hij bedoelde het niet zo? Kan zijn, maar hij heeft het wel gezegd, wel opgeschreven. Dat mag je niet accepteren, en moet je aanpakken.”

De maatschappij verwacht dat de politie een heldere grens trekt en die ook handhaaft. Black Lives Matter en het debat over institutioneel racisme hebben de lat hoger gelegd. “Maar bij de politie heeft die lat altijd in de kast gelegen. Het wordt tijd dat die boven de poort wordt gehangen.”

Neem agenten die de moed hebben om zich tegen racisme uit te spreken in bescherming, tik dienders te ver gaan direct op de vingers en erken dat hun gedrag misschien verklaarbaar is, maar niet acceptabel, bepleit Timmer. “Iedere brigadier en inspecteur kan daar vandaag mee beginnen, en zeggen: dit wordt mijn agendapunt voor de komende jaren. Dat zou heel goed zijn.”

Het klinkt misschien simpel, maar het is een zware eis, weet de socioloog. “Door collega’s te corrigeren maak je jezelf kwetsbaar voor commentaar. Je moet heel stevig in je schoenen staan om te zeggen: wacht even, ik wil dit niet, en ik voel me hier verantwoordelijk voor.” Hierom is het volgens Timmer belangrijk dat elke leidinggevende laag zich hiermee bezighoudt, zodat iedereen zich veilig en gesteund kan voelen om de nodige cultuurverandering waar te maken. “Dat is in mijn overtuiging het belangrijkste: ga leiding geven.”

Transparantie

Verder is het volgens Timmer van belang dat de consequenties voor ontoelaatbaar gedrag en de afwegingen achter sancties duidelijker worden gecommuniceerd. Het onbegrip over de berispingen van de vijf appende agenten had weggenomen kunnen worden door te erkennen waar het fout gaat, dat dit soort gedrag vaker voorkomt en hoe daarop wordt gereageerd. Ontslag was volgens Timmer niet alleen juridisch onmogelijk, maar ook niet passend in de aanpak die hij voor ogen ziet. “Je kunt jonge mensen er niet meteen uitsturen als ze een fout maken. Je moet ze in de gaten houden en dit soort gedrag direct corrigeren, om ze tussen de oren te knopen wat artikel 1 van de Grondwet inhoudt. Als we dat niet doen en elke jonge agent bij de eerste misstap overboord kieperen krijgen we hele lege politiebureaus.” Bij de tweede misstap is het een ander verhaal, en hij wijst erop dat er in eerdere gevallen wel degelijk schorsingen hebben plaatsgevonden. 

Een manier om aan iedereen binnen en buiten de organisatie te laten zien waar de grens ligt en hoe die gehandhaafd wordt zou het invoeren van een onafhankelijk tuchtrecht zijn, zoals aanwezig in sectoren als de zorg en de advocatuur. Timmer is er vurig voorstander van. “Dat bestaat nu helemaal niet. Agenten zien niet waar anderen aan zijn gehouden, en de buitenwacht ook niet.” 

Stappen zetten

De politie laat weten het vertrouwen vooral terug te willen winnen door ‘vakmanschap’ uit te dragen. “De manier waarop we ons werk doen en in contact zijn met burgers is deel van ons vakmanschap. Hier hebben we het vaak over met elkaar, ook tijdens briefings en de-briefings. Zelfreflectie en reflectie op elkaar blijven hierin erg belangrijk,” zegt Christine Heijkoop, lid van het programmateam Politie voor Iedereen. “De afgelopen tijd hebben we als maatschappij, maar ook als politie een ontwikkeling doorgemaakt waarbij we concluderen dat we beter moeten worden in het stellen van de norm en het begrenzen van ongewenst gedrag.” De daarvoor benodigde aanpak wordt op dit moment op landelijk niveau onderzocht. 

Om het vertrouwen ook in Bospolder-Tussendijken terug te winnen gaat het korps volgens Heijkoop op eenheids- en wijkniveau in gesprek met burgers. “We willen transparanter worden over hoe we leren van klachten en geweldsaanwendingen en hoe we dat monitoren.“ De kans op etnisch profileren wordt ‘geminimaliseerd’ door middel van strakkere richtlijnen.

“We hebben lering getrokken uit de Whatsappcasus, maar dit incident is niet representatief voor wie wij als politie zijn”

Wat betreft een veiliger werkklimaat en de interne cultuur onderkent Heijkoop dat goed leiderschap en respect belangrijk zijn. “We erkennen dat we daarin stappen te maken hebben. Daar gaan we bewust mee aan de slag.” De aanpak van racisme is volgens de politie een ‘absolute topprioriteit’, ook voor de hoogste leidinggevenden. Westerbeke zou het onderwerp met herhaling aansnijden in bestuursoverleggen. Heijkoop benadrukt dat grensoverschrijdend gedrag nooit acceptabel is, maar dat het politiewerk daardoor niet wordt gedefinieerd. “We hebben lering getrokken uit de Whatsappcasus, maar dit incident is niet representatief voor wie wij als politie zijn.” 

Het is volgens Timmer aan de korpsleiding om de heersende cultuur binnen het team actief te corrigeren. Zolang daar niet zichtbaar naar gehandeld wordt zal het wantrouwen en de verontwaardiging van Rotterdammers van kleur onverminderd groot blijven, vreest Ouarirou. “Die omslag had twintig jaar geleden al moeten komen, maar na Black Lives Matter staat het wel op de agenda. Hoop doet leven. Maar als je echt verandering wilt moet je knopen doorhakken. Het is ten slotte 2021.”

versbeton_opinierubriek-01

Lees meer

Aboutaleb geeft geen vertrouwen dat hij racisme bij de politie kan aanpakken

Opinie van Awais Hassan over de positie van de burgemeester.

Verder lezen?

Word supporter van Vers Beton! Vanaf 6 euro per maand maak jij financieel onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk.

Nee, ik lees eerst het stuk verder

1599569513738

Nigel van Schaik

Nigel van Schaik (2000) is freelance journalist en student. Hij schrijft over identiteit, gelijkheid, (sub)cultuur en de stad Rotterdam. 

Profiel-pagina
daan_timmer

Daan Timmer

Illustrator

Daan Timmer, 28 jaar, is al van kleins af aan bezig met illustratie en ontwerp. Sinds hij in 2015 afstudeerde aan de WDKA werkt hij als grafisch ontwerper. Daarnaast timmert hij ook hard aan de weg als freelance illustrator en heeft een eindeloze fascinatie voor gezichten en de verhalen die erachter schuilgaan. Deze verhalen spelen samen met zijn eigen rijke achtergrond een grote rol in zijn werk.

Profiel-pagina
Nog geen reacties

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.