Voor de harddenkende Rotterdammer
Bron: beeld: youtu.be

Liever lezen? Hieronder vind je het uitgeschreven minicollege:

Voordat we het kunnen hebben over die groeiende middenklasse in Rotterdam en wat dat dan betekent, is het goed om eerst kort te kijken naar wat wordt verstaan onder de middenklasse. Dat is meteen geen makkelijke vraag, want sociologen hebben verschillende manieren om de middenklasse te karakteriseren. 

In mijn onderzoek maak ik gebruik van het werk van socioloog Pierre Bourdieu, die onderscheid maakt in drie soorten kapitaal die mensen kunnen bezitten. 

Dit betreft ten eerste het economisch kapitaal, dat kort gezegd verwijst naar inkomen en vermogen dat iemand bezit. Het tweede begrip, cultureel kapitaal, omvat grofweg twee dingen. Dat is: 

1) het type opleiding dat iemand heeft genoten en 

2) de mate waarin iemand de cultuur van de elite kan beheersen. 

Dit laatste uit zich bijvoorbeeld in hoe verfijnd je smaak is, je kennis van etiquette of hoe vaak je naar een museum of theater gaat. 

Het derde soort kapitaal, sociaal kapitaal, betreft het sociaal netwerk dat iemand heeft en in welke mate diegene dit kan inzetten om bepaalde hulpbronnen te krijgen. Je kunt bijvoorbeeld denken aan hoe effectief iemands netwerk is om een nieuwe baan te vinden.

Installatiemonteur

Het idee van Bourdieu is dat wanneer je over een bepaalde mate van alle drie de kapitaalsoorten beschikt, je tot de middenklasse gerekend kan worden. Dit lijkt echter eenvoudiger dan het is, want mensen beschikken natuurlijk in verschillende mate over deze drie kapitaalsoorten. 

Om dat met een voorbeeld te illustreren: je kunt denken aan een violiste die haar opleiding aan het conservatorium heeft genoten en een installatiemonteur met een mbo-diploma. Als je ten eerste kijkt naar het economisch kapitaal van deze personen, dan staat de installatiemonteur er waarschijnlijk beter voor. Dat is momenteel een baan met aardig inkomen en ook veel arbeidszekerheid. De orkestwereld aan de andere kant, staat wat minder bekend om de goede salarissen en de werkzekerheid. Kijk je echter naar het cultureel kapitaal, dan staat het toch conservatorium hoger in aanzien dan een mbo-techniekopleiding. 

Hoewel we beide personen tot de middenklasse zouden kunnen rekenen, illustreert dit voorbeeld dat de middenklasse een diffuus geheel vormt van groepen die nog kunnen verschillen in hun bezit van de drie soorten kapitaal. Sociologen spreken daarom vaker van een middensegment dat uit verschillende middengroepen bestaat dan in plaats van het bestaan van één middenklasse.

In mijn proefschrift en een recente studie voor het Nationaal Programma Rotterdam Zuid heb ik gekeken hoe dit middensegment in Rotterdam in elkaar zit. Daarvoor heb ik gebruik gemaakt van het Wijkprofiel, een tweejaarlijkse gemeentelijke enquête waarin mensen onder andere worden ondervraagd over hun economisch, cultureel en sociaal kapitaal. 

Het doel van deze studies was om de klassenstructuur van Rotterdam in kaart te brengen en te kijken wat daarin de veranderingen zijn in de afgelopen 10 tot 15 jaar.

Zeven sociale groepen

Wanneer je kijkt door de lens van deze drie soorten kapitaal, zijn er zeven sociale groepen of klassen te onderscheiden in Rotterdam. Aan de top van de klassenstructuur vinden we de gevestigde bovenlaag: een groep met zeer veel economisch, cultureel en sociaal kapitaal. In het midden zien we vier groepen: de culturele middengroep, de stabiele middengroep, de contactarme middengroep, en de opkomende middengroep. Aan de onderkant zijn er nog twee groepen: de verbonden lagere groep en het precariaat.

Deze indeling toont dat het middensegment van Rotterdam gevarieerd is. Er is niet één middenklasse, maar een palet van verschillende middengroepen in de stad. De culturele middengroep kenmerkt zich door bezit van veel economisch en sociaal kapitaal, en vooral een hoog cultureel kapitaal. De stabiele middengroep scoort rondom het gemiddelde op de kapitaalsoorten en de contactarme middengroep lijkt op deze stabiele middengroep, maar heeft wat minder sociaal kapitaal. De opkomende middengroep heeft daarentegen veel sociaal en cultureel kapitaal, maar relatief weinig economisch kapitaal. Dit is een relatief jonge groep en een deel ervan zal later nog stijgen op de sociale ladder. 

Kijken we naar het aandeel van deze groepen in de stad in 2010 en 2019, dan zien we een aantal verschuivingen. De culturele middengroep groeit van 14 naar 19 procent en de opkomende middengroep van 20 naar 22 procent. De stabiele middengroep neemt juist af, van 16 naar 14 procent. Het middensegment in totaal groeit dus in aandeel, maar we zien ook veranderingen binnen dit segment. Het zijn vooral de groepen met veel cultureel kapitaal (de culturele middengroep en opkomende middengroep) die toenemen in stad, en de stabiele middengroep die wat afneemt.

Kimchi-kroketten

De vraag is wat een groei van middengroepen met cultureel kapitaal betekent voor de stad: hoe zien we dat terug? Ten eerste vertaalt dit zich in toegenomen mate van cultuurparticipatie en – consumptie. Het bezoek aan musea, films, festivals, concerten en andere evenementen is de afgelopen jaren gestegen, althans voordat de coronacrisis toesloeg. Ook worden deze groepen steeds zichtbaarder in de stad door het vertoon van een bepaalde lifestyle die vaak gepaard gaat met het bezit van cultureel en economisch kapitaal. Ik zal daarvoor een voorbeeld uit mijn eigen buurt geven.

Toen ik zelf 6 jaar geleden naar Rotterdam kwam, zaten er op de kruising van de Nieuwe binnenweg en de Heemraadssingel in Rotterdam-West drie cafés: Het Spinnewiel, Vanouds Vermeulen en the Other Place. Deze laatste werd ook wel de Bikerbar genoemd. Bij Vanouds Vermeulen kon je een goed glas getapt Heineken krijgen en koffie kreeg je uit het Senseo apparaat. Als je honger had, kon je volgens mij wel een portie bitterballen krijgen. Bij het Spinnewiel en the Other Place was het aanbod voor consumptie niet veel anders. 

Inmiddels zijn alle drie de cafés verdwenen en vervangen door nieuwe tenten: Bakeliet, Rijke & de Wit en Steijn. Het aantal bieren dat je kan krijgen is gestegen van gemiddeld 1,5 naar ongeveer 20, en naast gewone bitterballen kun je nu ook de vegetarische variant krijgen of kimchi-kroketten als je daar zin in hebt.

Jullie kunnen je voorstellen dat het publiek van de diverse locaties ook is veranderd. Waar voorheen de wat oudere arbeider het stereotype beeld was, is nu de yup uit de culturele middengroep oververtegenwoordigd. 

En dit voorbeeld van verandering in Delfshaven staat niet op zich. We zien op diverse plekken in Rotterdam dat verschillende middengroepen het straatbeeld de afgelopen jaren hebben overgenomen, bijvoorbeeld ook in buurten zoals het Oude Noorden, Crooswijk en Katendrecht. Dit proces waarbij de middenklasse de plaats inneemt van lagere klassen in de stad staat ook wel bekend als gentrificatie.

Demografische trends

De vraag rest tenslotte hoe we verklaren dat het middensegment in Rotterdam groeit en dan vooral het aandeel van middengroepen met veel cultureel en economisch kapitaal. 

Ten eerste zien we verschillende demografische trends die bijdragen aan het aandeel middensegment in de stad. Jonge generaties zijn steeds vaker hoger opgeleid terwijl oudere generaties die gemiddeld lager opgeleid zijn langzaam verdwijnen. Het bezit van een middelbare of hogere opleiding vormt daarbij een belangrijke voorwaarde om tot het middensegment te horen, mede omdat het je toegang kan verschaffen tot een beter betaalde baan. Ook krijgen mensen op steeds latere leeftijd kinderen en trekken ze minder snel de stad uit, waardoor het aandeel middensegment in de stad groter wordt.

Op de arbeidsmarkt zien we ten tweede dat er vooral groei is in het aantal banen met een hoog beroepsniveau. Dit zijn vaak banen waar verschillende vaardigheden voor nodig zijn. Denk bijvoorbeeld aan ingenieurs, consultants of medisch specialisten. Dit betekent dat er steeds meer werk in de stad is voor mensen met een hoog opleidingsniveau en dat hun aandeel in de stad daarmee groeit.

De derde verklaring is gericht op de huizenmarkt en is wellicht de belangrijkste. Er hebben een aantal grote wijzigingen plaatsgevonden in de woningvoorraad van Rotterdam de afgelopen decennia. Zo is het aandeel sociale huurwoningen sterk afgenomen terwijl het aandeel koopwoningen is gestegen. De laatste tien jaar zien we ook een toename van het aantal particuliere verhuurders: vaak zijn dit beleggers die de woningen als verdienobject gebruiken. De combinatie van meer koopwoningen en particuliere huur, en afname van sociale huur, zorgt ervoor dat er meer plaats is voor het hogere segment en het rijkere deel van het middensegment in de stad, terwijl de mogelijkheden voor het lagere segment verder afnemen. 

Deze veranderingen worden mede aangejaagd door de nationale en lokale overheid, die de afgelopen decennia vooral ingezet hebben op het stimuleren van marktwerking en eigen huizenbezit. Bijvoorbeeld door het verkopen van sociale huurwoningen. Met de huidige Woonvisie van de gemeente Rotterdam, waarin het beleid voor de woningmarkt staat verwoord, zullen deze trends op de woningmarkt zich waarschijnlijk voortzetten. Daarbij is denk ik de vraag in hoeverre de verschillende groepen uit het middensegment zullen profiteren van dit beleid, gezien de huidige krapte op de woningmarkt. Het is daarbij aannemelijk dat voor de opkomende middengroep, die nog relatief weinig economisch kapitaal heeft, het steeds lastiger zal worden om geschikte woonruimte in de stad te vinden. 

De boodschap van dit minicollege is dat er niet één middenklasse is, maar een segment dat uit verschillende groepen bestaat. Het valt te verwachten dat we een verdere groei van middengroepen zullen zien in de stad. Dat is echter geen vanzelfsprekendheid, maar zal ook afhangen van die politieke keuzes die worden gemaakt, met name rondom het woonbeleid.

Studio Erasmus

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met Studio Erasmus van de Erasmus Universiteit. Deze organisatie heeft geen invloed gehad op de inhoud van het artikel. Lees hier meer over samenwerkingen.

Deze banner kun je wegklikken, maar....

..je kunt ook supporter worden! Vers Beton kan alleen bestaan dankzij een bijdrage van lezers. Vanaf 6 euro per maand maak jij onafhankelijke journalistiek in Rotterdam mogelijk.

Nee, ik lees eerst het stuk verder

Gijs-Custers-2

Gijs Custers

Onderzoeker Erasmus Universiteit

Gijs Custers werkt als onderzoeker bij de Erasmus Universiteit en is tevens verbonden aan de Rotterdamse Armoedebestrijdingsbeweging (RAB). Hij woont in zijn favoriete stadsdeel Rotterdam-West.

Profiel-pagina
Nog geen reacties

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.